Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Media, Letteren en Bibliotheken vanaf 1945 (Nederlands Literair Productie- en Vertalingenfonds)
Product: aanvraag
N.B.: Zie voor de toewijzing door het CvdM: handeling nr. 93.
Waardering: V10
4.2 Toezicht in bijzondere omstandigheden en bij burgerlijke uitzonderingstoestand
Actor: Minister-president
Handeling: het in overleg met de Minister van Cultuur stellen van regels t.a.v. het toezicht op de uitzendingen indien de burgerlijke uitzonderingstoestand is ingesteld.
Periode: 1967–1987
Grondslag: Omroepwet (Stb. 1967, 176) art. 5 lid 2
Product: Ministeriële regeling
N.B.: Bij wetswijziging Stb. 1978/665 is tevens overleg met de Minister belast met de zorg voor het Staatsbedrijf der PTT voorgeschreven vereist.
Waardering: B 6
Actor: Minister-president
Handeling: het in overleg met de Minister van Cultuur aanwijzen van de autoriteiten aan wie in buitengewone omstandigheden het gebruik van studio’s en van zendtijd gegeven worden.
Periode: 1967–1987
Grondslag: Omroepwet (Stb. 1967, 176) art. 5 lid 1
Product: beschikking
N.B.1: Bij wetswijziging Stb. 1978/665 is tevens overleg vereist met de Minister van Verkeer en Waterstaat, belast met de zorg voor het Staatsbedrijf der PTT.
N.B.2: Bedoelde autoriteiten kunnen zijn het militair gezag in omstandigheden van staat oorlog of staat van beleg, vorderingsambtenaren bij toepassing van bepalingen van de Vorderingswet of door de Minister-president ter beschikking gestelde autoriteiten in incidentele gevallen zoals oorlogsgevaar, bedreiging van de rechtsorde, onlusten, watersnood (of de vrees voor het ontstaan hiervan).
Waardering: B 6
5. MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN
5.1 Vaststelling omroepbijdragen
Actor: Minister van Binnenlandse Zaken
Handeling: het in overeenstemming met de Minister van Cultuur vaststellen van het vergoedingsbedrag voor het Staatsbedrijf der PTT voor het aanwezighebben van een radiotoestel ter bestrijding van de exploitatiekosten van de omroep.
Periode: 1945–1964
Grondslag: Tijdelijk Telegraaf-, Telefoon- en Radiobesluit (Stb. 1945, F226) art. 3 lid 3
Product: beschikking
N.B.: Bij wet tot wijziging van het Tijdelijk Telegraaf-, Telefoon- en Radiobesluit (Stb. 1964, 198) is de Minister van Binnenlandse Zaken vervangen door de Minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen.
Waardering: B5
Actor: Minister van Binnenlandse Zaken
Handeling: het treffen van de vereiste voorzieningen ter zake van de betaling van de vergoeding en ter veiligstelling van het doel waarvoor de vergoeding dient.
Periode: 1945–1964
Grondslag: Tijdelijk Telegraaf-, Telefoon- en Radiobesluit (Stb. 1945, F226) art. 3 lid 3
Product: Ministeriële regeling
N.B.1: Bij wet tot wijziging van het Tijdelijk Telegraaf-, Telefoon- en Radiobesluit (Stb. 1964, 198)is de Minister van Binnenlandse Zaken vervangen door de Minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen.
N.B.2: Het doel is de bestrijding van de exploitatiekosten van de omroep.
Waardering: B5
5.2 Perszuivering
Actor: Minister van Binnenlandse Zaken
Handeling: het bepalen van de samenstelling, zetel en werkwijze van de Commissie voor de Perszuivering.
Periode: 1945–1947
Grondslag: Tijdelijk Persbesluit 1945 (Stb. 1945, F177) art. 6
Product: Ministeriële regeling
Waardering: B 4,6
Actor: Ministers van Binnenlandse Zaken
Handeling: het verlenen van een vergunning voor het verschijnen van dag- of nieuwsbladen.
Periode: 1945–1947
Grondslag: Tijdelijk Persbesluit 1945 (Stb. 1945, F177) art. 10 lid 1
Product: beschikking
Waardering: B 6
Actor: Ministers van Binnenlandse Zaken
Handeling: het bepalen van de soorten dag- of nieuwsbladen die zonder vergunning mogen verschijnen.
Periode: 1945–1947
Grondslag: Tijdelijk Persbesluit 1945 (Stb. 1945, F177) art. 10 lid 2b
Product: Ministeriële regeling
Waardering: B 6
Actor: Ministers van Binnenlandse Zaken
Handeling: het verbieden van de verschijning van de dag- of nieuwsbladen die zonder vergunning mogen verschijnen op dezelfde grondslagen als waarop een vergunning kan worden geweigerd.
Periode: 1945–1947
Grondslag: Tijdelijk Persbesluit 1945 (Stb. 1945, F177) art. 12 lid 2
Product: beschikking
Waardering: B 6
Actor: Ministers van Binnenlandse Zaken
Handeling: het instellen of doen instellen van elk onderzoek dat zij nodig achten voor de zuivering en het herstel van het Nederlandse perswezen.
Periode: 1945–1947
Grondslag: Tijdelijk Persbesluit 1945 (Stb. 1945, F177) art. 27 lid 1
Product: besluit
Waardering: B 6
Actor: Ministers van Binnenlandse Zaken
Handeling: het vaststellen van de nodige voorschriften ter uitvoering van het Tijdelijk Persbesluit 1945.
Periode: 1945–1947
Grondslag: Tijdelijk Persbesluit 1945 (Stb. 1945, F177) art. 29
Product: Ministeriële regeling
Waardering: B 1,6
Actor: Minister van Binnenlandse Zaken
Handeling: het vorderen van goederen die bestemd waren voor het verschijnen van dag- of nieuwsbladen waarvan de verschijning was verboden.
Periode: 1945–1947
Grondslag: Tijdelijk Persbesluit 1945 (Stb. 1945, F177) art. 14 lid 1
Product: beschikking
Waardering: B 6
Actor: Minister van Binnenlandse Zaken
Handeling: het onder een bewindvoerder plaatsen van een dag- of nieuwsbladonderneming ter verzekering van de zuivering van het perswezen.
Periode: 1945–1947
Grondslag: Tijdelijk Persbesluit 1945 (Stb. 1945, F177) art. 17 lid 1
Product: beschikking
Waardering: B 6
Actor: Minister van Binnenlandse Zaken
Handeling: het verlenen van ontslag aan de bewindvoerder.
Periode: 1945–1947
Grondslag: Tijdelijk Persbesluit 1945 (Stb. 1945, F177) art. 17 lid 6
Product: beschikking
Waardering: B6
Actor: Minister van Binnenlandse Zaken
Handeling: het vaststellen van het salaris van de bewindvoerder.
Periode: 1945–1947
Grondslag: Tijdelijk Persbesluit 1945 (Stb. 1945, F177) art. 17 lid 7
Product: beschikking
Waardering: V10
5.3 Omroepdistributie
Actor: Minister van Binnenlandse Zaken
Handeling: het voorbereiden van een amvb inzake voorschriften ter regeling van de aanleg en het gebruik van radiodistributie-inrichtingen en de eisen waaraan omroeporganisaties moeten voldoen dan wel de verboden die kunnen worden opgelegd.
Periode: 1945–1948
Grondslag: Telegraaf- en telefoonwet (Stb. 1904, 7) art. 3ter lid 1, 2, (4,5, 6, 8)
Product: amvb
N.B.: Bij wetswijziging in 1969 zijn de leden 3 en 4 komen te vervallen waardoor de andere leden zijn vernummerd.
Actoren van deze handeling zijn: 1945–1948 Minister van Binnenlandse Zaken; 1948–1953 Minister belast met de zorg voor het Staatsbedrijf der PTT en 1953– Minister van Verkeer en Waterstaat.
Waardering: B 5
Actor: Minister van Binnenlandse Zaken
Handeling: het verlenen van een machtiging voor de aanleg en het gebruik van radiodistributie-inrichtingen
Periode: 1945–1948
Grondslag: Telegraaf- en telefoonwet (Stb. 1904, 7) art. 3ter lid 5 en 6
Product: beschikking
N.B.: Bij het verlenen van de machtiging wordt, de Radioraad gehoord, de beschikbare zendtijd naar billijkheid verdeeld over de omroeporganisaties die voldoen aan de bij amvb gestelde eisen.
Actoren van deze handeling zijn: 1945–1948 Minister van Binnenlandse Zaken; 1948–1953 Minister belast met de zorg voor het Staatsbedrijf der PTT en 1953– Minister van Verkeer en Waterstaat.
Waardering: B 5
Actor: Minister van Binnenlandse Zaken
Handeling: het voorbereiden van een kb inzake het algemeen belang op grond waarvan het nodig wordt geacht het gebruik van omroepdistributie-inrichtingen te staken.
Periode: 1945–1948
Grondslag: Telegraaf- en telefoonwet (Stb. 1904, 7) art. 3ter lid 8
Product: kb
Waardering: B 5
N.B.: Actoren van deze handeling zijn: 1945–1948 Minister van Binnenlandse Zaken; 1948–1953 Minister belast met de zorg voor het Staatsbedrijf der PTT en 1953– Minister van Verkeer en Waterstaat.
Actor: Minister van Binnenlandse Zaken
Handeling: het voorbereiden van een amvb inzake voorschriften ter voorkoming en ontheffing van storingen t.a.v. het gebruik van radio-ontvanginrichtingen, het bepalen van de beroepstermijn voor besluiten van de Minister en het regelen van beroep tegen besluiten van de directeur-generaal der PTT
Periode: 1945–1948
Grondslag: Telegraaf- en telefoonwet (Stb. 1904, 7) art. 3ter lid 8
Product: amvb
Waardering: B 5
6. MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN
6.1 Aanwijzing vertegenwoordigers bij Reclameraad en STER
Actor: Minister van Economische Zaken
Handeling: het aanwijzen van waarnemers als hun vertegenwoordigers bij de Reclameraad;
Periode: 1967–1987
Grondslag: Omroepwet (Stb. 1967, 176) art. 49 lid 8;
Product: beschikking
Waardering: V 5
Actor: Minister van Economische Zaken
Handeling: het aanwijzen van waarnemers als hun vertegenwoordigers bij het bestuur van de Reclamestichting / Stichting Etherreclame
Periode: 1967–
Grondslag: Oroepwet (Stb. 1967, 176) art. 50 lid 5 (bij wetswijziging Stb. 1978/665: lid 7); Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 26 lid 4
Product: beschikking
Waardering: V15
Actor: Minister van Economische Zaken
Handeling: het voeren van overleg met de Minister van Cultuur inzake het vorderen van zend- en televisie-inrichtingen ten behoeve van de Minister van Binnenlandse Zaken in geval van toestand van verhoogde waakzaamheid of burgerlijke uitzonderingstoestand.
Periode: 1955–1967
Grondslag: Televisiebesluit (Stb. 1955, 579) art. 3 lid 2
Product: overlegstukken
Waardering: B 6
7. MINISTER VAN FINANCIËN
7.1 Overgang vermogensbestanddelen
Actor: Minister van Financiën
Handeling: het bepalen welke vermogensbestanddelen van de Dienst omroepbijdragen overgaan op de Staat bij de inwerkingtreding van de wet Stb. 1999, 573.
Periode: 1999–
Grondslag: Wijzigingswet op de Mediawet (Stb. 1999, 573) art. III lid 1
Product: beschikking
N.B.: Dit houdt verband met de afschaffing van de omroepbijdragen en de vervanging door de financiering uit belastingheffing. De verantwoordelijkheid voor wat eerst tot het omroepbijdragenbeleid behoorde gaat dientengevolge over naar de Minister van Financiën.
Waardering: B 5
8. RADIORAAD (incl. TELEVISIERAAD)
8.1 Voorlichting en advies
Actor: Radioraad
Handeling: het geven van voorlichting en advies aan de regering en andere bevoegde instanties.
Periode: 1945–1967
Grondslag: Telegraaf- en Telefoonwet (Stb. 1904, 7) art. 3quater
Product: advies
Waardering: B 1
Actor: Radioraad
Handeling: het uitbrengen van jaarverslagen en rapporten.
Periode: 1945–1967
Grondslag: Telegraaf- en Telefoonwet (Stb. 1904, 7) art. 3quater
Product: jaarverslag, rapport
Waardering: V10, m.u.v. de jaarverslagen en rapporten zelf:B 2,3
9. OMROEPRAAD
9.1 Voorlichting en advies
Actor: Omroepraad
Handeling: het geven van voorlichting en advies aan de regering en andere bevoegde instanties.
Periode: 1967–1987
Grondslag: Omroepwet (Stb. 1967, 176) art. 8 lid 1
Product: advies
Waardering: B 5
Actor: Omroepraad
Handeling: het uitbrengen van jaarverslagen en rapporten.
Periode: 1967–1987
Grondslag: Omroepwet (Stb. 1967, 176) art. 9 lid 2
Product: jaarverslag, rapport
Waardering: V10, m.u.v. de jaarverslagen en rapporten : B 2,3
10. MEDIARAAD
10.1 Voorlichting en advies
Actor: Mediaraad
Handeling: het geven van voorlichting en advies aan de regering en andere bevoegde instanties.
Periode: 1987–1995
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 2 lid 1 en art. 7 lid 2, art. 2 lid 2; Wet specifiek cultuurbeleid (Stb. 1995, 539) art. 2a; Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 9 lid 2b
Product: advies
Waardering: B 1
Actor: Mediaraad
Handeling: het uitbrengen van jaarverslagen en rapporten.
Periode: 1987–1995
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 2 lid 3, art. 9; lid 2d (bij wetswijziging Stb. 1990, 17 gewijzigd in 2c);
Product: jaarverslag, rapport
Waardering: V10, m.u.v.de jaarverslagen en rapporten: B 3
10.2 Instellen van commissies
Actor: Mediaraad
Handeling: het instellen van commissies ten behoeve van zijn werkzaamheden.
Periode: 1987–1995
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 5 lid 2
Product: besluit
Waardering: V5
11. RECLAMERAAD
11.1 Voorlichting en advies
Actor: Reclameraad
Handeling: het geven van voorlichting en advies aan de regering en andere bevoegde instanties.
Periode: 1965–
Grondslag: Besluit Instelling Reclameraad (Stb. 1965, 486) art. 1 lid 1e; Omroepwet (Stb. 1967, 176) art. 49 lid 1e (bij wetswijziging Stb. 1978/665 vernummerd tot 1c)
Product: advies
Waardering: B 1
11.2 Overige bevoegdheden
Actor: Reclameraad
Handeling: het goedkeuren van de tarieven voor het uitzenden van reclame in radio en televisie.
Periode: 1965–1978
Grondslag: Besluit Instelling Reclameraad (Stb. 1965, 486) art. 1 lid 1a;
Omroepwet (Stb. 1967, 176) art. 49 lid 1a
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Reclameraad
Handeling: het geven van voorschriften omtrent de inhoud van reclame-uitzendingen.
Periode: 1965–1987
Grondslag: Besluit Instelling Reclameraad (Stb. 1965, 486) art. 1 lid 1b;
Omroepwet (Stb. 1967, 176) art. 49 lid 1b, (Stb. 1978/665) lid 1a
Product: voorschriften
N.B.: Bij wetswijziging Stb. 1978/665 is de term ‘reclame-uitzendingen’ gewijzigd in ‘uitzendingen van de Reclamestichting’.
Waardering: B 5
Actor: Reclameraad
Handeling: het beslissen in geschillen inzake reclame-uitzendingen tussen instellingen die zendtijd hebben verkregen.
Periode: 1965–1978
Grondslag: Besluit Instelling Reclameraad (Stb. 1965, 486) art. 1 lid 1d;
Omroepwet (Stb. 1967, 176) art. 49 lid 1d
Product: besluit
Waardering: B5
12. PERSRAAD
12.1 Voorlichting en advies
Actor: Persraad
Handeling: het geven van voorlichting en advies aan de regering en andere bevoegde instanties.
Periode: 1945–1967
Grondslag: Wet Noodvoorziening Perswezen (Stb. 1947, H211) art. 29 lid 6; Wet Voorziening Perswezen (Stb. 1951, 130) art. 3 lid 6
Product: advies
Waardering: B 1
Actor: Persraad
Handeling: het uitbrengen van jaarverslagen en rapporten.
Periode: 1945–1967
Grondslag: Wet Noodvoorziening Perswezen (Stb. 1947, H211) art. 29 lid 7; Wet Voorziening Perswezen (Stb. 1951, 130) art. 3 lid 7
Product: jaarverslag, rapport
Waardering: V 10
12.2 Zuiveringsmaatregelen
Actor: Persraad
Handeling: het treffen van voorzieningen tot het doen drukken, tijdig verschijnen en verspreiden van dag- of nieuwsbladen waarvoor geen vergunningsverplichting geldt.
Periode: 1945–1947
Grondslag: Tijdelijk Persbesluit 1945 (Stb. 1945, F177) art. 15
Product: besluit
Waardering: B 5
Actor: Persraad
Handeling: het geven van voorschriften inzake oplage, formaat en aantal per week te verschijnen nummers van dag- of nieuwsbladen.
Periode: 1945–1947
Grondslag: Tijdelijk Persbesluit 1945 (Stb. 1945, F177) art. 16
Product: regeling
Waardering: B 5,6
Actor: Persraad
Handeling: het verlenen van toestemming tot het plaatsen van bijdragen in een dag- of nieuwsbladonderneming van ontzette ‘foute’ verslaggevers die uit hun functie zijn gezet.
Periode: 1945–1947
Grondslag: Tijdelijk Persbesluit 1945 (Stb. 1945, F177) art. 18 lid 2
Product: besluit
Waardering: B 6
Actor: Persraad
Handeling: het verlenen van een vergunning om één van de in de verplichte lijst van elk nieuwsblad voorkomende namen van redactie- en directieleden en van uitgever en drukker te vervangen door een pseudoniem.
Periode: 1945–1947
Grondslag: Tijdelijk Persbesluit 1945 (Stb. 1945, F177) art. 19 lid 3
Product: besluit
Waardering: B 6
Actor: Persraad
Handeling: het voorzien in het bestuur van een persuitgeverij of persvoorlichting ter verzekering van de zuivering van het Nederlandse perswezen of het tussentijds beëindigen ervan.
Periode: 1947–1951
Grondslag: Wet noodvoorziening Perswezen (Stb. 1947, H211) art. 16 lid 1 en 5
Product: regeling, besluit
N.B.: Van de beschikkingen van de Persraad, genoemd in art. 16, staat beroep open op de Raad van Beroep voor de perszuivering.
Waardering: B 6
Actor: Persraad
Handeling: het ontslaan van de door de Persraad benoemde functionarissen van het bestuur van een persuitgeverij of persvoorlichting.
Periode: 1947–1951
Grondslag: Wet noodvoorziening Perswezen (Stb. 1947, H211) art. 16 lid 5
Product: besluit
Waardering: B 5
Actor: Persraad
Handeling: het geven van aanwijzingen aan een eigenaar of de bezitter van een drukkerij inzake het doen zetten en drukken van door anderen uitgegeven persorganen.
Periode: 1947–1951
Grondslag: Wet Noodvoorziening Perswezen (Stb. 1947, H211) art. 31 lid 1
Product: aanwijzingen
Waardering: B 6
Actor: Persraad
Handeling: het treffen van voorzieningen in het bestuur van een onderneming ter verzekering van de nakoming van de door de Persraad opgelegde verplichtingen.
Periode: 1947–1951
Grondslag: Wet Noodvoorziening Perswezen (Stb. 1947, H211) art. 32 lid 2
Product: besluit
N.B.: Van de beschikkingen van de Persraad, genomen krachtens art. 31 en 32, staat beroep open op de Raad van State
Waardering: B5,6
12.3 Voorzieningen t.a.v. het perswezen
Actor: Persraad
Handeling: het vaststellen van de salarissen van de controlefunctionarissen in het bestuur van een onderneming.
Periode: 1947–1987
Grondslag: Wet noodvoorziening Perswezen (Stb. 1947, H211) art. 16 lid 6
Wet Voorziening Perswezen (Stb. 1951, 130) art. 6 lid 7
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Persraad
Handeling: het toekennen van een vergoeding aan getuigen en deskundigen.
Periode: 1947–1987
Grondslag: Wet Noodvoorziening Perswezen (Stb. 1947, H211) art. 35 lid 4
Wet Voorziening Perswezen (Stb. 1951, 130) art. 9 lid 4
Product: besluit
Waardering: V5
Actor: Persraad
Handeling: het vaststellen van de bevoegdheden van de controlefunctionarissen in het bestuur van een onderneming voor het uitgeven van persorganen of voor het geven van persvoorlichting.
Periode: 1947–1987
Grondslag: Wet noodvoorziening Perswezen (Stb. 1947, H211) art. 16 lid 3
Wet Voorziening Perswezen (Stb. 1951, 130) art. 6 lid 4
Product: besluit
Waardering: B 5
Actor: Persraad
Handeling: het opleggen van verplichtingen aan de eigenaar of de bezitter van een drukkerij ter verzekering van het tijdig verschijnen van persorganen.
Periode: 1947–1987
Grondslag: Het Noodvoorziening Perswezen (Stb. 1947, H211) art. 32 lid 1
Wet Voorziening Perswezen (Stb. 1951, 130) art. 6 lid 1
Product: besluit
Waardering: B 5
Actor: Persraad
Handeling: het benoemen en ontslaan van functionarissen in het bestuur van een onderneming belast met de controle op de nakoming van de verplichtingen van de drukkerijen.
Periode: 1951–1987
Grondslag: Wet Voorziening Perswezen (Stb. 1951, 130) art. 6 lid 2 en 6
Product: besluit
Waardering: V 10
Actor: Persraad
Handeling: het geven van een last aan de uitgever van een dag- of nieuwsblad een bepaald bericht op te nemen in een in die last aangegeven vorm.
Periode: 1945–1987
Grondslag: Tijdelijk Persbesluit 1945 (Stb. 1945, F177) art. 13;
Wet Noodvoorziening Perswezen (Stb. 1947, H211) art. 30;
Wet Voorziening Perswezen (Stb. 1951, 130) art. 4
Product: lastgeving
Waardering: B 5
Actor: Persraad
Handeling: het opleggen aan de eigenaar of de bezitter van een drukkerij van de verplichting om door anderen uitgegeven persorganen te doen zetten en drukken.
Periode: 1945–1987
Grondslag: Tijdelijk Persbesluit 1945 (Stb. 1945, F177) art. 14 lid 2
Wet Noodvoorziening Perswezen (Stb. 1947, H211) art. 31 lid 1
Wet Voorziening Perswezen (Stb. 1951, 130) art. 5 lid 1
Product: beschikking
Waardering: B 5,6
Actor: Persraad
Handeling: het regelen van vergoedingen indien hierover tussen de drukkerijen geen overeenstemming kan worden bereikt in het kader van de opgelegde verplichting tot het drukken van de persorganen.
Periode: 1945–1987
Grondslag: Tijdelijk Persbesluit 1945 (Stb. 1945, F177) art. 14 lid 3
Wet Noodvoorziening Perswezen (Stb. 1947, H211) art. 31 lid 2
Wet Voorziening Perswezen (Stb. 1951, 130) art. 5 lid 2
Product: besluit
Waardering: V10
13. REGERINGSCOMMISSARIS VOOR HET RADIOWEZEN / DE OMROEP
13.1 Financiering van de omroepen
Actor: Regeringscommissaris voor het Radiowezen
Handeling: het vaststellen van het bedrag van het voorschot waarop de omroep na de goedkeuring van de begroting aanspraak kan maken.
Periode: 1967–1987
Grondslag: Omroepwet (Stb. 1967, 176) art. 59 lid 2
Product: beschikking
Waardering: V10
Actor: Regeringscommissaris voor het Radiowezen
Handeling: het aanmanen van de omroep het teveel uitgekeerde voorschot dat de vergoeding overtreft, aan de Minister van cultuur terug te betalen.
Periode: 1967–1987
Grondslag: Omroepwet (Stb. 1967, 176) art. 59 lid 2
Product: brief
Waardering: V5
Actor: Regeringscommissaris voor het Radiowezen
Handeling: het vaststellen van de begrotingen van de (aspirant)
omroeporganisaties en de NRU.
Periode: 1965–1967
Grondslag: Radiobesluit (Stb. 1965, 484) art. 29 lid 1
Product: besluit
Waardering: B 5
Actor: Regeringscommissaris voor het Radiowezen
Handeling: het vorderen dat hem mededeling wordt gedaan van de samenstelling van een omroep en de wijzigingen daarin op vergaderingen van internationale organisaties, congressen en oprichtingsbijeenkomsten.
Periode: 1965–1967
Grondslag: Radiobesluit (Stb. 1965, 484) art. 30
Product: besluit
Waardering: V5
Actor: Regeringscommissaris voor het Radiowezen
Handeling: het bevorderen dat de NRU aan de organisaties die zendtijd hebben gekregen behoorlijke uitzendgelegenheid en outillage ter beschikking stelt, dan wel het aanwijzen van een studio wanneer de NRU in gebreke blijft.
Periode: 1965–1967
Grondslag: Radiobesluit (Stb. 1965, 484) art. 31 lid 1 en 2
Product: besluit
Waardering: V20
Actor: Regeringscommissaris voor het Radiowezen
Handeling: het eisen van de NRU dat de uitzendingen van de Wereldomroep door de technische dienst zo goed mogelijk worden verzorgd en dat de Wereldomroep gebruik kan maken van alle mogelijkheden die het centrale omroepapparaat biedt.
Periode: 1965–1967
Grondslag: Radiobesluit (Stb. 1965, 484) art. 32 lid 1
Product: besluit
N.B.: Tot de mogelijkheden behoren koren, orkesten, platen, banden.
Waardering: V 5
Actor: Regeringscommissaris voor het Radiowezen / NRU
Handeling: het vaststellen van vergoedingen voor de getroffen maatregelen t.b.v. zendtijd bezittende organisaties of instellingen resp. de Wereldomroep.
Periode: 1965–1967
Grondslag: Radiobesluit (Stb. 1965, 484) art. 31 lid 2 en 32 lid 2.
Product: besluit
N.B.: De getroffen maatregelen zijn die van art. 30, 31 lid 1 en 32 lid 2.
Waardering: V10
13.2 Toezicht op de omroep
Actor: Regeringscommissaris voor de Omroep
Handeling: het benoemen van het personeel van zijn dienst.
Periode: 1967–1987
Grondslag: Omroepwet (Stb. 1967, 176) art. 6 lid 4
Product: beschikking
Waardering: V5
Actor: Regeringscommissaris voor de Omroep
Handeling: het geven van bindende aanwijzingen aan zendtijd verkrijgende instellingen en de Wereldomroep.
Periode: 1967–1987
Grondslag: Omroepwet (Stb. 1967, 176) art. 7 lid 1
Product: aanwijzingen
N.B.: Bij wetswijziging Stb. 1978/665 worden de vermelde instellingen uitgebreid met draadomroepinrichtingen. Van de beslissingen van de regeringscommissaris staat beroep open op de Minister van Cultuur (‘Minister, belast met zaken betreffende de omroep’).
Waardering: B 5
Actor: Regeringscommissaris voor de omroep
Handeling: het uitoefenen van toezicht op de omroep.
Periode: 1965–1987
Grondslag: Radiobesluit (1965, 484) art. 2 lid 2 en 3
Omroepwet (Stb. 1967, 176) art. 6 lid 1
Product:
Waardering: B 5
Actor: Regeringscommissaris voor het radiowezen / Minister van Cultuur
Handeling: het aanwijzen van personen die de omroeporganisaties en de NRU verplicht zijn toegang te verschaffen tot voor de omroeptaak bestemde gebouwen en documenten.
Periode: 1965–1967
Grondslag: Radiobesluit (Stb. 1965, 484) art. 34
Product: beschikking
Waardering: V10
14. COMMISSARIAAT VOOR DE MEDIA
14.1 Voorlichting en advies
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het desgevraagd of uit eigen beweging adviseren van de Minister over de uitvoering van de wet voor zover dit van belang is voor de taakoefening van het Commissariaat.
Periode: 1987–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 9 lid 2b
Product: advies, rapport
Waardering: B 1
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het uitbrengen aan de Minister van een jaarlijks verslag van zijn werkzaamheden.
Periode: 1987–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 9, lid 2d (bij wetswijziging Stb. 1990, 17 gewijzigd in 2c);
Product: jaarverslag
Waardering: V10, m.u.v. het verslag: B 3
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verstrekken van inlichtingen aan de Minister van Cultuur die hij naar zijn oordeel nodig heeft voor zijn taakuitoefening.
Periode: 1987–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 0249) art. 9 lid 2c
Product: brief
Waardering: B 1,5
14.2 Concessies voor landelijke omroep
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het stellen van nadere regels omtrent de verzameling, de terbeschikkingstelling en vaststelling van de ledenaantallen.
Periode: 1994–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 32 lid 4
Product: regeling
Waardering: B 5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het vaststellen van het voor de omroepverenigingen vereiste ledenaantal van ten minste 150.000 leden om in aanmerking te komen van een concessie.
Periode: 1994–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 31 lid 4b
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het vaststellen van het aantal leden van de omroepvereniging om aangemerkt te worden als een omroepvereniging met een A-, B- en C-status.
Periode: 1994–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 35 lid 6
Product: besluit
N.B.1: A-status: ten minste 450.000 leden, B-status: 300.000 tot 450.000, C-status: 150.000 tot 300.000 leden.
N.B.2: Bij wetswijziging Stb. 1994/946 vernummerd tot lid 4
Waardering: V10
14.3 Zendtijdtoewijzing
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het toewijzen van (resterende) zendtijd voor landelijke omroep aan diverse (omroep)instellingen en het eventueel verbinden van voorwaarden daaraan.
Periode: 1987–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) en Mediabesluit (Stb. 1987, 573); zie hieronder
Product: besluit
N.B.: De (omroep)instellingen zijn:
kerkgenootschappen en genootschappen op geestelijke grondslag (art. 36 lid 1, 38 lid 1, 40 lid 1; Mediabesluit (Stb. 1987/573) art 6);
educatieve omroepinstellingen (art. 36 lid 2, 38 lid 1, 40 lid 1);
politieke partijen (art. 37, 38 lid 1, 40 lid 1; Mediabesluit (Stb. 1987/573) art.4 lid 5);
Stichting Etherreclame (art. 39 lid 1 en 2 , 40 lid 1; Mediabesluit (Stb. 1987/573, 1991/382) art. 7); overheidsvoorlichting (35, 38 lid 1; Mediabesluit (Stb. 1987/573) art.5) NOS (art. 40 lid 1 en 3)
Waardering: B 5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het besluiten de aanvraag tot het toewijzen van zendtijd voor landelijke, lokale en regionale omroep niet te behandelen in het geval dat de aanvrager aan bepaalde eisen niet voldoet.
Periode: 1987–1994
Grondslag: Mediabesluit (Stb. 1987, 573) art. 2 lid 4
Product: besluit
N.B.1: Bij wetswijziging 1991/17 is lid 4 vernummerd tot lid 6.
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het treffen van een afwijkende regeling t.a.v. de ingangsdatum van de toewijzing van de zendtijd.
Periode: 1987–
Grondslag: Mediabesluit (Stb. 1987, 573) art. 4 lid 6 jo. lid 4
Product: regeling
N.B.: Bij wijziging amvb Stb. 1994/914 vernummerd tot art. 9
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het toewijzen van zendtijd boven de door de Minister vastgestelde totale beschikbare zendtijd en het eventueel afwijken hierbij van een in de wet vastgestelde verdeling tussen de omroepinstellingen
Periode: 1987–1994
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 32
Product: besluit
Waardering: B 5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het jaarlijks toewijzen van de vastgestelde hoeveelheid zendtijd voor landelijke televisie- en radio-omroep aan de hiervoor in aanmerking komende instellingen, met aanwijzing van uitzenddagen en –uren en zendernetten.
Periode: 1994–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 31 lid 3; Mediabesluit (Stb. 1987, 573) art. 3, art. 4 lid 3, (Stb. 1994, 386) art. 39c lid 3; art. 39d tot en met 39g; Mediabesluit (Stb. 1992, 617) art. 22
Product: besluit
N.B.1: De (omroep)instellingen zijn:
NOS (art. 39d (-1997/544));
educatieve omroepinstellingen en eventueel daarin samenwerkende organisaties (art. 39e lid 1);
kerkgenootschappen en genootschappen op geestelijke grondslag (art. 39f lid 1 en 2);
politieke partijen en groeperingen (art. 39g);
N.B.2: Art. 39d vervalt bij wetswijziging Stb. 1997/544
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het onder voorwaarden toewijzen van zendtijd voor televisie aan de NOS t.b.v. een uit tenminste zeven regionale programma-edities bestaand programma.
Periode: 1996–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 166 lid 1 en 2
Product: besluit
N.B.: De voorwaarden hebben betrekking op het bereiken van overeenstemming tussen de NOS en de gezamenlijke regionale omroepinstellingen over de uitzenddagen en –uren, de inhoud van de regionale programma-edities en de verdeling van de inkomsten uit de reclameboodschappen, en op het produceren van de programma-edities door regionale omroepinstellingen.
Waardering: B 5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het toewijzen van (resterende) zendtijd voor landelijke omroep aan lokale en regionale omroepinstellingen (één per gemeente/regio) en het eventueel verbinden van voorwaarden daaraan.
Periode: 1987–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 42 lid 1 en 2; Mediabesluit (Stb. 1992, 617) art. 18 t/m 24
Product: besluit
N.B.: De toewijzing geschiedt op aanvraag van de instelling.
Waardering: V 5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het aanwijzen van de dagen en uren waarop de programma’s van de lokale en regionale omroepinstelling worden uitgezonden op de voor de lokale omroepinstelling aangewezen zender.
Periode: 1994–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 42 lid 2
Product: besluit
N.B.: Deze handeling is bij de wetswijziging Stb. 1994, 385 toegevoegd aan art.42 lid 2
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het toewijzen van zendtijd voor lokale en regionale omroep aan een gemeentebestuur en provinciaal bestuur t.b.v. overheidsvoorlichting
Periode: 1987–1994
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 42 lid 8
Product: besluit
Waardering: B 5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verzoeken aan gemeente of provincie om een tussentijds advies over de vraag of de lokale of regionale omroepinstelling nog voldoet aan de in art. 30 gestelde eisen.
Periode: 1987–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 43 lid 2
Product: verzoekschrift
Waardering: V 10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verlenen van toestemming aan een lokale of regionale omroepinstelling reclameboodschappen uit te zenden
Periode: 1990–1996 .
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 43a; Mediabesluit
(Stb. 1992/617) art 25a t/m 25d
Product: besluit
N.B.: Bij wetswijziging 1995/320 vervalt de verplichte verklaring tot aansluiting bij de Stichting Reclame Code.
N.B.: Bij wetswijziging Stb. 1996/219 is het de omroepinstelling voortaan bij wet toegestaan reclameboodschappen uit te zenden.
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het vaststellen van het percentage toegewezen zendtijd voor binnen een educatieve omroepinstelling samenwerkende organisaties.
Periode: 1994–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 39e lid 2
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verbinden van voorschriften aan de toewijzing van zendtijd aan educatieve instellingen t.a.v. programmacoördinatie en samenwerking.
Periode: 1994–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 39e lid 3
Product: besluit met voorschriften
Waardering: B 5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het toewijzen van zendtijd aan Ministers, voor het gebruik door overheidsinstellingen of ten behoeve van overheidsvoorlichting
Periode: 1994–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 39h
Product: besluit
Waardering: B 5
14.4 Overige regelgeving en besluitvorming
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verlenen van toestemming aan instellingen die zendtijd hebben verkregen om oproepen te doen in het kader van ledenwerving of nevenactiviteiten.
Periode: 1987–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 52 lid 4, 76 lid 2
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het geven van regels m.b.t. het uitzenden van toetsbeelden d.m.v. zenders.
Periode: 1987–1997
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 33 (1987–1994) en (Stb. 1994, 386) art. 167B lid 1 (1994–1997)
Product: regeling
N.B.: Deze regels zijn althans op basis van art. 33 niet tot stand gebracht.
Waardering: V 10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het stellen van regels inzake het produceren en verspreiden van promotiemateriaal door een educatieve omroepinstelling.
Periode: 1987–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 57 lid 3
Product: regeling
Waardering: B 1,5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het goedkeuren van een regeling van omroepinstellingen inzake de exploitatie van auteursrechten op hun programma’s.
Periode: 1987–1997
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 62 lid 2
Product: besluit
Waardering: B 5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verlenen van toestemming aan omroepverenigingen voor het verstrekken van op geld waardeerbare voordelen aan hun leden.
Periode: 1987–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 64 lid 1b
Product: besluit
Waardering: B5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verlenen van ontheffing aan lokale of regionale omroepinstellingen van het verbod om programma’s buiten de gemeente of provincie uit te zenden.
Periode: 1994–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 64a lid 2
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het stellen van nadere regels omtrent het door de instellingen, die zendtijd hebben verkregen, uit te brengen verslag.
Periode: 1995–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 64c
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het onverbindend verklaren van een besluit van de NOS wegens strijd met het recht of het algemeen belang.
Periode: 1987–1994
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 21 lid 2
Product: besluit
N.B.: De onverbindendverklaring geschiedt op verzoek van een omroepinstelling.
Waardering: B 5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het doen van een verzoek aan de Minister een besluit van het bestuur van de Wereldomroep te schorsen of voor vernietiging voor te dragen
Periode: 1987–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 80 lid 3
Product: verzoekschrift
Waardering: B5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verlenen van toestemming aan militaire autoriteiten van NAVO-landen voor het verzorgen van een programma voor in Nederland gelegerde buitenlandse militairen.
Periode: 1987–
Grondslag: Mediabesluit (Stb. 1987, 573) art. 68 t/m 73
Product: besluit
Waardering: B 5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verlenen van tijdelijke toestemming aan een instelling die zendtijd heeft verkregen een omroepprogramma te doen uitzenden d.m.v. een draadomroepinrichting, en het verbinden van voorschriften daaraan.
Periode: 1994–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 65
Product: besluit
N.B.1: De ‘instelling die zendtijd (voor lokale, regionale omroep) heeft verkregen’ wordt in het navolgende met ‘(lokale, regionale) omroepinstelling’ aangeduid.
Waardering: V 5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het geven van bindende aanwijzingen omtrent de uitzenduren en -dagen indien hierover tussen de draadomroepinstelling en de omroepinstelling geen overeenstemming kan worden bereikt.
Periode: 1987–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 74, art. 75 lid 2 en 75a lid 2;
Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 65, 66 lid 2, 67 lid 2
Product: aanwijzingen
Waardering: B 5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verlenen van toestemming aan een lokale of regionale omroepinstelling een regionaal omroepprogramma te verzorgen d.m.v. een draadomroepinrichting in de gemeente of provincie.
Periode: 1997–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 66 lid 1, art. 67 lid 1
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het stellen van regels inzake de eis dat het draadomroepprogramma voor informatie over programma’s en diensten uitsluitend of nagenoeg uit die informatie bestaat.
Periode: 1996–1997
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 67 lid 2
Product: regeling
Waardering: B 5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verlenen van toestemming aan een lokale omroepinstelling een ander omroepprogramma dan met de voorgeschreven onderdelen te verzorgen d.m.v. een lokale draadomroepinrichting.
Periode: 1997–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 68 lid 1
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het geven van bindende aanwijzingen aan de beheerder of exploitant van een draadomroepinstelling en een programmaverzorger over de toegang tot de draadomroepinrichting.
Periode: 1996–1997
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 69
Product: aanwijzingen
N.B.: Dit gebeurt wanneer de beheerder en de verzorger hierover geen overeenstemming hebben bereikt.
Waardering: B5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verlenen van toestemming aan de beheerder van een draadomroepinrichting een abonneeprogramma uit te zenden.
Periode: 1987–1990
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 69 lid 2, art. 155
Product: besluit
N.B.: Art. 155 bepaalt de exacte inhoud van art 69 (lid 2) op het moment van de inwerkingtreding ervan. Bij wetswijziging Stb. 1990/17 bepaalt de wet, te weten bij het aldus gewijzigde art. 69 lid 2, dat de beheerder van een draadomroep, onder bepaalde condities, een abonneeprogramma kan uitzenden. Art. 155 zelf vervalt bij wetswijziging Stb. 1994/385.
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het ontheffen van de beheerder van de draadomroepinrichting van zijn uitzendverplichting in geval van capaciteitsgebrek.
Periode: 1987–1994
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 156
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verlenen van tijdelijke toestemming aan overheidsorganen, omroepen en bepaalde andere instellingen programma’s uit te doen zenden d.m.v. een draadomroepinrichting.
Periode: 1987–1997
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 74 lid 2, 70a, 65 lid 1c
Product: besluit
N.B.1: Bij wetswijziging Stb. 1991/769 is door het vervallen van lid 1 van art. 74 de aanduiding lid 2 vervallen.
Waardering: V 10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het ontheffen van de verplichting van beheerders van draadomroepinrichtingen de tijdelijk toegelaten programma’s uit te zenden.
Periode: 1987–1997
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 65 lid 2,
Product: besluit
Waardering: V 10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verlenen van toestemming aan een lokale omroepinstelling een lokaal omroepprogramma te verzorgen d.m.v. een lokale draadomroepinrichting.
Periode: 1987–1997
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 75 lid 1
Product: besluit
Waardering: V 10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het geven van toestemming aan een regionale omroep een televisieprogramma te verzorgen d.m.v. een regionale draadomroep.
Periode: 1991–1997
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 75a lid 1
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verlenen van toestemming aan een lokale omroepinstelling een ander dan een lokaal programma te verzorgen d.m.v. een lokale draadomroepinrichting.
Periode: 1991–1997
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 75b lid 1 en 2
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het geven van bindende aanwijzingen indien de beheerder van een draadomroepinrichting en een programmaverzorger geen overeenstemming kunnen bereiken over de toegang tot de draadomroepinrichting.
Periode: 1997–1998
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 82l lid 1
Product: aanwijzingen
N.B.: Krachtens art. I onderdeel RR van de wijzigingswet Stb. 1997/336 vervalt dit artikel per 1-1-1998.
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verlenen resp. intrekken van toestemming aan een commerciële omroepinstelling een radio- en/of televisieprogramma te verzorgen voor uitzending d.m.v. draadomroep.
Periode: 1991–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 71b lid 1 en 71e; Mediabesluit (Stb. 1992, 334) art. 52 en 52a
Product: besluit
N.B.1: Bij wetswijziging Stb. 1996/219 is 71a vervangen door art. 71b (waardoor laatstgenoemd art. is vernummerd tot 71a) en art 71e is vervangen door art. 71c. Dit heeft geen invloed op de omschrijving van de handeling.
N.B.2: Bij wetswijziging Stb. 1997/336 is ‘draadomroep’(-inrichting) uitgebreid met ‘een of meer zenders of draadomroepinrichtingen’.
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het stellen van regels inzake de eis dat het televisieprogramma uitsluitend of nagenoeg bestaat uit een aantal beelden met alfanumerieke gegevens en andere stilstaande beelden.
Periode: 1996–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 71d
Product: regeling
N.B.: Bij besluit van 20 februari 1999 tot aanpassing van het Mediabesluit (Stb. 104) wordt ‘een aantal beelden met alfanumerieke gegevens en andere stilstaande beelden’ vervangen door: stilstaande beelden.
Waardering: B 5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het tijdelijk verlenen van ontheffing aan een commerciële omroep van het gebruik van minstens 50% aan Europese producties m.b.t. een programma voor bijzondere omroep.
Periode: 1999–
Grondslag: Mediabesluit (Stb. 1999, 104) art. 52k lid 6
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verlenen of intrekken van toestemming aan een natuurlijke- of rechtspersoon een abonneeprogramma voor radio dan wel televisie te verzorgen d.m.v. een of meer draadomroepinrichtingen.
Periode: 1996–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 72 lid 1, 3 en 7
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het tijdelijk verlenen van gedeeltelijke ontheffing van het voorgeschreven minimum percentage programma-onderdelen die kunnen worden aangemerkt als Europese producties in de zin van artikel 6 van de Europese richtlijn.
Periode: 1996–
Grondslag: Mediabesluit (Stb. 1996, 589) art. 53b
Product: besluit
N.B.: Bij wijziging amvb Stb. 1999/104 vervalt art. 53b
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verlenen van een vergunning voor het verzorgen van abonneeprogramma’s voor televisie d.m.v. een draadomroepinrichting.
Periode: 1987–1996
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 73 lid 1
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verlenen van toestemming aan een andere instelling dan de NOZEMA NV d.m.v. een zender een programma voor een bijzonder doel, van beperkte bereik en beperkte duur uit te zenden, en het verbinden van voorschriften daaraan.
Periode: 1997–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 82c lid 2 en 4
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media, Minister van Cultuur
Handeling: het ter beschikking stellen van gelden voor bepaalde activiteiten van het NOB en het verbinden van voorschriften daaraan.
Periode: 1987–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 89 lid 2 en 3
Product: beschikking
N.B.: Tot 1994 stelde het Commissariaat gelden ter beschikking voor bepaalde activiteiten. Daarna komen deze eveneens ‘voor rekening’ van de Minister.
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het goedkeuren van het opzeggen van op het moment van de inwerkingtreding van de Mediawet bestaande overeenkomsten en van het aangaan van elke andere overeenkomsten door het NOB t.z.v. beheer, onderhoud en exploitatie van radiostudio’s van omroeporganisaties.
Periode: 1987–1994
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 148 lid 4
Product: besluit
Waardering: V10
14.5 Toewijzing van reclame-inkomsten
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het vaststellen van de hoogte en verdeling van de uitkering van reclame-inkomsten aan de uitgevers van lokale of regionale dag- en nieuwsbladen.
Periode: 1991–1996
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 43b lid 3 c
Product: besluit
N.B.: Het Commissariaat gaat hiertoe over bij het uitblijven van een overeenkomst ter zake van de verdeling van de reclame-inkomsten tussen lokale of regionale omroepinstelling en de uitgevers, door het stellen van onredelijke eisen door de laatstgenoemden.
Waardering: V10
14.6 Bekostigen van omroepinstellingen
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het jaarlijks vaststellen van de bedragen per uur zendtijd voor radio- en televisieprogramma’s t.b.v. de omroepinstellingen.
Periode: 1987–1994
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 101
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het vaststellen van een maximum voor de reservering van het restant van het beschikbaar gestelde bedrag bij lager uitgevallen kosten t.b.v. de omroeptaak.
Periode: 1987–1994
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 102 lid 2
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het toekennen van kostenvergoedingen aan landelijke omroepinstellingen, de provincie, de NOS en de Wereldomroep
Periode: 1987–1994
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 103, 104, 105
Product: besluit
N.B.: Aan de provincie kan een vergoeding worden gegeven indien de opbrengst van de provinciale opslag, die door het Staatsbedrijf der PTT aan de provincie wordt afgedragen na inning van de omroepbijdragen (art. 122 Mediawet), niet voldoende blijkt voor de dekking van de kosten die rechtstreeks verband houden met het functioneren van één regionale omroepinstelling t.b.v. haar radioprogramma.
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het jaarlijks vaststellen van de bedragen die ter beschikking worden gesteld aan de NPS en de omroepverenigingen en andere t.b.v. de verzorging van radio- en tv-programma’s.
Periode: 1994–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 103 lid 1 en 2
Product: besluit
N.B.1: De andere instellingen (lid 2) zijn de educatieve omroepinstellingen, kerkgenootschappen, genootschappen op geestelijke grondslag, en politieke partijen en groeperingen en de overheid t.b.v. overheidsvoorlichting.
Art. 104 lid 1–3 en 105 leggen de bestemming van de op grond van art. 101 en 103 vastgestelde bedragen vast.
N.B.2: Bij wetswijziging Stb. 1997/544 is het Commissariaat voor de Media vervangen door de raad van bestuur.
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het beschikken op een verzoek van een omroep om ten hoogste 10% van de onkostenvergoeding voor radio te mogen besteden aan televisie, en andersom.
Periode: 1994–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 104 lid 4
Product: besluit
N.B.: Bij wetswijziging Stb. 1997/544 is het Commissariaat voor de Media vervangen door de raad van bestuur.
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het stellen van nadere regels inzake verantwoording in de jaarrekening van de inkomsten die verband houden met bepaalde reclameuitingen.
Periode: 1987–
Grondslag: Mediabesluit (Stb. 1987, 573) art. 15 lid 2
Product: regeling
Waardering: B 5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het goedkeuren van de begroting en de jaarrekening van de instellingen die op grond van het bepaalde in de artikelen 103, 104 of 105 aanspraak maken op een vergoeding.
Periode: 1987–1994
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 106 lid 2
Product: besluit
N.B.: De genoemde instellingen zijn landelijke omroepinstellingen, de provincie, de Wereldomroep en de NOS.
Waardering: B 5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het stellen van regels inzake de vorming van reservefondsen van de Wereldomroep en de NOS.
Periode: 1987–1994
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 106 lid 4
Product: regeling
N.B.: Bij wetswijziging Stb. 1991/17 is lid 4 vernummerd tot 5.
Waardering: B 5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het bepalen van de hoogte van de voorschotten aan landelijke omroepinstellingen op de kostenvergoedingen.
Periode: 1987–
Grondslag: Mediabesluit (Stb. 1987, 573) art. 17 lid 2
Mediabesluit (Stb. 1994, 914) art. 32b lid 2
Product: besluit
Waardering: V7 -10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het beëindigen of verminderen van de verstrekking van voorschotten aan landelijke omroepinstellingen bij gebruik ervan voor andere doeleinden dan waarvoor zij zijn gegeven.
Periode: 1994–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 106 lid 2
Product: besluit
N.B.: Bij wijziging Stb. 1997/544 is het Commissariaat voor de Media vervangen door de raad van bestuur.
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verminderen van de verstrekking van voorschotten aan de NOS met 20% bij niet tijdige indiening van het meerjarenplan bij het Commissariaat.
Periode: 1994–1997
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 106 lid 3
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het geven van een kostendekkende vergoeding aan het provinciaal bestuur t.b.v. het functioneren en de infrastructuur van één regionale radio-omroepinstelling.
Periode: 1994–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 107a lid 1
Product: besluit
Waardering: V7-10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het adviseren van de Minister omtrent de hoogte van de vergoedingen aan de provincie.
Periode: 1994–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 107a lid 2
Product: advies
Waardering: B 1
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het bepalen van de hoogte van de voorschotten aan de Wereldomroep op de kostenvergoedingen.
Periode: 1994–
Grondslag: Mediabesluit (Stb. 1994, 914) art. 32b lid 2
Product: besluit
Waardering: V7-10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het beëindigen of verminderen van de verstrekking van voorschotten aan de Wereldomroep bij gebruik ervan voor andere doeleinden dan waarvoor zij zijn gegeven.
Periode: 1994–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 108e lid 2
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verminderen van de verstrekking van voorschotten aan de Wereldomroep met 20% bij niet tijdige indiening van het meerjarenplan bij het Commissariaat.
Periode: 1994–1997
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 108e lid 3
Product: besluit
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het vaststellen van een maximum voor de reserveringen van het aan een landelijke omroepinstelling beschikbaar gestelde bedrag dat de tv- en radioprogrammakosten te boven gaat.
Periode: 1994–1997
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 109a lid 1
Product: besluit
N.B.: Bij wetswijziging Stb. 1997/544 is het Commissariaat voor de Media vervangen door de raad van bestuur.
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verminderen van de verstrekking van voorschotten aan de landelijke omroepinstellingen en de Wereldomroep met 20% bij niet tijdige indiening van de jaarrekening bij het Commissariaat.
Periode: 1994–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 109c
Product: besluit
N.B.1: Bij wetswijziging Stb. 1997/544 geschiedt de vermindering van de voorschotten aan de landelijke instellingen (en de beëindiging na herhaalde aanmaning van het Commissariaat) door de raad van bestuur.
N.B.2: De bepalingen betreffende de rekening en verantwoording die gelden voor de landelijke omroepinstellingen zijn ook van toepassing op kerkgenootschappen, genootschappen op geestelijke grondslag en politieke partijen en groeperingen voor zover het hun omroepactiviteiten betreft.
Waardering: V7-10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het vaststellen van de afschrijvingspercentages waarmee de door de omroepinstelling aan het Commissariaat terug te betalen investeringsbijdrage wordt verminderd.
Periode: 1994–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 109b en 153 lid 1
Product: besluit
N.B.1: Terugbetaling geschiedt bij vervreemding van het onroerend goed of bij beëindiging van de toegewezen zendtijd.
N.B.2: Bij wetswijziging Stb. 1997/544 is het Commissariaat (voor de Media) vervangen door de raad van bestuur.
Waardering: V10
14.7 Verantwoording
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het afleggen van verantwoording over het beheer van de algemene omroepreserve aan de Minister.
Periode: 1997–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 170c
Product: rekening en verantwoording
Waardering: B 3
14.8 Toezicht / handhaving
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het uitoefenen van toezicht op de naleving van de wet.
Periode: 1987–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 134
Product: rapport
N.B.1: Het toezicht betreft de binnenlandse omroep d.m.v. zenders, de draadomroepinrichtingen, de wereldomroep, het NOB, de bekostiging en de overgangs- en slotbepalingen.
N.B.2: Bij wetswijziging Stb. 1997/336 wordt dit aangevuld met de commerciële omroep en abonneeprogramma’s en het gebruik van zenders en frequenties.
Waardering: B 5
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het opleggen van een administratieve boete aan verzorgers van een programma, de beheerders van een zender of draadomroepinrichting of de Wereldomroep.
Periode: 1987–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 135, 136, 137
Product: beschikking
N.B.1: Bij wetswijziging Stb. 1994/385 vervalt art. 136 (procedureregels inz. de boeteoplegging).
N.B.2: Bij wetswijziging Stb. 1996/648 is ‘administratieve boete’ vervangen door bestuurlijke boete.
N.B.3: Vanaf 1992 met de Wet AROB (in 1994 Algemene Wet Bestuursrecht) wordt een bezwaarschriftenprocedure verplicht gesteld.
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het in mindering brengen van het bedrag van de boete op de aan de omroepinstellingen of organen toekomende kostenvergoedingen.
Periode: 1994–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 137 lid 2
Product: besluit
N.B.: Bij wetswijziging Stb. 1997/544 is het Commissariaat voor de Media vervangen door de raad van bestuur.
Waardering: V10
Actor: Commissariaat voor de Media
Handeling: het verplichten van de omroepinstellingen om inlichtingen te verschaffen en opnamen van de uitgezonden programma’s ter beschikking te stellen voor zover het Commissariaat voor de Media dit nodig oordeelt voor de vervulling van zijn taak.
Periode: 1987–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 138, 139; (Stb. 1994, 386) art. 138, 138a t/m 138e en 139
Product: brief
Waardering: V10
N.B.: De verplichting van de omroepinstellingen wordt bij de wijziging van art. 138-139 in 1995 (Stb. 1995, 320) omgezet in de bevoegdheid van de leden van het Commissariaat inlichtingen te verlangen van de omroepinstellingen. Bij wetswijziging Stb. 2000, 138 is (de verplichting ex) art. 138 vervallen.
15. STICHTING RADIO NEDERLAND WERELDOMROEP
15.1 Instellen commissie van overleg
Actor: Wereldomroep
Handeling: het instellen van een commissie van overleg ter behartiging van aangelegenheden van gemeenschappelijk belang.
Periode: 1987–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 82 lid 1
Product: besluit
Waardering: B 4
15.2 Meerjarenplan
Actor: Wereldomroep
Handeling: het opstellen van een meerjarenplan, bestemd voor de Minister en het Commissariaat voor de Media.
Periode: 1994–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 108, lid 1 t/m 4, art. 108a
Product: meerjarenplan
Waardering: B 1
15.3 Betalingsnormen
Actor: Wereldomroep,
Handeling: het vaststellen van normen voor de honorering van losse medewerkers, van de normen voor betaling van levering van diensten en andere vormen van medewerking en van de gesloten CAO’s
Periode: 1955–
Grondslag: Televisiebesluit (Stb. 1955, 579) art. 26 lid g; Radiobesluit (Stb. 1965, 484) art. 35;
Omroepwet (1967, 176) art. 39 lid 2g en h; Mediawet (1987, 249) art. 16 lid 2h en i (bij wetswijziging Stb. 1994/386: 2j en k)
Product: besluit
Waardering: V20
N.B.: De Wereldomroep vervult in dit geheel een samenwerkingsfunctie.
16. NEDERLANDSE OMROEP STICHTING (NOS 1967–1987)
NEDERLANDSE OMROEPPROGRAMMA STICHTING (NOS 1987–1994)
NEDERLANDSE OMROEP STICHTING (NOS 1994–)
Wegens het indienen van een eigen selectielijst komen de handelingen van de Publieke Omroep (NOS, NPS en haar voorgangers) in dit bsd te vervallen..
17. STICHTING ETHERRECLAME (STER)
17.1 Afdragen van reclame-inkosten
Actor: Bestuur van de Reclamestichting / STER
Handeling: het vaststellen van de tarieven voor het uitzenden van reclame in radio en televisie.
Periode: 1978–
Grondslag: Omroepwet (Stb. 1967, 176) art. 50a lid 1; Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 27 leden 1 en 2
Product: besluit
N.B.: Een besluit tot vaststelling wordt terstond aan de Minister meegedeeld (Omroepwet).
Waardering: V20
Actor: Stichting Etherreclame
Handeling: het ter beschikking stellen van de netto-inkomsten aan de Minister van Cultuur ter bestrijding van de kosten verbonden aan vergoedingen aan diverse instellingen en activiteiten.
Periode: 1987–
Grondslag: Mediawet (Stb. 1987, 249) art. 28
Product: besluit
N.B.1: Bedoelde instellingen en activiteiten zijn: a. landelijke omroepinstellingen, b. regionale omroep, c. de Wereldomroep, d. het Europees televisieprogramma, e. het Bedrijfsfonds voor de pers, f. de Mediaraad, g. het Commissariaat voor de Media, h. de handhaving van de etherorde door of vanwege de Minister van Verkeer en Waterstaat, i, massacommunicatie-onderzoek, j. het Stimulerings-fonds Nederlandse culturele omroepproducties, k. taken van het Nederlands omroepproductie bedrijf, l. instellingen t.b.v. het in stand houden en exploiteren van een omroeparchief, m. van omroeporkesten, omroepkoren en een muziek-bibliotheek, en n. (tot wetswijziging 1994: l.) het overlegorgaan van lokale omroepinstellingen.
N.B.2: Bij wijziging van de Wet specifiek cultuurbeleid (Stb. 1995, 539) komt f. te luiden: de Raad voor cultuur, voor zover samenhangend met de advisering t.a.v. radio, televisie, pers en andere vormen van massacommunicatie.
Waardering: V20
18 DIENST OMROEPBIJDRAGEN
18.1 Inning, registratie, verslaglegging, begroting
Actor: Dienst Omroepbijdragen
Handeling: het innen van de omroepbijdragen.
Periode: 1968–1999
Grondslag: Wet op de omroepbijdragen (Stb. 1968, 687) art. 15 lid 1; art. 16 lid 1; Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 110 lid 4; art, 121 lid 1; Mediawet (Stb. 1996, 648), art. 122
Product: besluit
N.B.: Bij wijziging van de Mediawet in 1996 nam de Dienst omroepbijdragen de taak over van de met de inning belaste dienst van Koninklijke PTT Nederland / Staatsbedrijf der PTT.
Waardering: V5
Actor: Dienst omroepbijdragen
Handeling: het registreren van de houder en het aantal ontvanginrichtingen.
Periode: 1996–1999
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 112 lid 2
Product: registratiebewijs
Waardering: V5
Actor: Dienst omroepbijdragen
Handeling: het verlenen van een ontheffing van de provinciale televisie-opslag aan houders die niet beschikken over een draadomroepaansluiting.
Periode: 1996–1999
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 117a, lid 4
Product: besluit
Waardering: V5
Actor: Dienst omroepbijdragen
Handeling: het intrekken van de mogelijkheid voor de houder zijn omroepbijdrage in twee of vier termijnen te betalen bij niet tijdig voldoen van een of meer termijnen.
Periode: 1997–
Grondslag: Mediabesluit (Stb. 1997, 195) art. 48 lid 3
Product: besluit
Waardering: V5
Actor: Directeur van de Dienst omroepbijdragen
Handeling: het vaststellen van het bestuursreglement voor de Dienst omroepbijdragen
Periode: 1996–1999
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 122f lid 2
Product: reglement
Waardering: B4
Actor: Dienst omroepbijdragen
Handeling: het jaarlijks toezenden aan de Minister van Cultuur van een opgave van de inkomsten en het uitbrengen van een financieel verslag en het jaarverslag
Periode: 1996–1999
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 122i, 122j lid 2 en 122l
Product: inkomstenopgave, financieel verslag, jaarverslag
N.B.: De Minister zendt een afschrift van de opgave van de inkomsten aan het Commissariaat voor de Media, de NOS en de Wereldomroep.
Waardering: V2, m.u.v. het financieel verslag en het jaarverslag: B 3
Actor: Dienst omroepbijdragen
Handeling: het vaststellen van een begroting.
Periode: 1996–1999
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 122j lid 1
Product: besluit
Waardering: B 5
18.2 Toezicht/opleggen van sancties
Actor: Directeur van de Dienst omroepbijdragen
Handeling: het vaststellen van het model van het legitimatiebewijs voor de toezichthouders.
Periode: 1996–1999
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 143 lid 3
Product: regeling
Waardering: V10
Actor: Directeur van de Dienst omroepbijdragen
Handeling: het opleggen van bestuurlijke boeten aan houders van een ontvanginrichting .
Periode: 1996–1999
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 145 lid 3, 2 en 1, art. 145b
Product: beschikking
Waardering: V5
Actor: Dienst omroepbijdragen
Handeling: het invorderen bij dwangbevel van de boete, eventueel de omroepbijdrage en kosten van aanmaning en invordering, bij gebreke van betaling.
Periode: 1996–1999
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 145e lid 1
Product: dwangbevel
Waardering: V10
Actor: Directeur van de Dienst omroepbijdragen
Handeling: het opmaken van een proces-verbaal van het meevoeren en opslaan van de ontvanginrichtingen.
Periode: 1996–1999
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 145f lid 2
Product: proces-verbaal
Waardering: V5
Actor: Directeur van de Dienst omroepbijdragen
Handeling: het opleggen van bestuurlijke boeten aan houders van een ontvanginrichting t.z.v. overtreding van de bepaling van art. 145g lid 1.
Periode: 1996–1999
Grondslag: Mediawet (Stb. 1994, 386) art. 145g lid 2
Product: beschikking
Waardering: V5
19. COMMISSIE VOOR DE PERSZUIVERING
19.1 Verschijningsverbod
Actor: Commissie voor de Perszuivering
Handeling: het verbieden dat een persorgaan wordt uitgegeven onder een tijdens de bezetting gebruikte naam.
Periode: 1945–1951
Grondslag: Wet noodvoorziening Perswezen (Stb. 1947, H211) art. 6
Product: besluit
N.B.: Het uitgaveverbod geldt gedurende ten minste 3 jaar.
Tegen dit besluit staat beroep open op de Raad van Beroep voor de perszuivering ingevolge art. 11.
Waardering: B 6
Actor: Commissie voor de Perszuivering
Handeling: het verlenen van een (voorlopig) certificaat van geen bezwaar aan redacteuren of verslaggevers voor een verschijningsvergunning van hun dag- of nieuwsblad.
Periode: 1945–1947
Grondslag: Tijdelijk Persbesluit 1945 (Stb. 1945, F177) art. 24 lid 1 jo. art. 11
Product: certificaat
N.B.1: Een voorlopig certificaat wordt verleend in afwachting tot een definitieve beslissing tot ontzetting van het recht tot uitoefening van de functie.
N.B.2: Tegen de weigering een certificaat te verlenen staat beroep open op de Raad van Beroep voor de perszuivering ingevolge art. 11 van de Wet Noodvoor-ziening Perswezen 1947.
Waardering: B 6
19.2 Ontzetten uit de functie
Actor: Commissie voor de Perszuivering
Handeling: het (voorlopig) ontzetten van in de oorlog ‘foute’ redacteuren of verslaggevers van het recht om in een journalistieke functie werkzaam te zijn.
Periode: 1945–1951
Grondslag: Tijdelijk Persbesluit 1945 (Stb. 1945, F177) art. 6;
Wet noodvoorziening Perswezen (Stb. 1947, H211) art. 7 lid 1
Product: uitspraak
N.B.: Tegen deze uitspraak staat beroep open op de Raad van Beroep voor de
perszuivering ingevolge art. 11 van de Wet noodvoorziening Perswezen.
Waardering: B 6
Actor: Commissie voor de Perszuivering
Handeling: het bepalen van de wijze van de openbaarmaking van de ontzetting, dan wel het achterwege blijven ervan of van de opheffing van de voorlopige ontzetting.
Periode: 1945–1951
Grondslag: Wet noodvoorziening Perswezen (Stb. 1947, H211) art. 9 lid 2
Product: besluit
Waardering: B 6
Actor: Commissie voor de Perszuivering
Handeling: het verlenen van een (voorlopig) certificaat van geen bezwaar tot het vervullen van een journalistieke of leidende niet-journalistieke functie.
Periode: 1947–1951
Grondslag: Wet noodvoorziening Perswezen (Stb. 1947, H211) art. 15 lid 1
Product: certificaat
N.B.1: Een voorlopig certificaat wordt verleend in afwachting tot een definitieve beslissing tot ontzetting van het recht tot uitoefening van de functie.
Waardering: B 6
19.3 Advisering
Actor: Commissie voor de Perszuivering
Handeling: het adviseren over te gaan tot vordering in eigendom van een ‘foute’ persuitgeverij of bedrijfsonderdelen ervan.
Periode: 1947–1951
Grondslag: Wet noodvoorziening Perswezen (Stb. 1947, H211) art. 18 lid 1
Product: advies
N.B.: Ingevolge lid 3 is het advies onderworpen aan de goedkeuring van de Raad van Beroep.
Waardering: B 6
Overige ACTOREN
Letteren- en bibliotheekbeleid
20. MINISTER VAN JUSTITIE
20.1 Leenvergoedingsaangelegenheden
Actor: Minister van Justitie
Handeling: het in overeenstemming met de Minister van Cultuur nemen van besluiten inzake leenvergoedingsaangelegenheden
Periode: 1995–
Grondslag: Auteurswet 1912 (Stb. 1995, 653) art. 15d en f; Wet op de naburige rechten (Stb. 1995, 653) art. 15a, art. 15b en art. IV; Besluit College van Toezicht voor het Leenrecht (Stb. 1997, 407)
Product: nota’s, briefwisseling
N.B.: Dit heeft betrekking op
de aanwijzing van een rechtspersoon/stichting tot vaststelling van de hoogte van de aan deze rechtspersonen betaalde leenvergoeding en de inning en verdeling ervan (AW1912 art.15d en f; Wnr art. 15a lid 1 en art. 15b). Als zodanig is aangewezen de Stichting Leenrecht (besluit 30-10-1996, Stc. 222);
de benoeming van de leden van een College van Toezicht en goedkeuring van diens regelingen en besluiten; (AW1912 art. 15f; Wnr art. 15 a lid 2; Besluit College van Toezicht art. 3, 5, 6, 10, 13.
het goedkeuren van een reglement inzake de verdeling van de geïnde vergoedingen (AW1912 art. 15f; Wnr art. 15 a lid 3);
het vóór 1 januari 2000 zenden van een verslag aan de Staten-Generaal over de werking en het effect van de in de Auteurswet 1912 en de Wet op de naburige rechten opgenomen regeling terzake van het leenrecht (Wnr art. IV)
Het betreft leenvergoedingen voor het uitlenen van werken van letterkunde, wetenschap of kunst (Auteurswet 1912) en van opnamen van een uitvoering, fonogrammen, films en (omroep)programmaopnames of van reproducties daarvan (Wet op de naburige rechten).
Waardering: B 5
Actor: Minister van Justitie
Handeling: het voorbereiden van een amvb inzake het toezicht op de rechtspersoon belast met het innen en verdelen van de leenvergoedingsbedragen, door een College van Toezicht.
Periode: 1997–
Grondslag: Auteurswet 1912 (Stb. 1995, 653) art. 15f; Wet op de naburige rechten (Stb. 1995, 653) art. 15a
Product: Besluit College van Toezicht voor het leenrecht (Stb. 1997, 407)
N.B.: De rechtspersoon is de Stichting Leenrecht.
De aanwijzing van de rechtspersoon geschiedt in overeenstemming met de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen
Waardering: B 5
Actor: Minister van Justitie
Handeling: het aanwijzen van de Stichting Leenrecht als rechtspersoon, belast met het innen en verdelen van de leenvergoedingsbedragen.
Periode: 1997–
Grondslag: Wet op de naburige rechten (Stb. 1995, 653) art. 15a
Product: beschikking
N.B.: De aanwijzing van de rechtspersoon geschiedt in overeenstemming met de Minister van Cultuur
Waardering: B 4
Actor: Minister van Justitie
Handeling: het benoemen van de leden van het College van Toezicht voor het leenrecht en het aanwijzen van de voorzitter.
Periode: 1997–
Grondslag: Besluit College van Toezicht voor het leenrecht (Stb. 1997, 407) art. 3 lid 2
Product: besluit
N.B.: Benoeming en aanwijzing geschieden in overeenstemming met de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen.
Waardering: V10
21. MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN
21.1 openbare bibliotheekvoorziening
Actor: Minister van Binnenlandse Zaken
Handeling: het besluiten tot overeenstemming met de Minister van Cultuur inzake het verlenen van ontheffing aan de gemeente of de provincie van de verplichting het instandhouden van objecten van openbare bibliotheekvoorziening door een privaatrechtelijke instelling te bevorderen.
Periode: 1983-1987
Grondslag: Wet op het openbare bibliotheekwerk (Stb. 1983, 733) art. 12 lid 6; art. 13 lid 6
Product: beschikking
Waardering: V 10
22. RIJKSADVIESCOMMISSIE VOOR DE OPENBARE BIBLIOTHEKEN
22.1 Advisering
Actor: Rijksadviescommissie voor de openbare bibliotheken / Bibliotheekraad
Handeling: het adviseren van de Minister en rechtspersonen, instellingen of organisaties, waarvan de werkzaamheden verband houden met het bibliotheekwezen.
Periode: 1961–1987
Grondslag: Regeling Rijksadviescommissie voor de openbare bibliotheken (Stcrt. 1961, 20) art. 1 en 2; Wet op de bibliotheekraad (Stb. 1975, 119) art. 3 lid 1 en 3
Product: advies
Waardering: B 1
22.2 Verslaglegging, financiële verantwoording en begroting
Actor: Rijksadviescommissie voor de openbare bibliotheken / Bibliotheekraad / RABIN
Handeling: het uitbrengen van een jaarverslag.
Periode: 1961–1995
Grondslag: Regeling Rijksadviescommissie voor de openbare bibliotheken (Srcrt. 1961, 20), art. 12; Wet op de bibliotheekraad (Stb. 1975, 119) art. 18; Instellingswet RABIN (Stb. 1987, 474) art. 10
Product: jaarverslag
Waardering: B 3
Actor: Rijksadviescommissie voor de openbare bibliotheken
Handeling: het indienen van een financiële verantwoording over het afgelopen jaar.
Periode: 1961–1975
Grondslag: Regeling Rijksadviescommissie voor de openbare bibliotheken (Srcrt. 1961, 20), art. 11
Product: financiële verantwoording
Waardering: V 10
Actor: Rijksadviescommissie voor de openbare bibliotheken / RABIN
Handeling: het indienen van een ontwerpbegroting voor het volgend jaar.
Periode: 1961–1975 / 1987–1995
Grondslag: Regeling Rijksadviescommissie voor de openbare bibliotheken (Srcrt. 1961, 20), art. 10; Instellingswet RABIN (Stb. 1987, 474) art. 11
Product: begroting
Waardering: V 5
23. BIBLIOTHEEKRAAD
23.1 Advisering, verslaglegging
Actor: Bibliotheekraad / Rijksadviescommissie voor de openbare bibliotheken
Handeling: het adviseren van de Minister en rechtspersonen, instellingen of organisaties, waarvan de werkzaamheden verband houden met het bibliotheekwezen.
Periode: 1961–1987
Grondslag: Regeling Rijksadviescommissie voor de openbare bibliotheken (Stcrt. 1961, 20) art. 1 en 2; Wet op de bibliotheekraad (Stb. 1975, 119) art. 3 lid 1 en 3
Product: advies
Waardering: B 1
Actor: Bibliotheekraad / Rijksadviescommissie voor de openbare bibliotheken / RABIN
Handeling: het uitbrengen van een jaarverslag.
Periode: 1961–1995
Grondslag: Regeling Rijksadviescommissie voor de openbare bibliotheken (Srcrt. 1961, 20), art. 12; Wet op de bibliotheekraad (Stb. 1975, 119) art. 18; Instellingswet RABIN (Stb. 1987, 474) art. 10
Product: jaarverslag
Waardering: B 3
23.2 Instructie secretariaat en organisatieregeling
Actor: Bibliotheekraad
Handeling: het regelen van de instructie van de secretaris van de Bibliotheekraad en de taak van het bureau
Periode: 1975–1987
Grondslag: Wet op de bibliotheekraad (Stb. 1975, 119) art. 10 lid 4
Product: regeling
Waardering: V 15
Actor: Bibliotheekraad / Raad van advies voor het bibliotheekwezen en de informatieverzorging (RABIN)
Handeling: het vaststellen van nadere regelen omtrent inrichting en werkwijze van de raad en de door hen ingestelde commissies en de samenstellingen, bevoegdheden en werkwijze van de vaste commissie van de Bibliotheekraad
Periode: 1975–1995
Grondslag: Wet op de bibliotheekraad (Stb. 1975, 119) art. 19 lid 1 en 2; Instellingswet RABIN (Stb. 1987, 474) art. 14
Product: reglement
Waardering: V15
24. RAAD VAN ADVIES VOOR HET BIBLIOTHEEKWEZEN EN DE INFORMATIEVERZORGING
24.1 Advisering
Actor: Raad van advies voor het bibliotheekwezen en de informatieverzorging RABIN
Handeling: het voorbereiden en opstellen van het jaarlijkse adviesprogramma.
Periode: 1987–1995
Grondslag: Instellingswet RABIN (Stb. 1987, 474) art. 7 lid 2, art. 8 lid 1
Product: adviesprogramma
Waardering: B 1
24.2 Organisatieregeling
Actor: Raad van advies voor het bibliotheekwezen en de informatieverzorging (RABIN) / Bibliotheekraad
Handeling: het vaststellen van nadere regelen omtrent inrichting en werkwijze van de raad en de door hen ingestelde commissies en de samenstellingen, bevoegdheden en werkwijze van de vaste commissie van de Bibliotheekraad
Periode: 1975–1995
Grondslag: Wet op de bibliotheekraad (Stb. 1975, 119) art. 19 lid 1 en 2; Instellingswet RABIN (Stb. 1987, 474) art. 14
Product: reglement
Waardering: B 5
24.3 Verslaglegging en begroting
Actor: RABIN / Rijksadviescommissie voor de openbare bibliotheken / Bibliotheekraad
Handeling: het uitbrengen van een jaarverslag.
Periode: 1961–1995
Grondslag: Regeling Rijksadviescommissie voor de openbare bibliotheken (Srcrt. 1961, 20), art. 12; Wet op de bibliotheekraad (Stb. 1975, 119) art. 18; Instellingswet RABIN (Stb. 1987, 474) art. 10
Product: jaarverslag
Waardering: B 3
Actor: RABIN / Rijksadviescommissie voor de openbare bibliotheken
Handeling: het indienen van een ontwerpbegroting voor het volgend jaar.
Periode: 1961–1975 / 1987–1995
Grondslag: Regeling Rijksadviescommissie voor de openbare bibliotheken (Srcrt. 1961, 20), art. 10; Instellingswet RABIN (Stb. 1987, 474) art. 11
Product: begroting
Waardering: V5
26. RIJKSINSPECTIE DER OPENBARE BIBLIOTHEKEN / RIJKSINSPECTIE VAN HET OPENBARE BIBLIOTHEEKWERK
26.1 Toezicht
Actor: Rijksinspectie der openbare bibliotheken / Rijksinspectie van het openbare bibliotheekwerk
Handeling: het uitoefenen van toezicht op de naleving van de Rijkssubsidievoorwaarden-1921 / van de wet en haar uitvoeringsvoorschriften.
Periode: 1961–1987
Grondslag: Regeling Rijksinspectie openbare bibliotheken (Stcrt. 1961, 20) art. 1 en 2a;
Wet op het openbare bibliotheekwerk (Stb. 1975, 118) art. 35
Product:
Waardering: V10
26.2 Advisering en verslaglegging
Actor: Rijksinspectie der openbare bibliotheken
Handeling: het uitbrengen van verslagen omtrent subsidie- en ontheffingsaanvragen en het verstrekken van gegevens aan de Minister.
Periode: 1961–1975
Grondslag: Regeling Rijksinspectie openbare bibliotheken (Stcrt. 1961, 20) art. 2b-d
Product: verslagen
Waardering: B 3
Actor: Rijksinspectie der openbare bibliotheken
Handeling: het uitbrengen van adviezen aan organisaties, instellingen en andere instanties die ingevolge de Rijkssubsidievoorwaarden-1921 bemoeienis hebben met het bibliotheekwerk.
Periode: 1961–1975
Grondslag: Regeling Rijksinspectie openbare bibliotheken (Stcrt. 1961, 20) art. 2e
Product: adviezen
Waardering: B 1,5
Actor: Rijksinspecteur der openbare bibliotheken
Handeling: het uitbrengen van een jaarlijks schriftelijk verslag aan de Minister omtrent de werkzaamheden van de rijksinspectie.
Periode: 1961–1975
Grondslag: Regeling Rijksinspectie openbare bibliotheken (Stcrt. 1961, 20) art. 7
Product: jaarverslag
Waardering: V5, m.u.v. het verslag: B 3
27. STICHTING NEDERLANDS LITERAIR PRODUCTIE- EN VERTALINGENFONDS
27.1 Verstrekken van uitkeringen
Actor: Nederlands Literair Productie- en Vertalingenfonds
Handeling: het verstrekken van uitkering ter bevordering van de productie en de vertaling van kwalitatief hoogstaande Nederlands- en Friestalige literaire werken.
Periode: 1991–
Grondslag: Besluit Nederlands Literair Productie- en Vertalingenfonds (Stb. 1991, 501) art. 3 lid 2
Product: besluit
N.B.: Het bestuur van de stichting beslist over de verstrekking van uitkeringen en doet daarvan schriftelijk mededeling aan de aanvrager(s) (art. 7 en 8)
Waardering: V10
27.2 Indienen van plannen
Actor: Bestuur Stichting Nederlands Literair Productie- en Vertalingenfonds
Handeling: het jaarlijks indienen bij de Minister van Cultuur van activiteitenplan, beleidsplan, rekening en verantwoording en verslag over de werkzaamheden en het gevoerde beleid.
Periode: 1991–
Grondslag: Besluit Nederlands Literair Productie- en Vertalingenfonds (Stb. 1991, 501) art. 10, 11 en 12
Product: activiteitenplan, beleidsplan, rekening en verantwoording en verslag
Waardering: B 1,3
27.3 Opheffing fonds
Actor: Bestuur Stichting Nederlands Literair Productie- en Vertalingenfonds
Handeling: het ontbinden van de stichting Nederlands literair productie- en vertalingenfonds
Periode: 1991
Grondslag: Besluit Nederlands Literair Productie- en Vertalingenfonds (Stb. 1991, 504)
art. 13
Product: besluit
N.B.: Voor het besluit van het bestuur is goedkeuring van de Minister nodig.
Waardering: B 4
28. COLLEGE VAN TOEZICHT VOOR HET LEENRECHT (Min. van Justitie)
28.1 Toezicht
Actor: College van Toezicht voor het leenrecht
Handeling: het uitoefenen van toezicht op de naburige rechten inzake de inning en verdeling van de leenvergoedingsbedragen alsmede het uitoefenen van toezicht op de Stichting Leenrecht.
Periode: 1997–
Grondslag: Besluit College van Toezicht voor het leenrecht (Stb. 1997, 407) art. 2 en 10
Product:
Waardering: V10, jaarlijks verslag B
28.2 Advisering
Actor: College van Toezicht voor het leenrecht
Handeling: het adviseren van de Minister van Justitie omtrent de voorgenomen goedkeuring van reglementen inzake de verdeling van de geïnde vergoedingen alsmede het gevraagd en ongevraagd adviseren van de Stichting Leenrecht.
Periode: 1997–
Grondslag: Besluit College van Toezicht voor het leenrecht (Stb. 1997, 407) art. 10 en 11
Product: advies
Waardering: B 5
28.3 Goedkeuren van besluiten
Actor: College van Toezicht voor het leenrecht
Handeling: het schriftelijk goedkeuren van besluiten van de Stichting Leenrecht.
Periode: 1997–
Grondslag: Besluit College van Toezicht voor het leenrecht (Stb. 1997, 407) art. 13
Product: goedkeuringsbesluit
Waardering: V20
N.B.1: De bedoelde besluiten worden genoemd onder a tot en met d van lid 1 van art. 13:
a wijziging van statuten of ontbinding van de Stichting;
b. vaststelling of wijziging van modelovereenkomsten met rechthebbenden of betalingsplichtingen betreffende de uitoefening door de Stichting van rechten op grond van de Wet op de Naburige Rechten;
c. vaststelling of wijziging van modelovereenkosten en reglementen betreffende de uitoefening van de aan de Stichting opgedragen taak;
d. samenwerking met of overdracht aan een derde dan wel de beëindiging ervan, van taken verband houdende met de inning, het beheer en de verdeling van vergoedingen.
N.B.2: Een besluit als bedoeld onder a behoeft voorts de voorafgaande goedkeuring van de Minister van Justitie in overeenstemming met de Minister van OCenW.
6. Bijlagen
a. Overzicht van geraadpleegde wet- en regelgeving
Mediawetgeving
Actor: de Minister van Cultuur:
tot 24-12-1994: de Minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen (OK&W), Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk (CRM) en Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur (WVC);
vanaf 24-12-1994: de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OCenW)
Mediawet
De jaartallen van de begin- en eindcesuren van de perioden hebben betrekking op de Mediawet van
1987, 21 april, Stb. 249 (in werking getreden (iwg): 1-1-1988 m.u.v. enkele artikelen.)
zoals gewijzigd bij wet van
1988, 26 oktober, Stb. 520
1990, 13 december, Stb. 17
1991, 18 december, Stb. 769
1992, 4 juni, Stb. 422
1994, 28 april, Stb. 385.
Bij beschikking van 1 juni 1994, Stb. 386, is de tekst van de Mediawet opnieuw in z’n geheel gepubliceerd.
1994, 21 en 23 december, Stb. 945 resp. 946 (iwg: 1-1-1995 resp. 30-12-1994)
1995, 18 mei, Stb. 320 (iwg: 1-7-1995)
1995, 26 oktober, Stb. 539 (Instellingswet Raad voor Cultuur, opheffing Mediaraad)(iwg: 22-11-1995)
1996, 4 april, Stb. 219 (iwg: 24-4-1996; ged. mtk 1-1-1996)
1996, 19 december, Stb. 648 (iwg: 24-12-1996 –
1997, 5 juli, Stb. 336 (iwg: 1-9-1997 –
1997, 13 november, Stb. 544 (iwg: 1–2-1998 / 1-1-1999)
1999, 4 maart, Stb. 146 (iwg. 1-5-1999)
1999, 22 december, Stb. 573 (iwg. 1-1–2000).
Voorts
het Mediabesluit van
1987, 19 november, Stb. 573 (iwg.
zoals gewijzigd bij besluit (voor zover hier van invloed op de handelingenlijst) van
1990, 8 november, Stb. 570
1991, 9 juli, Stb. 382
1992, 22 juni, Stb. 334
1994, 19 december, Stb. 914
1996, 14 november,Stb. 589
1997, 22 april, Stb. 195
1998, 29 april, Stb. 274
1999, 20 februari, Stb. 104
(1999, 7 december, Stb. 545: laatste wijziging)
Telegraaf- en telefoonwet (11-1-1904, Stb. 7)
Zie wetswijziging (Stb. 1969, 468) art. I E, H en art. II
Vervangen door de Omroepwet (Stb. 1967, 176) voor zover betrekking hebbende op de voorbereiding, samenstelling en uitvoering van voor het publiek bestemde radio- en televisieprogramma’s (art. 3ter en quater).
Tijdelijk Telegraaf-, telefoon- en Radiobesluit (17-9-1944, Stb. E188)
Vervangen door de Omroepwet (Stb. 1967, 176) voor zover betrekking hebbende op de voorbereiding, samenstelling en uitvoering van voor het publiek bestemde radio- en televisieprogramma’s.
Radiobesluit (11-11-1965, Stb. 484)
Tijdelijke regeling van het radiobestel.
(Grondslag: Telegraaf- en telefoonwet 1904 en Tijdelijk telegraaf-, telefoon- en radiobesluit).
De vier omroeporganisaties hebben de Stichting Nederlandse Radio Unie in het leven geroepen. Bij dit besluit worden aan deze Stichting bevoegdheden toegekend en taken opgedragen in de uitvoering van het radiobeleid.
Televisiebesluit (25-12-1955, Stb. 579)
Regeling van het televisiebestel.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)