Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 16 januari 2008, nr. WJZ/2008/2010 (1602), houdende regels in verband met de erkenning van EG-beroepskwalificaties van onderwijspersoneel (Regeling erkenning EG-beroepskwalificaties onderwijspersoneel)

Type Ministeriële regeling
Publication 2022-08-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Handelende in overeenstemming met de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;

Gelet op de artikelen 33 en 36 van de Algemene wet erkenning EG-beroepskwalificaties;

Besluit:

Artikel 1. Definities

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2. Gereglementeerde beroepen en werkzaamheden in het onderwijs

Deze regeling is van toepassing op:

Artikel 3. Ib-groep

Vervallen

Artikel 4. Aanvraag erkenning beroepskwalificaties
1.

De aanvrager verstrekt aan de Minister bij de aanvraag de volgende documenten, bedoeld in artikel 13 van de wet:

2.

Bij toepassing van artikel 11, derde lid, van de wet verstrekt de aanvrager de Minister bij de aanvraag in voorkomend geval een bewijs van kennis, vaardigheden en competenties in het kader van een leven lang leren als bedoeld in artikel 11, derde lid, van de wet.

Artikel 5. Proeve van bekwaamheid
1.

Indien de aanvrager op grond van artikel 11 van de wet een proeve van bekwaamheid moet afleggen, draagt de Minister ervoor zorg dat:

2.

De aanvrager voldoet de kosten van de proeve van bekwaamheid.

Artikel 6. Aanpassingsstage
1.

Indien de aanvrager op grond van artikel 11 van de wet een aanpassingsstage moet doorlopen, deelt de Minister de aanvrager schriftelijk mede:

2.

De aanpassingsstage duurt maximaal een jaar.

3.

Voor een aanpassingsstage wendt de aanvrager zich tot het bevoegd gezag van een relevante onderwijsinstelling met het verzoek hem in de gelegenheid te stellen een aanpassingsstage te volgen.

4.

De aanvrager wordt gedurende de aanpassingsstage begeleid door een gekwalificeerde beoefenaar van het betrokken beroep, aangewezen door het bevoegd gezag van de onderwijsinstelling waarbinnen deze begeleider werkzaam is.

5.

De aanpassingsstage wordt beoordeeld op de vraag of de aanvrager de vakken, bedoeld in het eerste lid, onder a, in voldoende mate beheerst.

6.

Het bevoegd gezag van de onderwijsinstelling deelt het resultaat van de aanpassingsstage zo spoedig mogelijk en in elk geval binnen een maand na het doorlopen van de aanpassingsstage mee aan de aanvrager en de Minister.

Artikel 7. Herkansing

Indien het resultaat van de proeve van bekwaamheid of de aanpassingsstage onvoldoende is, heeft de aanvrager het recht nogmaals een proeve van bekwaamheid af te leggen of een aanpassingsstage te volbrengen.

Artikel 8. Verklaring vooraf

Een dienstverrichter verstrekt aan de Minister de volgende documenten, bedoeld in artikel 23 van de wet:

Artikel 9. Intrekking andere regeling

De Regeling onderwijsbevoegdheid Lid-Staten, kenmerk AB/BAP - 97010148, van 18 juni 1997, gepubliceerd in Uitleg OenW-Regelingen 1997, nummer 18B, wordt ingetrokken.

Artikel 10. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 11. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling erkenning EU-beroepskwalificaties onderwijspersoneel.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.