Instellingsbesluit Evaluatiecommissie Bureau Financieel Toezicht

Type Ministeriële regeling
Publication 2008-09-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Overwegende dat artikel 113 van de Wet op het notarisambt voorschrijft dat de Minister van Justitie telkens na vier jaar aan de Staten-Generaal een verslag zendt over de doeltreffendheid en de doelmatigheid van het functioneren van het Bureau Financieel Toezicht (BFT), en het laatste verslag bij brief d.d. 9 november 2004 aan de Tweede Kamer is gezonden;

Overwegende dat het takenpakket van het BFT de afgelopen jaren is uitgebreid met het toezicht in het kader van de Gerechtsdeurwaarderswet en de Wet identificatie bij dienstverlening en de Wet melding ongebruikelijke transacties;

Overwegende dat de Gerechtsdeurwaarderswet thans partieel wordt geëvalueerd door de Commissie evaluatie Gerechtsdeurwaarderswet (Commissie Van der Winkel);

Overwegende dat de Commissie evaluatie Wet op het notarisambt (Commissie Hammerstein) aanbevelingen heeft gedaan voor de versterking van het toezicht en het scheiden van toezicht en tuchtrecht, en er voor de uitwerking van deze aanbevelingen thans een wetsvoorstel in voorbereiding is;

Overwegende dat het wenselijk is om thans de organisatorische vraagstukken met betrekking tot het BFT te evalueren en advies in te winnen met het oog op de positionering van het BFT;

Besluit:

Artikel 1

Er is een Evaluatiecommissie Bureau Financieel Toezicht, hierna te noemen Evaluatiecommissie.

Artikel 2
Artikel 3

De commissie zal in ieder geval de Nederlandse Orde van Advocaten, de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie en de Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders in de gelegenheid stellen om hun visie omtrent het toezicht op de betreffende beroepsgroep naar voren te brengen.

Artikel 4

De commissie is als volgt samengesteld:

Artikel 5

De Commissie zal vóór 1 december 2008 haar advies aan de Staatssecretaris van Justitie uitbrengen.

Artikel 6

De leden van de Commissie ontvangen vacatiegelden op basis van het Vacatiegeldenbesluit 1988 en de daarop voor het Ministerie van Justitie geldende bepalingen, waarbij de Commissie als ‘zwaar’ in de zin van het Vacatiegeldenbesluit 1988 wordt aangemerkt. Daarnaast hebben zij recht op vergoeding wegens reis- en verblijfkosten overeenkomstig het Reisbesluit binnenland.

Artikel 7

Het Instellingsbesluit van 4 maart 2008, houdende Instelling van de Evaluatiecommissie Bureau Financieel Toezicht (Staatscourant 25 maart 2008, nr. 58) wordt ingetrokken.

Dit besluit wordt gepubliceerd in de Staatscourant.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.