Regeling specificaties en typegoedkeuring boordcomputer taxi

Type Ministeriële regeling
Publication 2020-12-19
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op de artikelen artikel 22, eerste en derde lid, 23, derde lid, en 24 van de Wegenverkeerswet 1994;

Besluit:

§ 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

§ 2. Specificaties van de boordcomputer

§ 2.1. De onderdelen van de boordcomputer

Artikel 2
1.

De boordcomputer bestaat uit ten minste:

2.

De boordcomputer kan door middel van additionele verbindingen aan andere inrichtingen worden gekoppeld, of daarmee geïntegreerd worden.

3.

Een verbinding of integratie met de boordcomputer, als bedoeld in het tweede lid, leidt er niet toe dat de boordcomputer niet langer voldoet aan deze regeling.

4.

De boordcomputer voldoet aan de bij deze regeling behorende bijlagen.

Artikel 3
1.

De boordcomputer beschikt over een interne autonome tijdklok. Deze is voortdurend operationeel en levert de UTC, met een maximale onnauwkeurigheid van tachtig delen per miljoen.

2.

De UTC wordt gebruikt voor datering in de boordcomputer.

3.

Indien ingeschakeld, controleert en corrigeert de boordcomputer ten minste eenmaal per uur automatisch de eigen UTC met behulp van een extern signaal, waarbij de eerste controle binnen vijf minuten na inschakelen plaatsvindt.

4.

De resolutie van de tijdklok is één seconde of nauwkeuriger.

5.

De boordcomputer hanteert ISO-8601 voor de numerieke presentatie van datum en tijd.

6.

Om de plaatselijke tijd zichtbaar te maken kan in de activerings- en keuringsmodus met stappen van een half uur het verschil worden ingegeven ten opzichte van de UTC.

7.

Bij een externe stroomonderbreking van minder dan twaalf maanden blijft de interne autonome tijdklok functioneren.

Artikel 4
1.

De boordcomputer heeft vier werkingsmodi:

2.

De operationele modus, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, heeft drie werkingsniveaus:

3.

Het werkingsniveau basis is tevens een geïntegreerd onderdeel van de controlemodus, activerings- en keuringsmodus, en de bedrijfsmodus.

4.

De boordcomputer wisselt naar de volgende werkingsmodus afhankelijk van het type boordcomputerkaart dat in de kaartinterface is ingebracht en koppelt hier een gebruikersgroep aan overeenkomstig de volgende tabel:

Type boordcomputerkaart Werkingsmodus Gebruikersgroep
Geen Operationele modus: Basis ONBEKEND
Chauffeurskaart Operationele modus: Arbeidstijd BESTUURDER
Inspectiekaart Controlemodus TOEZICHTHOUDER
Keuringskaart Activerings- en keuringsmodus WERKPLAATS
Ondernemerskaart Bedrijfsmodus VERVOERDER
5.

In afwijking van de tabel, bedoeld in het vierde lid, leidt het invoeren van een inspectiekaart tijdens de deactivering, bedoeld in artikel 23, niet tot het automatisch selecteren van de controlemodus.

6.

De boordcomputer wisselt na een handmatig verzoek van de bestuurder daartoe tussen de werkingsniveaus van de operationele modus. Het werkingsniveau basis is daarbij altijd ingeschakeld.

7.

Indien het werkingsniveau taxivervoer is ingeschakeld, is tevens het werkingsniveau arbeidstijd ingeschakeld.

8.

Indien er geen chauffeurskaart aanwezig is stelt de boordcomputer de bestuurder in staat om bij het inschakelen van het werkingsniveau arbeidstijd handmatig het burgerservicenummer, bedoeld in de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer, invoeren.

9.

De boordcomputer gebruikt de werkingsmodi om de voor die modi geldende toegangsregels voor toegangsrechten tot functies, objecten en gegevens toe te passen.

10.

Indien in de operationele modus het werkingsniveau arbeidstijd of taxivoer actief is, leidt het invoeren van de inspectiekaart tot het pauzeren van de operationele modus, inclusief de betreffende kaartsessie. Na het afsluiten van de controlemodus wordt de operationele modus hervat.

Artikel 5
1.

De bewegingsopnemer levert impulsen aan de boordcomputer.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.