Besluit toevoeging in strafzaken BES

Type Amvb Bes
Publication 2010-10-10
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

§ 1. Algemene bepalingen

Artikel 1
1.

In dit besluit wordt verstaan onder:

§ 2. De Commissie toevoeging in strafzaken

Artikel 2
1.

Er is een Commissie toevoeging in strafzaken.

2.

De Commissie heeft tot taak:

Artikel 3
1.

De leden van de Commissie worden door Onze Minister benoemd, geschorst en ontslagen. Een benoeming geldt voor twee jaar, welke termijn telkens met twee jaar kan worden verlengd.

2.

De Commissie bestaat uit maximaal zes leden, waaronder één lid van het Gemeenschappelijke Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, twee advocaten, een vertegenwoordiger van het openbaar ministerie en een secretaris.

3.

De leden kunnen zich in de Commissie doen vertegenwoordigen door een voorgedragen plaatsvervanger.

4.

Het lid van het Gemeenschappelijke Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba is tevens voorzitter van de Commissie.

5.

Aan de leden van de Commissie kan door Onze Minister een vergoeding worden toegekend voor de verrichte werkzaamheden.

Artikel 4
1.

De Commissie bepaalt haar eigen werkwijze.

2.

De Commissie brengt van haar werkzaamheden jaarlijks verslag uit aan Onze Minister.

§ 3. De overeenkomst kosteloze rechtskundige bijstand in strafzaken

Artikel 5
1.

De Commissie gaat namens Onze Minister voor bepaalde tijd en tot wederopzegging een overeenkomst aan met een of meer advocaten, waarbij deze zich verbinden tegen een vergoeding, overeenkomstig artikel 18, aan on- of minvermogenden, alsmede aan inverzekeringgestelde personen rechtskundige bijstand in strafzaken te verlenen.

2.

[vervallen]

3.

Een verzoek tot het aangaan van een overeenkomst wordt schriftelijk ingediend bij de secretaris van de Commissie.

4.

De Commissie neemt uiterlijk binnen zes weken na ontvangst van een verzoek als bedoeld in het derde lid, een beslissing. Een afwijzende beslissing wordt gemotiveerd aan de betrokken advocaat meegedeeld.

5.

In de overeenkomst wordt opgenomen dat de advocaat zich verplicht tot het verlenen van rechtskundige bijstand aan de verdachte tijdens de inverzekeringstelling.

§ 4. De toevoeging

Artikel 6

Een toevoeging geschiedt zoveel mogelijk in overeenstemming met de voorkeur van de verdachte.

Artikel 7

Van een door een rechter verleende toevoeging geeft de griffier kennis aan de Commissie.

Artikel 8
1.

Zodra tegen de verdachte een bevel tot inverzekeringstelling is verleend, worden de secretaris van de Commissie en de dienstdoende advocaat onverwijld ingelicht door de autoriteit die de verdachte in verzekering heeft gesteld.

2.

Na ontvangst van de in het eerste lid bedoelde kennisgeving voegt de Commissie de dienstdoende advocaat aan de verdachte toe, tenzij de verdachte schriftelijk heeft verklaard van het recht op toevoeging afstand te doen. Het formulier, houdende de verklaring van afstand, wordt bij of krachtens algemene maatregel van bestuur vastgesteld.

3.

De Commissie zendt een schriftelijke mededeling van de toevoeging aan de in artikel 68 van het wetboek genoemde personen en instanties.

4.

Door of namens de secretaris van de Commissie wordt zo spoedig mogelijk een verklaring van on- of minvermogendheid voor de verdachte aangevraagd.

Artikel 9
1.

De dienstdoende advocaat draagt er zorg voor dat de melding hem te allen tijde kan bereiken.

2.

De advocaat bezoekt de verdachte, zo mogelijk, op de dag van melding, doch in ieder geval binnen twaalf uur nadat de tenuitvoerlegging van het bevel tot inverzekeringstelling een aanvang heeft genomen.

3.

Indien de advocaat verhinderd is om rechtskundige bijstand te verlenen, draagt hij er zorg voor dat deze door een plaatsvervanger wordt verleend.

4.

De advocaat heeft toegang tot de in verzekering gestelde op de tijdstippen waarop dit, volgens de voorschriften die gelden voor de betreffende detentie-instelling, mogelijk is, met uitzondering van de tijdstippen waarop de verdachte wordt verhoord. Buiten deze tijdstippen kan in bijzondere omstandigheden toegang worden verleend door de officier van justitie.

5.

De advocaat wordt uiterlijk ten tijde van het bezoek aan de verdachte in het bezit gesteld van een afschrift van het bevel tot inverzekeringstelling.

Artikel 10

Indien geen dienstdoende advocaat of plaatsvervanger beschikbaar is voor het verlenen van rechtskundige bijstand aan de inverzekeringgestelde, brengt de officier van justitie of de hulpofficier dit ter kennis van de Commissie.

Artikel 11
1.

Indien de verdachte bezwaar maakt tegen de toegevoegde advocaat, draagt de Commissie de taak van de advocaat over aan een andere advocaat die een overeenkomst heeft gesloten als bedoeld in artikel 5.

2.

Indien de verdachte te kennen geeft bijstand te verlangen van een gekozen advocaat, wordt zulks doorgegeven aan de hulpofficier van justitie. Deze zal de gekozen raadsman inlichten onder mededeling daarvan aan de piketadvocaat.

Artikel 12

Indien de secretaris van de Commissie de op grond van artikel 8, vierde lid, aangevraagde verklaring niet verkrijgt, deelt hij de inverzekeringgestelde en de advocaat mee dat de toevoeging krachtens artikel 62, tweede lid, van het wetboek, na beëindiging van de inverzekeringstelling is vervallen.

Artikel 13
1.

Indien artikel 63 van het wetboek van toepassing is, wordt de verdachte op de hoogte gesteld van zijn bevoegdheid tot het doen van een verzoek om een toevoeging:

2.

De Commissie voegt op verzoek van de verdachte een advocaat toe aan de on- of minvermogende tegen wie een vervolging wegens een misdrijf is aangevangen, zonder dat een bevel tot inverzekeringstelling is verleend.

3.

Het verzoek om een toevoeging, bedoeld in het tweede lid, moet worden gericht tot de Commissie en dient vergezeld te gaan van een kaart als bedoeld in artikel 2 van de Wet kosteloze rechtskundige bijstand BES, die is verstrekt uiterlijk drie maanden voor de indiening van het verzoek.

Artikel 14

De artikelen 8, derde lid, en 11, eerste lid, zijn op de toevoeging krachtens artikel 63 van het wetboek van overeenkomstige toepassing.

Artikel 15
1.

De toevoeging, met uitzondering van de toevoeging ingevolge artikel 62 van het wetboek, wordt beëindigd, indien de kaart, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Wet kosteloze rechtskundige bijstand BES, wordt ingetrokken.

2.

De beëindiging geschiedt door schriftelijke mededeling daarvan aan de betrokkene onder opgave van redenen. Gelijke mededeling geschiedt aan de advocaat.

Artikel 16
1.

Van een wijziging in of beëindiging van de toevoeging doet de Commissie schriftelijk mededeling aan de verdachte en de toegevoegde advocaat; een afschrift van de wijziging wordt toegezonden aan de officier van justitie, in geval van een gerechtelijk vooronderzoek of voorlopige hechtenis aan de rechter-commissaris, alsmede, indien de verdachte in het huis van bewaring of de gevangenis verblijft, aan de directeur van die inrichting.

2.

De kennisgevingen geschieden door middel van hetzij uitreiking, hetzij verzending over de gewone post.

Artikel 17
1.

Indien een advocaat naar het oordeel van de Commissie handelt in strijd met het bij of krachtens dit besluit bepaalde, of de overeenkomst, bedoeld in artikel 5, eerste lid, kan de Commissie bij beschikking bepalen dat de advocaat, al dan niet voor een bepaalde periode, wordt uitgesloten van toevoegingen.

2.

De betrokken advocaat wordt over het voornemen tot uitsluiting gehoord, althans behoorlijk daartoe opgeroepen.

3.

De beslissing van de Commissie is met redenen omkleed en wordt schriftelijk aan de advocaat en, indien van toepassing, aan diens patroon meegedeeld.

4.

Van de beschikking, bedoeld in het eerste lid, wordt een afschrift gezonden aan de betreffende deken van de Orde van Advocaten.

Artikel 18
1.

Voor de verleende rechtskundige bijstand ingevolge de artikelen 62 en 63 van het wetboek wordt een vergoeding toegekend op de volgende grondslag:

2.

Voor rechtskundige bijstand in samenhangende zaken worden de in het eerste lid onder b en c opgenomen vergoedingen op de volgende grondslag verminderd:

3.

De Commissie is bevoegd de vergoeding, zoals die voortvloeit uit het eerste en tweede lid, in bijzonder bewerkelijke zaken te verhogen.

4.

Op rechtskundige bijstand in het kader van een toevoeging, anders dan ingevolge de artikelen 62 en 63 van het wetboek verleend, zijn het eerste, tweede en derde lid zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing. In gevallen, waarin dit artikel niet voorziet, is de Commissie bevoegd een vergoeding vast te stellen.

Artikel 19
1.

De advocaat vult ten behoeve van de declaratie van de door hem verrichte werkzaamheden in het kader van de verleende rechtskundige bijstand het formulier «Bericht van het optreden als raadsman» in en zendt dit naar de Commissie.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.