Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 7 juli 2008, nr. MEVA/ABA/2860370, houdende regels voor het verstrekken van subsidie voor de tegemoetkoming in de kosten voor vaccinatie tegen Hepatitis B voor leerlingen in het zorgonderwijs (Subsidieregeling vaccinatie stageplaatsen zorg)
Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
Gelet op artikel 3 van de Kaderwet VWS-subsidies;
Besluit:
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
- a. Minister: Minister voor Langdurige Zorg en Sport;
- b. onderwijsinstelling: instelling als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b, onder 1° en 2°, van de Wet educatie en beroepsonderwijs die ingevolge artikel 2.1.3 van de Wet educatie en beroepsonderwijs voor bekostiging in aanmerking is gebracht of hogeschool als bedoeld in artikel 1.3, tweede lid, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek die is vermeld op de bijlage genoemd in artikel 1.8, eerste lid, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;
- c. zorgopleiding:
- 1°. beroepsopleidende leerweg als bedoeld in artikel 7.2.2., tweede lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs van een beroepsopleiding als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel i, van de Wet educatie en beroepsonderwijs die ingevolge artikel 2.1.1. van de Wet educatie en beroepsonderwijs voor bekostiging in aanmerking komt en die voor het desbetreffende studiejaar met een in bijlage 1 van deze regeling genoemde code wordt vermeld in het Centraal register beroepsopleidingen, bedoeld in artikel 6.4.1, eerste lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
- 2°. voltijds of deeltijds opleiding als bedoeld in artikel 7.7, eerste lid, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek ten behoeve van de verzorging waarvan ingevolge artikel 1.9 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek aanspraak op bekostiging uit ’s Rijks kas bestaat en die voor het desbetreffende studiejaar met een in bijlage 2 van deze regeling genoemde code wordt vermeld in het Centraal register opleidingen hoger onderwijs, bedoeld in artikel 6.13 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;
- d. opleiding:
- 1°. beroepsopleidende of beroepsbegeleidende leerweg als bedoeld in artikel 7.2.2, tweede lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs van een beroepsopleiding als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel i, van de Wet educatie en beroepsonderwijs die ingevolge artikel 2.1.1. van de Wet educatie en beroepsonderwijs voor bekostiging in aanmerking komt en die voor het desbetreffende studiejaar met een in bijlage 1 van deze regeling genoemde code wordt vermeld in het Centraal register beroepsopleidingen, bedoeld in artikel 6.4.1, eerste lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
- 2°. voltijds, deeltijds of duale opleiding als bedoeld in artikel 7.7, eerste lid, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek ten behoeve van de verzorging waarvan ingevolge artikel 1.9 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek aanspraak op bekostiging uit ’s Rijks kas bestaat en die voor het desbetreffende studiejaar met een in bijlage 2 van deze regeling genoemde code wordt vermeld in het Centraal register opleidingen hoger onderwijs, bedoeld in artikel 6.13 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;
- e. studiejaar: tijdvak dat aanvangt op 1 augustus en eindigt op 31 juli van het daarop volgende jaar voor zover het betreft een zorgopleiding, bedoeld in onderdeel c, onder 1°, of tijdvak dat aanvangt op 1 september en eindigt op 31 augustus van het daarop volgende jaar voor zover het betreft een zorgopleiding, bedoeld in onderdeel c, onder 2°;
- f. deelnemer: door een onderwijsinstelling voor bekostiging aangemeld natuurlijke persoon die in een studiejaar ingeschreven staat of heeft gestaan voor een zorgopleiding en in het daaraan voorafgaande studiejaar niet stond ingeschreven voor een opleiding.
Artikel 2
De Minister kan aan een onderwijsinstelling jaarlijks een subsidie verstrekken voor het aanbieden en toedienen van vaccinatie tegen hepatitis B aan een deelnemer van een zorgopleiding.
De subsidie wordt per studiejaar verstrekt.
Artikel 3
De subsidie wordt op aanvraag verstrekt.
Voor de aanvraag wordt een door de Minister vastgesteld formulier gebruikt.
De aanvraag wordt ingediend uiterlijk 1 mei van het studiejaar voorafgaand aan het studiejaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd, waarbij het studiejaar 2026/2027 het laatste studiejaar is waarvoor subsidie kan worden verstrekt.
De aanvraag wordt ondertekend door een persoon die daartoe bevoegd is.
De Minister kan vrijstelling en ontheffing verlenen van de in het derde lid genoemde aanvraagtermijn.
Artikel 4
De Minister geeft een beschikking op een aanvraag van de subsidie binnen dertien weken na ontvangst van de aanvraag.
De subsidie wordt slechts verstrekt indien naar het oordeel van de Minister mag worden verwacht dat de met de subsidiëring beoogde doeleinden zullen worden bereikt.
De subsidie wordt vastgesteld op een door de Minister te bepalen bedrag dat in het besluit tot vaststelling wordt genoemd.
De Minister betaalt het bedrag van de subsidie in één keer.
De Minister kan bij de vaststelling van de subsidie verplichtingen opleggen die strekken tot verwezenlijking van het doel van de subsidie.
Artikel 5
De subsidie bestaat uit het bedrag dat wordt berekend met de formule A × B, waarbij wordt verstaan onder:
- A. het aantal door de onderwijsinstelling voor bekostiging aangemelde natuurlijke personen dat op 1 oktober van het tweede studiejaar voorafgaande aan het studiejaar waarvoor de subsidie wordt verstrekt ingeschreven stond voor een zorgopleiding en op 1 oktober van het derde studiejaar voorafgaande aan het studiejaar waarvoor de subsidie wordt verstrekt niet ingeschreven stond voor een opleiding;
- B. een normbedrag van € 125.
Artikel 6
Het aantal personen, bedoeld in artikel 5, onder A, wordt ontleend aan:
- a. het basisregister onderwijs, bedoeld in artikel 24b van de Wet op het onderwijstoezicht voor een zorgopleiding als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, onder 1°, en voor een opleiding als bedoeld in artikel 1, onderdeel d, onder 1°;
- b. het Centraal register inschrijving hoger onderwijs, bedoeld in artikel 7.52 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek voor een zorgopleiding als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, onder 2°, en voor een opleiding als bedoeld in artikel 1, onderdeel d, onder 2°.
Indien een persoon voor meerdere opleidingen is ingeschreven, telt uitsluitend de hoofdinschrijving.
Een persoon die is ingeschreven voor de zorgopleiding Applied Science met code 30008, telt mee voor 0,6 in plaats van 1.
Een persoon die is ingeschreven voor de zorgopleiding Bachelor Social Work met code 34116 of Bachelor Sociaal Werk met code 34608, telt mee voor 0,75 in plaats van 1.
Artikel 7
In het studiejaar waarvoor de subsidie wordt verstrekt, biedt de onderwijsinstelling aan elke deelnemer vanaf de aanvang van zijn deelname aan de zorgopleiding, ongeacht de datum van beëindiging van zijn deelname aan de zorgopleiding, volledige vaccinatie tegen hepatitis B aan, met inbegrip van het bepalen van het titer antistoffen ter afronding van de vaccinatie.
De onderwijsinstelling zorgt ervoor dat:
- a. het aanbod, bedoeld in het eerste lid, op doelmatige en doeltreffende wijze wordt gedaan;
- b. elke deelnemer in de gelegenheid wordt gesteld daadwerkelijk gebruik te maken van het aanbod, bedoeld in het eerste lid.
De onderwijsinstelling streeft naar een zo hoog mogelijke vaccinatiegraad van haar deelnemers.
Artikel 8
De onderwijsinstelling zorgt er voor dat de administratie van de vaccinatie tegen hepatitis B op overzichtelijke en doelmatige wijze wordt gevoerd, zodat te allen tijde in ieder geval de volgende gegevens per studiejaar en per zorgopleiding kunnen worden nagegaan:
- 1°. het aantal deelnemers dat op kosten van de onderwijsinstelling gevaccineerd is tegen hepatitis B;
- 2°. het tarief voor de eigen bijdrage van de deelnemers.
De onderwijsinstelling meldt meteen aan de Minister als:
- a. het aannemelijk is geworden dat niet of niet geheel aan de subsidieverplichtingen zal worden voldaan of
- b. zich andere omstandigheden voordoen of zullen voordoen die van belang kunnen zijn voor een beslissing tot wijziging, intrekking of vaststelling van de subsidie.
De melding wordt schriftelijk gedaan. De melding wordt voorzien van een toelichting. Bij de melding worden de relevante stukken overgelegd.
De onderwijsinstelling verstrekt aan de door de Minister aangewezen personen op hun verzoek alle bescheiden en inlichtingen die noodzakelijk zijn voor een juiste vervulling van hun taak.
De onderwijsinstelling werkt mee aan de door of namens de Minister ingestelde onderzoekingen die erop zijn gericht de Minister inlichtingen te verschaffen ten behoeve van de ontwikkeling van het beleid.
Artikel 9
Vervallen
Artikel 10
Vervallen
Artikel 11
Vervallen
Artikel 12
Vervallen
Artikel 13
De Minister kan een of meer bepalingen van deze regeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing gelet op het belang dat de desbetreffende bepaling beoogt te beschermen zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
Artikel 14
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 juli 2027 met dien verstande dat deze regeling van toepassing blijft op subsidies die op grond van deze regeling zijn verstrekt.
Artikel 15
Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling vaccinatie stageplaatsen zorg.
Bijlage 1. Codes Centraal register beroepsopleidingen
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.