Faillissementswet BES
Titel I. Van faillissement
afdeeling Eerste. Van de faillietverklaring
Artikel 1
De schuldenaar, die in den toestand verkeert dat hij heeft opgehouden te betalen, wordt, hetzij op eigen aangifte, hetzij op verzoek van een of meer zijner schuldeischers, bij rechterlijk vonnis in staat van faillissement verklaard.
De faillietverklaring kan ook worden uitgesproken om redenen van openbaar belang, op de vordering van het Openbaar Ministerie.
Artikel 2
De faillietverklaring geschiedt door de rechter in eerste aanleg. Deze is daartoe bevoegd, indien:
- a. de schuldenaar in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba zijn woonplaats heeft, of, aldaar woonplaats gehad hebbend, met achterlating van schulden zich buiten de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba heeft begeven;
- b. de schuldenaar, in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba geen woonplaats hebbend, aldaar een beroep of bedrijf uitoefent.
De aangifte, het verzoek of de vordering daartoe moet worden ingediend ter griffie van het gerecht in eerste aanleg in het openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba, waar de schuldenaar zijn woonplaats heeft of laatstelijk gehad heeft, dan wel in het geval omschreven in lid 1 sub b, waar hij een kantoor heeft.
Ten aanzien van vennoten onder een firma kan de indiening ook geschieden in het openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba, waar het kantoor der vennootschap is gevestigd.
Wordt in de gevallen bedoeld bij het tweede of derde lid of in het geval bedoeld bij artikel 3 bij meer dan één uitspraak op verschillende dagen de faillietverklaring uitgesproken, dan heeft alleen de eerst gedane uitspraak rechtsgevolgen. Hebben de uitspraken op dezelfde dag plaats, dan heeft alleen de uitspraak op het verzoek, ingediend in het openbaar lichaam Bonaire, en bij gebreke daarvan het verzoek, ingediend in het openbaar lichaam Sint Eustatius, rechtsgevolgen.
Ten aanzien van naamloze vennootschappen, besloten vennootschappen, wederkerige verzekerings- of waarborgmaatschappijen, of enige andere, rechtspersoonlijkheid bezittende, verenigingen en van stichtingen geldt, ter toepassing van dit artikel, het openbaar lichaam, waar zij haar zetel hebben, als woonplaats.
Artikel 3
[vervallen]
Artikel 4
De aangifte tot faillietverklaring wordt gedaan en het verzoek daartoe ingediend ter griffie en met den meesten spoed behandeld.
Een gehuwde schuldenaar doet aangifte met medewerking van zijn echtgenoot, tenzij iedere gemeenschap tussen de echtgenoten is uitgesloten.
Ten aanzien van eene vennootschap onder eene firma, moet de aangifte inhouden den naam en de woonplaats van elk der hoofdelijk voor het geheel verbondene vennooten.
Het vonnis van faillietverklaring wordt ter openbare terechtzitting uitgesproken en is bij voorraad op de minute uitvoerbaar, niettegenstaande eenige daartegen gerichte voorziening.
Artikel 5
De rechter in eersten aanleg kan bevelen, dat de schuldenaar worde opgeroepen, om in persoon of bij gemachtigde gehoord te worden. De Griffier doet de oproeping op de wijze, bij algemene maatregel van bestuur, te bepalen.
Indien de schuldenaar, die is opgeroepen om gehoord te worden, gehuwd is, is zijn echtgenoot mede bevoegd om in persoon of bij gemachtigde te verschijnen.
De faillietverklaring wordt uitgesproken, indien summierlijk blijkt van het bestaan van feiten of omstandigheden, welke aantoonen, dat de schuldenaar in den toestand verkeert, dat hij heeft opgehouden te betalen en, zoo een schuldeischer het verzoek doet, ook van het vorderingsrecht van dezen.
Artikel 6
Hangende het onderzoek, kan de rechter in eerste aanleg de verzoeker, desgevraagd, verlof verlenen de boedel te doen verzegelen. Hij kan daaraan de voorwaarde verbinden van zekerheidstelling tot een door hem te bepalen bedrag.
De verzegeling geschiedt door een bij dit verlof aan te wijzen notaris. Buiten de verzegeling blijven zaken die onder artikel 18 vallen; in het proces-verbaal wordt een korte beschrijving daarvan opgenomen.
Artikel 7
De schuldenaar, die in staat van faillissement is verklaard, heeft, zoo hij op de aanvraag tot faillietverklaring niet is gehoord, gedurende acht dagen na den dag van uitspraak recht van verzet.
Indien hij tijdens de uitspraak zich niet in Bonaire, Sint Eustatius of Saba bevindt, heeft hij gedurende een maand dat recht.
Het verzet wordt ingesteld door indiening van een verzoekschrift ter griffie van het gerecht in eerste aanleg, in het openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba, waar de faillietverklaring werd uitgesproken.
De rechter in eersten aanleg bepaalt terstond dag en uur voor de behandeling. De griffier geeft dengene die het verzet gedaan heeft, daarvan bij brief kennis. Uiterlijk op den vierden dag, volgende op dien, waarop het verzoek is ingediend, wordt op last van den rechter in eersten aanleg van het gedane verzet, alsmede van den tijd voor de behandeling bepaald, bij deurwaardersexploot aan den schuldeischer, die het verzoek tot faillietverklaring heeft ingediend, en bij brief van den griffier aan het Openbaar Ministerie, op wiens vordering de faillietverklaring is uitgesproken, kennis gegeven.
Deze kennisgeving geldt voor oproeping van hem, die de faillietverklaring heeft uitgelokt.
De behandeling geschiedt op de wijze bij artikel 4 voorgeschreven.
Artikel 8
Elke schuldeiser, met uitzondering van hem, die de faillietverklaring heeft verzocht en elke belanghebbende heeft tegen de faillietverklaring recht van verzet gedurende acht dagen na de dag van de uitspraak. Indien hij tijdens de uitspraak zich niet in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba bevindt, heeft hij gedurende veertien dagen dat recht.
Het verzet geschiedt door indiening van een verzoekschrift ter griffie van het gerecht in eerste aanleg in het openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba, waar de faillietverklaring werd uitgesproken.
De rechter in eersten aanleg bepaald terstond dag en uur voor de behandeling. De griffier geeft dengene die het verzet gedaan heeft, daarvan bij brief kennis. Uiterlijk op den vierden dag, volgende op dien waarop het verzoek is ingediend, wordt op last van den rechter in eersten aanleg van het gedane verzet, alsmede van den tijd voor de behandeling bepaald, bij deurwaardersexploot kennis gegeven aan den schuldenaar en, indien de faillietverklaring door een schuldeischer is verzocht, ook aan dezen.
Deze kennisgeving geldt voor oproeping van den schuldenaar en van dien schuldeischer.
De behandeling geschiedt op de wijze bij artikel 4 voorgeschreven.
Artikel 9
Gedurende acht dagen na den dag van de betrekkelijke uitspraak bestaat recht van hooger beroep:
- 1°. voor den schuldenaar, wiens aangifte tot faillietverklaring is afgewezen, of die, nadat hij op de aanvraag tot faillietverklaring is gehoord, in staat van faillissement is verklaard, of wiens in artikel 7 bedoeld verzet is afgewezen;
- 2°. voor hem, die een aanvraag tot faillietverklaring gedaan heeft, indien de aanvraag is afgewezen of de daarop gevolgde faillietverklaring tengevolge van verzet is vernietigd;
- 3°. voor den schuldeischer of belanghebbende, wiens in artikel 8 bedoeld verzet is vernietigd;
- 4°. voor den schuldenaar, den schuldeischer, die de faillietverklaring verzocht heeft en het Openbaar Ministerie, bij vernietiging van de faillietverklaring tengevolge van het in artikel 8 bedoelde verzet.
Op het instellen en de behandeling van het beroep is het bepaalde bij artikel 7 van overeenkomstige toepassing.
Artikel 10
Indien tengevolge van verzet of hooger beroep de faillietverklaring wordt vernietigd, blijven niettemin geldig en verbindend voor den schuldenaar de handelingen, door den curator verricht vóór of op den dag, waarop aan het voorschrift tot aankondiging overeenkomstig artikel 12 is voldaan.
Hangende het verzet of het hooger beroep kan raadpleging over een akkoord niet plaats hebben; ook kan niet tot de vereffening van den boedel buiten toestemming van den schuldenaar worden overgegaan.
Artikel 11
De rechter in eersten aanleg, die het vonnis tot faillietverklaring uitsprak of wiens vonnis tot faillietverklaring rechtsgevolgen heeft, of aan wien, in de bij artikel 13 bedoelde gevallen, de aangifte of aanvraag is ingediend, vervult tevens de functie van rechter-commissaris in het faillissement.
Het vonnis van faillietverklaring houdt in de aanstelling van één of meer curators in het faillissement.
Van de faillietverklaring geeft de griffier onverwijld kennis aan de administratiën der posterijen, telefonen en der telegrafen.
De curator plaatst onverwijld een uittreksel uit het vonnis van faillietverklaring, houdende vermelding van den naam, de woonplaats of het kantoor en het beroep van den gefailleerde, van den naam van den rechter-commissaris, van den naam en de woonplaats of het kantoor des curators, van den dag van de uitspraak, alsmede van den naam, het beroep en de woonplaats of het kantoor van ieder lid der voorloopige commissie uit de schuldeischers, zoo er eene benoemd is, in de Staatscourant en in een of meer door de rechter-commissaris aan te wijzen nieuwsbladen.
Artikel 12
Zoodra een vonnis van faillietverklaring tengevolge van verzet of hooger beroep is vernietigd, en in het eerste geval de termijn om in hooger beroep te komen, verstreken is, zonder dat daarvan gebruik is gemaakt, geeft de griffier van het gerecht, welks rechter de vernietiging heeft uitgesproken, van die uitspraak kennis aan den curator en aan de administratiën der posterijen, der telefonen en der telegrafen. De curator doet van die uitspraak aankondiging in het in artikel 11 bedoelde blad.
Gelijke kennisgeving geschiedt, in geval van vernietiging van een vonnis van faillietverklaring in hoger beroep, aan de griffier van het gerecht in eerste aanleg, in het openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba, waar het vonnis is gewezen.
De rechter, die de vernietiging van een vonnis van faillietverklaring uitspreekt, stelt tevens het bedrag vast van de faillissementskosten en van het salaris des curators. Hij brengt dit bedrag ten laste van dengene, die de faillietverklaring heeft aangevraagd, van den schuldenaar, of van beide in de door den rechter bepaalde verhouding. Tegen deze beslissing staat een rechtsmiddel niet open. Een bevelschrift van tenuitvoerlegging wordt daarvan uitgegeven ten behoeve van den curator.
Artikel 13
Wordt de faillietverklaring in hoger beroep uitgesproken met vernietiging van een vonnis, waarbij de aangifte of aanvrage tot faillietverklaring werd afgewezen, dan geeft de griffier van het Hof van Justitie van die uitspraak kennis aan de griffier van het gerecht in eerste aanleg, in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba, waar de aangifte of aanvrage is ingediend.
Artikel 14
Indien de toestand van den boedel daartoe aanleiding geeft, is de rechter-commissaris bevoegd om, na de commissie uit de schuldeischers, zoo die er is, te hebben gehoord, de kostelooze behandeling te bevelen.
Indien de toestand van den boedel daartoe aanleiding geeft, is de rechter in eersten aanleg bevoegd om, na de commissie uit de schuldeischers, zoo die er is, te hebben gehoord, en na verhoor of behoorlijke oproeping van den gefailleerde, bij in het openbaar uitgesproken beschikking de opheffing van het faillissement te bevelen.
De beschikking, bevelende de opheffing van het faillissement, wordt op dezelfde wijze openbaar gemaakt als het vonnis van faillietverklaring en daartegen kunnen de schuldenaar en de schuldeischers zoo mede het Openbaar Ministerie op dezelfde wijze en binnen dezelfde termijnen opkomen als ten aanzien van het vonnis, waarbij eene faillietverklaring is geweigerd.
De rechter, die de opheffing van het faillissement beveelt, stelt tevens het bedrag vast van de faillissementskosten en brengt dit bedrag ten laste van den schuldenaar. Zij worden bij voorrang boven alle andere schulden voldaan. Tegen deze vaststelling staat een rechtsmiddel niet open. Een bevelschrift van tenuitvoerlegging wordt daarvan uitgegeven ten behoeve van den curator.
Indien na een dergelijke opheffing opnieuw aangifte of aanvraag tot faillietverklaring wordt gedaan, is de schuldenaar of de aanvrager verplicht om aan te toonen, dat er voldoende baten aanwezig zijn om de kosten van het faillissement te bestrijden.
Artikel 15
Elke in dit besluit bevolen plaatsing in de Staatscourant, geschiedt op kosten van de belanghebbenden.
Alle stukken, opgemaakt ter voldoening aan de bepalingen van dit besluit, zijn vrij van zegel.
Daaronder zijn evenwel niet begrepen de processen-verbaal en akten, houdende verkoop of andere overeenkomsten, noch de stukken betrekkelijk andere rechtsgedingen over rechten en verplichtingen van den boedel dan die, welke het gevolg zijn van de verwijzing door den rechter-commissaris bedoeld in artikel 117.
Artikel 15a
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.