Besluit van 11 juni 2009, houdende regels voor het vaststellen van de op grond van de Wet op het financieel toezicht en enige andere wetten op te leggen bestuurlijke boetes (Besluit bestuurlijke boetes financiële sector)

Type AMvB
Publication 2025-07-18
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Op de voordracht van Onze Minister van Financiën, gedaan mede namens Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, van 19 mei 2009, nr. FM/2009/1037 M, Generale Thesaurie, Directie Financiële Markten;

Gelet op de artikelen 176, tweede lid en 179, eerste lid, van de Pensioenwet, artikelen 10d, vijfde lid en 10e van de Sanctiewet 1977, artikelen 9b, tweede lid en 9c, eerste lid, van de Wet financiële betrekkingen buitenland 1994, artikelen 21, tweede lid en 22, eerste lid, van de Wet inzake de geldtransactiekantoren, artikelen 1:80, tweede lid en 1:81, eerste lid, van de Wet op het financieel toezicht, artikel 28, eerste en tweede lid, van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme, artikelen 54, tweede lid en 55, eerste lid, van de Wet toezicht accountantsorganisaties, artikelen 21, tweede lid en 22, eerste lid, van de Wet toezicht trustkantoren, artikelen 171, tweede lid en 174, eerste lid, van de Wet verplichte beroepspensioenregeling en artikelen 19, tweede lid en 20, eerste lid, van de Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000;

De Raad van State gehoord (advies van 2 april 2009, nr. W06.09.0076/III);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Financiën, van 2 juni 2009, nr. FM 2009/1037 M, Generale Thesaurie, Directie Financiële Markten, uitgebracht mede namens Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet wijziging boetestelsel financiële wetgeving in werking treedt.

§ 1. Algemene bepalingen

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder basisbedrag: basisbedrag als bedoeld in artikel 10e, tweede lid, van de Sanctiewet 1977, artikel 9c, tweede lid, van de Wet financiële betrekkingen buitenland 1994, artikel 1:81, tweede en derde lid, van de Wet op het financieel toezicht, artikel 31, tweede en derde lid, van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme, artikel 55, tweede lid, van de Wet toezicht accountantsorganisaties, artikel 49, tweede lid, Wet toezicht trustkantoren 2018.

Artikel 2
1.

De toezichthouder stelt een bestuurlijke boete in de tweede of derde categorie vast op het basisbedrag.

2.

De toezichthouder verlaagt of verhoogt het basisbedrag met ten hoogste 50 procent indien de ernst of duur van de overtreding, mede gelet op de omstandigheden genoemd in artikel 1b, onderdelen a tot en met d, een dergelijke verlaging of verhoging rechtvaardigen.

3.

De toezichthouder verlaagt of verhoogt het basisbedrag met ten hoogste 50 procent indien de verwijtbaarheid, mede gelet op de omstandigheden genoemd in artikel 1b, onderdelen e en f, een dergelijke verlaging of verhoging rechtvaardigen.

Artikel 3

De door de toezichthouder met toepassing van artikel 2 vast te stellen bestuurlijke boete wordt verdubbeld indien tijdens het plegen van de overtreding nog geen vijf jaren zijn verlopen sedert het opleggen van een bestuurlijke boete aan de overtreder ter zake van eenzelfde overtreding.

Artikel 4
1.

De toezichthouder houdt bij het vaststellen van een bestuurlijke boete rekening met de draagkracht van de overtreder.

2.

De toezichthouder kan op basis van het eerste lid of de omstandigheden genoemd in artikel 1b, onderdelen g en h, de op te leggen bestuurlijke boete verlagen met maximaal 100 procent.

§ 2. Indeling van overtredingen in categorieën

Artikel 5

Overtreding van artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht is beboetbaar volgens de tweede categorie.

Artikel 6

Overtreding van artikel 10b van de Sanctiewet 1977 is beboetbaar volgens de tweede categorie.

Artikel 7

Overtreding van artikel 1 van het Besluit financieel verkeer strategische goederen 1996 is beboetbaar volgens de derde categorie

Artikel 8

Overtreding van een voorschrift, gesteld in een hierna genoemd artikel van de Wet financiële betrekkingen buitenland 1994, is als volgt beboetbaar:

Artikel Boetecategorie
6, derde lid 2
7, eerste tot en met het vierde lid 1
Artikel 9

Vervallen

Artikel 10
1.

Overtreding van een voorschrift, gesteld in een hierna genoemd artikel van de Wet op het financieel toezicht of in een hierna genoemd artikel van een op die wet gebaseerde algemene maatregel van bestuur, is beboetbaar zoals bepaald in onderstaande tabellen.

2.

Overtreding van een voorschrift, gesteld krachtens artikel 1:28, tweede of derde lid, van de Wet op het financieel toezicht is beboetbaar met categorie 3.

3.

Overtreding van artikel 1:104a van de Wet op het financieel toezicht is beboetbaar met de categorie die is verbonden aan het handelen zonder de betreffende beschikking.

4.

Overtreding van een voorschrift, gesteld krachtens artikel 3:66 van de Wet op het financieel toezicht, is beboetbaar met categorie 2.

5.

Indien in onderstaande tabellen in de kolom «Boetecategorie» tussen haakjes een bedrag is opgenomen, geldt dit bedrag op grond van artikel 1:81, tweede lid, van de Wet op het financieel toezicht als maximumbedrag. In dat geval geldt als basisbedrag de helft van dat maximumbedrag.

6.

Indien in onderstaande tabellen in de kolom «Boetecategorie» tussen haakjes een percentage is opgenomen, kan op grond van artikel 1:82, tweede lid, van de Wet op het financieel toezicht bij overtreding van dat voorschrift een bestuurlijke boete worden opgelegd van ten hoogste het opgenomen percentage van de netto-omzet van de overtreder in het boekjaar voorafgaande aan de beschikking waarmee de bestuurlijke boete wordt opgelegd.

7.

Indien in onderstaande tabellen in de kolom «Bijzondere termijn openbaarmaking» een «P» staat opgenomen, maakt de toezichthouder op grond van artikel 1:97, derde lid, van de Wet op het financieel toezicht het besluit tot het opleggen van een bestuurlijke boete zo spoedig mogelijk openbaar.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.