Wet grondslagen natuurbeheer- en bescherming BES
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
Artikel 1
In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
- a. Onze minister: Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
- b. bestuurscollege: bestuurscollege van het openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba;
- c. eilandsraad: eilandsraad van het openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba;
- d. commissie: de commissie, genoemd in artikel 3;
- e. beheersinstantie: de instantie bedoeld in artikel 5;
- f. wetenschappelijke autoriteit: autoriteit, bedoeld in artikel 6
- g. inheemse fauna en flora: de op de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba of in de wateren van de genoemde openbare lichamen van nature voorkomende dieren en planten;
- h. soort: elke soort, ondersoort of een geografisch geïsoleerde populatie van flora of fauna;
- i. Verdrag van Ramsar: de op 2 februari 1971 te Ramsar tot stand gekomen Overeenkomst inzake watergebieden van internationale betekenis, in het bijzonder als verblijfplaats van watervogels (Trb. 1975, 84);
- j. CITES-verdrag: de op 3 maart 1973 te Washington gesloten Overeenkomst inzake de internationale handel in bedreigde in het wild levende dier- en plantsoorten, met bijlagen (Trb. 1975, 23) alsmede de Resoluties van de Conferentie van Partijen behorende bij dit verdrag;
- k. Bonn-conventie: het op 23 juni 1979 te Bonn tot stand gekomen Verdrag inzake de bescherming van trekkende wilde diersoorten, met bijlagen (Trb. 1981, 6);
- l. SPAW-protocol: het op 18 januari 1990 te Kingston getekende protocol betreffende de bijzondere beschermde gebieden en de in de natuur levende dieren en planten, met bijlagen (Trb. 1990, 115), behorende bij het op 24 maart 1983 te Cartagena de Indias gesloten Verdrag inzake de bescherming en ontwikkeling van het mariene milieu in het Caraïbisch gebied (Trb. 1983, 152);
- m. Biodiversiteitsverdrag: het op 5 juni 1992 te Rio de Janeiro tot stand gekomen verdrag inzake de biologische diversiteit (Trb. 1992, 164);
- n. Zeeschildpaddenverdrag: Inter-Amerikaans Verdrag inzake de bescherming en het behoud van zeeschildpadden, met Bijlagen; Caracas, 1 december 1996 (Trb. 1999, 45).
De geldende tekst van de in het eerste lid, onderdelen i tot en met n, genoemde verdragen liggen voor een ieder ter inzage bij de beheersinstantie en de commissie.
Hoofdstuk II. Taken en bevoegdheden van Onze Minister
Artikel 2
Onze Minister stelt een maal per vijf jaren een natuurbeleidsplan voor de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba vast, waarin mede uitvoering wordt gegeven aan de terzake aangegane internationale verplichtingen.
Onze Minister bereidt het natuurbeleidsplan voor in nauw overleg met het bestuurscollege.
Het natuurbeleidsplan bevat in elk geval:
- a. de doelstellingen inzake de natuur en het landschap die in de planperiode moeten worden verwezenlijkt;
- b. een overzicht van prioriteiten op het gebied van de natuur en het landschap, die binnen de planperiode dienen te worden aangepakt;
- c. de bij de uitvoering van het beleid in aanmerking te nemen natuurbeschermingswaarden;
- d. een lijst van nationale parken, zowel terrestrisch als marien, die bestaan uit bij eilandsverordening of besluit van Onze minister ingestelde natuurparken.
Bij het opstellen van het natuurbeleidsplan houdt Onze Minister rekening met de ruimtelijke ontwikkelingsplannen van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Het natuurbeleidsplan strekt tot algemeen kader voor het natuurbeleid.
Jaarlijks doet Onze Minister vóór 1 september verslag van de stand van zaken met betrekking tot de uitvoering van het natuurbeleidsplan aan de Staten-Generaal. Afschrift van dit verslag wordt mede aangeboden aan het bestuurscollege.
Artikel 2a
Onze minister kan natuurparken instellen ten uitvoering van het Verdrag van Ramsar, het SPAW-protocol of het Biodiversiteitsverdrag.
Onze minister bereidt de instelling van een natuurpark voor in nauw overleg met het bestuurscollege.
Onze minister draagt de gemelde natuurparken voor bij het desbetreffende uitvoerende bureau dat bij deze verdragen is ingesteld, met het verzoek tot opname in de bij het verdrag horende lijst van beschermde soorten.
Artikel 3
Onze minister kan een Commissie natuurbeheer en bescherming instellen.
De commissie heeft tot taak Onze minister en het bestuurscollege desgevraagd of uit eigen beweging van advies te dienen over maatregelen ter uitvoering van deze wet.
Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de samenstelling, werkwijze en wijze van bezoldiging van de leden van de commissie.
Artikel 4
Onze minister is bevoegd tot het verstrekken van vergunningen en certificaten krachtens de artikelen III, IV en V van het CITES-verdrag, het toestaan van de uitzondering, bedoeld in artikel VII, zevende lid, van het CITES-verdrag.
Artikel 5
Onze Minister wijst een beheersinstantie aan.
De beheersinstantie:
- a. is belast met de werkzaamheden, bedoeld in artikel III, tweede lid, onderdelen b, en c, derde lid, onderdeel c, vierde lid, onderdeel b, vijfde lid, onderdelen b en c, artikel IV, tweede lid, onderdelen b en c, vijfde lid, onderdelen a en b, zesde lid, onderdeel b, artikel V, tweede lid, onderdelen a en b, vierde lid, artikel VI, zesde en zevende lid, artikel VII, tweede, derde, vijfde en zesde lid, en artikel 8, zevende lid, van het CITES-verdrag, overeenkomstig de desbetreffende of overige voorschriften terzake;
- b. heeft tot taak het bijhouden van de volgende registers:
- 1°. een register van in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba gehouden of in bezit zijnde soorten, opgenomen in bijlage 1 van het CITES-verdrag en de Bonn-conventie en bijlagen 1 en 2 van het SPAW-protocol;
- 2°. een register in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba overeenkomstig het voorschrift, bedoeld in Artikel VIII, zesde lid, onderdelen a en b, van het CITES-verdrag;
- 3°. een register van personen die diersoorten of plantensoorten, opgenomen in de bijlagen van het CITES-verdrag, in gevangenschap doen voorttelen onderscheidenlijk kweken.
De beheersinstantie verstrekt van elke registratie in de registers, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, ten 1, een bewijs.
Bij ministeriële regeling worden voor de registers bedoeld in het tweede lid, regels gesteld met betrekking tot de inhoud, de vorm en het beheer, alsmede met betrekking tot de gegevens en bescheiden die bij de aanmelding voor opneming in de registers dienen te worden verstrekt.
De beheersinstantie is bevoegd voor haar taken, bedoeld in het tweede en derde lid, vergoedingen in rekening te brengen die bij ministeriële regeling worden vastgesteld.
Artikel 6
Onze Minister wijst één of meer deskundigen of instanties aan als wetenschappelijke autoriteit.
De wetenschappelijke autoriteit heeft de volgende taken:
-
- het afgeven van de verklaringen, bedoeld in artikel III, tweede lid, onderdeel a, derde lid, onderdeel a, en vijfde lid, onderdeel a, alsmede artikel IV, tweede lid, onderdeel a en zesde lid, onderdeel a, van het CITES-verdrag;
-
- het houden van voortdurend toezicht en de inkennisstelling, bedoeld in artikel IV, derde lid, van het CITES-verdrag;
-
- het geven van advies als bedoeld in artikel VIII, vierde lid, onderdeel c, van het CITES-verdrag;
-
- het desgevraagd adviseren van Onze Minister, het bestuurscollege, de beheersinstantie alsmede de ambtenaren, bedoeld in de artikelen 16, eerste lid, en 18, eerste lid, over:
- b. alle andere aangelegenheden betrekking hebbende op het natuurbeheer en de natuurbescherming die hem om advies worden voorgelegd.
De wetenschappelijke autoriteit is bevoegd voor haar taken als bedoeld in het tweede lid, vergoedingen in rekening te brengen die bij ministeriële regeling worden vastgesteld.
Artikel 7
In deartikelen 7A, 7B, 11, 15 en 35, alsmede de daarop berustende bepaling wordt verstaan onder:
- a. specimen: specimen als bedoeld in artikel I, onderdeel b, van het CITES-verdrag;
- b. invoer: iedere handeling die kennelijk rechtstreeks is gericht op het bewerkstelligen van het binnen het grondgebied van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba.
- c. uitvoer: iedere handeling die kennelijk rechtstreeks is gericht op het bewerkstelligen van het buiten het grondgebied van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba.
- d. wederuitvoer: de uitvoer van hetgeen tevoren is ingevoerd;
- e. handel: de uitvoer, de wederuitvoer, de invoer en het inbrengen vanuit de zee voortkomende dieren en planten;
- f. aanvoer van uit de zee voortkomen de planten en dieren: het tot binnen de grenzen van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba vervoeren van specimens van soorten, opgenomen in de bijlagen van het CITES-verdrag, die zijn gehaald uit zeegebied dat niet tot het rechtsgebied van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba;
- g. doorvoer: de uitvoer van elk tevoren ingevoerd specimen zonder dat dit in het vrije verkeer is gebracht.
Artikel 7a
Handel in specimens, opgenomen in Bijlage I, II of III van het CITES-verdrag, moet in overeenstemming zijn met de bepalingen van onderscheidenlijk artikel III, IV of V van dit verdrag, onverminderd de uitzonderingsgevallen van artikel VII, tweede, derde, vijfde en zesde lid, van het CITES-verdrag.
Bij doorvoer of overlading als bedoeld in artikel VII van het CITES-verdrag, moet een specimen voorzien zijn van een uitvoer-, wederuitvoer- of aanvoervergunning of -certificaat die in overeenstemming met de bepalingen van artikel VI van het CITES-verdrag is afgegeven.
Bij ministeriele regeling kunnen regels worden gegeven ter uitvoering van het CITES-verdrag.
Artikel 7b
Bij handel als bedoeld in artikel 7A, eerste lid, moeten de krachtens de bepalingen van de artikelen III, IV en V van het CITES-verdrag verstrekte vergunningen en certificaten in overeenstemming zijn met de bepalingen van artikel VI van dit verdrag.
Vergunningen of certificaten kunnen worden ingetrokken, indien:
- a. de daaraan verbonden voorschriften of beperkingen waaronder deze zijn verleend, niet worden nageleefd;
- b. de gegevens, verstrekt ter verkrijging van de vergunning of het certificaat, zodanig onjuist of onvolledig blijken te zijn dat op de aanvraag afwijzend of anders zou zijn beschikt, indien bij de beoordeling daarvan de juiste of volledige gegevens bekend waren geweest.
Het model, bedoeld in Bijlage IV van het CITES-verdrag, betreffende vergunningen en certificaten wordt bij ministeriële regeling vastgesteld.
De regels opgenomen in de Resoluties van het CITES-verdrag met betrekking tot vergunningen en certificaten bedoeld in de artikelen van dit verdrag zijn van toepassing.
Artikel 8
In de artikelen 8A, 8B, 10, tweede lid, 13 en 15, alsmede de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
- a. uitstervende soorten: soorten als bedoeld in artikel 1, onderdeel f, van het SPAW-protocol;
- b. bedreigde soorten: soorten als bedoeld in artikel 1, onderdeel g, van het SPAW-protocol;
- c. beschermde soorten: soorten als bedoeld in artikel 1, onderdeel h, van het SPAW-protocol;
- d. endemische soorten: soorten als bedoeld in artikel 1, onderdeel i, van het SPAW-protocol;
- e. Wetenschappelijke en Technische Raadgevende Commissie: als bedoeld in artikel 20 van het SPAW-protocol.
Artikel 8a
Het is verboden handelingen of aktiviteiten te verrichten als bedoeld in artikel 11, eerste lid, onderdeel a, van het SPAW-protocol, ter zake van plantensoorten, opgenomen in Bijlage I van dat protocol, en zaden, delen of produkten van deze plantensoorten.
Het is verboden handelingen of aktiviteiten te verrichten als bedoeld in artikel 11, eerste lid, onderdeel b, van het SPAW-protocol, ter zake van diersoorten, opgenomen in Bijlage II van dat protocol, en eieren, delen of produkten van deze diersoorten.
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gegeven ter zake van:
- a. de planten- of diersoorten, opgenomen in Bijlage III van het SPAW-protocol, met inachtneming van het bepaalde in artikel 11, onderdeel c, van dat protocol; en
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.