Wetboek van Koophandel BES
Algemene bepaling
Artikel 1
Het Burgerlijk Wetboek BES is, voor zover daarvan bij dit Wetboek niet is afgeweken, ook op de in dit Wetboek behandelde onderwerpen toepasselijk.
boek Eerste. van de koophandel in het algemeen
titel Tweede. Van enige soorten van vennootschap
afdeling Eerste. Algemene bepaling
Artikel 10
De in deze titel genoemde vennootschappen worden geregeerd door de overeenkomsten van partijen, door dit Wetboek en door het burgerlijk recht.
afdeling Tweede. Van de vennootschap onder een firma en van die bij wijze van geldschieting of en commandite genaamd
Artikel 11
De vennootschap onder een firma is de maatschap, tot de uitoefening van een bedrijf onder een gemeenschappelijke naam aangegaan.
Artikel 12
Iedere vennoot, die daarvan niet is uitgesloten, is bevoegd ten name van de vennootschap te handelen, gelden uit te geven en te ontvangen, en de vennootschap aan derden en derden aan de vennootschap te verbinden.
Artikel 13
Handelingen, welke niet tot de vennootschap betrekkelijk zijn of tot welke de vennoten volgens de overeenkomst niet bevoegd zijn, worden onder de bepaling van artikel 12 niet begrepen.
Artikel 14
In een vennootschap onder een firma is iedere vennoot wegens de verbintenissen der vennootschap hoofdelijk verbonden.
Artikel 15
De vennootschap bij wijze van geldschieting, anders en commandite genaamd, wordt aangegaan tussen een persoon, of tussen meer dan een hoofdelijk verbonden vennoten, en een of meer andere personen als geldschieters.
Artikel 16
Een vennootschap kan alzo tegelijkertijd zijn een vennootschap onder een firma, ten aanzien van de vennoten onder de firma, en een vennootschap bij wijze van geldschieting, ten aanzien van de geldschieter.
Artikel 17
Behoudens de uitzondering, in het tweede lid van artikel 27 voorkomende, mag de naam van de vennoot bij wijze van geldschieting in de firma niet worden gebezigd.
De vennoot mag noch daden van beheer verrichten, noch in de zaken van de vennootschap werkzaam zijn.
Hij draagt niet verder in de schade dan ten belope van de gelden, welke hij in de vennootschap heeft ingebracht of heeft moeten inbrengen, zonder dat hij immer tot teruggave van genoten winsten verplicht zij.
Tenzij tussen partijen anders is overeengekomen, kan een vennoot zijn belang in de vennootschap niet overdragen zonder toestemming van de overige vennoten.
Artikel 18
De vennoot bij wijze van geldschieting, die de bepalingen van het eerste of van het tweede lid van het vorige artikel overtreedt, is wegens alle schulden en verbintenissen van de vennootschap hoofdelijk verbonden.
Artikel 19
De vennootschap onder firma en de commanditaire vennootschap worden aangegaan bij authentieke of bij onderhandse akte; het gemis van een akte mag echter aan derden niet worden tegengeworpen.
In de akte van vennootschap worden inrichting en structuur van de vennootschap bepaald.
De akte van vennootschap houdt in de woonplaats van de vennootschap. Indien overeenkomstig de akte de woonplaats is gelegen in het openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba, en de vennootschap in het handelsregister is ingeschreven met vermelding van deze woonplaats wordt de vennootschap beheerst door het recht van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Partijen kunnen anders overeenkomen indien dit in overeenstemming is met het in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba geldende internationaal privaatrecht.
Artikel 20
De vennoten onder een firma zijn verplicht de vennootschap te doen inschrijven in het handelsregister overeenkomstig de daarvoor geldende wettelijke bepalingen.
Artikel 26
Zolang de inschrijving in het handelsregister niet is geschied, wordt de vennootschap onder een firma ten aanzien van derden aangemerkt als algemeen voor alle zaken, als aangegaan voor een onbepaalde tijd en als geen der vennoten uitsluitende van het recht om voor de firma te handelen en te tekenen.
Artikel 27
De firma van een ontbonden vennootschap mag, hetzij uit kracht van de overeenkomst, hetzij indien de gewezen vennoot wiens naam in de firma voorkwam daarin uitdrukkelijk toestemt, of bij overlijden diens erfgenamen zich daartegen niet verzetten, door een of meer personen worden aangehouden, die ten blijke daarvan een akte moeten uitbrengen en dezelve doen inschrijven in het handelsregister overeenkomstig de daarvoor geldende wettelijke bepalingen.
De bepaling van het eerste lid van artikel 17 is niet toepasselijk, indien de afgetredene van vennoot onder een firma vennoot bij wijze van geldschieting is geworden.
Artikel 28
De ontbinding van een vennootschap onder een firma vóór de tijd bij de overeenkomst bepaald, of door afstand of opzegging tot stand gebracht, haar verlenging na verloop van het bepaalde tijdstip, en alle veranderingen in de oorspronkelijke overeenkomst gemaakt, welke derden aangaan, zijn onderworpen aan de voormelde inschrijving.
Artikel 29
Bij de ontbinding van de vennootschap moeten de vennoten, die het recht van beheer hebben gehad, de zaken der gewezen vennootschap in haar naam vereffenen, tenzij bij de overeenkomst anders ware bepaald of de gezamenlijke vennoten (die bij wijze van geldschieting daaronder niet begrepen) hoofdelijk en bij meerderheid van stemmen een andere vereffenaar hebben
Artikel 30
Indien de staat van de kas der ontbonden vennootschap niet toereikt om de opeisbare schulden te betalen, zijn de vereffenaars bevoegd om de benodigde penningen te vorderen; iedere vennoot moet deze voor zijn aandeel in de vennootschap inbrengen.
Artikel 31
De gelden, welke gedurende de vereffening uit de kas der vennootschap kunnen gemist worden, mogen voorlopig worden verdeeld.
titel Vierde. Van voerlieden, en van de kusten bevarende kapiteins
afdeling Derde. Van voerlieden en van de kusten bevarende kapiteins
Artikel 173
De voerlieden en kapiteins zijn aansprakelijk voor alle schaden aan de ten vervoer overgenomen goederen overkomen, uitgezonderd die, welke uit een gebrek van het goed zelf, door overmacht, of door schuld of nalatigheid van de afzender of expediteur, veroorzaakt zijn.
Artikel 174
De voerman of de kapitein is niet ter zake van vertraging aansprakelijk, indien deze door overmacht is veroorzaakt.
Artikel 175
Door het bestellen en aannemen van de vervoerde goederen en door de betaling van het vrachtloon, is elke rechtsvordering ter zake van uiterlijk zichtbare beschadiging of vermindering tegen de voerman of de kapitein vernietigd.
Indien de beschadiging of vermindering niet uiterlijk zichtbaar was, mag een gerechtelijke bezichtiging gedaan worden nadat de goederen zijn aangenomen, om het even of de vracht al dan niet voldaan zij, mits die bezichtiging gevraagd worde binnen tweemaal vierentwintig uren na de ontvangst en van de eenzelvigheid van de goederen blijke.
Artikel 176
Indien de aanneming van de goederen wordt geweigerd of daarover geschil valt, doet de rechter in eerste aanleg, op een eenvoudig verzoekschrift, waarop de wederpartij, zo zij zich daar ter plaatse bevindt, moet worden gehoord, de nodige voorziening tot het opnemen van het goed door deskundigen, en mag hij insgelijks bevelen, dat de goederen in een behoorlijke bewaarplaats worden opgeslagen, om daaruit aan de voerman of de kapitein het beloop van zijn vrachtloon om onkosten te voldoen.
De rechter in eerste aanleg is bevoegd om, op gelijke wijze als hierboven is bepaald, machtiging te verlenen tot de openbare verkoop van bederfelijke waren of van zodanig gedeelte van de goederen, als tot voldoening van vrachtloon en kosten vereist wordt.
Artikel 177
Alle rechtsvordering tegen de expediteur, voerman of kapitein, uit hoofde van geheel verlies, vertraging in de bezorging of geleden schade aan goederen, verjaart met de tijd van zes maanden, ten aanzien van binnen de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba gedane verzendingen, en met verloop van een jaar ten aanzien van verzendingen uit de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba naar elders gedaan, gerekend, in geval van verlies, van de dag dat het vervoer van de goederen had moeten volbracht zijn, en, in geval van beschadiging of te late bezorging, van de dag dat het goed ter plaatse van zijn bestemming is aangekomen.
Deze verjaring is niet toepasselijk in geval van bedrog of ontrouw.
Artikel 178
De rechten en verplichtingen omtrent de scheepvaart, bij het tweede boek van dit wetboek voorgeschreven, zijn ook toepasselijk op de vaart langs de kusten, voor zover dit uitdrukkelijk bij dat boek is bepaald.
Artikel 179
De bepalingen van deze titel zijn niet toepasselijk op de rechten en verplichtingen tussen de koper en de verkoper.
titel Vijfde. Van wisselbrieven en orderbriefjes
afdeling Eerste. Van de uitgifte en de vorm van de wisselbrief
Artikel 180
De wisselbrief behelst:
- 1°. de benaming «wisselbrief», opgenomen in de tekst zelf en uitgedrukt in de taal, waarin de titel is gesteld;
- 2°. de onvoorwaardelijke opdracht tot betaling van een bepaalde som;
- 3°. de naam van degene, die betalen moet (betrokkene);
- 4°. de aanwijzing van de vervaldag;
- 5°. die van de plaats, waar de betaling moet geschieden;
- 6°. de naam van degene, aan wie of aan wiens order de betaling moet worden gedaan;
- 7°. de vermelding van de dagtekening, alsmede van de plaats, waar de wisselbrief is getrokken;
- 8°. de handtekening van degene, die de wisselbrief uitgeeft (trekker).
De titel, waarin één van de in het voorgaande lid aangegeven vermeldingen ontbreekt, geldt niet als wisselbrief, behoudens in de hieronder genoemde gevallen.
De wisselbrief, waarvan de vervaldag niet is aangewezen, wordt beschouwd als betaalbaar op zicht.
Bij gebreke van een bijzondere aanwijzing wordt de plaats, aangegeven naast de naam van de betrokkene, geacht te zijn de plaats van betaling en tevens de plaats van het domicilie van de betrokkene.
De wisselbrief, welke niet de plaats aanwijst, waar hij is getrokken, wordt geacht te zijn ondertekend in de plaats, aangegeven naast de naam van de trekker.
Artikel 181
De wisselbrief mag aan de order van de trekker luiden.
Hij mag worden getrokken op de trekker zelf.
Hij mag worden getrokken voor rekening van een derde. De trekker wordt geacht voor zijn eigen rekening te hebben getrokken, indien uit de wisselbrief of uit de adviesbrief niet blijkt, voor wiens rekening zulks is geschied.
Indien de trekker op de wisselbrief de vermelding «waarde ter incassering», «ter incasso», «in lastgeving», of enige andere vermelding, met zich brengend een blote opdracht tot inning, heeft geplaatst, is de nemer bevoegd om alle uit de wisselbrief voortvloeiende rechten uit te oefenen, maar hij kan deze niet anders endosseren dan bij wege van lastgeving.
Bij een zodanige incasso-wisselbrief mogen de wisselschuldenaren aan de houder slechts de verweermiddelen tegenwerpen, welke aan de trekker zouden mogen worden tegengeworpen.
De opdracht, vervat in een incasso-wisselbrief, eindigt niet door de dood of de latere onbekwaamheid van de lastgever.
Artikel 182
Een wisselbrief mag betaalbaar zijn aan de woonplaats van een derde, hetzij in de plaats, waar de betrokkene zijn domicilie heeft, hetzij in een andere plaats.
Artikel 183
In een wisselbrief, betaalbaar op zicht of een zekere tijd na zicht, mag de trekker bepalen, dat de som rente draagt. In elke andere wisselbrief wordt deze clausule voor niet geschreven gehouden.
De rentevoet moet in de wisselbrief worden aangegeven. Bij gebreke hiervan wordt de renteclausule voor niet geschreven gehouden.
De rente loopt gerekend van de dagtekening van de wisselbrief, tenzij een andere dag is aangegeven.
Artikel 184
De wisselbrief, waarvan het bedrag voluit in letters en tevens in cijfers is geschreven, geldt, in geval van verschil, ten belope van de som, voluit in letters geschreven.
De wisselbrief, waarvan het bedrag meermalen is geschreven, hetzij voluit in letters, hetzij in cijfers, geldt, in geval van verschil, slechts ten belope van de kleinste som.
Artikel 185
Indien de wisselbrief handtekeningen bevat van personen, die onbekwaam zijn zich door middel van een wisselbrief te verbinden, valse handtekeningen, of handtekeningen van verdachte personen, of handtekeningen, welke, onverschillig om welke andere reden, de personen, die die handtekeningen hebben geplaatst of in wier naam zulks is geschied, niet mogen verbinden, zijn de verbintenissen van de andere personen, wier handtekeningen op de wisselbrief voorkomen, desniettemin geldig.
Ieder, die zijn handtekening op een wisselbrief plaatst als vertegenwoordiger van een persoon, voor wie hij niet de bevoegdheid had te handelen, is zelf krachtens de wisselbrief verbonden, en heeft, betaald hebbende, dezelfde rechten, als de beweerde vertegenwoordigde zou hebben gehad. Hetzelfde geldt ten aanzien van de vertegenwoordiger, die zijn bevoegdheid heeft overschreden.
Artikel 186
De trekker staat in voor de acceptatie en voor de betaling.
Hij mag zijn verplichting, voor de acceptatie in te staan, uitsluiten; elke clausule, waarbij hij de verplichting, voor de betaling in te staan, uitsluit, wordt voor niet-geschreven gehouden.
Artikel 187
Indien een wisselbrief, onvolledig ten tijde van de uitgifte, is volledig gemaakt in strijd met de aangegane overeenkomsten, mag de niet-naleving van die overeenkomsten niet worden tegengeworpen aan de houder, die de wissel te goeder trouw heeft verkregen.
Artikel 188
De trekker is verplicht, ter keuze van de nemer, de wisselbrief te stellen betaalbaar aan de nemer zelf, of aan enige andere persoon, in beide gevallen aan order of zonder bijvoeging van order dan wel met bijvoeging van een uitdrukking, als bedoeld in artikel 189, tweede lid.
De trekker, of degene voor wiens rekening de wisselbrief is getrokken, is verplicht zorg te dragen dat de betrokkene, ten vervaldage, in handen hebbe het nodige fonds tot betaling, zelfs indien de wisselbrief bij een derde is betaalbaar gesteld, met dien verstande echter, dat de trekker zelf in alle gevallen aan de houder en de vroegere endossanten persoonlijk verantwoordelijk blijft.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.