Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 2 februari 2010, nr. CZW/WVOB 2009-0000745684, tot het opdragen van opsporingstaken die samenhangen met de uitkeringen krachtens de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers en enige andere wetten aan de Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (Regeling toedeling opsporingstaken Appa)

Type Ministeriële regeling
Publication 2010-02-13
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

handelende in overeenstemming met de Minister van Justitie en de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;

Gelet op artikel 3, aanhef en onder b, van de Wet op de bijzondere opsporingsdiensten;

Besluit:

Artikel 1

De bijzondere opsporingsdienst, bedoeld in artikel 2, aanhef en onder d, van de Wet op de bijzondere opsporingsdiensten, heeft mede tot taak het opsporen van strafbare feiten die samenhangen met de uitkeringen krachtens de hoofdstukken 3 en 10 van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers, artikel 7 van de Wet schadeloosstelling, uitkering en pensioen leden Europees Parlement, artikel 15 van de Wet vergoedingen leden Eerste Kamer en de artikelen 6 en 9, vierde lid, van de Wet Nationale ombudsman.

Artikel 2

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 3

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling toedeling opsporingstaken Appa.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.