← Geldende tekst · Geschiedenis

Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 3 juni 2008, nr. HO&S/CBV/2008/5214, houdende vaststelling van nadere regels vanwege financiering in het hoger onderwijs (Regeling financiën hoger onderwijs)

Geldende tekst a fecha 2014-02-26

Handelende in overeenstemming met de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;

Gelet op de artikelen 4.9, vierde lid, 4.10, 4.17, derde lid, 4.19, 4.20, vierde lid, 4.23, eerste en tweede lid, 4,25, vierde lid, 4.26, vijfde lid en 4.27, eerste lid van het Uitvoeringsbesluit WHW 2008, artikel 7 van het Besluit decentralisatie arbeidsvoorwaardenvorming academische ziekenhuizen en de artikelen 3.3, tweede lid, 7.43, vierde lid, 7.50, tweede lid, 7.51, zevende lid en 7.52, vijfde lid van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;

Besluit:

Paragraaf 1. Algemene bepalingen

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Paragraaf 2. Onderwijs

Artikel 2. Factoren onderwijs
1.

De factoren, bedoeld in artikel 4.10, tweede lid, van het besluit zijn voor bacheloropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs gelijk aan de factoren, bedoeld in artikel 4.20, derde lid van het besluit.

2.

De factoren, bedoeld in artikel 4.10, tweede lid, van het besluit zijn voor bacheloropleidingen in het hoger beroepsonderwijs:

3.

De factoren bedoeld in artikel 4.10, tweede lid van het besluit zijn voor masteropleidingen gelijk aan die voor bacheloropleidingen.

Artikel 3. Onderwijsopslag
1.

De onderwijsopslag van een universiteit, bedoeld in artikel 4.11 van het besluit, bestaat uit:

2.

De onderwijsopslag van een hogeschool, bedoeld in artikel 4.11 van het besluit, bestaat uit:

Paragraaf 3. Onderzoek

Artikel 4. Bedragen onderzoek
1.

De bedragen bedoeld in artikel 4.23, eerste lid, van het besluit, worden vastgesteld overeenkomstig bijlage 5 bij deze regeling.

2.

De verdeling bedoeld in artikel 4.23, tweede lid, van het besluit, wordt vastgesteld overeenkomstig bijlage 6 bij deze regeling.

3.

De bedragen bedoeld in artikel 4.24, eerste lid, van het besluit, worden vastgesteld overeenkomstig bijlage 9 van deze regeling.

4.

Het bedrag, bedoeld in artikel 4.21, eerste lid, van het besluit is € 95.434.

5.

Het bedrag, bedoeld in artikel 4.21, tweede lid, van het besluit is € 79.529.

Paragraaf 4. Academische ziekenhuizen

Artikel 5. Rentepercentage

Het rentepercentage bedoeld in artikel 4.27, tweede lid, van het besluit is 5%.

Artikel 6. Bedragen en percentages academische ziekenhuizen
1.

Het bedrag, bedoeld in artikel 4.27, derde lid, onderdeel c, van het besluit, wordt vastgesteld overeenkomstig bijlage 7 bij deze regeling, onder de noemer bedragen.

2.

De percentages, bedoeld in artikel 4.27, vierde lid, van het besluit, zijn opgenomen in bijlage 7 bij deze regeling, onder de noemer percentages.

3.

De investeringsbedragen, bedoeld in artikel 4.27, eerste lid, onderdeel a, van het besluit, zijn opgenomen in bijlage 8 bij deze regeling.

Artikel 7. Toelage raad van toezicht academische ziekenhuizen

Vervallen

Paragraaf 5. Collegegeld

Artikel 8. Consumentenprijsindex

Vervallen

Artikel 9. Vaststelling collegegeld
1.

Het volledig wettelijk collegegeld volgens het basistarief, bedoeld in artikel 18.78, tweede lid juncto het vierde lid, van de wet bedraagt voor het studiejaar 2012–2013 € 1.771.

2.

Het volledig wettelijk collegegeld volgens het verhoogd tarief, bedoeld in artikel 18.78, derde lid juncto het vierde lid, van de wet bedraagt voor het studiejaar 2012–2013 € 4.834.

3.

Het minimumbedrag van het gedeeltelijk wettelijk collegegeld volgens het basistarief, bedoeld in artikel 18.79, tweede lid juncto het zesde lid, van de wet bedraagt voor het studiejaar 2012–2013 € 1.003.

4.

Het maximumbedrag van het gedeeltelijk wettelijk collegegeld volgens het basistarief, bedoeld in artikel 18.79, derde lid juncto het zesde lid, van de wet is overeenkomstig het bepaalde eerste lid.

5.

Het minimumbedrag van het gedeeltelijk wettelijk collegegeld volgens het verhoogd tarief, bedoeld in artikel 18.79, vierde lid juncto het zesde lid, van de wet bedraagt voor het studiejaar 2012–2013 € 4.066.

6.

Het maximumbedrag van het gedeeltelijk wettelijk collegegeld volgens het verhoogd tarief, bedoeld in artikel 18.79, vijfde lid juncto het zesde lid, van de wet is overeenkomstig het bepaalde tweede lid.

Paragraaf 6. Financiële ondersteuning en toelagen

Artikel 10. Organisaties
1.

Studentenorganisaties als bedoeld in artikel 3.3, tweede lid van de wet, zijn voor de werking van deze regeling Interstedelijk Studenten Overleg en Landelijke Studenten Vakbond, beide te Utrecht.

2.

Organisaties kunnen tussen 1 april en 1 juni voorafgaande aan het desbetreffende studiejaar een verzoek indienen bij de Minister om te worden aangewezen als politieke jongerenorganisatie of een landelijke organisatie als bedoeld in artikel 7.51, zesde lid van de wet. Bij dat verzoek dienen te worden bijgevoegd:

3.

Een organisatie, genoemd in het tweede lid, die aansluitend op een eerdere toekenning een verzoek indient, informeert de Minister slechts over wijzigingen in de desbetreffende bescheiden.

4.

De Minister stelt de organisatie, bedoeld in het tweede lid uiterlijk op 15 juli voorafgaande aan het desbetreffende studiejaar in kennis van zijn beslissing.

Artikel 11. Vertegenwoordigers
1.

Het bestuur van een organisatie, bedoeld in artikel 10, wijst de vertegenwoordiger of vertegenwoordigers aan die voor de financiële ondersteuning tijdens een studiejaar in aanmerking komen. Van die aanwijzing doet dat bestuur mededeling aan de Minister vóór 1 november van het desbetreffende studiejaar.

2.

Financiële ondersteuning wordt gegeven tot ten hoogste het bedrag voor het gehele studiejaar voor vijf vertegenwoordigers van een organisatie, bedoeld in artikel 10, eerste lid, en voor een vertegenwoordiger van maximaal veertig organisaties bedoeld in artikel 10, tweede lid.

3.

Indien is voldaan aan het bepaalde in het eerste lid en financiële ondersteuning wordt toegekend, maakt de Minister deze beslissing aan de desbetreffende organisaties bekend en zendt van die bekendmaking een afschrift aan de vertegenwoordiger.

4.

Het bestuur van een organisatie kan, in afwijking van het eerste lid, tussentijds de aanwijzing van een vertegenwoordiger intrekken. Van deze intrekking maakt het bestuur melding aan de Minister.

5.

Na een intrekking als bedoeld in het vierde lid, kan het bestuur van een organisatie in plaats van de vertegenwoordiger van wie de aanwijzing is ingetrokken, een nieuwe vertegenwoordiger aanwijzen. De aanwijzing van de nieuwe vertegenwoordiger geldt voor het resterende gedeelte van het desbetreffende studiejaar.

Artikel 12. Aanspraak
1.

De vertegenwoordiger heeft, behoudens het tweede lid, gedurende het tijdvak waarvoor de in artikel 11 bedoelde aanwijzing geldt, aanspraak op financiële ondersteuning.

2.

Indien het bestuur van een organisatie na intrekking van de eerste aanwijzing een andere vertegenwoordiger aanwijst, heeft deze met ingang van de eerste volle maand na zijn aanwijzing aanspraak op financiële ondersteuning.

Artikel 13. Hoogte van de aanspraak
1.

De financiële ondersteuning is gelijk 115% van het brutominimumloon voor een werknemer van 23 jaar of ouder bij een volledig dienstverband per maand.

2.

De toekenning van de financiële ondersteuning vindt plaats per maand.

Artikel 14. Wijze van verstrekking
1.

Het instellingsbestuur verstrekt de gegevens, bedoeld in artikel 7.52, tweede lid en vijfde lid, van de wet, tezamen met het persoonsgebonden nummer op elektronische wijze aan de Minister.

2.

Het instellingsbestuur verstrekt de gegevens overeenkomstig de specificatie als opgenomen in bijlage 10.

3.

Indien een gemeente de gegevens, bedoeld in artikel 7.52, tweede lid, onder a., en het vijfde lid, van de wet, niet aan de minister verstrekt, verzoekt de Minister het instellingsbestuur deze gegevens te verstrekken.

4.

Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing betreffende de gegevens, bedoeld in artikel 7.52, tweede lid, onder b., van de wet, indien deze al zijn opgenomen in het basisregister onderwijs. Indien deze gegevens nog niet zijn opgenomen in het basisregister onderwijs verzoekt de Minister het instellingsbestuur deze gegevens te verstrekken.

5.

De verstrekking van gegevens, bedoeld in artikel 7.52, tweede lid, onder c., f. tot en met i. van de wet is niet van toepassing op Open Universiteit.

Artikel 14a. Toelage raad van toezicht

Vervallen

Paragraaf 7. Centraal register inschrijvingen hoger onderwijs

Artikel 15. Tijdstip van melding
1.

Het instellingsbestuur draagt er zorg voor dat alle op de inschrijving betrekking hebbende gegevens of mutaties uiterlijk binnen 8 weken na het besluit inzake de inschrijving, bedoeld in artikel 7.32, van de wet, of wijziging van deze gegevens, aan de Minister zijn gemeld, onverminderd het bepaalde in artikel 4.3 van het besluit.

2.

Het instellingsbestuur draagt er zorg voor dat alle op het afsluitende examen betrekking hebbende gegevens daarop uiterlijk binnen 8 weken nadat de examencommissie, conform artikel 7.12, van de wet, heeft vastgesteld dat het examen met succes is afgerond aan Onze Minister zijn gemeld, onverminderd het bepaalde in artikel 4.3 van het besluit.

Artikel 16. Gebruik van gegevens uit het basisregister onderwijs door Minister en Inspectie
1.

Uit het basisregister onderwijs verstrekt de Minister voor iedere universiteit en hogeschool afzonderlijk aan de Minister en de Inspectie de gegevens, bedoeld in artikel 7.52, tweede lid, van de wet, met uitzondering van de persoonsgebonden nummers, de geslachtsnamen, de voornamen en de geboortedata van de studenten.

2.

Bij de verstrekking, bedoeld in het eerste lid, vervangt de Minister elk persoonsgebonden nummer door een ander nummer of een code op een zodanige wijze dat de student of extranei niet geïdentificeerd of identificeerbaar is.

Artikel 17. Beheer

Vervallen

Paragraaf 8. Slotbepalingen

Artikel 18. Intrekking andere regelingen

Vervallen

Artikel 19. Inwerkingtreding
1.

Deze regeling treedt, met uitzondering van artikel 13, eerste lid, artikel 18, onderdelen d en f, en bijlage 10, onderdelen g, voor zover het betreft de vermelding van de Duitse bondsstaat, q, r en w, in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en werkt, met uitzondering van artikel 5, eerste lid, terug tot en met 1 januari 2008.

2.

Artikel 5, eerste lid, werkt terug tot en met 1 januari 2007.

3.

Artikel 13, eerste lid treedt in werking met ingang van 1 september 2008.

4.

Artikel 18, onderdelen d en f, treedt in werking met ingang van 1 september 2008.

5.

Bijlage 10, onderdelen g, voor zover het betreft de vermelding van de Duitse bondsstaat, q, r en w, treedt in werking met ingang van 1 oktober 2009.

Artikel 20. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling financiën hoger onderwijs.

Bijlage 1. bij artikel 3, eerste lid, onderdeel a, van de Regeling

Universiteit Universiteit kwaliteit kwetsbare opleidingen bijzondere voorzieningen totaalbedrag
00DV Protestantse Theologische Universiteit € 272.550 € 272.550
21PB Universiteit Leiden € 2.657.663 € 2.961.569 € 5.619.232
21PC Rijksuniversiteit Groningen € 3.537.295 € 1.042.951 € 4.580.246
21PD Universiteit Utrecht € 5.764.073 € 1.296.697 € 7.060.770
21PE Erasmus Universiteit Rotterdam € 291.927 € 8.979.657 € 9.271.584
21PF Technische Universiteit Delft € 5.677.464 € 10.665.872 € 16.343.336
21PG Technische Universiteit Eindhoven € 3.034.739 € 252.198 € 3.286.937
21PH Universiteit Twente € 3.157.655 € 14.793.606 € 17.951.261
21PJ Universiteit Maastricht € 1.014.577 € 3.063.586 € 4.078.163
21PK Universiteit van Amsterdam € 3.446.425 € 3.574.103 € 7.020.528
21PL Vrije Universiteit Amsterdam € 1.772.993 € 2.355.441 € 4.128.434
21PM Radboud Universiteit Nijmegen € 2.780.128 € 1.135.016 € 3.915.144
21PN Universiteit van Tilburg € 410.747 € 352.430 € 763.177
21QO Theologische Universiteit Apeldoorn
22NC Open Universiteit € 377.969 € 377.969
23BF Universiteit voor Humanistiek
25AV Theologische Universiteit Kampen
€ 33.923.655 € 50.745.676 € 84.669.331
Universiteit Universiteit kwaliteit kwetsbare opleidingen bijzondere voorzieningen totaalbedrag
--- --- --- --- --- ---
21PI Wageningen University € 15.000 € 726.840 € 741.840

Bijlage 2. bij artikel 3, eerste lid, onderdeel b, van de Regeling

universiteit universiteit percentage
00DV Protestantse Theologische Universiteit 0,86580%
21PB Universiteit Leiden 9,71574%
21PC Rijksuniversiteit Groningen 9,12568%
21PD Universiteit Utrecht 12,37723%
21PE Erasmus Universiteit Rotterdam 6,97834%
21PF Technische Universiteit Delft 7,97546%
21PG Technische Universiteit Eindhoven 4,98686%
21PH Universiteit Twente 5,29008%
21PJ Universiteit Maastricht 5,35656%
21PK Universiteit van Amsterdam 12,76314%
21PL Vrije Universiteit Amsterdam 7,28442%
21PM Radboud Universiteit Nijmegen 8,52506%
21PN Universiteit van Tilburg 3,98001%
21QO Theologische Universiteit Apeldoorn 0,11567%
22NC Open Universiteit 4,32280%
23BF Universiteit voor Humanistiek 0,23143%
25AV Theologische Universiteit Kampen 0,10572%
universiteit universiteit percentage
--- --- ---
21PI Wageningen University 100,00000%

Bijlage 3. bij artikel 3, tweede lid, onderdeel a, van de Regeling

hogeschool hogeschool kwaliteit kwetsbare opleidingen bijzondere voorzieningen totaalbedrag
00IC Katholieke PABO Zwolle € 97.869 € 97.869
00MF HKU € 18.345 € 181.642 € 184.454 € 384.441
01VU Christelijke Hogeschool Windesheim € 123.723 € 165.416 € 88.927 € 378.066
02BY Gerrit Rietveld Academie € 3.863 € 396.593 € 413.865 € 814.321
02NR Hotelschool Den Haag € 8.776 € 64.415 € 73.191
02NT The Design Academy Eindhoven € 3.226 € 179.364 € 151.291 € 333.881
07GR Avans Hogeschool € 135.733 € 249.594 € 166.710 € 552.037
08OK Hogeschool De Kempel € 108.421 € 108.421
09OT Iselinge Hogeschool € 68.419 € 68.419
10IZ PC Hogeschool Marnix Academie € 161.185 € 161.185
14NI Codarts, Hs voor Muziek en Dans Rotterdam € 3.980 € 312.392 € 245.978 € 562.350
15BK Christelijke Hogeschool De Driestar € 166.888 € 4.579 € 171.467
21MI HZ € 19.945 € 74.923 € 237.286 € 332.154
21QA Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten € 11.026 € 307.634 € 475.528 € 794.188
21RI Hogeschool Leiden € 37.234 € 184.771 € 236.404 € 458.409
21UG Hs Interconfessionele PABO € 127.073 € 230.916 € 357.989
21UI NHTV internationaal hoger onderwijs Breda € 35.039 € 118.865 € 153.904
21WN NHL Hogeschool € 88.863 € 104.431 € 231.922 € 425.216
22EX Stenden Hogescholen € 40.361 € 170.511 € 670.574 € 881.446
22HH Gereformeerde Hogeschool € 4.512 € 87.561 € 94.971 € 187.044
22OJ Hogeschool Rotterdam € 184.748 € 707.250 € 493.738 € 1.385.736
23AH Saxion Hogescholen € 107.468 € 215.009 € 623.622 € 946.099
23KJ Hogeschool der Kunsten Den Haag € 7.182 € 287.123 € 517.995 € 812.300
25BA Christelijke Hogeschool Ede € 16.886 € 95.537 € 724.042 € 836.465
25BE Hanzehogeschool Groningen € 113.785 € 569.351 € 377.689 € 1.060.825
25DW Hogeschool Utrecht € 135.789 € 760.401 € 715.303 € 1.611.493
25JX Hogeschool Zuyd € 123.439 € 663.119 € 326.613 € 1.113.171
25KB Hogeschool van Arnhem en Nijmegen € 128.186 € 545.705 € 532.804 € 1.206.695
27NF ArtEZ Hogeschool € 11.576 € 494.930 € 203.885 € 710.391
27PZ Hogeschool INHolland € 111.294 € 577.393 € 915.142 € 1.603.829
27UM De Haagse Hogeschool € 151.562 € 103.513 € 736.847 € 991.922
28DN Hogeschool van Amsterdam € 196.863 € 164.557 € 594.909 € 956.329
30GB Fontys Hogescholen € 150.351 € 806.732 € 748.714 € 1.705.797
30VP Thomas More Hogeschool € 174.430 € 174.430
Totaal € 1.973.755 € 9.309.737 € 11.127.988 € 22.411.480
hogeschool hogeschool kwaliteit kwetsbare opleidingen bijzondere voorzieningen totaalbedrag
--- --- --- --- --- ---
21CW Hogeschool HAS Den Bosch € 12.831 € 3.231.864 € 3.244.695
27PZ Hogeschool INHolland € 2.917 € 829.130 € 832.047
30HD Hogeschool Van Hall Larenstein € 18.746 € 3.663.927 € 3.682.673
30TX Vilentum Hogeschool € 8.591 € 13.614 € 2.697.282 € 2.719.487
Totaal € 43.085 € 13.614 € 10.422.203 € 10.478.902

Bijlage 4. bij artikel 3, tweede lid, onderdeel b, van de Regeling

hogeschool hogeschool percentage
00IC Katholieke PABO Zwolle 0,16030%
00MF HKU 4,70070%
01VU Christelijke Hogeschool Windesheim 1,71927%
02BY Gerrit Rietveld Academie 1,58316%
02NR Hotelschool Den Haag 0,25015%
02NT The Design Academy Eindhoven 0,67827%
07GR Avans Hogeschool 2,68837%
08OK Hogeschool De Kempel 0,26269%
09OT Iselinge Hogeschool 0,18602%
10IZ Protestants Christelijke Hogeschool Marnix Academie 0,39964%
14NI Codarts, Hogeschool voor Muziek en Dans Rotterdam 4,25175%
15BK Christelijke Hogeschool De Driestar 0,33128%
21MI HZ 0,92263%
21QA Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten 10,85912%
21RI Hogeschool Leiden 1,42015%
21UG Hs Interconfessionele PABO Amsterdam/Alkmaar 0,42202%
21UI NHTV internationaal hoger onderwijs Breda 0,44967%
21WN NHL Hogeschool 2,15036%
22EX Stenden Hogescholen 1,98570%
22HH Gereformeerde Hogeschool 0,21456%
22OJ Hogeschool Rotterdam 4,88917%
23AH Saxion Hogescholen 3,25091%
23KJ Hogeschool der Kunsten Den Haag 5,38523%
25BA Christelijke Hogeschool Ede 0,29304%
25BE Hanzehogeschool Groningen 6,04621%
25DW Hogeschool Utrecht 4,23139%
25JX Hogeschool Zuyd 5,78910%
25KB Hogeschool van Arnhem en Nijmegen 4,31835%
27NF ArtEZ Hogeschool 7,55778%
27PZ Hogeschool INHolland 6,91040%
27UM De Haagse Hogeschool 2,59567%
28DN Hogeschool van Amsterdam 3,66429%
30GB Fontys Hogescholen 9,32418%
30VP Thomas More Hogeschool 0,10847%
hogeschool hogeschool percentage
--- --- ---
21CW Hogeschool HAS Den Bosch 20,90739%
27PZ Hogeschool INHolland 5,21712%
30HD Hogeschool Van Hall Larenstein 49,89022%
30TX Vilentum Hogeschool 23,98527%

Bijlage 5. bij artikel 4, eerste lid, van de Regeling

universiteit universiteit bedrag
00DV Protestantse Theologische Universiteit
21PB Universiteit Leiden € 13.310.203
21PC Rijksuniversiteit Groningen € 5.657.070
21PD Universiteit Utrecht € 16.592.877
21PE Erasmus Universiteit Rotterdam € 3.801.270
21PF Technische Universiteit Delft € 9.182.286
21PG Technische Universiteit Eindhoven € 4.228.136
21PH Universiteit Twente € 8.003.552
21PJ Universiteit Maastricht € 190.843
21PK Universiteit van Amsterdam € 6.525.730
21PL Vrije Universiteit Amsterdam € 1.190.607
21PM Radboud Universiteit Nijmegen € 12.846.689
21PN Universiteit van Tilburg
21QO Theologische Universiteit Apeldoorn
22NC Open Universiteit
23BF Universiteit voor Humanistiek
25AV Theologische Universiteit Kampen
Totaal € 81.529.263
universiteit universiteit bedrag
--- --- ---
21PI Wageningen University € 2.277.659

Bijlage 6. bij artikel 4, tweede lid, van de Regeling

universiteit universiteit Percentage
00DV Protestantse Theologische Universiteit 0,29025%
21PB Universiteit Leiden 8,45489%
21PC Rijksuniversiteit Groningen 8,67729%
21PD Universiteit Utrecht 12,27935%
21PE Erasmus Universiteit Rotterdam 5,20318%
21PF Technische Universiteit Delft 16,32514%
21PG Technische Universiteit Eindhoven 7,70196%
21PH Universiteit Twente 6,53046%
21PJ Universiteit Maastricht 4,70515%
21PK Universiteit van Amsterdam 10,62218%
21PL Vrije Universiteit Amsterdam 7,70759%
21PM Radboud Universiteit Nijmegen 7,44800%
21PN Universiteit van Tilburg 2,77500%
21QO Theologische Universiteit Apeldoorn 0,01685%
22NC Open Universiteit 1,11237%
23BF Universiteit voor Humanistiek 0,14228%
25AV Theologische Universiteit Kampen 0,00806%
Totaal 100,00000%
universiteit universiteit bedrag
--- --- ---
21PI Wageningen University 100,00000%

Bijlage 7. bij artikel 6, van de Regeling

universiteit universiteit bedrag percentage
21PB Universiteit Leiden 12,48621%
21PC Rijksuniversiteit Groningen € 494.895 12,74455%
21PD Universiteit Utrecht 13,67214%
21PE Erasmus Universiteit Rotterdam 13,20988%
21PJ Universiteit Maastricht € 320.809 9,07152%
21PK Universiteit van Amsterdam 16,90025%
21PL Vrije Universiteit Amsterdam € 110.179 10,93124%
21PM Radboud Universiteit Nijmegen € 91.634 10,98421%
Totaal € 1.017.517 100,00000%

Bijlage 8. bij artikel 6, van de Regeling

universiteit universiteit 2000 2008 2009 2010 2011
21PB Universiteit Leiden € 78.408.876 € 4.741.483 € 5.566.058 € 5.713.494 € 7.598.710
21PC Rijksuniversiteit Groningen € 100.416.450 € 6.434.870 € 7.074.615 € 7.271.719 € 7.469.039
21PD Universiteit Utrecht € 94.028.801 € 9.144.289 € 8.531.154 € 8.778.004 € 9.025.089
21PE Erasmus Universiteit Rotterdam € 134.810.505 € 13.911.824 € 14.591.394 € 15.010.906 € 15.456.762
21PJ Universiteit Maastricht € 54.292.304 € 3.074.148 € 4.915.817 € 5.064.233 € 3.501.112
21PK Universiteit van Amsterdam € 78.618.899 € 9.144.289 € 8.531.154 € 8.778.004 € 9.025.089
21PL Vrije Universiteit Amsterdam € 64.656.533 € 5.835.671 € 6.112.260 € 6.284.843 € 6.457.607
21PM Radboud Universiteit Nijmegen € 161.862.435 € 11.827.655 € 12.510.625 € 12.855.360 € 13.226.423
universiteit universiteit 2012 2013 2014 2015 2016
--- --- --- --- --- --- ---
21PB Universiteit Leiden € 6.060.720 € 6.025.500 € 8.129.295 € 8.373.174 € 8.624.369
21PC Rijksuniversiteit Groningen € 7.692.453 € 7.647.750 € 19.185.583 € 19.761.150 € 20.353.985
21PD Universiteit Utrecht € 9.272.384 € 9.218.500 € 12.221.926 € 12.588.584 € 12.966.241
21PE Erasmus Universiteit Rotterdam € 15.902.916 € 15.810.500 € 3.946.142 € 4.064.526 € 4.186.462
21PJ Universiteit Maastricht € 5.361.407 € 5.330.250 € 9.554.978 € 9.841.627 € 10.136.876
21PK Universiteit van Amsterdam € 9.272.384 € 9.218.500 € 8.112.969 € 8.356.358 € 8.607.048
21PL Vrije Universiteit Amsterdam € 6.630.532 € 6.592.000 € 10.712.669 € 11.034.049 € 11.365.070
21PM Radboud Universiteit Nijmegen € 13.597.770 € 13.518.750 € 3.699.042 € 3.810.013 € 3.924.314
universiteit universiteit 2017 2018 2019 2020 2021
--- --- --- --- --- --- ---
21PB Universiteit Leiden € 8.883.100 € 9.149.593 € 13.766.975 € 14.179.984 € 14.605.384
21PC Rijksuniversiteit Groningen € 20.964.605 € 21.593.543 € 4.800.906 € 4.944.933 € 5.093.281
21PD Universiteit Utrecht € 13.355.228 € 13.755.885 € 12.295.484 € 12.664.348 € 13.044.279
21PE Erasmus Universiteit Rotterdam € 4.312.056 € 4.441.417 € 10.436.088 € 10.749.171 € 11.071.646
21PJ Universiteit Maastricht € 10.440.982 € 10.754.212 € 6.849.292 € 7.054.771 € 7.266.414
21PK Universiteit van Amsterdam € 8.865.260 € 9.131.218 € 27.650.616 € 28.480.135 € 29.334.539
21PL Vrije Universiteit Amsterdam € 11.706.022 € 12.057.203 € 3.640.397 € 3.749.609 € 3.862.097
21PM Radboud Universiteit Nijmegen € 4.042.043 € 4.163.304 € 8.158.008 € 8.402.748 € 8.654.831
universiteit universiteit 2022 2023
--- --- --- ---
21PB Universiteit Leiden € 15.043.545 € 15.494.851
21PC Rijksuniversiteit Groningen € 5.246.080 € 5.403.462
21PD Universiteit Utrecht € 13.435.607 € 13.838.675
21PE Erasmus Universiteit Rotterdam € 11.403.795 € 11.745.909
21PJ Universiteit Maastricht € 7.484.406 € 7.708.939
21PK Universiteit van Amsterdam € 30.214.575 € 31.121.012
21PL Vrije Universiteit Amsterdam € 3.977.960 € 4.097.298
21PM Radboud Universiteit Nijmegen € 8.914.476 € 9.181.910

Bijlage 9. bij artikel 4, derde lid, van de Regeling

hogeschool hogeschool bedrag
00IC Katholieke PABO Zwolle € 43.065
00MF HKU € 19.530
01VU Christelijke Hogeschool Windesheim € 249.234
02BY Gerrit Rietveld Academie
02NR Hotelschool Den Haag
02NT The Design Academy Eindhoven
07GR Avans Hogeschool € 35.053
08OK Hogeschool De Kempel € 49.217
09OT Iselinge Hogeschool € 25.896
10IZ Protestants Christelijke Hogeschool Marnix Academie € 82.482
14NI Codarts, Hogeschool voor Muziek en Dans Rotterdam € 9.228
15BK Christelijke Hogeschool De Driestar € 70.678
21MI HZ € 29.688
21QA Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten € 27.399
21RI Hogeschool Leiden € 111.311
21UG Hs Interconfessionele PABO Amsterdam/Alkmaar € 60.091
21UI NHTV internationaal hoger onderwijs Breda
21WN NHL Hogeschool € 126.763
22EX Stenden Hogescholen € 86.631
22HH Gereformeerde Hogeschool € 37.056
22OJ Hogeschool Rotterdam € 207.170
23AH Saxion Hogescholen € 75.400
23KJ Hogeschool der Kunsten Den Haag € 1.860
25BA Christelijke Hogeschool Ede € 46.356
25BE Hanzehogeschool Groningen € 94.357
25DW Hogeschool Utrecht € 313.331
25JX Hogeschool Zuyd € 29.616
25KB Hogeschool van Arnhem en Nijmegen € 260.250
27NF ArtEZ Hogeschool € 40.847
27PZ Hogeschool INHolland € 165.607
27UM De Haagse Hogeschool € 86.416
28DN Hogeschool van Amsterdam € 270.122
30GB Fontys Hogescholen € 508.697
30VP Thomas More Hogeschool
Totaal € 3.163.351
hogeschool hogeschool bedrag
--- --- ---
21CW Hogeschool HAS Den Bosch
27PZ Hogeschool INHolland
30HD Hogeschool Van Hall Larenstein
30TX Vilentum Hogeschool € 62.615
Totaal € 62.615

Bijlage 10. bij artikel 4, zesde en zevende lid

Vervallen

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Bijlage 10. bij artikel 4, zesde en zevende lid

Vervallen

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Bijlage 11. bij artikel 4, zesde lid

Hogeschool Hogeschool bedrag
00BH Saxion Hogeschool IJselland € 36.928
00IC Katholieke PABO Zwolle € 34.987
00MF Hogeschool voor de Kunsten Utrecht € 15.581
01VU Christelijke Hogeschool Windesheim € 260.601
02BY Gerrit Rietveld Academie
02NR Hotelschool Den Haag
02NT Design Academy Eindhoven
04CS Hogeschool Helicon € 15.026
07GR Avans Hogeschool Breda/Tilburg € 38.425
08OK Hogeschool De Kempel € 48.461
08YJ Hogeschool Edith Stein € 55.891
09OR Hogeschool Domstad € 48.294
09OT Iselinge Hogeschool € 27.446
10IZ Marnix Academie € 63.265
10KK Fontys PABO Eindhoven € 53.451
14NI Codarts, Hogeschool voor de Kunsten € 6.099
15BK Christelijke Hogeschool Driestar € 62.600
15CL Fontys Hogescholen Eindhoven
17XA Fontys PABO Limburg € 29.165
21IY Stenden Hogeschool (Emmen) € 54.338
21MI Hogeschool Zeeland € 30.385
21QA Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten € 26.005
21QL Avans Hogeschool ’s-Hertogenbosch
21RI Hogeschool Leiden € 78.956
21UG Hogeschool IPABO € 80.010
21UI NHTV internationale hogeschool Breda
21WN NHL Hogeschool € 128.193
21WO Fontys Hogescholen Venlo
22BO Fontys Hogescholen Tilburg € 257.274
22BP Fontys PABO ‘s Hertogenbosch € 26.947
22BQ Fontys Hogescholen Sittard € 40.864
22EX Stenden Hogeschool (Leeuwarden) € 54.227
22HH Gereformeerde Hogeschool voor Beroepsonderwijs € 34.488
22JA Fontys Pedagogisch Technische Hogeschool € 33.213
22OJ Hogeschool Rotterdam € 201.882
23AH Saxion Hogeschool Enschede
23KJ Hogeschool van Beeldende Kunsten, Muziek en Dans Den Haag € 1.830
25BA Christelijke Hogeschool Ede € 47.019
25BE Hanzehogeschool Groningen € 98.917
25DW Hogeschool Utrecht € 260.379
25JX Hogeschool Zuyd € 42.472
25KB Hogeschool van Arnhem en Nijmegen € 251.396
27NF ArtEZ hogeschool € 35.652
27PZ Hogeschool INHolland € 190.183
27UM Haagse Hogeschool € 82.727
28DN Hogeschool van Amsterdam € 255.943
Totaal € 3.109.520
Hogeschool Hogeschool bedrag
--- --- ---
01DZ STOAS Hogeschool € 64.000
01MY CAH Dronten
21CW HAS Den Bosch
22ND Internationale Agrarische Hogeschool Larenstein
24LE Van Hall Instituut
27PZ Hogeschool INHolland
Totaal € 64.000

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Artikel 3a. Historisch bestand hoger onderwijs
1.

Voor de toepassing van artikel 4.3, zesde lid, van het besluit zijn de gegevens uit het CRIHO vastgelegd in het historisch bestand hoger onderwijs onder het kenmerk 620668988284 aan de hand van de door instellingen aan het CRIHO aangeleverde gegevens over de periode 1 september 1991 tot en met 30 september 2008 inzake getuigschriften, graden en inschrijvingen en daarmee gelijkgesteld met bekostigde inschrijvingen en bekostigde graden als bedoeld in het besluit.

2.

Onverminderd het gestelde in artikel 4.3 zevende lid van het besluit zijn de gegevens, die op grond van artikel 4.3 zesde lid van het besluit zijn opgenomen in het historisch bestand hoger onderwijs, bedoeld in het eerste lid, niet meer te wijzigen na 16 april 2010.

Paragraaf 3. Onderzoek

Paragraaf 4. Academische ziekenhuizen

Paragraaf 5. Collegegeld

Paragraaf 6. Financiële ondersteuning en toelagen

Paragraaf 7. Centraal register inschrijvingen hoger onderwijs

Paragraaf 8. Slotbepalingen

Bijlage 12. bij artikel 4, zevende en achtste lid

universiteit universiteit Percentage onderzoekscholen Percentage toponder zoekscholen
21PB Universiteit Leiden 9,153% 7,492%
21PC Rijksuniversiteit Groningen 9,662% 22,104%
21PD Universiteit Utrecht 12,809% 19,408%
21PE Erasmus Universiteit Rotterdam 5,279% 2,908%
21PF Technische Universiteit Delft 14,802% 5,078%
21PG Technische Universiteit Eindhoven 8,000% 22,780%
21PH Universiteit Twente 6,228% 0,00000%
21PJ Universiteit Maastricht 3,814% 0,00000%
21PK Universiteit van Amsterdam 11,851% 12,397%
21PL Vrije Universiteit Amsterdam 8,036% 6,066%
21PM Radboud Universiteit Nijmegen 8,075% 1,767%
21PN Universiteit van Tilburg 2,291% 0,00000%
22NC Open Universiteit 0,00000% 0,00000%
00DV Protestantse Theologische Universiteit 0,00000% 0,00000%
21QO Theologische Universiteit Apeldoorn 0,00000% 0,00000%
23BF Universiteit voor Humanistiek 0,00000% 0,00000%
25AV Theologische Universiteit Kampen 0,00000% 0,00000%

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Paragraaf 7. Persoonsgebonden nummer in het hoger onderwijs

Paragraaf 8. Slotbepalingen