Besluit voorlopige akten burgerlijke stand BES

Type Amvb Bes
Publication 2010-10-10
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Hoofdstuk 1. Het verbod van verkeer en andere buitengewone omstandigheden, de voorlopige akten van geboorte en overlijden en de indeling en de inhoud van de voorlopige akten van geboorte en overlijden

Afdeling 1. Het verbod van verkeer en andere buitengewone omstandigheden

Artikel 1

Wanneer ten gevolge van een verbod van verkeer of ten gevolge van andere buitengewone omstandigheden de ambtenaar van de burgerlijke stand van een van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba, waar een persoon is geboren of overleden, ontbreekt of niet bereikbaar is, kan een voorlopige akte van geboorte of overlijden worden opgemaakt buiten de registers van de burgerlijke stand door een ambtenaar van de burgerlijke stand van een van de andere openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba, een buitengewone ambtenaar van de burgerlijke stand, de gezaghebber of een lid van het bestuur van het openbare lichaam waar de geboorte of het overlijden plaatsvond, een notaris of een ten kantore van een notaris werkzame kandidaat-notaris, een advocaat, een door Onze Minister van Defensie aangewezen officier van de krijgsmacht of een door Onze Minister van Justitie aangewezen ambtenaar.

Artikel 2

Wanneer ten gevolge van een verbod van verkeer of ten gevolge van andere buitengewone omstandigheden de ambtenaar van de burgerlijke stand van het openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba waar een persoon is geboren of overleden, naar zijn oordeel verhinderd wordt overeenkomstig bij of krachtens het in het Burgerlijk Wetboek BES bepaalde een akte van geboorte of overlijden in de registers op te nemen, maakt hij buiten die registers een voorlopige akte op, waarbij hij voor het overige, zoveel als het naar zijn oordeel mogelijk is, artikel 3, eerste lid, en de artikelen 6 tot en met 13 in acht neemt.

Artikel 3
1.

De voorlopige akten worden door de in de voorgaande artikelen genoemde personen in tweevoud opgemaakt, zorgvuldig bewaard en in volgorde van de datum van opmaken gerangschikt.

2.

Zodra daartoe de mogelijkheid bestaat, wordt een exemplaar van de voorlopige akte van overlijden gezonden aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van het openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba waar het overlijden heeft plaatsgevonden of, indien het overlijden in het buitenland heeft plaatsgevonden, van het openbaar lichaam Bonaire en, indien het betreft een voorlopige akte van geboorte of een akte als bedoeld in artikel 13, aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de geboorteplaats.

3.

De ambtenaar van de burgerlijke stand maakt in het desbetreffende register een akte op aan de hand van de voorlopige akte, met dien verstande dat hij gegevens die ontbreken of hem blijken onjuist te zijn, zoveel mogelijk aanvult of verbetert.

Artikel 4
1.

Tot de aangifte van een geboorte is bevoegd de moeder van het kind.

2.

Tot de aangifte is verplicht de vader.

3.

Wanneer de vader ontbreekt of verhinderd is de aangifte te doen, is tot aangifte verplicht:

4.

Voor een in het derde lid, onderdeel b, genoemde persoon bestaat de verplichting alleen indien een in dat lid, onderdeel a, genoemde persoon ontbreekt of verhinderd is.

5.

Wanneer de in het eerste tot en met het vierde lid genoemde personen ontbreken of nalaten de aangifte te doen, kan deze geschieden door een ieder die, naar het oordeel van degene die bevoegd is de voorlopige akte van geboorte op te maken, voldoende redenen van wetenschap heeft omtrent de geboorte.

6.

Degene die de voorlopige akte opmaakt stelt zo mogelijk de identiteit vast van de aangever.

Artikel 5

Tot de aangifte van overlijden is bevoegd wie daarvan uit eigen wetenschap kennis draagt.

Afdeling 2. De voorlopige akten van geboorte en overlijden

Artikel 6

In de voorlopige akten worden opgenomen:

Artikel 7
1.

De voorlopige akten dienen duidelijk leesbaar in de Nederlandse taal te zijn gesteld. Zij worden voor zover mogelijk vervaardigd met toepassing van de bij ministeriële regeling voorgeschreven middelen.

2.

Het is verboden overschrijvingen en tussenvoegingen te doen, alsmede woorden, letters, cijfers of leestekens op enigerlei wijze te laten verdwijnen.

3.

De akte wordt ondertekend door de aangever en door degene die haar heeft opgemaakt. Zo mogelijk leest degene die de akte heeft opgemaakt haar, voor de ondertekening plaatsvindt, aan de aangever voor.

Artikel 8
1.

In de voorlopige akten mag, behoudens het bepaalde in het vijfde lid en het bepaalde in artikel 6, onderdeel a, niets bij verkorting worden uitgedrukt.

2.

In de voorlopige akten worden data in cijfers aangegeven door achtereenvolgens de dag, de maand en het jaar te vermelden. De eerste negen dagen van de maand en de eerste negen maanden van het jaar worden aangegeven door de cijfers 01 tot en met 09.

3.

De datum van geboorte in een voorlopige geboorteakte en de datum van overlijden in een voorlopige overlijdensakte worden tevens in letters uitgedrukt.

4.

Wanneer in een voorlopige akte het uur wordt uitgedrukt, geschiedt dit naar een dagindeling in vierentwintig uren.

5.

Het geslacht wordt aangegeven door de tekst «F (vrouwelijk)» en «M (mannelijk)».

6.

De aanduiding van een plaats omvat in elk geval de vermelding van het openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba.

Artikel 9

Bijvoegingen en doorhalingen bij het opmaken van de voorlopige akten worden duidelijk aan de voet van de akte aangegeven en worden goedgekeurd en ondertekend door degenen die de akte ondertekenen.

Afdeling 3. De indeling en de inhoud van de voorlopige akten van geboorte en overlijden

Artikel 10

De voorlopige akten van geboorte en van overlijden bestaan uit vijf gedeelten die door horizontale lijnen van elkaar zijn gescheiden. In het eerste gedeelte worden opgenomen de gegevens die in een uittreksel uit de akte moeten worden opgenomen. In het tweede gedeelte worden opgenomen de gegevens die wegens hun vertrouwelijk karakter niet in een uittreksel worden opgenomen. In het derde gedeelte worden de overige gegevens opgenomen. In het vierde gedeelte worden de ambtelijke gegevens en de handtekeningen opgenomen. In het vijfde gedeelte worden de door degene die de voorlopige akte opmaakt aan te brengen bijvoegingen of doorhalingen opgenomen.

Artikel 11
1.

De voorlopige akte van geboorte vermeldt in het eerste gedeelte achtereenvolgens:

2.

De akte vermeldt in het tweede gedeelte achtereenvolgens:

3.

De akte vermeldt in het derde gedeelte achtereenvolgens:

4.

Is de plaats van de geboorte van het kind niet bekend, dan vermeldt de akte in het eerste gedeelte zo nauwkeurig mogelijk de plaats waar het is aangetroffen.

5.

Is de datum van de geboorte van het kind niet bekend, dan vermeldt de akte in het eerste gedeelte de vermoedelijke datum van geboorte.

Artikel 12
1.

De voorlopige akte van overlijden vermeldt in het eerste gedeelte achtereenvolgens:

2.

De akte vermeldt in het tweede gedeelte de geslachtsnaam en de voornamen van de ouders van de overledene, voor zover deze bekend zijn.

3.

De akte vermeldt in het derde gedeelte achtereenvolgens:

4.

Indien een lijk is gevonden en de plaats of de datum van overlijden niet met voldoende nauwkeurigheid kan worden vastgesteld, vermeldt de akte in het eerste gedeelte achtereenvolgens:

5.

De akte vermeldt in het tweede gedeelte de geslachtsnaam en de voornamen van de ouders van de overledene, voor zover deze bekend zijn.

6.

De akte vermeldt in het derde gedeelte:

voor zover bekend, de geslachtsnaam en de voornamen van de persoon of van de personen, met wie de overledene eerder gehuwd was;

7.

De plaats waar het lijk is gevonden, wordt zo nauwkeurig mogelijk aangeduid.

Artikel 13
1.

Op de voorlopige akte van aangifte van een kind dat levenloos ter wereld is gekomen, is artikel 11 van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de akte alleen een geslachtsnaam en voornamen van het kind vermeldt, voor zover de ouders dit wensen.

2.

Wanneer een pasgeboren kind overlijdt voordat aangifte van geboorte heeft plaatsgevonden, wordt zowel een voorlopige akte van geboorte als een voorlopige akte van overlijden opgemaakt overeenkomstig het bepaalde in artikel 11 respectievelijk artikel 12.

Hoofdstuk 2. Slotbepalingen

Artikel 14

Dit besluit berust op artikel 19j, tweede lid, Boek 1, Burgerlijk Wetboek BES.

Artikel 15

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit voorlopige akten burgerlijke stand BES.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.