Besluit van 20 mei 2011, houdende de regels voor de begrotings- en verantwoordingsdocumenten van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba (Besluit begroting en verantwoording openbare lichamen BES)

Type Amvb Bes
Publication 2011-06-08
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 29 maart 2011, 2011-2000034451, CZW/WBI;

Gelet op artikel 13, eerste lid, van de Wet financiën openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba;

De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 28 april 2011, nr. W04.11.0102/I);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 11 mei 2011, nr. 2011-2000170518, CZW/WBI;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Wordt voor het eerste toegepast voor het begrotingsjaar 2012.

Hoofdstuk I. Algemene bepalingen

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

Artikel 2
1.

De baten en de lasten van het begrotingsjaar worden in de begroting en de jaarstukken opgenomen, onverschillig of zij tot inkomsten of uitgaven in dat jaar leiden, onderscheidenlijk hebben geleid.

2.

De baten en lasten worden geraamd dan wel verantwoord tot hun brutobedrag.

Artikel 3
1.

De begroting met de daarin opgenomen meerjarenraming en de jaarstukken geven volgens normen die als aanvaardbaar worden beschouwd een zodanig inzicht dat een verantwoord oordeel kan worden gevormd over de financiële positie van het openbaar lichaam en over de baten en de lasten. In het bijzonder de eilandsraad en het College financieel toezicht moeten in staat zijn zich een zodanig oordeel te vormen.

2.

De begroting met de daarin opgenomen meerjarenraming en toelichting geeft duidelijk en stelselmatig de omvang van alle geraamde baten en lasten, alsmede het saldo ervan weer.

3.

De jaarstukken met de daarin opgenomen toelichtingen geven getrouw, duidelijk en stelselmatig de baten en lasten van het begrotingsjaar, alsmede het saldo ervan weer. De jaarrekening geeft tevens een getrouw, duidelijk en stelselmatig inzicht in de financiële positie aan het einde van het begrotingsjaar.

Artikel 4
1.

De indeling van de begroting en de jaarstukken is identiek.

2.

Indien de indeling van de begroting, de meerjarenraming en de jaarstukken afwijkt van die van het voorafgaande begrotingsjaar worden in de toelichting de verschillen aangegeven en worden de redenen die tot de afwijking hebben geleid uiteengezet.

Artikel 5

Deelnemingen worden niet geconsolideerd in de begroting en jaarstukken.

Hoofdstuk II. De begroting en de toelichting

Titel 2.1. Algemeen

Artikel 6
1.

De begroting bestaat ten minste uit:

2.

De beleidsbegroting bestaat ten minste uit:

3.

De financiële begroting bestaat ten minste uit:

Titel 2.2. De beleidsbegroting

Artikel 7

In het beleidsplan wordt ten minste ingegaan op de doelstellingen van het beleid, alsmede op de activiteiten die nodig geacht worden ter realisering van die doelstellingen en de kosten daarvan voor het begrotingsjaar, en voor de periode van de meerjarenraming, waarbij op nieuw beleid separaat wordt ingegaan.

Artikel 8
1.

In de begroting worden in afzonderlijke paragrafen de beleidslijnen vastgelegd met betrekking tot relevante beheersmatige aspecten, alsmede tot de lokale heffingen.

2.

De begroting bevat ten minste de volgende paragrafen:

Artikel 9

De paragraaf betreffende de lokale heffingen bevat ten minste:

Artikel 10
1.

Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen:

2.

De paragraaf betreffende het weerstandsvermogen bevat ten minste:

Artikel 11
1.

De paragraaf betreffende het onderhoud van kapitaalgoederen bevat ten minste de volgende kapitaalgoederen:

2.

Van de kapitaalgoederen, bedoeld in het eerste lid, wordt aangegeven:

Artikel 12

De paragraaf betreffende de bedrijfsvoering geeft ten minste inzicht in de stand van zaken en de beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering.

Artikel 13
1.

De paragraaf betreffende de deelnemingen bevat ten minste:

2.

In de lijst van deelnemingen wordt ten minste de volgende informatie verstrekt over elk van de deelnemingen:

Artikel 14

De paragraaf betreffende het grondbeleid bevat ten minste:

Artikel 15

De paragraaf betreffende de collectieve sector bevat tenminste:

Titel 2.3. De financiële begroting

Artikel 16
1.

Het overzicht van baten en lasten wordt ingedeeld naar hoofdfuncties en functies, en bevat per functie de raming van de baten en lasten en het saldo. Het overzicht bevat voorts een post onvoorzien.

2.

De functionele indeling wordt bij regeling van Onze Minister vastgesteld.

3.

De eilandsraad kan de onderscheiden functies uitsplitsen naar subfuncties van eigen keuze.

4.

Onderdeel van het overzicht van baten en lasten is een recapitulatie per hoofdfunctie van de baten en lasten en het saldo daarvan.

Artikel 17

Het overzicht van voorgenomen investeringen vermeldt voor het begrotingsjaar en voor minimaal de drie daarop volgende jaren per investering ten minste:

Artikel 18
1.

In het overzicht van reserves en voorzieningen wordt voor het begrotingsjaar per reserve en per voorziening het verloop gedurende het jaar weergegeven. Daaruit blijken:

2.

Het overzicht geeft tevens per reserve en per voorziening het verloop gedurende de drie op het begrotingsjaar volgende jaren weer.

Artikel 19
1.

In een besluit tot wijziging van de begroting worden per functie de mutatie en het nieuwe geraamde bedrag vastgesteld.

2.

De eilandsraad kan het bestuurscollege machtigen tot overschrijving van begrotingsbedragen tussen functies onder de volgende voorwaarden:

Artikel 20

De toelichting op het overzicht van baten en lasten bevat ten minste:

Hoofdstuk III. De jaarstukken en de toelichting

Titel 3.1. Algemeen

Artikel 21
1.

De jaarstukken bestaan ten minste uit:

2.

Het jaarverslag bestaat ten minste uit:

3.

De jaarrekening bestaat uit:

Titel 3.2. De beleidsverantwoording

Artikel 22

De beleidsverantwoording bestaat ten minste uit de verantwoording over de realisatie van de beleidsdoelstellingen en activiteiten voor het begrotingsjaar.

Titel 3.3. De paragrafen

Artikel 23

Het jaarverslag bevat de paragrafen die ingevolge artikel 8 in de begroting zijn opgenomen. Ze bevatten de verantwoording van hetgeen in de overeenkomstige paragrafen in de begroting is opgenomen.

Titel 3.4. De rekening en de toelichting

Artikel 24

De rekening bevat ten minste:

Artikel 25

De toelichting op de rekening bevat ten minste:

Artikel 26

De rekening wordt vastgesteld met inachtneming van hetgeen omtrent de financiële positie op de balansdatum is gebleken tussen het moment van opmaken van de rekening en het tijdstip van vaststelling daarvan, voor zover deze aanvullende informatie onontbeerlijk is voor het in artikel 3, eerste lid, bedoelde inzicht.

Titel 3.5. De balans en de toelichting

Paragraaf 3.5.1. Algemeen

Artikel 27

In de balans worden naast de cijfers per balansdatum tevens de cijfers van de balans van het vorig begrotingsjaar opgenomen.

Paragraaf 3.5.2. Hoofdindeling van de balans

Artikel 28

Op de balans worden de activa onderscheiden in vaste en vlottende activa, al naar gelang zij zijn bestemd om de uitoefening van de werkzaamheid van het openbaar lichaam al dan niet duurzaam te dienen.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.