Regeling havenstaatcontrole 2011

Type Ministeriële regeling
Publication 2023-12-21
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op richtlijn nr. 2009/16/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 23 april 2009 betreffende havenstaatcontrole (PbEU L 131), richtlijn nr. 1999/95/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 13 december 1999 betreffende de handhaving van de bepalingen inzake de arbeidstijd van zeevarenden aan boord van schepen die havens in de Unie aandoen (PbEG L 14), richtlijn 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie 27 juni 2002 betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart en tot intrekking van richtlijn 93/75/EEG van de Raad (PbEU L 208), richtlijn nr. 2008/106/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 19 november 2008 inzake het minimumopleidingsniveau van zeevarenden (PbEU L 323), verordening (EG) nr. 782/2003 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 14 april 2003 houdende een verbod op organische tinverbindingen op schepen (PbEU L 115), verordening (EG) nr. 536/2008 van de Europese Commissie van 13 juni 2008 ter uitvoering van artikel 6, derde lid, en 7 van Verordening (EG) nr. 782/2003 van het Europees Parlement en de Raad houdende een verbod op organische tinverbindingen op schepen en tot wijziging van die verordening (PbEU L 156), verordening (EG) nr. 725/2004 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 31 maart 2004 betreffende de verbetering van de beveiliging van schepen en havenfaciliteiten (PbEU L 129) en de artikelen 5, 29 en 30 van de Wet havenstaatcontrole.

Besluit:

Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet Wet havenstaatcontrole (implementatie richtlijn 2009/16/EG) in werking treedt.

§ 1. Algemene bepalingen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2

De aanwijzing, bedoeld in artikel 1, onder l, van de wet kan plaatsvinden indien de desbetreffende ambtenaar voldoet aan ten minste de eisen van bijlage XI van de richtlijn.

§ 2. Inspectieverplichtingen

Artikel 3

De ambtenaren van de Inspectie Leefomgeving en Transport voeren jaarlijks een totaal aantal inspecties dan wel controles uit van schepen van prioriteitsklassen I en II dat ten minste het in artikel 5, tweede lid, onderdeel b, van richtlijn 2009/16/EG bedoelde aandeel van Nederland in het totale aantal jaarlijks in de Europese Unie en in het onder het MOU vallende gebied uit te voeren inspecties bedraagt.

Artikel 4
1.

De ambtenaren van de Inspectie Leefomgeving en Transport voeren inspecties dan wel controles uit van alle schepen van prioriteitsklasse I, te weten:

2.

De ambtenaren van de Inspectie Leefomgeving en Transport voeren voorts inspecties dan wel contoles uit van schepen als bedoeld in artikel 11, vijfde lid, van de wet.

3.

De ambtenaren van de Inspectie Leefomgeving en Transport voeren voorts inspecties uit als bedoeld in artikel 11a.

4.

Het is toegestaan inspecties als bedoeld in het derde lid uit te voeren buiten een haven of ankerplaats tijdens een geregelde dienst.

Artikel 5
1.

Indien het totale aantal schepen van prioriteitsklasse I dat de havens van Nederland, met uitzondering van ankerplaatsen, aandoet groter is dan het inspectieaandeel, bedoeld in artikel 3, wordt geacht te zijn voldaan aan de in dat artikel opgenomen verplichting, indien een aantal inspecties op schepen van prioriteitsklasse I wordt uitgevoerd dat ten minste dit inspectieaandeel bedraagt en ten hoogste 30% van het totale aantal schepen van prioriteitsklasse I die de havens aandoet, niet wordt geïnspecteerd.

2.

Indien het totale aantal schepen van prioriteitsklasse I en II dat de havens van Nederland, met uitzondering van ankerplaatsen, aandoet kleiner is dan het inspectieaandeel, bedoeld in artikel 3, wordt geacht te zijn voldaan aan de in dat artikel opgenomen verplichting, indien de op grond van artikel 4, eerste lid, voorgeschreven inspecties van prioriteitsklasse I worden uitgevoerd en ten minste 85% van het totale aantal schepen van prioriteitsklasse II dat de havens van Nederland aandoet wordt geïnspecteerd.

Artikel 6
1.

In het geval dat de ambtenaren van de Inspectie Leefomgeving en Transport niet in staat zijn de in artikel 4, eerste lid, voorgeschreven inspecties dan wel controles volledig uit te voeren, wordt geacht te zijn voldaan aan de in dat lid opgenomen verplichting indien deze gemiste inspecties dan wel controles:

2.

Onverminderd het eerste lid, geven de ambtenaren van de Inspectie Leefomgeving en Transport voorrang aan inspecties dan wel controles van schepen die volgens de informatie van de inspectiedatabank niet vaak havens in de Europese Unie aandoen.

3.

Voor zover het betreft schepen op ankerplaatsen binnen de jurisdictie van een haven, geldt het tweede lid slechts ten aanzien van schepen van prioriteitsklasse I met een hoog risicoprofiel, zoals vastgesteld overeenkomstig artikel 10 van richtlijn 2009/16/EG.

Artikel 7
1.

De ambtenaren van de Inspectie Leefomgeving en Transport kunnen een inspectie of controle van een schip van prioriteitsklasse I uitstellen, indien de inspectie of controle kan worden uitgevoerd:

2.

De in het eerste lid bedoelde bevoegdheid kan niet worden uitgeoefend, indien in de vorige haven ten aanzien van het schip al is besloten tot uitstel van inspectie dan wel controle.

Artikel 8
1.

Voor de toepassing van artikel 6, eerste lid, wordt niet als een gemiste inspectie dan wel controle aangemerkt, mits deze wordt geregistreerd in de inspectiedatabank:

2.

Tevens wordt voor de toepassing van artikel 6, eerste lid, niet als een gemiste inspectie dan wel controle aangemerkt de inspectie dan wel controle van een schip in een ankerplaats onder jurisdictie van een haven die niet is uitgevoerd, indien:

3.

De ambtenaren van de Inspectie Leefomgeving en Transport nemen maatregelen om er voor te zorgen dat schepen die regelmatig gedurende de nachttijd een haven aandoen, met uitzondering van schepen die regelmatig gedurende de nachttijd ankerplaatsen in een haven aandoen, in voorkomende gevallen worden geïnspecteerd.

Artikel 9
1.

De volgende schepen van prioriteitsklassen I en II komen in aanmerking voor een uitgebreide inspectie:

2.

Als het schip niet wordt geselecteerd voor een uitgebreide inspectie, deelt een ambtenaar van de Inspectie Leefomgeving en Transport dit na ontvangst van de melding, bedoeld in artikel 5 van de Regeling meldingen en communicatie scheepvaart, aan het schip mee.

Artikel 10
1.

Aan een uitgebreide inspectie worden onderworpen:

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.