Besluit van 25 juni 2009, houdende nadere regels inzake buitengerechtelijke kosten bij tenuitvoerlegging van dwangbevelen (Besluit buitengerechtelijke kosten)
Op de voordracht van Onze Minister van Justitie van 9 april 2008, nr. 5538104/08/6;
Gelet op artikel 4:120, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht;
De Raad van State gehoord (advies van 25 april 2008, nr. W03.08.0128/II);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Justitie van 24 juni 2009, nr. 5604068/09/6;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Treedt in werking op het tijdstip waarop de Vierde tranche Algemene wet bestuursrecht in werking treedt.
Artikel 1
De buitengerechtelijke kosten, bedoeld in artikel 4:120 van de Algemene wet bestuursrecht, kunnen in rekening worden gebracht voor zover zij redelijk zijn en bedragen ten hoogste:
15% van de geldsom, bedoeld in artikel 4:86 van de Algemene wet bestuursrecht, over de eerste € 2.500 van de vordering;
10% van de geldsom, bedoeld in artikel 4:86 van de Algemene wet bestuursrecht, over de volgende € 2.500 van de vordering;
5% van de geldsom, bedoeld in artikel 4:86 van de Algemene wet bestuursrecht, over de volgende € 5.000 van de vordering;
1% van de geldsom, bedoeld in artikel 4:86 van de Algemene wet bestuursrecht, over de volgende € 190.000 van de vordering;
0,5% van de geldsom, bedoeld in artikel 4:86 van de Algemene wet bestuursrecht, over het meerdere met een maximum van € 6.775.
De kosten worden verhoogd met een percentage dat overeenkomt met het percentage, bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Wet op de Omzetbelasting 1968, indien het bestuursorgaan voor de verkrijging van voldoening buiten rechte gebruik maakt van een dienst als bedoeld in de Wet op de omzetbelasting 1968 ter zake waarvan op grond van die wet omzetbelasting is verschuldigd en het bestuursorgaan de hem in rekening gebrachte omzetbelasting niet op grond van genoemde wet kan verrekenen of daarvoor op grond van de Wet op het BTW-compensatiefonds een recht op een bijdrage uit het fonds heeft en zulks nadrukkelijk verklaart en verklaart dat de kosten in verband daarmee zijn verhoogd.
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop de Vierde tranche Algemene wet bestuursrecht in werking treedt.
Artikel 3
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengerechtelijke kosten.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.