Beleidsregel van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 17 december 2009, nr. HO&S/BS/2009/177909, inzake de afdoening van verzoeken om toestemming tot het voeren van Nederlandse titulatuur op grond van een in het buitenland behaalde graad als bedoeld in artikel 7.23 derde lid van de Wet op het hoger onderwijs en het wetenschappelijk onderzoek (WHW)
1. Inleiding
Hierbij bericht de Minister, een ieder die op grond van een aan een buitenlandse instelling van hoger onderwijs behaalde graad, in aanmerking wil komen voor toestemming tot het voeren van een Nederlandse titel, dat het onderstaande beleid wordt gevoerd.
2. Vereiste voor behandeling van verzoeken
3. Verificatie van de echtheid van de opleidingsdocumenten
4. Het door de Minister gevoerde beleid
5. Geldigheidsduur
Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 1 januari 2010 en vervalt uiterlijk op 1 januari 2014.
6. Intrekking
Met ingang van 1 januari 2010 wordt de beleidsregel ‘Titulatuur op grond van artikel 7.23 van WHW’ (kenmerk AGOCW/MT/06.048 d.d. 30 oktober 2006 ) ingetrokken.
7. Bekendmaking
Deze beleidsregel met de toelichting wordt geplaatst in de Staatscourant.
6. Intrekking
Met ingang van 1 januari 2010 wordt de beleidsregel ‘Titulatuur op grond van artikel 7.23 van WHW’ (kenmerk AGOCW/MT/06.048 d.d. 30 oktober 2006 ) ingetrokken.
7. Bekendmaking
Deze beleidsregel met de toelichting wordt geplaatst in de Staatscourant.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.