Regeling van de Minister van Economische Zaken van 27 november 2009, nr. WJZ/9214712, houdende regels met betrekking tot het centraal loket en het interne markt informatiesysteem (Dienstenregeling centraal loket en interne markt informatiesysteem)
Gelet op de artikelen 6, 8 en 21 van richtlijn nr. 2006/123/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 12 december 2006 betreffende de diensten op de interne markt (PbEU L 376), de beschikking 2009/739/EG van de Commissie van 2 oktober 2009 tot vaststelling van de praktische regels voor de uitwisseling van informatie via elektronische middelen tussen de lidstaten uit hoofde van hoofdstuk VI van richtlijn nr. 2006/123/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 12 december 2006 betreffende de diensten op de interne markt (PbEU L 376), en de artikelen 10, 13, tweede lid, 14, tweede lid, artikel 21, 52 en 60 van de Dienstenwet, artikel 8, van het Dienstenbesluit centraal loket en artikel 2:15, eerste lid, tweede volzin, van de Algemene wet bestuursrecht;
Besluit:
§ 1. Begripsbepalingen
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
- a. berichtenbox: een beveiligde elektronische postbus die deel uitmaakt van de elektronische omgeving van het centraal loket;
- b. toegangsgegevens: gegevens die toegang verschaffen tot een berichtenbox;
- c. webinterface berichtenbox: een applicatie die toegankelijk is via de website die deel uitmaakt van het centraal loket en geschikt is om met handmatige invoering van toegangsgegevens toegang te verschaffen tot een berichtenbox;
- d. adresseringsgegevens: gegevens waarmee ten behoeve van verzending of ontvangst van procedureberichten op een voor dienstverrichters en bevoegde instanties bruikbare wijze een berichtenbox langs elektronische weg geïdentificeerd kan worden;
- e. koppelvlak voor procedureberichten: het geheel van standaarden, bedoeld in paragraaf 1 van de bijlage bij deze regeling, waarvan het gebruik voorwaarde is om geautomatiseerde uitwisseling van procedureberichten mogelijk te maken tussen een systeem voor gegevensverwerking van een bevoegde instantie buiten het centraal loket en een berichtenbox waar zij toegang tot heeft;
- f. machtigingsvoorziening berichtenbox: een voorziening met behulp waarvan een dienstverrichter die toegang tot een voor hem aangemaakte berichtenbox heeft, die toegang kan uitbreiden en ongedaan maken voor personen die voor hem of haar werkzaam zijn en voor anderen die in zijn of haar opdracht betrokken zijn bij de afwikkeling van procedures en formaliteiten;
- g. complex webformulier: een door een bevoegde instantie vastgesteld formulier dat op procedures en formaliteiten betrekking heeft en waarbij met betrekking tot dit formulier is voldaan aan de voorwaarden, bedoeld in artikel 4, tweede lid, van het Dienstenbesluit centraal loket;
- h. verwijzingscatalogus loketinformatie: een applicatie die het geheel aan door bevoegde instanties langs elektronische weg toegankelijk gemaakte complexe webformulieren en informatie, bedoeld in de artikelen 8 en 19 van de Dienstenwet, samenhangend categoriseert met behulp van metagegevens;
- i. meldings- en notificatiesysteem Dienstenwet: een applicatie met behulp waarvan een bevoegde instantie de informatie, bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdeel a, van de Dienstenwet aanmaakt en beschikbaar stelt voor opname in de verwijzingscatalogus loketinformatie of het centraal loket;
- j. betafase-berichtenbox: een testversie van de berichtenbox waar een bevoegde instantie onder voorwaarden tot uiterlijk de inwerkingtreding van deze regeling toegang kon verkrijgen;
- k. uitvoeringsbeschikking IMI: beschikking van de Commissie van 2 oktober 2009 tot vaststelling van de praktische regels voor de uitwisseling van informatie via elektronische middelen tussen de lidstaten uit hoofde van hoofdstuk VI van Richtlijn 2006/123/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende diensten op de interne markt (PbEU L 263).
§ 2. De inrichting van het centraal loket voor procedure- en bijstandsberichten
Artikel 2
Een berichtenbox kan worden aangemaakt voor een dienstverrichter of een bevoegde instantie.
Een dienstverrichter of een bevoegde instantie kan toegangsgegevens verkrijgen.
Een dienstverrichter of een bevoegde instantie die over een berichtenbox en daarop betrekking hebbende toegangsgegevens beschikt, kan via de webinterface berichtenbox toegang tot die berichtenbox verkrijgen.
Artikel 3
Een bevoegde instantie die via de webinterface berichtenbox toegang tot een berichtenbox heeft, wordt daarnaast de mogelijkheid geboden tot diezelfde berichtenbox toegang te verkrijgen door middel van een koppelvlak voor procedureberichten.
Artikel 4
Een dienstverrichter of een bevoegde instantie met toegang tot een berichtenbox, heeft:
- a. de beschikking over adresseringsgegevens met betrekking tot die berichtenbox;
- b. via die berichtenbox toegang tot een lijst met adresseringsgegevens van alle berichtenboxen die voor bevoegde instanties zijn aangemaakt.
Artikel 5
Een dienstverrichter met toegang tot een berichtenbox kan:
- a. daarin een procedurebericht invoegen of opstellen;
- b. van daaruit een procedurebericht verzenden naar een berichtenbox toegankelijk voor een bevoegde instantie;
- c. daarin een procedurebericht ontvangen;
- d. daarmee een ontvangen procedurebericht inzien, vernietigen of ongewijzigd overbrengen naar een systeem voor gegevensverwerking buiten het centraal loket.
Een dienstverrichter met toegang tot een berichtenbox, krijgt een afschrift in zijn berichtenbox van een procedurebericht dat hij verzendt. Op een afschrift is het eerste lid, onderdeel d, van overeenkomstige toepassing.
Een dienstverrichter met toegang tot een berichtenbox die een procedurebericht ontvangt, krijgt daarmee tevens de beschikking over de adresseringsgegevens van de berichtenbox van waaruit het bericht is verzonden.
Artikel 6
Een bevoegde instantie met toegang tot een berichtenbox kan van daaruit een procedurebericht verzenden naar een berichtenbox toegankelijk voor een dienstverrichter of een bevoegde instantie.
Artikel 5, eerste lid, onderdelen a, c en d, het tweede en derde lid, zijn van overeenkomstige toepassing op een bevoegde instantie met toegang tot een berichtenbox.
Artikel 7
Indien een dienstverrichter of bevoegde instantie een procedurebericht vanuit een berichtenbox naar een andere berichtenbox zendt, wordt binnen het centraal loket het tijdstip geregistreerd waarop dat bericht de andere berichtenbox bereikt en wordt dit tijdstip op een voor de ontvanger toegankelijke wijze aan het desbetreffende bericht gehecht.
Bij een registratie van een tijdstip als bedoeld in het eerste lid, wordt in ieder geval tevens geregistreerd de berichtenbox van waaruit het procedurebericht is verzonden.
Artikel 8
Indien een verzonden procedurebericht een berichtenbox bereikt, wordt vanuit die berichtenbox een automatisch aangemaakt bericht verzonden naar een of meer systemen voor gegevensverwerking van de bevoegde instantie, dienstverrichter of persoon of ander als bedoeld in artikel 10, tweede lid, die toegang tot die berichtenbox heeft, met de mededeling dat een nieuw bericht in die berichtenbox aanwezig is.
Artikel 9
De vernietigingstermijn, bedoeld in artikel 13, tweede lid, van de Dienstenwet, wordt gesteld op vijf jaren te rekenen vanaf de aanwezigheid van een bericht in een berichtenbox. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt onder bericht tevens een afschrift van een bericht verstaan.
Het centraal loket is zodanig ingericht dat ten minste zes weken voorafgaand aan een vernietiging van een bericht, bedoeld in het eerste lid, een automatisch aangemaakt bericht naar die berichtenbox wordt verzonden, waarin die vernietiging wordt aangekondigd.
Bij de vernietiging van een bericht, bedoeld in het eerste lid, wordt tevens het bericht van aankondiging, bedoeld in het tweede lid, vernietigd.
Artikel 10
Er is een machtigingsvoorziening berichtenbox beschikbaar, waarvan een dienstverrichter met toegang tot een berichtenbox gebruik kan maken via de website die deel uitmaakt van het centraal loket.
Met behulp van een machtigingsvoorziening berichtenbox kan een dienstverrichter die toegang tot een voor hem aangemaakte berichtenbox heeft, een persoon die voor hem werkzaam is of een ander die in zijn opdracht betrokken is bij de afwikkeling van procedures en formaliteiten eveneens toegang tot die berichtenbox verschaffen met andere toegangsgegevens dan waarover de dienstverrichter zelf beschikt.
Een dienstverrichter kan de toegang tot een berichtenbox voor de persoon of ander, bedoeld in het tweede lid, ongedaan maken.
Het eerste tot en met derde lid is van overeenkomstige toepassing op een bevoegde instantie met toegang tot een berichtenbox.
Artikel 11
Er is een verwijzingscatalogus loketinformatie beschikbaar met behulp waarvan een complex webformulier kan worden ontsloten via de website die van het centraal loket deel uitmaakt.
Vervallen.
Artikel 12
Een kritische functie van het centraal loket is gedurende ieder kalenderjaar ten minste 97 procent van de tijd beschikbaar.
Onder een kritische functie als bedoeld in het eerste lid, wordt verstaan een functie met betrekking tot het centraal loket, bedoeld in artikel 2, derde lid, of één van de functies, bedoeld in de artikelen 3 tot en met 8.
De tijdsduur gedurende welke een kritische functie als bedoeld in het tweede lid, niet beschikbaar is, blijft bij de berekening van het percentage, bedoeld in het eerste lid, buiten beschouwing, indien dit het gevolg is van een calamiteit of van een geplande uitvoering van onderhoud, vervanging of uitbreiding met betrekking tot het centraal loket.
Bij een geplande uitvoering van onderhoud, vervanging of uitbreiding met betrekking tot het centraal loket, zijn de kritische functies van dit loket gedurende die uitvoering ten hoogste tweemaal per kalendermaand in de nachten van vrijdag op zaterdag tussen 01.00 uur en 07.00 uur niet beschikbaar.
Artikel 13
De nodige maatregelen van technische en organisatorische aard ter beveiliging van het centraal loket, bedoeld in artikel 7, eerste tot en met derde lid, van het Dienstenbesluit centraal loket hebben in ieder geval betrekking op:
- a. het vaststellen en beschrijven van de functies, bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de personen, werkzaam voor Onze Minister ten aanzien van het centraal loket, waarbij een duidelijk onderscheid wordt gemaakt tussen de aandachtsgebieden ontwikkeling en exploitatie van het centraal loket en tussen functioneel en technisch beheer daarvan;
- b. de beschikbaarheid van de deskundigheid en bekwaamheid waarover de personen binnen de functies, bedoeld onder a, moeten beschikken;
- c. de integriteit van voor Onze Minister werkzame personen, bedoeld onder a;
- d. de omgeving en ruimtes waarin apparatuur is opgesteld en programmatuur zich bevindt, alsmede de kwaliteit, de installatie, het onderhoud, het configuratiebeheer en de wijze van testen van die apparatuur en programmatuur;
- e. de beschikbaarheid, het gebruik en het beheer van middelen die toegang bieden aan daartoe bevoegde personen tot gebouwen en ruimten waar apparatuur en programmatuur die van het centraal loket deel uitmaken, is opgesteld respectievelijk zich bevindt;
- f. de bescherming tegen onbevoegde toegang tot apparatuur, programmatuur, verbindingen en daarin aanwezige gegevens tegen aantasting, vernietiging, verlies, wijziging, of onbevoegde verstrekking;
- g. het aanmaken van toegangsgegevens en het wijzigen daarvan;
- h. het doorgeven van wijzigingen in de aanmeldingsgegevens, bedoeld in de bijlage bij deze regeling;
- i. het voorkomen van misbruik van toegang tot een berichtenbox en de mogelijkheden tot herstel, tijdelijke opschorting of definitieve beëindiging van de toegang tot een berichtenbox in geval van misbruik, van dreiging van misbruik, of van verlies van toegangsgegevens;
- j. het vaststellen en beschrijven van de functies, bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de personen betrokken bij de verwerking van persoonsgegevens waarvoor Onze Minister verwerkingsverantwoordelijke is op grond van artikel 16, tweede lid, van de Dienstenwet;
- k. het vaststellen en beschrijven van verantwoordelijkheden en te volgen werkprocessen in het geval van een calamiteit, waaronder de beschikbaarheid van uitwijkfaciliteiten voor dat geval.
Artikel 14
De artikelen 1 tot en met 9 zijn tevens van toepassing op het via het centraal loket kunnen verzenden en ontvangen van een bijstandsbericht, met dien verstande dat voor ‘een bevoegde instantie’ telkens wordt gelezen Onze Minister, voor ‘dienstverrichter’: zakelijke afnemer, en voor ‘procedurebericht’: bijstandsbericht.
§ 3. De toegang tot het centraal loket
Artikel 15
Voor een dienstverrichter wordt een berichtenbox aangemaakt en komen toegangsgegevens beschikbaar, indien hij via het centraal loket aan Onze Minister de aanmeldingsgegevens, bedoeld in paragraaf 2 van de bijlage bij deze regeling, verstrekt.
Een dienstverrichter waarvoor een berichtenbox is aangemaakt en die over toegangsgegevens beschikt, heeft toegang tot die berichtenbox indien hij zorg draagt voor een verbinding tussen een eigen systeem voor gegevensverwerking en de webinterface berichtenbox.
Een dienstverrichter met toegang tot een berichtenbox kan met behulp van de machtigingsvoorziening berichtenbox toegang tot die berichtenbox verschaffen aan een persoon die voor hem werkzaam is of aan een ander die in zijn opdracht betrokken is bij de afwikkeling van procedures en formaliteiten, indien de dienstverrichter de aanmeldingsgegevens, bedoeld in paragraaf 3 van de bijlage bij deze regeling, aan Onze Minister heeft verstrekt.
Artikel 16
Ten behoeve van een bevoegde instantie wordt een berichtenbox aangemaakt en komen toegangsgegevens beschikbaar om via de webinterface berichtenbox toegang tot die berichtenbox te kunnen verkrijgen, indien een persoon die namens die bevoegde instantie met het realiseren hiervan is belast aan Onze Minister verstrekt:
- a. een ondertekend schriftelijk verzoek dat strekt tot aansluiting op het centraal loket via de webinterface berichtenbox;
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.