Beleidsregel van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 17 december 2009, nr. HO&S/BS/2009/178048, inzake de ‘Buiteninvorderingstelling lesgeld asielzoekers en bepaalde categorieën vreemdelingen’ op grond van artikel 9b Les- en cursusgeldwet (LCW) is bestemd voor asielzoekers en bepaalde categorieën vreemdelingen, die lesgeld dienen te betalen en voor buiteninvorderingstelling hiervan in aanmerking willen komen
Heeft besloten onderstaand beleid te laten uitvoeren door de Dienst Uitvoering Onderwijs:
Artikel 1. Begripsbepalingen
In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
- lesgeld: het lesgeld, bedoeld in artikel 3 van de Les- en cursusgeldwet;
- lesgeldplichtige vreemdeling: vreemdeling die op grond van artikel 8, onderdelen f, g, h, j of k, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig in Nederland verblijft, en die lesgeldplichtig is op grond van artikel 3 van de Les- en cursusgeldwet;
- schooljaar: tijdvak dat aanvangt op 1 augustus van enig kalenderjaar en eindigt op 31 juli daarop volgend;
- WSF 2000: Wet studiefinanciering 2000;
Artikel 2. Voorwaarden
Voor gehele of gedeeltelijke kwijtschelding van het verschuldigde lesgeld komt een lesgeldplichtige vreemdeling in aanmerking die voldoet aan de volgende voorwaarden:
- a. de lesgeldplichtige vreemdeling komt niet in aanmerking voor een tegemoetkoming in het lesgeld op grond van de WTOS of de WSF 2000; en
- b. de lesgeldplichtige vreemdeling is niet in staat het verschuldigde lesgeld geheel dan wel gedeeltelijk te voldoen.
Van een situatie bedoeld in het eerste lid onder b is sprake indien is voldaan aan de volgende voorwaarden:
- a. de lesgeldplichtige vreemdeling verklaart niet in staat te zijn het verschuldigde lesgeld geheel dan wel gedeeltelijk te voldoen; en
- b. de uitkerende instantie, dan wel een door de lokale overheid erkende instantie, niet zijnde een dagschool, die zorg draagt voor de opvang of begeleiding van de lesgeldplichtige vreemdeling, verklaart niet in staat te zijn het verschuldigde lesgeld geheel dan wel gedeeltelijk te voldoen.
Artikel 3. Het verzoek kwijtschelding van het lesgeld
Het verzoek tot kwijtschelding van lesgeld wordt schriftelijk aangevraagd met een standaardformulier, voorzien van geldige bewijsstukken omtrent de verblijfsstatus van de lesgeldplichtige op de inschrijfdatum bij de dagschool.
Het verzoek wordt ingevuld door een uitkerende instantie, dan wel een door de lokale overheid erkende instantie, niet zijnde een dagschool, die zorg draagt voor de opvang of begeleiding van de lesgeldplichtige.
De instantie, bedoeld in het vorige lid, verklaart niet in staat te zijn het verschuldigde lesgeld voor de lesgeldplichtige geheel dan wel gedeeltelijk te voldoen.
De lesgeldplichtige zelf verklaart ook niet in staat te zijn het verschuldigde lesgeld geheel of gedeeltelijk te voldoen.
Het verzoek wordt bij voorkeur direct bij inschrijving met de onderwijskaart bij de dagschool ingeleverd. Verzoeken, ingediend na afloop van het desbetreffende schooljaar, worden niet gehonoreerd.
Artikel 4. Reikwijdte van de kwijtschelding
De kwijtschelding betreft het gehele schooljaar, ook wanneer de betreffende leerling tussentijds zijn opleiding onderbreekt en zich later in het schooljaar bij dezelfde dan wel een andere school inschrijft.
Indien het lesgeld reeds geheel of ten dele is betaald, ziet de kwijtschelding op het nog resterende verschuldigde lesgeld in het betreffende schooljaar.
Artikel 5. Wijzigingen in de verblijfsstatus
Vervallen
Artikel 6. Overgangsrecht
Vervallen
Artikel 7. Bekendmaking
Deze beleidsregel treedt met ingang van 1 januari 2010 in werking. Deze beleidsregel met de toelichting wordt geplaatst in de Staatscourant.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.