Regeling van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en van de Minister van Justitie van 5 oktober 2010, nr. 2010-0000612483, houdende regels over de inrichting van een politiecellencomplex en de registratie van gegevens van ingeslotenen op Bonaire, Sint Eustatius en Saba (Regeling politiecellencomplex BES)
Gelet op artikel 14, derde lid, van de Rijkswet politie van Curaçao, van Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, artikel 2 van de Veiligheidswet BES en artikel 9, vijfde, zesde en zevende lid, van het Besluit beheer politiekorps BES;
Besluit:
Hoofdstuk 1
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
- a. politiecellencomplex: het politiecellencomplex, bedoeld in artikel 1, onder c, van het Besluit beheer politiekorps BES;
- b. cel: een afsluitbare ruimte geschikt voor het dag- en nachtverblijf van een persoon;
- c. ingeslotene: de persoon, bedoeld in artikel 1, onder a, van het Besluit beheer politiekorps BES.
Hoofdstuk 2
§ 1. Algemene eisen politiecellencomplex
Artikel 2
De korpsbeheerder politie draagt er zorg voor dat een politiecellencomplex zodanig is ingericht dat ingeslotenen geen gelegenheid wordt gegeven tot ontvluchting, vernieling, brandstichting of zelfdoding.
De korpsbeheerder politie draagt er zorg voor dat voldoende maatregelen zijn genomen om de veiligheid van de ingeslotene te waarborgen.
Er is voor het politiecellencomplex een ontruimingsplan dat is goedgekeurd door de lokaal commandant van het brandweerkorps BES.
Artikel 3
Het politiecellencomplex heeft als luchtruimte een buitenruimte met een oppervlakte van ten minste 30 m2, waarin begrepen een vierkant van 10 m2.
De luchtruimte is voorzien van een rasterwerk dat aansluit op een overkapping. De overkapping biedt voldoende bescherming tegen neerslag en beslaat maximaal een derde deel van de totale luchtruimte.
Artikel 4
De breedte van de ruimten en gangen in het politiecellencomplex is ten minste 1,40 m.
Het politiecellencomplex bevat een doucheruimte, waarin de temperatuur van het uitstromende water maximaal 40 °C is.
§ 2. Eisen aan cellen
Artikel 5
Een cel is aan de gangzijde voorzien van een deur, waarvan de draairichting is afgekeerd van de cel. De deur is alleen vanaf de gangzijde afsluitbaar.
Een cel is voorzien van een mogelijkheid om vanuit de celgang de ingeslotene bij gesloten deur te observeren en van maaltijden te voorzien.
Artikel 6
Een cel is voorzien van lichtopeningen, die zodanig in de binnen- of buitenmuren zijn aangebracht dat de ingeslotene de dag- en nachtcyclus kan waarnemen.
Een cel is voorzien van een lichtpunt dat indien gemeten op een hoogte van 0,80 m. recht onder dat lichtpunt, een lichtsterkte van minimaal 400 Lux heeft.
Artikel 7
De cel is voorzien van een communicatie-installatie waarmee vanuit de cel te allen tijde contact met de bewaking kan worden verkregen.
Artikel 8
De ventilatievoud in een cel is minimaal 11 × 103 m3 per seconde.
Artikel 9
De cel is voorzien van een tafel, een stoel, een bed en een toilet.
Het in de cel aanwezige meubilair dient onwrikbaar aan een van de muren of de vloer van de cel bevestigd te zijn.
De stoel is zodanig bij de tafel geplaatst dat de ingeslotene zittend op de stoel, gebruik kan maken van de tafel. De stoel bevindt zich vanuit de celdeur bezien achter de tafel.
Het bed heeft een lengte van minimaal 2.10 m.
§ 3. Eisen aan andere ruimten
Artikel 10
Een observatiecel voldoet in ieder geval aan de eisen, gesteld in de artikelen 5, 6 en 7.
Een observatiecel heeft een vlakke vloer en bevat geen meubilair.
De observatiecel is voorzien van een camera.
Artikel 11
Een verhoor- of ophoudkamer voldoet in ieder geval aan de eisen overeenkomstig de artikelen 5, eerste lid, 7 en 8.
In de deur van de ophoudkamer is een opening, voorzien van slagvast glas.
Hoofdstuk 3. Registratie
Artikel 12
De korpsbeheerder politie draagt er zorg voor dat ten aanzien van personen die zijn ingesloten in een politiecellencomplex, onverminderd het bepaalde in de Ambtsinstructie politie BES, ten minste de volgende gegevens worden geregistreerd:
- a. volledige personalia en aliassen;
- b. geboortegegevens, nationaliteit en spreektaal;
- c. adresgegevens, telefoonnummer en postcode;
- d. de reden van insluiten;
- e. datum en tijdstip van aanvang en einde van de insluiting;
- f. plaats van de insluiting;
- g. diëet of voedselbeperking op medische of levensbeschouwelijke gronden;
- h. medicijngebruik en verstrekking van medicijnen;
- i. de tijdstippen van het verstrekken van maaltijden, het luchten en het douchen of wassen, en
- j. het tijdstip van controle tijdens de nachtelijke uren.
Hoofdstuk 4. Controle
Artikel 13
Een politiecellencomplex dat niet voldoet aan de in deze regeling gestelde eisen, wordt niet gebruikt voor het insluiten van personen.
Ten minste eens in de vijf jaar wordt een politiecellencomplex door ambtenaren van de Raad voor de rechtshandhaving, gecontroleerd op het voldoen aan de hiervoor geldende eisen.
De korpsbeheerder politie kan, de procureur-generaal gehoord, voor het gebruik van dat complex anders dan voor inverzekeringstelling, ontheffing verlenen van het gestelde in de artikelen 3, 6, 8 en 9, vierde lid.
Een ontheffing voor het gebruik van het politiecellencomplex als ruimte voor inverzekeringstelling en voor het gebruik daarvan anders dan voor inverzekeringstelling, indien het een ontheffing betreft van andere eisen dan genoemd in het derde lid, wordt slechts verleend door of namens de procureur-generaal.
De ontheffing is met redenen omkleed, vermeldt het betreffende complex of de ruimte waarvoor zij geldig is en heeft een maximale geldigheidsduur van vijf jaren.
Hoofdstuk 5. Melding sterfgevallen en pogingen tot zelfdoding op politiebureaus
Artikel 14
In geval van overlijden of een poging tot zelfdoding van een ingeslotene op een politiebureau wordt hiervan aan de Ministers van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en van Justitie een schriftelijk rapport toegezonden volgens het model in de bijlage bij deze regeling.
Hoofdstuk 6. Slotbepalingen
Artikel 15
Deze regeling treedt in werking met ingang van het tijdstip waarop de Veiligheidswet BES in werking treedt. Indien de Staatscourant waarin deze regeling wordt geplaatst, wordt uitgeven na dat tijdstip, treedt deze regeling in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en werkt zij terug tot het in de eerste volzin bedoelde tijdstip.
Artikel 16
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling politiecellencomplex BES.
Bijlage
Model-meldingsformulie sterfgevallen en pogingen tot zelfdoding op politiebureaus (bijlage bij de Regeling politiecellencomplex BES)R
Op ..... (datum) is in het bureau
aan ..... (straatnaam)
te ..... (plaatsnaam) van het politiekorps Bonaire, Sint Eustatius en Saba, het volgende voorgevallen:
Vragen met betrekking tot de betreffende persoon
Vragen met betrekking tot de ruimte/ omgeving van het voorval
Vragen met betrekking tot de medische verzorging
Vragen met betrekking tot de registratie
Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.