Wet Inspectie voor de Volksgezondheid BES
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
Artikel 1
In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
- Onze Minister: Onze Minister, bedoeld in artikel 1 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden;
- Inspectie: de Inspectie voor de Volksgezondheid, bedoeld in artikel 2, eerste lid;
- Inspecteurgeneraal: de Inspecteurgeneraal voor de volksgezondheid, bedoeld in artikel 3, eerste lid;
- inspecteur: de inspecteur voor de volksgezondheid, bedoeld in artikel 4, tweede lid;
Hoofdstuk 2. Inspectie
Artikel 2
Er is een Inspectie voor de Volksgezondheid. Zij is gevestigd in een door Onze Minister aangewezen plaats.
-
- De Inspectie heeft tot taak:
- a. het toezicht op de naleving van de wettelijke regelingen op het gebied van bestrijdingsmiddelen, gewasbeschermingsmiddelen, biociden en milieuaangelegenheden;
- b. het uitbrengen, op verzoek of uit eigen beweging, van adviezen en het verstrekken van inlichtingen;
- c. de behandeling van klachten;
- d. het verrichten van andere bij of krachtens wet opgedragen taken.
-
- Ter zake van de het tweede lid bedoelde taken kunnen bij algemene maatregel van bestuur, regels worden gesteld.
-
- Onze Minister kan de Inspectie ter zake van het verrichten van de in het tweede lid bedoelde taken aanwijzingen geven.
Artikel 3
Aan het hoofd van de Inspectie staat de Inspecteurgeneraal voor de volksgezondheid.
Tot Inspecteurgeneraal voor de volksgezondheid kan slechts worden aangesteld degene die in het bezit is van:
- a. het Nederlands artsdiploma of van een daarmee, op grond van de op grond van het Besluit geneeskunde BES gelijkgesteld diploma; dan wel
- b. het Nederlands apothekersdiploma of van een daarmee, op grond van het Besluit bevoegdheid apothekers en apothekersassistenten, gelijkgesteld diploma.
Bij algemene maatregel van bestuur wordt een plaatsvervangend Inspecteurgeneraal benoemd, deze vervangt de Inspecteurgeneraal bij diens afwezigheid wegens ziekte, verlof of ontstentenis. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing.
De Inspecteurgeneraal neemt bij de vervulling van zijn taak de in artikel 2, vierde lid, bedoelde aanwijzingen van Onze Minister in acht.
Artikel 4
Bij algemene maatregel van bestuur, wordt de Inspectie in onderdelen verdeeld. Ieder onderdeel wordt belast met een of meer delen van de taak, genoemd in artikel 2.
Aan het hoofd van elk onderdeel staat een inspecteur.
Bij algemene maatregel van bestuur, worden regels gegeven over de opleidingseisen waaraan een inspecteur moet voldoen.
Artikel 5
Bij elk onderdeel kunnen een of meer adjunct inspecteurs worden benoemd.
Bij algemene maatregel van bestuur, worden regels gegeven over de opleidingseisen waaraan een adjunct inspecteur moet voldoen.
Artikel 6
Bij algemene maatregel van bestuur, kunnen nadere voorschriften worden gegeven omtrent de taak, de bevoegdheid en de werkzaamheden van de Inspecteurgeneraal, de inspecteurs, de adjunct inspecteurs en het overige personeel van de Inspectie.
Artikel 7
Op verzoek van de Inspecteurgeneraal kan Onze Minister het bestuurscollege van het openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba verzoeken personeel ter beschikking te stellen aan de Inspectie, ter uitoefening van nader omschreven inspectiewerkzaamheden op dit openbaar lichaam, onder leiding en verantwoordelijkheid van de Inspecteurgeneraal dan wel, indien een inspecteur is aangesteld, van die inspecteur. Het desbetreffende bestuurscollege verleent zoveel mogelijk de gevraagde medewerking.
In geval het eerste lid toepassing vindt, zijn de artikelen 12 en 13 op de ter beschikking gestelde personen van overeenkomstige toepassing.
Het bestuurscollege van een openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius en Saba kan Onze Minister benaderen met het verzoek de Inspecteurgeneraal te verzoeken een nader omschreven inspectieonderzoek te verrichten in dit openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Onze Minister verleent zoveel mogelijk de gevraagde medewerking.
Hoofdstuk 3. Verplichtingen van de openbare lichamen
Artikel 8
Het bestuurscollege verstrekt de Inspecteurgeneraal alle het bestuurscollege bekend zijnde gegevens inzake de volksgezondheid bedreigende situaties in het desbetreffende openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius en Saba alsmede inzake situaties waarbij de gezondheid van een of meer personen in dat openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius en Saba op bijzondere wijze in het geding is.
Artikel 9
Het bestuurscollege verstrekt de Inspecteurgeneraal alle door deze verlangde inlichtingen met betrekking tot de naleving van de wettelijke regelingen op het gebied voor de volksgezondheid, waarvan de uitvoering is opgedragen aan organen en diensten van het desbetreffende openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 10
Indien de Inspecteurgeneraal van mening is dat de uitvoering van een wettelijke regeling als bedoeld in artikel 9 onvoldoende is, geeft hij het bestuurscollege daarvan kennis onder vermelding van de maatregelen die getroffen dienen te worden.
Indien de in het eerste lid bedoelde maatregelen niet worden getroffen, dan stelt de inspecteur de gezaghebber daarvan in kennis met het verzoek alsnog op grond van artikel 68, tweede lid, van de Eilandenregeling Nederlandse Antillen, daarin te voorzien.
Hoofdstuk 4. Handhaving
§ 1. Toezicht
Artikel 11
Met het toezicht op de naleving van wettelijke regelingen op het gebied van de volksgezondheid zijn, naast de krachtens die wettelijke regeling aangewezen personen, belast de bij ministeriële regeling aangewezen medewerkers van de Inspectie. Een zodanige aanwijzing wordt bekendgemaakt in de Staatscourant.
Toezichthouders zijn, uitsluitend voor zover dat voor de vervulling van hun taak redelijkerwijze noodzakelijk is, bevoegd:
- a. alle inlichtingen te vragen;
- b. inzage te verlangen van alle boeken, bescheiden en andere informatiedragers en daarvan afschrift te nemen of deze daartoe tijdelijk mee te nemen;
- c. goederen aan opneming en onderzoek te onderwerpen, deze daartoe tijdelijk mee te nemen en daarvan monsters te nemen;
- d. alle plaatsen met uitzondering van woningen zonder de uitdrukkelijke toestemming van de bewoner te betreden, eventueel vergezeld van door hen aangewezen personen;
- e. woningen of tot woning bestemde gedeelten van vaartuigen zonder de uitdrukkelijke toestemming van de bewoner binnen te treden.
Zo nodig, wordt de toegang tot een plaats als bedoeld in het tweede lid, onderdeel d, verschaft met behulp van de sterke arm.
Op het binnentreden van woningen of van tot woning bestemde gedeelten van vaartuigen als bedoeld in het tweede lid, onderdeel e, is Titel 4 van het Derde Boek van het Wetboek van Strafvordering BES van overeenkomstige toepassing, met uitzondering van de artikelen 155, vierde lid, 156, tweede lid, 157, tweede en derde lid, 158, eerste lid, laatste zinsnede, en 160, eerste lid, en met dien verstande dat de machtiging wordt verleend door de procureurgeneraal.
Een ieder is verplicht aan de toezichthouder alle medewerking te verlenen die op grond van het tweede lid wordt gevorderd.
Zij die uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift verplicht zijn tot geheimhouding, kunnen het verlenen van medewerking weigeren, voor zover dit uit hun geheimhoudingsplicht voortvloeit.
Artikel 12
Bij de uitoefening van hun taak dragen de toezichthouders een door Onze Minister te verstrekken legitimatiebewijs bij zich.
Desgevraagd tonen zij hun legitimatiebewijs aanstonds.
Het legitimatiebewijs bevat een foto van de toezichthouder en vermeldt in ieder geval diens naam en hoedanigheid.
Bij algemene maatregel van bestuur, kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de wijze van taakuitoefening van de toezichthouders.
Artikel 13
Toezichthouders zijn bevoegd, uitsluitend voor zover dat voor de vervulling van hun taak redelijkerwijze noodzakelijk is, inzage te nemen in patiëntendossiers.
Beheerders van de in het eerste lid bedoelde dossiers zijn verplicht aan de toezichthouder alle medewerking te verlenen die op grond van het eerste lid wordt gevorderd. Artikel 11, zesde lid is in een zodanig geval niet van toepassing.
Artikel 14
De Inspectie is bevoegd tot het geven van aanwijzingen ten einde de naleving van de wettelijke voorschriften op het gebied waarvan aan de Inspectie toezichthoudende bevoegdheden zijn toegekend te garanderen.
§ 2. Bestuursdwang
Artikel 15
De Inspectie is bevoegd tot het doen wegnemen, ontruimen, beletten, in de vorige toestand herstellen of verrichten van hetgeen in strijd met de in de onderscheiden wetten de volksgezondheid betreffende en de daarop berustende bepalingen is of wordt gedaan, gehouden of nagelaten.
Artikel 16
Een beslissing tot toepassing van bestuursdwang wordt op schrift gesteld en geldt als een beschikking. De beschikking vermeldt welk voorschrift is overtreden.
De bekendmaking ervan geschiedt aan de overtreder en andere rechthebbenden.
In de beschikking wordt een termijn gesteld waarbinnen de overtreder en eventuele andere rechthebbenden de tenuitvoerlegging kunnen voorkomen door zelf de in de beschikking vermelde maatregelen te treffen. Geen termijn behoeft te worden gegund, indien de vereiste spoed zich daartegen verzet.
Indien de situatie dermate spoedeisend is dat de Inspectie de beslissing tot toepassing van bestuursdwang niet tevoren op schrift kan stellen, zorgt de Inspectie alsnog zo spoedig mogelijk voor de opschriftstelling en de bekendmaking.
Artikel 17
De overtreder is de kosten verbonden aan de toepassing van bestuursdwang verschuldigd, tenzij de kosten redelijkerwijze niet of niet geheel te zijnen laste behoren te komen.
De beschikking vermeldt dat de toepassing van bestuursdwang op kosten van de overtreder plaatsvindt.
Indien echter de kosten geheel of gedeeltelijk niet ten laste van de overtreder zullen worden gebracht, wordt dat in de beschikking vermeld.
Onder de kosten worden begrepen de kosten verbonden aan de voorbereiding van bestuursdwang, voor zover deze kosten zijn gemaakt na het tijdstip waarop de termijn bedoeld in artikel 16, derde lid, is verstreken.
De kosten zijn ook verschuldigd indien de bestuursdwang door opheffing van de onrechtmatige situatie niet of niet volledig is uitgevoerd.
Artikel 18
De Inspectie kan van de overtreder bij dwangbevel de verschuldigde kosten, verhoogd met de op de invordering vallende kosten, invorderen.
Het dwangbevel wordt op kosten van de overtreder bij deurwaardersexploot betekend en levert een executoriale titel op in de zin van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering BES.
Gedurende zes weken na de dag van betekening staat verzet tegen het dwangbevel open door dagvaarding van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba zijn.
Het verzet schorst de tenuitvoerlegging. Op verzoek van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba zijn kan het gerecht in eerste aanleg de schorsing van de tenuitvoerlegging opheffen.
Artikel 19
De kosten verbonden aan de toepassing van bestuursdwang zijn bevoorrecht op de zaak ten aanzien waarvan zij zijn besteed en worden na de kosten, bedoeld in artikel 284 van het Burgerlijk Wetboek BES, uit de opbrengst van de zaak betaald.
Artikel 20
Om aan een beslissing van bestuursdwang uitvoering te geven, komen de personen die daartoe door de Inspectie zijn aangewezen, de bevoegdheden toe, genoemd in artikel 11, tweede en derde lid. Artikel 11, vierde lid, is van toepassing.
Artikel 21
Tot de bevoegdheid tot toepassing van bestuursdwang behoort het verzegelen van gebouwen, terreinen en hetgeen zich daarin of daarop bevindt.
Artikel 22
Tot de bevoegdheid tot toepassing van bestuursdwang behoort het meevoeren en opslaan van daarvoor vatbare zaken voor zover de toepassing van bestuursdwang dit vereist.
Indien zaken zijn meegevoerd en opgeslagen, doet de Inspectie daarvan procesverbaal opmaken, waarvan afschrift wordt verstrekt aan de rechthebbende.
De Inspectie draagt zorg voor de bewaring van de opgeslagen zaken en geeft deze zaken terug aan de rechthebbende, zodra dat redelijkerwijze nodig is.
De Inspectie is bevoegd de afgifte op te schorten totdat de verschuldigde kosten zijn voldaan.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.