Wet ongevallenverzekering BES

Type Wet Bes
Publication 2026-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Inleidende bepalingen

Artikel 1
1.

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

2.

Bij algemene maatregel van bestuur kunnen personen, die op grond van het eerste lid niet de hoedanigheid van werknemer hebben, als werknemer worden aangemerkt en kunnen hiervoor nadere regels worden gesteld.

Vaststelling van het loon per dag

Artikel 2
1.

Indien het loon geheel of gedeeltelijk bestaat uit huisvesting, verstrekkingen in natura, onderricht of geldelijke uitkeringen waarvan de grootte niet bij voorbaat vaststaat zoals provisie, commissie, tantième, fooien, vergoeding voor aangenomen werk, bepalen werkgever en werknemer ter vaststelling van het loon per dag de gemiddelde waarde in het economisch verkeer daarvan met overeenkomstige toepassing van artikel 6C van de Wet loonbelasting BES.

2.

Indien sprake is van een uurloon en het aantal werkuren per week niet bij voorbaat vaststaat wordt het loon per dag vastgesteld aan de hand van het gemiddelde aantal werkuren per week in de periode van dertien weken voorafgaand aan het moment waarop de werknemer een ongeval is overkomen of, indien de dienstbetrekking voorafgaand aan het moment waarop het ongeval is overkomen minder dan dertien weken heeft geduurd, het gemiddelde aantal werkuren per week in die periode.

Uitkeringen

Artikel 3
1.

De werknemer aan wie een ongeval is overkomen heeft op grond van deze wet en ongeacht het voortduren van het dienstverband recht op een uitkering tegenover Onze Minister.

2.

De nagelaten betrekkingen van de werknemer, die als gevolg van een ongeval is overleden, hebben op grond van deze wet recht op een uitkering tegenover Onze Minister.

Geneeskundige behandeling en verpleging

Artikel 4

Vervallen

Recht op ongevallengeld

Artikel 5
1.

De werknemer, die als gevolg van het ongeval geheel of gedeeltelijk arbeidsongeschikt is, heeft recht op een uitkering tegenover Onze Minister, ongevallengeld genaamd, met ingang van de dag na die van de melding van het ongeval.

2.

Bij gehele arbeidsongeschiktheid bedraagt het ongevallengeld per dag:

3.

Indien het loon met terugwerkend kracht is verhoogd, wordt voor de bepaling van het ongevallengeld met deze verhoging rekening gehouden vanaf het tijdstip dat de verhoging van het loon door de werkgever aan de werknemer is uitbetaald.

4.

Bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid bedraagt het ongevallengeld per dag gedurende de in het tweede lid genoemde tijdvakken een in een evenredige verhouding tot het percentage van de arbeidsongeschiktheid staand deel van de in het tweede lid genoemde percentages van het loon per dag.

5.

De werknemer heeft geen recht op ongevallengeld over de zondagen, of de daarvoor voor hem in de plaats tredende vrije dagen, terwijl de werknemer voor wie een werkweek van vijf dagen of minder geldt bovendien geen recht heeft op ongevallengeld over de vrije zaterdagen of de daarvoor voor hem in de plaats tredende vrije dagen.

6.

Wanneer de werknemer tijdens zijn arbeidsongeschiktheid van zijn werkgever loon ontvangt, wordt het ongevallengeld per dag verminderd met het bedrag, waarmede het ongevallengeld en het loon per dag tezamen het oorspronkelijke loon per dag overtreft.

9.

De nagelaten betrekkingen van een werknemer die als gevolg van een hem overkomen ongeval is overleden, hebben als tegemoetkoming in de begrafeniskosten recht op een uitkering ineens, bedragende USD 5 559 per 1 januari 2026: USD 760.

10.

De echtgenote, echtgenoot of ouder van de overledene, bedoeld in het zevende lid, onderdeel a, die een huwelijk aangaat, heeft recht op een uitkering ineens, bedragende het totaal van de periodieke uitkeringen waartoe zij of hij gerechtigd is, over twee jaren.

11.

De overleden werknemer wordt als kostwinner in de zin van het zevende lid, onderdeel a, aangemerkt voor zover de overleden werknemer geheel of in overwegende mate in het levensonderhoud van zijn of haar ouders voorzag.

12.

Tijdens het dienstverband is de werkgever in geval van arbeidsongeschiktheid van de werknemer verplicht een uitkering gelijk aan het ongevallengeld waarop de werknemer over de desbetreffende loontermijn tegenover Onze Minister recht heeft, aan de werknemer uit te betalen op de dag waarop het loon moet worden uitbetaald of zou moeten worden uitbetaald indien de werknemer niet arbeidsongeschikt zou zijn. De werkgever die op grond van deze verplichting de uitkering uitbetaalt, heeft, in plaats van de werknemer, tegenover Onze Minister recht op het desbetreffende ongevallengeld en op uitbetaling daarvan door Onze Minister. Indien de werkgever de uitkering niet tijdig uitbetaalt, keert Onze Minister het ongevallengeld aan de werknemer uit.

13.

Ingeval het ongevallengeld, bedoeld in het tweede lid, aan de werknemer persoonlijk door Onze Minister wordt uitbetaald, wordt de premie, bedoeld in artikel 8, tweede lid, van de Wet Ziekteverzekering BES door Onze Minister op het ongevallengeld ingehouden.

14.

Onze Minister is bevoegd om op grond van verdragen, convenanten en andersoortige overeenkomsten met uitvoerders van instellingen van sociale voorzieningen, het ongevallengeld van een werknemer, hetzij periodiek, hetzij middels een uitkering ineens verstrekt, te verminderen ter ontneming van een ten onrechte verkregen voordeel van de werknemer op het gebied van sociale voorzieningen.

15.

Onze Minister is eveneens bevoegd om het ongevallengeld van een werknemer, hetzij periodiek, hetzij middels een uitkering ineens verstrekt, te verminderen ter ontneming van een ten onrechte verkregen voordeel van de werknemer op het gebied van de door Onze Minister uitbetaalde socialeverzekeringsuitkeringen.

16.

De in het veertiende en vijftiende lid bedoelde vermindering kan ineens geschieden indien het ten onrechte genoten voordeel niet groter is dan een derde deel van het door Onze Minister verstrekte ongevallengeld. In alle andere gevallen kan de vermindering niet meer bedragen dan een derde deel van het ongevallengeld.

17.

Voor zover het loon per dag meer heeft bedragen dan een door Onze Minister vastgesteld bedrag, blijft het bij de berekening van de uitkering buiten aanmerking.

Vaststelling van de uitkering

Artikel 6
1.

Onze Minister stelt op aanvraag, mede aan de hand van de geneeskundige beoordeling, vast of recht op ongevallengeld bestaat. De werkgever aan wie op grond van artikel 5, twaalfde lid, tweede zin, de uitkering wordt verstrekt informeert de werknemer zo spoedig mogelijk over de hiermee gemoeide aanspraak.

2.

Een aanvraag wordt ingediend door middel van een door Onze Minister beschikbaar gesteld formulier.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.