← Geldende tekst · Geschiedenis

Aanwijzing van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 31 oktober 2008, nr. DLZ/SFI-2890287, op grond van artikel 7 van de Wet marktordening gezondheidszorg, inzake invoering prestatiebekostiging in de intramurale langdurige zorg op grond van zorgzwaartepakketten

Geldende tekst a fecha 2008-11-26

Gelet op artikel 7 van de Wet marktordening gezondheidszorg;

Na op 22 september 2008 schriftelijk mededeling te hebben gedaan aan de Eerste en Tweede Kamer der Staten-Generaal (Kamerstukken II, 2008–2009, 26 631, nr. 273);

Gezien mijn inbreng van het schriftelijk verslag van 27 oktober 2008, kenmerk DLZ-CB-U-2882839;

Besluit:

Artikel 1. Definities

In deze aanwijzing wordt verstaan onder:

Artikel 2. Werkingssfeer

Deze aanwijzing is van toepassing op zorg waarop in gevolge de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten aanspraak bestaat.

Ter uitvoering van dit besluit stelt de zorgautoriteit regels en beleidsregels vast.

Artikel 3. Invoering ZZP bekostiging

De zorgautoriteit:

Artikel 4. Budgettaire neutraliteit

De zorgautoriteit hanteert bij het vaststellen van de prestatiebeschrijvingen en ZZP-tarieven, als bedoeld in artikel 3, het budget dat beschikbaar is voor de productieafspraken op grond van de oude bekostigingsparameters, daarboven komen de extra middelen voor de kwaliteitszorg € 246 miljoen voor de V&V en € 42 miljoen voor de gehandicaptenzorg.

Artikel 5. Herallocatie
1.

De zorgautoriteit verplicht intramurale zorgaanbieders en zorgkantoren al dan niet gezamenlijk, volgens door de zorgautoriteit vastgestelde specificatie en tegelijkertijd met tussen hen gemaakte productieafspraken in oude bekostigingsparameters met betrekking tot het jaar 2009, aan te geven hoe die productieafspraken luiden in ZZP-termen.

2.

De budgetbasis die de intramurale zorgaanbieders met hun zorgkantoor afspreken wordt in 2009 gebaseerd op oude parameters.

3.

De zorgautoriteit stelt in de budgetronde van maart 2009 per intramurale zorgaanbieder die de in artikel 2 bedoelde zorg levert een herallocatiebedrag vast.

4.

Het op grond van het vorige lid vastgestelde herallocatiebedrag geldt voor de desbetreffende intramurale zorgaanbieder voor de gehele herallocatieperiode.

Artikel 6. Afbouw
1.

Indien de vaststelling van het herallocatiebedrag, bedoeld in het vorige artikel, leidt tot de situatie dat er voor de intramurale zorgaanbieder sprake is van afbouw, gelden daarvoor de volgende afbouwstappen:

2.

De in het vorige lid genoemde percentages zijn cumulatief.

3.

De daadwerkelijke afbouw bedoeld in het eerste lid bedraagt ten hoogste het voor de desbetreffende intramurale zorgaanbieder vastgestelde herallocatiebedrag.

4.

De zorgautoriteit verwerkt het afbouwpercentage van twee procent in 2009 met doorloop in 2010 ambtshalve in de aanvaardbare kosten van de zorginstellingen.

5.

De zorgautoriteit verwerkt de nominale bedragen voortvloeiend uit de herallocatieafbouw van de individuele intramurale zorgaanbieders conform de aanwijzing op grond van artikel 7 van de wet aan de zorgautoriteit inzake contracteerruimte voor het jaar 2009.

Artikel 7. Opbouw
1.

De zorgautoriteit totaliseert de nominale bedragen die in enig jaar beschikbaar komen uit de herallocatie-afbouw van de individuele intramurale zorgaanbieders.

2.

De bedragen bedoeld in het eerste lid worden aangevuld met 0,25% van de een-procent-marge-regeling van de contracteerruimte.

3.

Indien de vaststelling van het herallocatiebedrag, bedoeld in artikel 5, leidt tot de situatie dat er voor de intramurale zorgaanbieder sprake is van opbouw, worden de in het eerste lid bedoelde bedragen door de zorgautoriteit volgens een door die autoriteit ontwikkelde verdeelnorm ingezet voor de opbouw bij die zorgaanbieders.

4.

Voor het jaar 2011 en volgende kan de zorgautoriteit op grond van door haar aan te geven bijzondere omstandigheden op de intramurale zorgaanbieder die meer dan dertien procent ten opzichte van haar budgetbasis moet opbouwen een maatwerkregeling toepassen.

5.

De toedeling van de voor de opbouw beschikbare middelen geschiedt conform de aanwijzing op grond van artikel 7 van de wet aan de zorgautoriteit inzake contracteerruimte voor het jaar 2009.

Artikel 8. Bijzondere situaties GGZ en GHZ
1.

De invoering van de zorgzwaartebekostiging per 1 januari 2009 en de stappen die worden gezet in de herallocatie gelden voor elk van de sectoren Verpleging en Verzorging, Geestelijke Gezondheidszorg en Gehandicaptenzorg met dien verstande dat, indien uit door de zorgautoriteit te verrichten onderzoek naar de opvatting van de zorgautoriteit blijkt dat:

2.

De zorgautoriteit bericht mij tijdig over de resultaten van de onderzoeken, bedoeld in het vorige lid, en stelt mij daarbij een herzien herallocatietraject voor. De nadere keuze over de herziening van een herallocatietraject zal ik aan de zorgautoriteit bekend maken bij brief, waarvan ik een afschrift stuur aan beide Kamers der Staten-Generaal.

Artikel 9. Dagbesteding gehandicapten
1.

De zorgautoriteit:

2.

De zorgautoriteit stelt met ingang van 2010:

Artikel 10. Harmonisatie V&V afwezigheiddagen bij overlijden

Binnen de sector Verpleging en verzorging harmoniseert de zorgautoriteit de zogenaamde afwezigheiddagen bij overlijden van de verzekerde met inachtneming van het volgende:

Artikel 11. Tijdelijk verblijf of logeren

De zorgautoriteit stelt met ingang van 2009 een tarief vast voor tijdelijk verblijf of logeren bij een zorgaanbieder, waarbij de zorg en ondersteuning worden bekostigd op basis van de extramurale beleidsregels. Van tijdelijk verblijf of logeren is sprake indien een verzekerde is aangewezen op verblijf voor één, twee of drie etmalen per week. De indicatie is vastgesteld in functies en klassen.

Artikel 12. Prestatiebeschrijving extreme zorgzwaarte gehandicaptenzorg

De zorgautoriteit stelt een prestatiebeschrijving vast ten behoeve van de bepaling van extreme zorgzwaarte van individuele gehandicapten met zware verstandelijke, lichamelijke of zintuiglijke beperking, te leveren door een intramurale zorgaanbieder. De prestatiebeschrijving voorziet zo nodig in de inzet van het Centrum Indicatiestelling Zorg en het Centrum voor Consultatie en Expertise voor het bepalen van de noodzakelijke zorgzwaarte. De zorgautoriteit bepaalt per individueel gehonoreerde aanvraag een individuele component extreme zorgzwaarte gehandicaptenzorg met een vast tarief als bedoeld in artikel 57, vierde lid, onder a, van de wet.

Artikel 13. Kinderen en jeugdigen in de intramurale GGZ
1.

De invoering van een bekostigingssysteem op basis van ZZP’s en ZZP-tarieven is niet van toepassing voor intramurale zorgaanbieders als bedoeld in artikel 1, aanhef en onder c, die zorg leveren voor kinderen en jeugdigen in de sector Geestelijke Gezondheidszorg.

2.

De zorgautoriteit doet onderzoek naar een passende wijze van bekostiging van deze in het vorige lid genoemde cliëntengroepen, bericht mij tijdig over de resultaten van dat onderzoek en doet mij daarbij een voorstel. Mijn beslissing over de invoering van een andere wijze van bekostiging zal ik aan de zorgautoriteit bekend maken bij brief, waarvan ik een afschrift stuur aan beide Kamers der Staten-Generaal.

Artikel 14. Toeslagen WO II

De zorgautoriteit voorziet door middel van individuele component, in de bekostiging van:

Artikel 15. CVA

De zorgautoriteit stelt voor cliënten met een diagnose CVA een opslag op het tarief van het zorgzwaartepakket 9 voor de sector verpleging en verzorging vast. In aansluiting op de huidige werkwijze is deze toeslag, in de vorm van een vast tarief als bedoeld in artikel 57, vierde lid, onder a van de wet, van toepassing gedurende de eerste acht weken, te rekenen vanaf de eerste dag van verblijf bij de zorgaanbieder, van de revalidatiezorg voor deze specifieke cliënten.

Artikel 16. SG LVG verblijf

De zorgautoriteit past de prestatiebeschrijving ZZP-VG-7 voor verblijf van sterk gedragsgestoorden licht verstandelijk gehandicapten zo aan dat deze alleen van toepassing kan zijn voor zorgaanbieders die een toelating hebben conform artikel 5 van de Wet toelating zorginstellingen voor verblijfplaatsen van die categorie gehandicapten. Indien de zorgaanbieder niet in het bezit is van deze toelating zal niet op de geïndiceerde VG-7 worden bekostigd, maar op VG-6.

Artikel 17. Instellinggebonden maatregelen

De zorgautoriteit treft in aanvulling op de ZZP-bekostigingssystematiek navolgende maatregelen ten behoeve van onderstaande categorieën van intramurale zorgaanbieders die in het bijzonder zijn toegelaten voor een expertisefunctie:

Artikel 18. Sectorale budgettaire neutraliteit

De zorgautoriteit hanteert bij het vaststellen van de beleidsregels het uitgangspunt dat invoering van de zorgzwaartebekostiging budgettair neutraal per sector plaatsvindt. Toevoegingen en afboekingen van het budgettaire kader geschieden zowel op het budget dat beschikbaar is voor de productieafspraken in de bestaande bekostigingsparameters als op het budget dat beschikbaar is voor de productieafspraken in ZZP’s.

Artikel 19. Inwerkingtreding en publicatie

Deze aanwijzing treedt terstond in werking en wordt met de toelichting in de Staatscourant geplaatst.