Besluit van 26 augustus 2010 tot uitvoering van de Wet arbeid vreemdelingen BES (Besluit uitvoering Wet arbeid vreemdelingen BES)

Type Amvb Bes
Publication 2024-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Op de voordracht van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 25 juni 2010, Directie Arbeidsverhoudingen, nr. AV/SDA/2010/11893, gedaan mede namens de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

Gelet op de artikelen 3, aanhef en onderdeel e, 5, derde en achtste lid, 6, derde lid, 8, eerste lid, aanhef en onderdelen c en f, en derde lid, en 9, aanhef en onderdeel e, van de Wet arbeid vreemdelingen BES;

De Raad van State gehoord (advies van 14 juli 2010, nr. W12.10.0261/III);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 23 augustus 2010, Directie Arbeidsverhoudingen, nr. AV/SDA/2010/15109, uitgebracht mede namens de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, tweede lid, van de Rijkswet wijziging Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse Antillen in werking treedt.

§ 1. Begripsbepaling

Artikel 1

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

§ 2. Aanvraag tewerkstellingsvergunning

Artikel 2
1.

Een aanvraag om een tewerkstellingsvergunning wordt ingediend bij Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

2.

De aanvrager ontvangt binnen twee weken een schriftelijk bewijs dat hij de aanvraag heeft ingediend, onder vermelding van de datum van ontvangst.

Artikel 3

Bij een aanvraag om een tewerkstellingsvergunning verstrekt de werkgever de volgende gegevens:

Artikel 4

Bij een aanvraag om een tewerkstellingsvergunning worden de volgende bewijsstukken overgelegd:

Artikel 5

Onverminderd de artikelen 3 en 4 verstrekt de werkgever de volgende gegevens of legt hij de volgende bewijsstukken over in geval de vreemdeling arbeid zal verrichten:

Artikel 6
1.

Onverminderd de overige vereisten voor het verkrijgen van een tewerkstellingsvergunning, wordt deze voor het verrichten van arbeid door inwonend huishoudelijk personeel slechts verleend, indien de arbeid wordt verricht ten behoeve van:

2.

Ten bewijze van het gestelde in het eerste lid, aanhef en onderdelen c en d, wordt een doktersverklaring overgelegd.

3.

Het eerste lid, aanhef en onderdelen a, c en e, en het tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op niet-huwelijkspartners die duurzaam samenleven.

§ 3. Functies en personen waarvoor geen tewerkstellingsvergunning is vereist

Artikel 7

Het verbod, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de wet is niet van toepassing met betrekking tot de huwelijkspartner of de niet-huwelijkspartner die duurzaam samenleeft met:

Artikel 8
1.

Het verbod, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de wet is niet van toepassing met betrekking tot de vreemdeling:

2.

Een aantekening als bedoeld in het eerste lid, onderdeel e, wordt afgegeven aan een vreemdeling die beschikt over een verblijfsvergunning op grond van artikel 12a van de Wet toelating en uitzetting BES.

§ 4. Voorschriften

Artikel 9

Aan een tewerkstellingsvergunning kan het voorschrift worden verbonden dat de werkgever bijdraagt aan de opleiding en training van een lokale arbeidskracht voor de functie waarvoor de werkgever een tewerkstellingsvergunning heeft ontvangen.

§ 5. Aanvullende weigeringsgronden

Artikel 10

Onverminderd artikel 8 van de wet wordt een tewerkstellingsvergunning geweigerd indien:

Artikel 11

Onverminderd artikel 9 van de wet kan een tewerkstellingsvergunning worden geweigerd indien:

§ 6. Bijzondere categorieën

Artikel 12

Vervallen

Artikel 13

Een tewerkstellingsvergunning wordt geweigerd voor werkzaamheden geheel of ten dele bestaande uit het verrichten van seksuele handelingen met derden of voor derden.

Artikel 14

Een tewerkstellingsvergunning voor een vreemdeling die een geestelijke, godsdienstige of levensbeschouwelijke functie uitoefent, waarvoor een specifieke opleiding, of specifieke kennis of ervaring vereist is en die van wezenlijk belang is voor de eredienst of het functioneren van een kerkgenootschap of een ander genootschap op geestelijke of levensbeschouwelijke grondslag, kan zonder toepassing van artikel 5, vijfde lid, aanhef en onderdeel c, en artikel 8, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de wet worden verleend.

Artikel 15
1.

Een tewerkstellingsvergunning voor de vreemdeling die arbeid verricht die noodzakelijk is ter voltooiing van zijn opleiding, kan voor maximaal een jaar worden verleend, zonder toepassing van artikel 5, vijfde lid, aanhef en onderdeel c, en artikel 8, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de wet.

2.

Bij de toepassing van het eerste lid legt de werkgever, in afwijking van artikel 4, aanhef en onderdeel a, de volgende bewijsstukken over:

3.

Het aantal stagiaires bedraagt per bedrijf:

4.

In afwijking van artikel 10, aanhef en onderdeel c, dient de werkgever aan de vreemdeling een stagevergoeding te betalen van minimaal 50% van het bruto minimumloon, genoemd in artikel 9 van de Wet minimumlonen BES, na aftrek van de daarop in te houden loonheffing.

Artikel 16
1.

Een tewerkstellingsvergunning voor de vreemdeling die, in het bezit van een vakgerichte basisopleiding, werkervaring komt opdoen, die van belang is voor zijn functioneren in het herkomstland, kan voor maximaal 24 weken in een periode van een jaar worden verleend, zonder toepassing van artikel 5, vijfde lid, aanhef en onderdeel c en artikel 8, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de wet.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.