Besluit organisatie, mandaat, volmacht en machtiging NZa
Gelet op afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 11 van het bestuursreglement van de Nederlandse Zorgautoriteit;
Besluit:
Artikel 1. Definities
In dit besluit wordt verstaan onder:
- a. Wmg: Wet marktordening gezondheidszorg;
- b. NZa: Nederlandse Zorgautoriteit, als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Wmg;
- c. Raad van Bestuur: voorzitter en de overige leden van de NZa gezamenlijk, als bedoeld in artikel 4 van de Wmg;
- d. voorzitter: voorzitter van de Raad van Bestuur;
- e. portefeuillehouder: lid dat door de Raad van Bestuur voor een bepaald aandachtsgebied is aangewezen als eerst verantwoordelijk bestuurslid;
- f. directeur: leidinggevende van een directie;
- g. unitmanager: leidinggevende van één van de units;
- h. medewerker: persoon in tijdelijke of vaste dienst of als gedetacheerde bij de NZa werkzaam;
- i. dbc’s: diagnose-behandelcombinaties;
- j. CIO:
- Chief Information Officer.
Artikel 2. Directie Regulering
De directie Regulering is voor de zorgmarkten in de langdurige en de curatieve zorg belast met monitoring, tarief- en prestatieregulering, bekostigingsvraagstukken, het vaststellen van de DBC’s en de verwerking daarvan in het DBC-systeem en met advisering op het gebied van marktordeningsvraagstukken.
De directie Regulering kent de units Eerstelijnszorg, Tweedelijns Somatische Zorg 1, Tweedelijns Somatische Zorg 2, Beschikbaarheidbijdragen, Geestelijke Gezondheid en Forensische Zorg, Langdurige Zorg 1, Langdurige Zorg 2, Zorgbrede Regulering en Vernieuwing en een Mt-staf.
Artikel 3. Directie Toezicht
De directie Toezicht is belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de Wmg en met het in artikel 16 van de Wmg bedoelde toezicht en met de beoordeling van aanmerkelijke marktmacht en concentraties, met het uitbrengen van zienswijzen, met monitoring, met stelselonderzoek naar en vroegsignalering van risico’s voor de beschikbaarheid van jeugdzorg en met handhaving.
De directie Toezicht kent de units Toezicht Zorgaanbieders I, Toezicht Zorgaanbieders II, Toezicht Zorgverzekeraars, Toezicht Wlz-uitvoerders en CAK, de unit Detectie, Casuïstiek en Markttoezicht, de unit Monitoring en Data-analyse, de unit Toezicht Gegevensaanlevering en Jaarverantwoording en een Mt-staf.
Artikel 4. Directie IT en Facilitair
De directie IT en Facilitair is belast met het ontwikkelen, uitvoeren van en toezicht houden op het informatievoorzieningsbeleid (IV-beleid). Dit betreft informatietechnologie, uitvoering kennismanagement, data en informatiebeveiliging en het voeren van regie op IV-diensten en producten, waaronder regie op de levering van een passende en fysieke (IV-)werkplek met toegang tot de beschikbare applicaties, het verzamelen, beheren en uitleveren van data ten behoeve van de reguleringsprocessen, de processen op het gebied van toezicht, handhaving en strategie, regie op de interne IV-processen en het afstemmen met leveranciers, het beheren van (maatwerk)applicaties binnen de NZa, ontwikkeling van de NZa-portalen voor de formele interactie tussen NZa en zorgaanbieders, professionals en verzekeraars, het ter beschikking stellen van facilitaire voorzieningen, het verzorgen van alle administratieve processen rondom post, archivering en de verantwoordelijkheid voor het ICT-investeringsbudget en het adviseren en ondersteunen van de directies vanuit een onafhankelijke positie bij het vertalen van het beleid en het vaststellen en uitvoeren van het toetsingskader hiervoor. Het CIO-office ondersteunt, naast de directeur IT en Facilitair, ook de CIO en heeft een strategische adviesrol richting de Raad van Bestuur en de directies op het gebied van informatievoorziening.
De directie IT en Facilitair bestaat uit de units Informatiemanagement, Regie en facilitair, Project- en programmamanagement, IT-Ontwikkeling en Onderhoud, het CIO-office en een Mt-staf.
Artikel 5. Directie Bedrijfsvoering en Bestuursondersteuning
De directie Bedrijfsvoering en Bestuursondersteuning is belast met advisering op economisch, medisch en juridisch gebied van de Raad van Bestuur en de beleidsdirecties, kennisontwikkeling en onderzoek, strategie en communicatie, bestuursondersteuning, de bescherming van persoonsgegevens relatiebeheer, bestuurlijke kaderstelling en control, juridische zaken, de uitvoering van projecten met financiële ondersteuning en met het ondersteunen van medewerkers, unitmanagers en directeuren bij de uitvoering van het HRM-beleid en de advisering van de Raad van Bestuur op het gebied van organisatievraagstukken en personele vraagstukken, in het bijzonder op het gebied van persoonlijke ontplooiing, organisatie-ontwikkeling, arbeidsvoorwaarden, de HR-cyclus, personeels in-, door- en uitstroom, opleiding, coaching, conflictbemiddeling, arbeidsomstandigheden, het verstrekken van informatie en voorlichting betreffende het beleid van de NZa, het beantwoorden van vragen van burgers en zorgprofessionals en het fungeren als meldpunt in de zin van artikel 74 van de Wmg.
De directie Bedrijfsvoering en Bestuursondersteuning bestaat uit de units Economisch en Medisch Bureau, Strategie- en Bestuursondersteuning, Communicatie, Informatie en Contact Centrum, Juridische Zaken, Financiën en Control, Human Resource Management en een Mt-staf.
Artikel 6. Binnen beleid en begroting
De op grond van de artikelen 8, 9, 9a en 10 van dit besluit verleende bevoegdheden gelden voor de uitoefening van taken binnen het door de Raad van Bestuur vastgestelde beleid, de begroting en de personeelsformatie en overeenkomstig de door de Raad van Bestuur vastgestelde richtlijnen, waaronder de richtlijnen opgenomen in bijlage 1 bij dit besluit.
Directeuren oefenen hun bevoegdheden uit in overleg met hun portefeuillehouder.
Artikel 7. Afwezigheid of ontstentenis
Bij afwezigheid of ontstentenis van een directeur aan wie krachtens dit besluit een bevoegdheid is toegekend, valt deze bevoegdheid toe aan zijn of haar door de Raad van Bestuur benoemde plaatsvervanger.
Bij afwezigheid of ontstentenis van een unitmanager aan wie krachtens dit besluit in ondermandaat, ondervolmacht of verdere machtiging een bevoegdheid is toegekend, valt deze bevoegdheid toe aan de unitmanager die door de directeur is benoemd als plaatsvervanger.
Artikel 8. Mandaat
Directeuren zijn met inachtneming van het derde en vierde lid, voor de uitvoering van de werkzaamheden van hun directie, bevoegd om namens de NZa beschikkingen te nemen, met uitzondering van beschikkingen als bedoeld in de artikelen 48, 49, 85 tot en met 93 van de Wmg en beschikkingen op bezwaar.
Directeuren zijn bevoegd tot het verlenen van ondermandaat aan hun unitmanagers voor het nemen van beschikkingen betreffende tarieven, prestatiebeschrijvingen, beschikbaarheidbijdragen, vereffeningsbedragen, het vaststellen van grenzen als bedoeld in artikel 50, tweede lid, van de Wmg, beschikkingen krachtens de Wet open overheid, verdagingsbeschikkingen, dwangsombeschikkingen in verband met het niet-tijdig beslissen op een aanvraag of een bezwaarschrift, beschikkingen waarmee het bedrag van de verschuldigde wettelijke rente wordt vastgesteld als bedoeld in artikel 4:99 van de Awb, beschikkingen op grond van de Regeling informatieverstrekking aanmelding en wijzigingen Wlz-uitvoerderschap, beschikkingen als bedoeld in de artikelen 49c en 49d van de Wmg en handhavingsbeschikkingen met uitzondering van boetebeschikkingen.
In aanvulling op het eerste lid is de directeur Bedrijfsvoering en Bestuursondersteuning bevoegd om namens de NZa te beslissen op een verzoek in te stemmen met rechtstreeks beroep tegen beschikkingen en in afwijking van het eerste lid is de directeur Bedrijfsvoering en Bestuursondersteuning bevoegd om namens de NZa te beslissen op bezwaar, met uitzondering van beschikkingen van de Raad van Bestuur. De directeur Bedrijfsvoering en Bestuursondersteuning is bevoegd ondermandaat te verlenen aan de unitmanager Juridische Zaken voor het nemen van beslissingen op bezwaar met betrekking tot bezwaren tegen handhavingsbeschikkingen wegens het niet nakomen van de verplichtingen op grond van artikel 40b van de Wet marktordening gezondheidszorg, en tegen besluiten op een aanvraag voor het verlenen van uitstel van de openbaarmaking van de jaarverantwoording, als bedoeld in artikel 40b van de Wmg.
De portefeuillehouder Toezicht is bevoegd om beschikkingen te nemen tot het ter openbare kennis brengen van een aanwijzing en een last onder dwangsom.
Artikel 9. Volmacht en machtiging personele aangelegenheden
Portefeuillehouders hebben volmacht en machtiging ten aanzien van personeelsaangelegenheden betreffende de directeuren van de directies waarvoor zij portefeuillehouder zijn, met uitzondering van ontslag anders dan ontslag op verzoek van de medewerker zelf en het nemen van ordemaatregelen of het opleggen van straffen als bedoeld in de CAO Rijk en met uitzondering van het benoemen van directeuren.
Directeuren hebben volmacht en machtiging ten aanzien van personeelsaangelegenheden betreffende de onder hen ressorterende medewerkers, met uitzondering van ontslag anders dan ontslag op verzoek van de medewerker zelf en het nemen van ordemaatregelen of het opleggen van straffen als bedoeld in de CAO Rijk.
De voorzitter heeft volmacht om te beslissen over het ontslag anders dan ontslag op eigen verzoek.
De voorzitter heeft voor wat betreft de Chief Economist, de Chief Healthcare en het secretariaat van de Raad van Bestuur volmacht ten aanzien van de personeelsaangelegenheden als bedoeld in het tweede lid, met uitzondering van het benoemen van de Chief Economist en de Chief Healthcare.
Directeuren zijn bevoegd tot het verlenen van ondervolmacht en verdere machtiging aan onder hen ressorterende unitmanagers ten aanzien van personeelsaangelegenheden van hun unit met uitzondering van het sluiten van een arbeidsovereenkomst, het bevorderen en het ontslaan van medewerkers, het verlenen van een voorschot op het salaris, het geven van een (gedeeltelijke) jubileumuitkering, eenmalige uitkering, of toelage en het vaststellen van een beoordeling en de daaruit voortvloeiende beslissingen.
Artikel 10. Machtiging
De leden van de Raad van Bestuur zijn bevoegd namens de NZa handelingen te verrichten, anders dan besluiten en privaatrechtelijke rechtshandelingen.
Directeuren zijn voor de uitvoering van de werkzaamheden van hun directie bevoegd, namens de NZa handelingen te verrichten, anders dan besluiten en privaatrechtelijke rechtshandelingen, voor zover het de normale uitoefening van hun functie betreft.
Directeuren zijn, voor de uitoefening van de in het tweede lid bedoelde bevoegdheden, bevoegd verdere machtiging te verlenen aan de unitmanagers onderscheidenlijk medewerkers van hun directie, voor zover het de normale uitoefening van de functie als unitmanager, onderscheidenlijk medewerker betreft.
De unitmanagers zijn bevoegd voor de bevoegdheden als bedoeld in het derde lid verdere machtiging te verlenen aan de medewerkers van de onder hun verantwoordelijkheid vallende unit, voor zover het de normale functie-uitoefening van die medewerkers betreft.
Artikel 11. Vertegenwoordiging
De juristen van de unit Juridische Zaken zijn bevoegd de NZa te vertegenwoordigen in gerechtelijke procedures en mediation en daartoe alle noodzakelijke proces- en feitelijke handelingen te verrichten.
Artikel 12. Hoorzittingen
Behoudens ten aanzien van gevallen waarin een adviescommissie ex artikel 7:13 Awb is ingesteld, maken de portefeuillehouders met de manager van de unit Juridische Zaken afspraken over het voorzitterschap van hoorzittingen in bezwaarprocedures en ter voorbereiding van een boetebesluit.
De hoorzittingen zijn niet openbaar.
Artikel 13. Aanwijzing toezichthouders
Als medewerkers die belast zijn met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de Wmg en met het in artikel 16 van de Wmg bedoelde toezicht als bedoeld in artikel 72, eerste lid, onder b, van de Wmg zijn aangewezen alle medewerkers van de NZa, met uitzondering van de directeur Bedrijfsvoering en Bestuursondersteuning, de unitmanager Juridische Zaken en de secretaresses van de NZa.
De voorzitter ondertekent de legitimatiebewijzen van de ingevolge het eerste lid van dit artikel aangewezen medewerkers.
Artikel 14. Betalingsopdrachten
Overeenkomstig de met de bankinstelling afgesproken betalingsprocedure zijn de leden van de Raad van Bestuur en de door de Raad van Bestuur aangewezen medewerkers bevoegd tot het verstrekken van betalingsopdrachten ter zake van door of namens de NZa aangegane financiële verplichtingen.
Artikel 15. Citeertitel
Dit besluit met inbegrip van de bijlagen wordt aangehaald als: Besluit organisatie, mandaat, volmacht en machtiging NZa.
Artikel 16. Aanwijzing toezichthouders
Vervallen
Artikel 17. Betalingsopdrachten
Vervallen
Bijlage 1. Werkwijze NZa – sturing en verantwoording
1. Inleiding
In deze notitie wordt in het kort de inrichting en werkwijze van de werkorganisatie van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) uiteengezet. De inrichting heeft zijn beslag gekregen via het door de Raad van Bestuur vastgestelde Organisatie- en formatieplan (OFP), het Bestuursreglement NZa, het Besluit organisatie, mandaat, volmacht en machtiging NZa en andere binnen de NZa vastgestelde regels en richtlijnen. Deze notitie geeft een richtsnoer voor de werkwijze van de werkorganisatie en geeft daarmee de condities aan waaronder de Raad van Bestuur bevoegdheden heeft overgedragen aan de verschillende echelons, zodat daarmee bij de uitoefening van die bevoegdheden rekening dient te worden gehouden.
1. Inleiding
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.