Regeling vervoer gevaarlijke stoffen met zeeschepen

Type Ministeriële regeling
Publication 2025-07-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Paragraaf 1. Algemene bepalingen

Artikel 1. Begripsbepaling

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2. Reikwijdte

Deze regeling is van toepassing op de scheepvaartwegen gelegen tussen de zee en:

Artikel 3

De in artikel 2, eerste lid, van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen genoemde handelingen zijn, tenzij in deze regeling anders wordt bepaald, op de in artikel 2 genoemde scheepvaartwegen toegestaan met betrekking tot het vervoer van gevaarlijke stoffen door een zeeschip of een tankschip, voor zover daarbij het bepaalde in deze regeling in acht wordt genomen.

Artikel 4

Deze regeling is niet van toepassing op:

Artikel 5. Verantwoordelijkheid voor de naleving

De kapitein van een zeeschip of een tankschip is verantwoordelijk voor de naleving van de bepalingen van deze regeling, tenzij anders is bepaald.

Paragraaf 2. Vervoer van gevaarlijke stoffen in verpakte vorm of vaste vorm in bulk met een zeeschip niet zijnde een tankschip

Artikel 6. In acht nemen IMDG-Code, IMSBC-Code, Schepenbesluit 2004 en Wet voorkoming verontreiniging door schepen

De in artikel 3 bedoelde handelingen worden, voor wat het vervoer van gevaarlijke stoffen in verpakte vorm of vaste vorm in bulk met een zeeschip betreft, door de kapitein, de agent, de rompbevrachter, de afzender of diens agent, ieder voor dat deel van de vervoersketen waarvoor hij in het maatschappelijk verkeer verantwoordelijk is, of door degene die verantwoordelijk is voor de belading van een container of een vrachtwagen die met een zeeschip wordt vervoerd, verricht met inachtneming van de bepalingen van de IMDG-Code, dan wel de bepalingen van de IMSBC-Code, en voor een zeeschip dat op grond van voor Nederland geldende rechtsregels gerechtigd is de vlag van het Koninkrijk te voeren met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens het Schepenbesluit 2004 of bij of krachtens de Wet voorkoming verontreiniging door schepen.

Artikel 7. Verpakking die niet aan de eisen voldoet

Het lossen uit een zeeschip van gevaarlijke stoffen waarvan de verpakking niet voldoet aan de eisen die daaraan in de IMDG-Code zijn gesteld, vindt slechts plaats met toestemming van de bevoegde plaatselijke autoriteit, nadat de Minister voor het verlenen van die toestemming een verklaring van geen bezwaar heeft verstrekt.

Artikel 8. Veiligheidsmaatregelen

Aan boord van een zeeschip dat beladen is, of beladen is geweest met gevaarlijke stoffen in verpakte vorm of vaste vorm in bulk, worden alle maatregelen genomen ter voorkoming en bestrijding van brand. In elk geval worden daartoe alle maatregelen genomen die bij of krachtens SOLAS, en voor een zeeschip dat op grond van voor Nederland geldende rechtsregels gerechtigd is de vlag van het Koninkrijk te voeren, die bij of krachtens het Schepenbesluit 2004 zijn voorgeschreven.

Artikel 9. Aanwezigheid certificaten

Aan boord van een zeeschip zijn, overeenkomstig de in artikel 8 genoemde regelgeving, geldige bescheiden aanwezig, afgegeven door of vanwege de bevoegde autoriteit van de Staat waarvan het schip de vlag voert, waaruit kan worden afgeleid dat de in artikel 8 bedoelde maatregelen zijn genomen.

Artikel 10. Voorkomen brandgevaar, verhalen, betreden en verlaten

Aan boord van een zeeschip dat beladen is met:

wordt er voor zorggedragen dat:

Artikel 11. Explosieve stoffen in verpakte vorm
1.

De maximale explosieve massa van gevaarlijke stoffen in verpakte vorm van klasse 1, als bedoeld in de IMDG-Code, aan boord van een zeeschip bedraagt:

2.

In afwijking van het eerste lid, onderdelen a, b en c, is voor een zeeschip dat zich bevindt in, op weg is naar, of is vertrokken uit de Eemshaven te Eemsmond, de Amazonehaven, de Europahaven of de Yangtze-haven te Rotterdam Europoort een hogere maximale explosieve massa van de in die onderdelen bedoelde stoffen toegestaan.

3.

In afwijking van het eerste lid, onderdelen a en b, bedraagt voor een zeeschip dat zich bevindt in een hoofdvaargeul als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel e, van het Scheepvaartreglement Westerschelde 1990 of in het Kanaal van Gent naar Terneuzen, de maximale explosieve massa van gevaarlijke stoffen in verpakte vorm van klasse 1, als bedoeld in de IMDG-Code:

4.

Indien het vervoer, het laden en het lossen plaatsvinden onder beheer en toezicht van het Ministerie van Defensie is, in afwijking van het eerste lid, onderdelen a, b en c, voor een zeeschip dat zich bevindt in, op weg is naar, of is vertrokken uit een andere haven dan in het tweede lid genoemd, een hogere maximale netto explosieve massa van de in die onderdelen genoemde stoffen toegestaan, zoals op voordracht van onze Minister van Defensie wordt aangegeven door de bevoegde plaatselijke autoriteit, nadat deze daartoe een verklaring van geen bezwaar van de Minister van Defensie heeft ontvangen.

5.

De explosieve massa van een combinatie van in het eerste lid bedoelde stoffen, bedraagt niet meer dan de in dat lid maximaal toegestane explosieve massa van de meest explosieve stof van die combinatie.

Artikel 12. Toestemming ankeren en ligplaats nemen, melden verhalen en verrichten van werkzaamheden
1.

Een zeeschip dat gevaarlijke stoffen in verpakte vorm of vaste vorm in bulk vervoert, vraagt minimaal 24 uur tevoren, of wanneer de reisduur vanaf de vorige haven korter is dan 24 uur, uiterlijk bij het vertrek uit die haven, mondeling of elektronisch toestemming aan de bevoegde plaatselijke autoriteit ten behoeve van:

2.

Een zeeschip als bedoeld in het eerste lid, meldt minimaal 24 uur tevoren aan de bevoegde plaatselijke autoriteit:

3.

In afwijking van het tweede lid, vraagt een zeeschip aan de bevoegde plaatselijke autoriteit toestemming voor de in dat lid genoemde activiteiten, als dat door middel van de plaatselijke voorschriften wordt bepaald.

Artikel 13. Melden bedrijfsstoringen

Een zeeschip dat gevaarlijke stoffen in verpakte vorm of vaste vorm in bulk aan boord heeft, meldt bedrijfsstoringen die de veiligheid van het zeeschip of de lading ervan in gevaar brengen of zouden kunnen brengen, onverwijld aan de bevoegde plaatselijke autoriteit.

Paragraaf 3. Vervoer van gevaarlijke stoffen in vloeibare vorm in bulk met een tankschip

Artikel 14. Overeenkomstige bepalingen voor tankschepen

De artikelen 8, 9, 10, onderdelen 1 tot en met 8, 12 en 13 zijn van overeenkomstige toepassing op een tankschip.

Artikel 15. In acht nemen GC-Code, IGC-Code, BCH-Code en IBC-Code, Schepenbesluit 2004 en Wet voorkoming verontreiniging door schepen
1.

De in artikel 3 bedoelde handelingen worden, voor wat betreft het vervoer van gevaarlijke stoffen in vloeibare vorm in bulk met een tankschip, door de kapitein, de agent, de rompbevrachter, de afzender of diens agent, ieder voor dat deel van de vervoersketen waarvoor hij in het maatschappelijk verkeer verantwoordelijk is, verricht met inachtneming van de bepalingen van de GC-Code, de IGC-Code, de BCH-Code en de IBC-Code, en voor een tankschip dat op grond van voor Nederland geldende rechtsregels gerechtigd is de vlag van het Koninkrijk te voeren tevens met inachtneming van het bij of krachtens het Schepenbesluit 2004 of de Wet voorkoming verontreiniging door schepen daarenboven bepaalde.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.