← Geldende tekst · Geschiedenis

Regeling van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 11 oktober 2007, nr. DGM2007088466, houdende eisen aan nucleaire drukapparatuur en eisen aan instellingen die toezicht houden op nucleaire drukapparatuur (Regeling nucleaire drukapparatuur)

Geldende tekst a fecha 2025-01-01

Gelet op artikel 21 van het Besluit kerninstallaties, splijtstoffen en ertsen en op artikel 19 van dat besluit in samenhang met artikel 120 van het Besluit stralingsbescherming;

Besluit:

Treedt in werking op het tijdstip waarop het Wijzigingsbesluit Besluit kerninstallaties, splijtstoffen en ertsen, enz. (nucleaire drukapparatuur) (Stb. 2007/428) in werking treedt.

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2
1.

Het in artikel 21, eerste lid, van het Besluit kerninstallaties, splijtstoffen en ertsen gestelde verbod geldt mede voor gebruik in een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, van de Kernenergiewet, van door de Minister aangewezen niet speciaal voor nucleair gebruik in een dergelijke inrichting ontworpen drukapparatuur die bij defecten de verspreiding van radioactiviteit kan veroorzaken.

2.

Ten aanzien van de in het eerste lid bedoelde drukapparatuur is artikel 21, tweede, derde en vierde lid, aanhef en onderdeel a, onder 3°, en onderdeel b, vijfde lid en zevende en achtste lid, van het Besluit kerninstallaties splijtstoffen en ertsen van overeenkomstige toepassing.

3.

Deze regeling is niet van toepassing op drukapparatuur waarop de Regeling vervoerbare drukapparatuur 2011 van toepassing is.

Artikel 3

Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop het besluit van 17 oktober 2007 tot wijziging van het Besluit kerninstallaties, splijtstoffen en ertsen en het Warenwetbesluit drukapparatuur (nucleaire drukapparatuur) (Stb. nr. 428 ) in werking treedt.

Hoofdstuk 2. Slotbepalingen

Artikel 4

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling nucleaire drukapparatuur.

Artikel 5
1.

De vergunninghouder vermeldt in de aanvraag om een beoordeling of keuring als bedoeld in artikel 4, eerste lid:

2.

De vergunninghouder vermeldt in de aanvraag om een keuring als bedoeld in artikel 4, tweede lid, de gegevens, bedoeld in het eerste lid.

Artikel 6

De beoordelingen en keuringen worden verricht overeenkomstig de door de Autoriteit aangewezen onderdelen van de ontwerpcode of inspectiecode voor de betrokken nucleaire drukapparatuur.

Artikel 7

De kosten van beoordelingen als bedoeld in de artikelen 3, tweede lid, en 4, eerste lid, onder a, en van de keuringen komen voor rekening van de gebruiker van de nucleaire drukapparatuur.

Artikel 8

De keuringsinstelling maakt van elke beoordeling en keuring een rapport op, waarin zij de wijze waarop de nucleaire drukapparatuur is beoordeeld, onderscheidenlijk gekeurd, en de resultaten van de beoordeling of de keuring vermeldt. Zij zendt het rapport aan de vergunninghouder en aan de Autoriteit.

Artikel 9
1.

De keuringsinstelling geeft een verklaring van goedkeuring van het ontwerp af, indien bij een beoordeling als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder a, is gebleken dat het ontwerp van de nucleaire drukapparatuur voldoet aan de in de betrokken ontwerpcode gestelde eisen.

2.

De keuringsinstelling geeft een verklaring van goedkeuring van fabricage af, indien bij de keuring, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder b, is gebleken dat de nucleaire drukapparatuur voldoet aan de in de betrokken ontwerpcode gestelde eisen.

3.

De keuringsinstelling geeft een verklaring van ingebruikneming af, indien bij een keuring als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder c, is gebleken dat de nucleaire drukapparatuur voldoet aan de in de betrokken ontwerpcode gestelde eisen.

4.

De keuringsinstelling geeft een verklaring van herkeuring af, indien bij een keuring als bedoeld in artikel 4, tweede lid, is gebleken dat de nucleaire drukapparatuur voldoet aan de in de betrokken inspectiecode gestelde eisen.

Artikel 10

De beoordelingen en keuringen worden verricht door of onder toezicht van de in de artikelen 14 tot en met 16 bedoelde medewerkers van de keuringsinstelling.

Hoofdstuk 3. Keuringsinstellingen

Artikel 11
1.

Voor een aanwijzing als keuringsinstelling van het ontwerp, de fabricage en de ingebruikneming van nucleaire drukapparatuur komen in aanmerking instellingen die ten minste voldoen aan de voorwaarden, vermeld in het Schema voor Aanwijzing en Toezicht op de certificerings- en keuringsinstellingen voor Drukapparatuur (versie Stcrt. 2011, nr. 18269), als bedoeld in bijlage 2 van de Warenwetregeling drukapparatuur, en aan de voorwaarden, bedoeld in artikel 13, eerste lid.

2.

Voor een aanwijzing als keuringsinstelling in de gebruiksfase van nucleaire drukapparatuur komen in aanmerking instellingen die ten minste voldoen aan de voorwaarden, vermeld in het Schema voor Aanwijzing en Toezicht op de certificerings- en keuringsinstellingen voor Drukapparatuur (versie Stcrt. 2011, nr. 18269), als bedoeld in bijlage 2 van de Warenwetregeling drukapparatuur, en aan de voorwaarden, bedoeld in artikel 13, tweede lid.

3.

Voor een aanwijzing als keuringsinstelling komen tevens in aanmerking instellingen in een andere lidstaat van de Europese Unie, een staat, niet zijnde een lidstaat van de Europese Unie, die partij is bij een daartoe strekkend of mede daartoe strekkend verdrag dat Nederland bindt dan wel een andere staat waarmee de Europese Unie een wederzijdse erkenningsovereenkomst met betrekking tot de keuring van nucleaire drukapparatuur heeft afgesloten, die een beroepsniveau waarborgen dat ten minste gelijkwaardig is aan het niveau dat met de nationale voorwaarden, bedoeld in het eerste, onderscheidenlijk het tweede lid, wordt nagestreefd.

Artikel 12
1.

De aanwijzing van een keuringinstelling geldt voor ten hoogste twee jaar.

2.

Aan een aanwijzing als keuringsinstelling kunnen voorschriften worden verbonden.

3.

Een aanwijzing als keuringsinstelling wordt ingetrokken indien de instelling niet meer voldoet aan de in artikel 11, eerste, onderscheidenlijk tweede of derde lid, bedoelde voorwaarden. Zij kan worden ingetrokken indien de keuringsinstelling de keuringen niet op een juiste wijze verricht of indien de keuringsinstelling de krachtens het tweede lid aan de aanwijzing verbonden voorschriften niet naleeft.

Artikel 13
1.

Een keuringsinstelling, die wordt belast met de beoordeling van het ontwerp, de keuring van de fabricage en de keuring voor de ingebruikneming van nucleaire drukapparatuur, heeft ten minste een beoordelaar, een seniorbeoordelaar, een specialist materiaalkunde, een specialist niet-destructief onderzoek, een inspecteur en een senior-inspecteur in dienst, die voldoen aan de in het in artikel 11, eerste lid, bedoelde schema gestelde eisen en aan de in de artikelen 14, eerste lid, onderscheidenlijk 14, tweede lid, 15, eerste lid, 15, tweede lid, en 16 gestelde eisen.

2.

Onverminderd het eerste lid, heeft een keuringsinstelling, die wordt belast met de keuring in de gebruiksfase van nucleaire drukapparatuur, ten minste een specialist niet-destructief onderzoek, een inspecteur en een senior-inspecteur in dienst, die voldoen aan de in het in artikel 11, tweede lid, bedoelde schema gestelde eisen en aan de in artikel 15, tweede lid, onderscheidenlijk artikel 16 gestelde eisen.

Artikel 14
1.

Een beoordelaar als bedoeld in artikel 13, eerste lid, voldoet aan de volgende eisen:

2.

Een seniorbeoordelaar als bedoeld in artikel 13, eerste lid, voldoet aan de volgende eisen:

Artikel 15
1.

Een specialist materiaalkunde als bedoeld in artikel 13, eerste lid, heeft aantoonbare kennis van en ten minste een jaar ervaring met de relevante delen van de toe te passen ontwerpcodes en nucleaire vormen van materiaaldegradatie.

2.

Een specialist niet-destructief onderzoek als bedoeld in artikel 13, eerste en tweede lid, heeft aantoonbare kennis van en ten minste een jaar ervaring met de relevante delen van de toe te passen ontwerpcodes en bijzonderheden van niet-destructief onderzoek van nucleaire drukapparatuur.

Artikel 16
1.

Een inspecteur als bedoeld in artikel 13, eerste en tweede lid, voldoet aan de volgende eisen:

2.

Een senior-inspecteur als bedoeld in artikel 13, eerste en tweede lid, voldoet aan de volgende eisen:

Hoofdstuk 4. Slotbepalingen

Artikel 17

Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop het besluit van 17 oktober 2007 tot wijziging van het Besluit kerninstallaties, splijtstoffen en ertsen en het Warenwetbesluit drukapparatuur (nucleaire drukapparatuur) (Stb. nr. 428 ) in werking treedt.

Artikel 18

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling nucleaire drukapparatuur.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Artikel 1a

Deze regeling berust mede op artikel 19 van het Besluit kerninstallaties, splijtstoffen en ertsen in samenhang met artikel 4.2 van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming.

Hoofdstuk 2. Keuring van nucleaire drukapparatuur

Hoofdstuk 3. Keuringsinstellingen

Hoofdstuk 4. Slotbepalingen

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.