Beschikking van de Minister van Justitie van 19 juni 2008, nr. 5551529/08/DSP, houdende verlening van een vergunning tot het organiseren van een totalisator

Type ZBO-regeling
Publication 2011-07-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Overwegende dat de geldigheidsduur van de Beschikking Totalisator 2005 op 30 juni 2008 verstrijkt;

Gelezen het verzoek van Scientific Games Racing B.V. van 18 oktober 2007 haar opnieuw vergunning te verlenen tot het organiseren van een totalisator;

Gelet op de artikelen 23, 24, 25 en 34 van de Wet op de kansspelen;

Gehoord het advies van het College van toezicht op de kansspelen van 22 november 2007, nr. C.949/07;

Besluit:

Artikel 1

In deze beschikking wordt verstaan onder:

Artikel 2
1.

Aan de vennootschap wordt voor de duur van vijf jaren, te rekenen vanaf 1 juli 2008 tot en met 30 juni 2013 vergunning verleend tot het organiseren van een totalisator.

2.

De vergunning wordt verleend onder de voorwaarde dat Sportech Plc, gevestigd in Londen, UK of een 100%-dochter vennootschap van Sportech Plc enig aandeelhouder van de vennootschap is. Sportech Plc is gehouden in te staan voor de nakoming van alle verplichtingen van de vennootschap onder de vergunning.

3.

Aan de in het eerste lid bedoelde vergunning worden de in artikel 3 tot en met artikel 22 vervatte voorschriften verbonden, die zonodig kunnen worden gewijzigd of aangevuld.

Artikel 3
1.

Het is de vennootschap toegestaan een totalisator te organiseren:

2.

De Minister kan, de NDR gehoord, regels stellen betreffende de jurering en de dopingcontrole op de banen. Het is de vennootschap niet toegestaan de totalisator te organiseren op banen waar jurering en dopingcontrole niet overeenkomstig die regels plaatsvinden.

3.

De Minister kan een andere rechtspersoon dan de NDR aanwijzen voor de toepassing van dit artikel.

Artikel 4
1.

Het is de vennootschap toegestaan weddenschappen af te sluiten:

2.

Het is de vennootschap voorts toegestaan weddenschappen af te sluiten langs direct elektronische weg.

Artikel 5
1.

De totalisator wordt georganiseerd met inachtneming van de vergunningvoorschriften, de statuten en reglementen van de vennootschap.

2.

De statuten en reglementen van de vennootschap, alsmede wijziging daarvan, behoeven de voorafgaande toestemming van de Minister.

3.

De reglementen behelzen in ieder geval bepalingen inzake de deelnemingsvoorwaarden, de soorten van weddenschappen en de wijze waarop de weddenschappen worden afgesloten, alsmede de regels die door bezoekers van een wedcafé in acht worden genomen.

4.

In alle aankondigingen en voor openbaarmaking of verspreiding bestemde stukken wordt vermeld dat voor het organiseren van een totalisator vergunning is verleend door de Minister, onder aanhaling van datum en kenmerk van deze beschikking.

Artikel 6

De vennootschap houdt van de totale inzet per koers, vóór de verdeling aan de winnaars van de weddenschappen, een bedrag in van 2,5%, van welk bedrag 8% is bestemd voor de Koninklijke Fondsen en 92%, volgens een door de Minister te bepalen verdeelsleutel, ter bevordering van de draf- en rensport in Nederland, volgens een door de Minister te bepalen verdeelsleutel.

Artikel 7

De vennootschap draagt aan de NDR de bedragen af in overeenstemming met de tussen de vennootschap en de NDR gesloten samenwerkingsovereenkomst.

Artikel 8
1.

Binnen vier weken na afloop van enige maand draagt de vennootschap het bedrag, bedoeld in artikel 6, aan de begunstigden af.

2.

Indien het verschil tussen het aan de begunstigden toekomende bedrag volgens de vastgestelde jaarrekening en de op het desbetreffende kalenderjaar betrekking hebbende maandafdrachten ingevolge het eerste lid positief is, draagt de vennootschap het aan de begunstigden toekomende bedrag binnen vier weken na de vaststelling van de jaarrekening aan de begunstigden af.

3.

Indien het verschil, bedoeld in het tweede lid, negatief is, houdt de vennootschap het van de begunstigden te vorderen bedrag in op de afdracht over het eerste kwartaal volgende op het in het tweede lid bedoelde kalenderjaar.

4.

De begunstigden, bedoeld in het eerste lid, verantwoorden jaarlijks aan de vennootschap de rechtmatigheid en doelmatigheid van de besteding van de bedragen, aan hen door de vennootschap afgedragen. De vennootschap doet hierover verslag aan de Minister en het college.

Artikel 9
1.

Bij besluit van de Minister kunnen ambtenaren en andere personen worden aangewezen die zijn belast met het toezicht op de naleving door de vennootschap van het bepaalde bij of krachtens de wet en van haar reglementen.

2.

De toezichthouders beschikken niet over de bevoegdheden, genoemd in de artikelen 5:18 en 5:19 van de Algemene wet bestuursrecht.

Artikel 10

De vennootschap zendt binnen vier weken na het einde van elk kwartaal aan de Minister, het college en de NDR een verslag van de exploitatie van de totalisator, alsmede andere door de Minister noodzakelijk geachte gegevens, over dat kwartaal.

De Minister kan, gehoord het college, aanwijzingen geven omtrent de inrichting van het verslag.

Artikel 11
1.

De vennootschap stelt een jaarrekening en een jaarverslag op welke voldoen aan de eisen gesteld in Boek 2, Titel 9, van het Burgerlijk Wetboek. De Minister kan, gehoord het college, aanwijzingen geven omtrent de inrichting van de jaarrekening en het jaarverslag.

2.

De vennootschap verleent aan een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek opdracht tot onderzoek van de jaarrekening. De uitslag van dit onderzoek wordt weergegeven in een verslag en een verklaring als bedoeld in onderscheidenlijk het vierde en het vijfde lid van artikel 393 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. Het onderzoek dient mede betrekking te hebben op de naleving door de vennootschap van het bepaalde in deze beschikking.

3.

De vennootschap voert een zodanig beheer dat een goedkeurende verklaring, als bedoeld in het tweede lid, kan worden afgegeven.

4.

Binnen vier maanden na afloop van een kalenderjaar zendt de vennootschap de jaarrekening met het verslag en de verklaring, alsmede het jaarverslag aan de Minister, het college en de NDR.

Artikel 12
1.

De vennootschap zorgt voor een doelmatige administratie, organisatie en uitvoering van de krachtens deze vergunning georganiseerde totalisator.

2.

De vennootschap neemt de nodige maatregelen met het oog op de naleving van de aan deze vergunning verbonden voorschriften en de op grond daarvan opgestelde reglementen door de organisaties en personen die op enigerlei wijze bij de administratie, organisatie en uitvoering van de totalisator zijn betrokken.

Artikel 13
1.

Het aantal locaties, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder b, c, e en f, bedraagt in totaal ten hoogste honderd.

2.

Het is de houder van een wedkantoor toegestaan in een wedkantoor een bar of buffet te exploiteren of aan derden te verpachten, waar geen alcoholhoudende drank verkrijgbaar is.

3.

Voor andere dan de in het tweede lid genoemde voorzieningen in een wedkantoor ten behoeve van de bezoeker die geen verband houden met de organisatie van de totalisator is de voorafgaande goedkeuring van de Minister, gehoord het college, nodig, behoudens in geval van nevenactiviteiten van beperkte omvang die het karakter van een wedkantoor niet wijzigen.

Artikel 14
1.

Uitgesloten als locaties, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder b en d, zijn:

2.

De vennootschap stelt de gelegenheid open tot het afsluiten van weddenschappen in een locatie als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder d, tot uiterlijk één uur voor de aanvang van de eerste koers van de koersdag waarop de weddenschap betrekking heeft, behoudens voorzover de mogelijkheid tot het afsluiten van weddenschappen wordt geboden door middel van mechanische, elektrische of elektronische voorzieningen.

Artikel 15
1.

Onverminderd artikel 13, eerste lid, is het de vennootschap toegestaan in ten hoogste twintig wedcafés weddenschappen af te sluiten.

2.

De vennootschap stelt een huisreglement voor wedcafés op, met regels die door bezoekers van een wedcafé in acht worden genomen.

3.

Het huisreglement bevat ten minste regels inzake:

Artikel 16
1.

De vennootschap gaat het ongeoorloofd wedden en het aanbieden of verlenen van bemiddeling tot wedden op de uitslag van de harddraverijen en paardenrennen zoveel mogelijk tegen en verleent daartoe al haar medewerking aan personen, die zijn belast met de opsporing van overtreding van artikel 27 van de wet.

2.

De vennootschap bedingt bij het aangaan van overeenkomsten met werknemers, andere medewerkers of zelfstandige ondernemers dat de betrokken werknemer, andere medewerker of zelfstandige ondernemer gehouden is het bepaalde bij of krachtens de wet in acht te nemen.

3.

Van de bevindingen van de vennootschap betreffende het ongeoorloofd wedden en het aanbieden of verlenen van bemiddeling tot wedden op de uitslag van harddraverijen en paardenrennen, alsmede van de daartegen genomen maatregelen, wordt mededeling gedaan in het jaarverslag.

Artikel 17
1.

Als deelnemers aan de totalisator mogen niet worden toegelaten personen die nog niet de leeftijd van achttien jaren hebben bereikt.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.