← Geldende tekst · Geschiedenis

Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 6 mei 2009, nr. DL/B/110284, houdende regels voor het verstrekken van subsidie aan leraren met een onderwijsbevoegdheid om substantiële scholing te bevorderen en het verstrekken van subsidie ten behoeve van zij-instromers in het voortgezet onderwijs, het beroepsonderwijs en de educatie om hun onderwijsbevoegdheid te behalen (Regeling lerarenbeurs voor scholing en zij-instroom 2009–2011)

Geldende tekst a fecha 2013-04-06

Hoofdstuk 1. Algemeen

Hoofdstuk 1. Algemeen

§ 1. Inleidende bepalingen

Artikel 3. Te subsidiëren activiteiten lerarenbeurs
1.

De minister kan subsidie verstrekken aan:

2.

De subsidie kan worden verstrekt voor bachelor-, master-, en deficiëntieopleidingen.

3.

Subsidie wordt verstrekt voor één studiejaar.

4.

Voor een opleiding met een studielast van 30 tot 60 studiepunten wordt ten hoogste een maal subsidie verleend.

5.

Voor een opleiding met een studielast van 60 studiepunten wordt ten hoogste twee maal subsidie verleend. Om voor de tweede subsidie in aanmerking te komen, dient deze binnen drie studiejaren na de eerste subsidieverlening te worden aangevraagd.

6.

Voor een opleiding met een studielast van meer dan 60 studiepunten wordt ten hoogste drie maal subsidie verleend. Om voor de tweede of derde subsidie in aanmerking te komen, dient deze binnen vijf studiejaren na de eerste subsidieverlening te worden aangevraagd.

7.

Indien reeds subsidie voor het volgen van een deficiëntieopleiding is verleend, wordt voor een opleiding van meer dan 60 studiepunten ten hoogste twee maal subsidie verleend.

Artikel 4. Eisen aan de leraar
1.

De subsidie voor studiekosten wordt uitsluitend verstrekt aan de leraar, die:

2.

De subsidie voor studiekosten wordt niet verstrekt aan de leraar, die:

3.

De subsidie voor studieverlof aan het bevoegd gezag wordt slechts verstrekt voor zover de leraar in dienst is bij een bevoegd gezag.

Artikel 5. Subsidieplafond lerarenbeurs

Het subsidieplafond voor het jaar 2013 voor subsidie, bedoeld in artikel 3, bedraagt € 61.000.000,–.

Artikel 6. Subsidiebedrag voor studiekosten

De subsidie, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel a, bedraagt de som van een vergoeding voor:

Artikel 7. Subsidiebedrag voor studieverlof
1.

De subsidie, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel b, wordt bepaald op een bedrag per studieverlofuur.

2.

Het maximale aantal studieverlofuren die voor subsidiering in aanmerking komen, is 160 uren per jaar voor een voltijdsaanstelling. In geval van een deeltijdbetrekking wordt het aantal studieverlofuren vastgesteld naar evenredigheid van de aanstellingsomvang.

3.

De subsidiebedragen voor een studieverlofuur zijn voor:

4.

De bedragen, bedoeld in het derde lid, worden jaarlijks geïndexeerd op basis van de kabinetsbijdrage voor het betreffende jaar, onder voorbehoud van goedkeuring van de begroting door de begrotingswetgever. Het besluit hiertoe wordt bekendgemaakt in de Staatscourant.

3.

In geval van het niet vervullen van de voorwaarde, bedoeld in artikel 4:34, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, worden de op grond van deze regeling verleende subsidiebedragen verlaagd tot het bedrag van de subsidie dat na de vaststelling of goedkeuring van de Rijksbegroting ter beschikking staat, een en ander naar rato van het aantal subsidieaanvragers aan wie subsidie is verleend en van de hoogte van de verleende subsidiebedragen.

§ 2. Subsidieaanvraag lerarenbeurs

§ 3. Subsidieverlening lerarenbeurs

§ 4. Verplichtingen subsidieontvanger lerarenbeurs

§ 5. Betaling subsidie lerarenbeurs

§ 2. Subsidieaanvraag lerarenbeurs

Hoofdstuk 3. Zij-instroom

Hoofdstuk 4. Wijziging Tijdelijke regeling lerarenbeurs voor scholing

Hoofdstuk 5. Slotbepalingen

Bijlage 1

Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden

Bijlage 2

Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden

Gelet op artikel 2, eerste lid, jo artikel 4, eerste lid, van de Wet overige OCW-subsidies;

Besluit:

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2. Subsidieaanvraag

Vervallen

Hoofdstuk 2. Lerarenbeurs voor scholing

§ 1. Inleidende bepalingen

Artikel 8. Vereisten subsidieaanvraag lerarenbeurs
1.

De aanvraag voor de subsidie, bedoeld in artikel 3, geschiedt overeenkomstig het aanvraagformulier, dat via de website van DUO beschikbaar wordt gesteld.

2.

Door middel van een verklaring op het aanvraagformulier vraagt het bevoegd gezag subsidie voor studieverlof aan.

3.

De aanvraag voor de subsidie voor studiekosten omvat informatie waaruit blijkt:

Artikel 9. Termijn indiening aanvraag
1.

Aanvragen voor subsidie kunnen jaarlijks worden ingediend van 1 april tot en met 15 mei.

2.

Onverminderd het eerste lid kan de minister een extra aanvraagtermijn openstellen indien het subsidieplafond, bedoeld in artikel 5, in enig jaar niet volledig is uitgeput. Het besluit hiertoe wordt bekendgemaakt in de Staatscourant.

§ 3. Subsidieverlening lerarenbeurs

Artikel 10. Criteria verdeling lerarenbeurs
1.

Onverminderd het tweede lid verdeelt de minister het beschikbare bedrag in volgorde van ontvangst van de aanvragen voor subsidie, bedoeld in artikel 3, met dien verstande dat aan aanvragers aan wie op basis van deze regeling reeds voor een eerste of tweede maal subsidie is verleend, voorrang wordt verleend bij subsidieverstrekking.

2.

Wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een week de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, geldt de dag waarop de aanvraag is aangevuld, met betrekking tot de in het eerste lid genoemde verdeling, als datum van ontvangst.

3.

De verdeling van het beschikbare bedrag over de verschillende doelgroepen geschiedt als volgt:

3.

Indien een van de budgetten, bedoeld in het tweede lid, niet volledig wordt benut, wordt het restbedrag naar evenredigheid verdeeld over de overige doelgroepen.

Artikel 11. Weigeringsgronden

Onverminderd artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht weigert de minister subsidieverlening aan een leraar, indien deze:

Artikel 12. Termijn beslissing

De minister beslist binnen 8 weken na het sluiten van de aanvraagtermijn, bedoeld in artikel 9.

§ 4. Verplichtingen subsidieontvanger lerarenbeurs

Artikel 13. Subsidieverplichting leraar

De leraar behaalt in de subsidieperiode ten minste 15 studiepunten.

Artikel 14. Subsidieverplichting bevoegd gezag

Het bevoegd gezag houdt in haar administratie bij op welke wijze het verlof tot stand komt.

Artikel 15. Informatieplicht
1.

De subsidieontvanger werkt mee aan door of namens de minister ingestelde onderzoeken die erop gericht zijn de minister inlichtingen te verschaffen ten behoeve van de ontwikkeling van het beleid.

2.

De subsidieontvanger doet zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling aan de minister van omstandigheden die van belang kunnen zijn voor een beslissing tot wijziging, intrekking of vaststelling van de subsidie. Daarbij worden de relevante stukken overlegd.

3.

Op verzoek van de minister verleent de leraar die de subsidie bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a, ontvangt, medewerking aan een steekproef om aan te tonen dat de activiteiten waarvoor die subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de verplichtingen die aan de subsidie zijn verbonden.

§ 5. Betaling subsidie lerarenbeurs

Artikel 16. Betaling van de subsidie lerarenbeurs

Het subsidiebedrag wordt niet eerder dan drie maanden voordat de opleiding aanvangt aan de subsidieontvanger uitbetaald.

§ 6. Vaststelling subsidie lerarenbeurs

Artikel 17. Vaststelling van de subsidie voor studiekosten

Een ambtshalve beschikking tot subsidievaststelling van de subsidie voor studiekosten wordt gegeven binnen 22 weken na afloop van het studiejaar waarvoor de subsidie is verleend.

Artikel 18. Terugvordering van de subsidie studiekosten
1.

De minister kan de subsidie studiekosten terugvorderen indien de leraar niet aan zijn subsidieverplichtingen heeft voldaan.

2.

De minister kan op aanvraag van de leraar een betalingsregeling treffen voor het terugbetalen van de subsidie studiekosten die voorziet in betaling van het totale bedrag binnen 24 maanden. Het minimumbedrag dat maandelijks wordt afgelost, bedraagt € 100,–.

Artikel 19. Terugvordering van de subsidie studieverlof

De minister vordert de subsidie voor de kosten in verband met het studieverlof van de leraar geheel of gedeeltelijk van het bevoegd gezag terug, indien uit de administratie, bedoeld in artikel 14, blijkt dat het verlof geheel of gedeeltelijk niet aan de leraar is toegekend, dan wel toekenning van het verlof niet of onvoldoende uit de administratie kan worden opgemaakt.

Hoofdstuk 3. Zij-instroom

§ 1. Inleidende bepalingen

Artikel 20. Te subsidiëren activiteiten

De minister kan subsidie verstrekken aan het bevoegd gezag, bedoel in artikel 1, voor activiteiten in het kader van het begeleiden van een zij-instromer, waaronder in elk geval:

Artikel 21. Subsidieplafond zij-instroom

Het subsidieplafond voor het jaar 2013 bedraagt € 8.000.000,–.

Artikel 22. Subsidiebedrag zij-instroom

De subsidie, bedoeld in artikel 20, bedraagt maximaal € 20.000,– per zij-instromer.

§ 2. Subsidieaanvraag zij-instroom

Artikel 23. Vereisten subsidieaanvraag zij-instroom
1.

De aanvraag voor de subsidie, bedoeld in artikel 20, wordt gedaan door het bevoegd gezag en geschiedt overeenkomstig het aanvraagformulier, dat via de website van DUO beschikbaar wordt gesteld.

2.

Geen aanvraag kan worden gedaan voor subsidie voor de begeleiding van zij-instromers die ingeschreven staan of in de twee jaren voorafgaand aan de subsidieaanvraag ingeschreven hebben gestaan als student aan een lerarenopleiding en collegegeldplichtig zijn of waren op grond van de Wet op het Hoger Onderwijs en Wetenschappelijk Onderzoek.

Artikel 24. Termijn indiening subsidieaanvraag zij-instroom

De aanvraag voor de subsidie, bedoeld in artikel 20, wordt uiterlijk ingediend op 31 december van het betreffende jaar, met dien verstande dat aanvragen voor de begeleiding van zij-instromers in het kader van het project Eerst de Klas, worden uiterlijk ingediend op 31 juli 2013.

§ 3. Subsidieverlening zij-instroom

Artikel 25. Criteria verdeling subsidie zij-instroom
1.

De minister verdeelt het beschikbare bedrag in de volgorde van ontvangst van de aanvragen voor subsidie, bedoeld in artikel 20, met dien verstande dat wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een week de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvraag is aangevuld, met betrekking tot de verdeling, als datum van ontvangst geldt.

2.

De verdeling van het beschikbare bedrag over de verschillende doelgroepen geschiedt als volgt:

3.

Indien een van de budgetten, bedoeld in het tweede lid, niet volledig wordt benut, wordt het restbedrag toegevoegd aan het budget van de andere doelgroep.

Artikel 26. Termijn beslissing

De minister beslist binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag.

§ 4. Verplichtingen subsidieontvanger zij-instroom

Artikel 27. Verplichtingen subsidieontvanger zij-instroom
1.

De subsidieontvanger spant zich in om de zij-instromer in staat te stellen zijn onderwijsbevoegdheid te behalen.

2.

De subsidieontvanger werkt mee aan door of namens de minister ingestelde onderzoekingen die erop gericht zijn de minister inlichtingen te verschaffen ten behoeve van de ontwikkeling van het beleid.

3.

De subsidieontvanger doet zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling aan de minister van omstandigheden die van belang kunnen zijn voor een beslissing tot wijziging, intrekking of vaststelling van de subsidie, bedoeld in artikel 20. Daarbij worden de relevante stukken overlegd.

§ 4. Verplichtingen subsidieontvanger zij-instroom

Artikel 28. Voorschot van de subsidie zij-instroom

De minister verleent het subsidiebedrag, bedoeld in artikel 22, als voorschot binnen vier weken nadat de subsidie, bedoeld in artikel 20, is verleend.

§ 5. Voorschot subsidie zij-instroom

Artikel 29. Vaststelling van de subsidie zij-instroom

Vervallen

Artikel 30. Terugvordering van de subsidie zij-instroom

Indien uit de verantwoording, bedoeld in artikel 31, blijkt dat middelen zijn aangewend voor een ander doel dan waarvoor zij zijn verstrekt of niet zijn besteed, kunnen deze worden teruggevorderd.

Artikel 31. Verantwoording en controle

De verantwoording van de subsidie geschiedt overeenkomstig artikel 13, tweede lid, onderdeel b, van de Regeling OCW-subsidies in de jaarverslaggeving, bedoeld in de Regeling jaarverslaggeving onderwijs, met model G, onderdeel 2, behorende bij de richtlijn RJ 660, alinea 212, zoals vastgesteld door de Raad voor de Jaarverslaggeving. De verwerking van niet-bestede middelen geschiedt in de jaarrekening van het laatste jaar van besteding. De verklaring van de accountant bij de jaarrekening omvat tevens een oordeel over de rechtmatige besteding van de subsidie.

Hoofdstuk 4. Wijziging Tijdelijke regeling lerarenbeurs voor scholing

Artikel 32. Wijziging Tijdelijke regeling lerarenbeurs voor scholing

Wijzigt de Tijdelijke regeling lerarenbeurs voor scholing.

Hoofdstuk 4. Wijziging Tijdelijke regeling lerarenbeurs voor scholing

Artikel 33. Hardheidsclausule

De minister kan voor bepaalde gevallen de regeling buiten toepassing verklaren of daarvan afwijken voor zover deze toepassing, gelet op het belang dat deze regeling beoogt te beschermen, zal leiden tot onbillijkheid van overwegende aard.

Artikel 34. Mandaatverlening

Vervallen

Artikel 35. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij is geplaatst en vervalt met ingang van 1 juli 2017.

Artikel 36. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling lerarenbeurs voor scholing en zij-instroom 2009–2017.

Bijlage 1

Bijlage 1

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Artikel 18a. Verantwoording en controle van de subsidie studieverlof

Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden

Hoofdstuk 3. Zij-instroom

§ 1. Inleidende bepalingen

§ 2. Subsidieaanvraag zij-instroom

§ 3. Subsidieverlening zij-instroom

§ 4. Verplichtingen subsidieontvanger zij-instroom

§ 5. Voorschot subsidie zij-instroom

§ 6. Vaststelling subsidie zij-instroom

Hoofdstuk 4. Wijziging Tijdelijke regeling lerarenbeurs voor scholing

Hoofdstuk 5. Slotbepalingen

Bijlage 2

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Artikel 18b. Verantwoording subsidie studieverlof

De verantwoording door het bevoegd gezag van de subsidie studieverlof geschiedt in de jaarverslaggeving, bedoeld in de Regeling jaarverslaggeving onderwijs. De verklaring van de accountant bij de jaarrekening bevat, in het geval bedoeld in artikel 18a, tevens een oordeel over de rechtmatige besteding van de subsidie.

Hoofdstuk 3. Zij-instroom

§ 1. Inleidende bepalingen

§ 2. Subsidieaanvraag zij-instroom

§ 3. Subsidieverlening zij-instroom

§ 6. Vaststelling subsidie zij-instroom

Hoofdstuk 5. Slotbepalingen

Bijlage 2

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.