Regeling tegemoetkoming rechtskundige hulp politie

Type Ministeriële regeling
Publication 2025-10-30
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 69a, zesde lid, van het Besluit algemene rechtspositie en artikel 22a, zesde lid, van het Besluit rechtspositie vrijwillige politie;

Besluit:

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2
1.

De tegemoetkoming bestaat naar keuze van de ambtenaar uit:

2.

De vergoeding, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b en c, bedraagt per uur niet meer dan het bedrag van de kosten, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, maar ten minste het basisbedrag zoals vastgesteld op grond van artikel 3, eerste lid, van het Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000, tenzij de werkelijke kosten per uur lager waren dan dat basisbedrag.

3.

Indien het bevoegd gezag voor de tegemoetkoming bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, een rechtsbijstandverzekering heeft afgesloten, geldt voor de berekening van de vergoeding bedoeld in het eerste lid, onderdeel b en c, een uurtarief van ten hoogste € 200,30, met uitzondering van de gevallen waarin naar oordeel van het bevoegd gezag bijzondere eisen worden gesteld aan de persoon die de rechtskundige hulp verleent en die alsdan leiden tot een hoger uurtarief.

4.

De toekenning van de tegemoetkoming kan betrekking hebben op:

5.

Het uurtarief genoemd in het derde lid wordt jaarlijks per 1 oktober geïndexeerd overeenkomstig de prijsindex voor rechtskundige diensten van het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Artikel 3
1.

De ambtenaar dient een aanvraag om een tegemoetkoming schriftelijk in bij het bevoegd gezag. De aanvraag wordt ondertekend en bevat:

2.

Voor een tegemoetkoming met betrekking tot hoger beroep of cassatie dient de ambtenaar een afzonderlijke aanvraag in. Bij de toekenning van de tegemoetkoming die betrekking heeft op de procedure in eerste aanleg wijst het bevoegd gezag de ambtenaar hier op.

3.

Het bevoegd gezag beslist zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen twee weken na ontvangst van de aanvraag.

4.

Het bevoegd gezag overweegt in zijn besluit of:

5.

Indien de ambtenaar een vordering instelt op grond van onrechtmatige daad overweegt het bevoegd gezag in zijn besluit of:

6.

Indien een derde respectievelijk het openbaar ministerie hoger beroep dan wel cassatie instelt in de zaak waarvoor het bevoegd gezag de ambtenaar eerder voor een tegemoetkoming in aanmerking heeft laten komen, verleent het bevoegd gezag de ambtenaar op diens melding ambtshalve opnieuw een tegemoetkoming.

Artikel 4
1.

In het geval de door het bevoegd gezag geoordeelde opzettelijke onrechtmatigheid dan wel opzettelijke wederrechtelijkheid of bewuste roekeloosheid, of grove nalatigheid van de zijde van de ambtenaar niet blijkt uit een rechterlijke uitspraak of uit een (straf)beschikking, gaat het bevoegd gezag alsnog over tot vergoeding van de kosten van rechtsbijstand.

2.

De ambtenaar stelt het bevoegd gezag op de hoogte van de in het eerste lid genoemde uitspraak en legt een afschrift hiervan aan hem over.

Artikel 5
1.

Indien de wederpartij in een civiele procedure wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten, draagt de ambtenaar er zorg voor dat de vergoeding van deze kosten, voor zover deze als kosten van rechtskundige hulp moeten worden opgevat, toekomt aan het bevoegd gezag.

2.

Indien een schikking met de wederpartij tot stand komt draagt de ambtenaar er zo mogelijk zorg voor dat de kosten van rechtsbijstand in het schikkingsbedrag worden opgenomen en toekomen aan het bevoegd gezag.

3.

In een strafrechtelijke procedure draagt de ambtenaar zorg voor een verzoek tot vergoeding van kosten op grond van artikel 529 en 530 van het Wetboek van Strafvordering, tenzij het indienen van het verzoek onvoldoende grond heeft of kennelijk onredelijk is. De ambtenaar draagt er bij toewijzing van dit verzoek zorg voor dat deze vergoeding toekomt aan het bevoegd gezag.

4.

Bij de indiening van de aanvraag tot vergoeding van de kosten van rechtsbijstand wijst het bevoegd gezag de ambtenaar op het eerste tot en met derde lid van dit artikel.

Artikel 6

Deze regeling is van overeenkomstige toepassing op degene die op andere titel dan een aanstelling werkzaam is bij het bevoegd gezag, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie.

Artikel 7

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 oktober 2008.

Artikel 8

Dit besluit wordt aangehaald als: Regeling tegemoetkoming rechtskundige hulp politie.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.