Kadasterregeling 1994

Type ZBO-regeling
Publication 2024-09-28
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

14 april 1994/Nr. KAZ15494004

Dienst voor het Kadaster en de Openbare registers

Gelet op de artikelen 4, derde lid, 7, eerste lid, onder c, 8, tweede lid, tweede zin, en derde lid, 11, zesde lid, 12, derde lid, 14, vierde lid, 15, derde, vierde en zesde lid, 16, 17, 44, tweede lid, 48, tweede lid, onder h, en vierde lid, 49, tweede lid, 51, 52, tweede lid, 71, 72, 75, derde lid, 76, tweede en zevende lid, 79, 80, 81, eerste lid, tweede zin, 82, 83, 99, tweede lid, 102, tweede en vierde lid, 103, tweede lid, 108, vierde lid, 111, eerste lid, 115 en 116, eerste en tweede lid, van de Kadasterwet, alsmede op de artikelen 4, eerste lid, 5, 6, eerste en tweede lid, 7, 10, eerste lid, 11, derde lid, 12, eerste lid, 13, eerste lid, 16, derde lid, 17, 38 en 39 van het Kadasterbesluit;

Besluit:

Treedt in werking op het tijdstip waarop de Organisatiewet Kadaster in werking treedt.

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2

Vervallen

Artikel 3
1.

Er worden afzonderlijke openbare registers als bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de wet gehouden voor:

2.

De openbare registers bestaan uit:

3.

Indien een ter inschrijving aangeboden stuk feiten bevat betreffende stukken als bedoeld in het tweede lid, onder a, en feiten betreffende stukken als bedoeld in het tweede lid, onder b, wordt dat stuk ingeschreven in zowel het register Hypotheken 3 als het register Hypotheken 4.

4.

De openbare registers worden deels in papieren vorm en deels in elektronische vorm gehouden.

Hoofdstuk 2. Openbare registers voor onroerende zaken

Titel 1. Vorm van de openbare registers

Artikel 4
1.

In het register Hypotheken 4D worden vermeld:

Artikel 5
1.

Indien een boeking betrekking heeft op een stuk dat in papieren vorm is aangeboden, vult de bewaarder een formulier Hypotheken 4D in, dat de vorm heeft van het model dat als bijlage 3 bij deze regeling is gevoegd.

2.

Van het aangeboden stuk en, voor zover van toepassing, van de naderhand overgelegde dagvaardingen en rechterlijke uitspraken, wordt door de bewaarder een afschrift vervaardigd en gevoegd achter het desbetreffende formulier Hypotheken 4D. Het formulier Hypotheken 4D wordt, met de daarbij behorende stukken betreffende doorgehaalde voorlopige aantekeningen, opgeborgen in het in papieren vorm gehouden gedeelte van het register Hypotheken 4D.

Artikel 6
1.

Indien een boeking betrekking heeft op een stuk dat in elektronische vorm ter inschrijving is aangeboden, wordt dit stuk opgeslagen in het in elektronische vorm gehouden gedeelte van het register Hypotheken 4D onder vermelding van het stukidentificatienummer. Indien naast het stuk ook dagvaardingen of rechterlijke uitspraken in papieren vorm zijn overgelegd, worden de afschriften van de laatstgenoemde stukken alsmede de bijbehorende stukken betreffende doorgehaalde voorlopige aantekeningen opgeslagen in het in papieren vorm gehouden gedeelte van het register Hypotheken 4D onder vermelding van het aan de boeking toegekende nummer.

2.

Indien een stuk dat is opgeslagen in het elektronische gedeelte van het register Hypotheken 4D krachtens een hernieuwd verzoek tot inschrijving alsnog dient te worden ingeschreven in het register Hypotheken 3 of het register Hypotheken 4, wordt dat stuk rechtstreeks overgebracht naar de logische databank van het desbetreffende in elektronische vorm gehouden gedeelte van het register Hypotheken 3 of het register Hypotheken 4, onder toevoeging van het tijdstip van ontvangst van het hernieuwde verzoek tot inschrijving.

Titel 2. Aantekeningen in de openbare registers

Artikel 7
1.

In de in papieren vorm gehouden gedeelten van het register, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a, worden door de bewaarder de in het tweede tot en met zevende lid genoemde aantekeningen gesteld in de in die leden genoemde gevallen.

2.

In geval van een inschrijving van een stuk tot verbetering als bedoeld in artikel 42 van de wet na het verstrijken van de termijn van 48 uur, bedoeld in artikel 1a, tweede lid, vindt onderlinge verwijzing plaats tussen het stuk tot verbetering en het verbeterde stuk door de vermelding: ‘verbetering van deel ... nr. ...,’ onderscheidenlijk: ‘zie verbetering in deel ... nr. ...’, onder invulling van de desbetreffende gegevens, behoudens in het geval de relatie tussen de desbetreffende inschrijvingen blijkt uit de basisregistratie kadaster.

3.

Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing in geval van een inschrijving van een bijhoudingsverklaring als bedoeld in artikel 46a, eerste lid, van de wet of een proces-verbaal als bedoeld in artikel 45, tweede lid, van de Wet op het notarisambt.

4.

Ingeval bij een ingeschreven stuk een ingeschreven tekening behoort die afzonderlijk wordt bewaard, vindt onderlinge verwijzing plaats tussen het afschrift van het ingeschreven stuk en het afschrift van de ingeschreven tekening, door de vermelding: ‘zie tekening nr. ...,’ onderscheidenlijk: ‘Tekening behorend bij inschrijving in deel ... nr. ...’, onder invulling van de desbetreffende gegevens.

5.

Het vierde lid is van overeenkomstige toepassing op in een vreemde of in de Friese taal gestelde stukken als bedoeld in artikel 41 van de wet, met dien verstande dat in plaats van ‘tekening’ wordt gelezen: akte.

6.

Indien met betrekking tot een deel van de bij een splitsing in appartementsrechten betrokken percelen de splitsing wordt beëindigd, wordt op de laatst ingeschreven tekening een verklaring gesteld waaruit blijkt welke percelen aan de splitsing zijn onttrokken, onder vermelding van het stukidentificatienummer van het stuk betreffende de beëindiging van de splitsing.

Artikel 8
1.

In het in papieren vorm gehouden gedeelte van het register Hypotheken 3 worden, onverminderd de artikelen 2 en 8, de in het tweede lid bedoelde aantekeningen gesteld.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.