Regeling van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 13 december 2006, nr. OHWU- 2732433, houdende de vaststelling van het vrijstellingsbedrag inkomsten uit vermogen ingevolge de wetten voor oorlogsgetroffenen per 1 januari 2007
Gelet op artikel 18, zevende lid, van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945, alsmede op de artikelen 12a van de Wet buitengewoon pensioen 1940-1945, 12 van de Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers, 17 van de Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet en 27 van de Wet uitkeringen burgeroorlogsslachtoffers 1940-1945;
Besluit:
Artikel I
De bedragen, genoemd in artikel 19, vijfde lid, onder a, van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945, alsmede in de artikelen 12, tweede lid, onder c, van de Wet buitengewoon pensioen 1940-1945, 11, tweede lid, onder c, van de Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers, 16, tweede lid, onder b, ten derde, van de Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet en bedoeld in artikel 28, vierde lid, onder a, van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945, worden als volgt herzien:
- a. het bedrag, genoemd in artikel 19, vijfde lid, onder a, van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945, wordt verhoogd tot € 739,97;
- b. het bedrag, genoemd in de artikelen 12, tweede lid, onder c, van de Wet buitengewoon pensioen 1940-1945, 11, tweede lid, onder c, van de Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers en 16, tweede lid, onder b, ten derde, van de Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet, wordt verhoogd tot tot zevenhonderdnegenendertig euro en zevenennegentig eurocent;
- c. het vrij te laten bedrag, bedoeld in artikel 28, vierde lid, onder a, van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945, wordt vastgesteld op € 739,97 per jaar.
Artikel II
Deze regeling treedt in werking ingang van 1 januari 2007.
Deze regeling zal in de Staatscourant worden geplaatst.