Besluit van de Minister van Infrastructuur en Milieu, nr. IENM/BSK-2011/177402, tot het verlenen van mandaat, volmacht en machtiging aan de directeur van de DCMR Milieudienst Rijnmond ter uitvoering van de ‘Overeenkomst uitvoering VROM-taken door DCMR’ tussen de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer¹ en de DCMR Milieudienst Rijnmond van 26 november 2009, hierna ‘de overeenkomst’ en het addendum op de overeenkomst, hierna het ‘addendum’
¹ Het voormalige Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer is per 14 oktober 2010 opgegaan in het nieuwe Ministerie van Infrastructuur en Milieu.
Gezien de schriftelijke instemming van de directeur van de DCMR Milieudienst Rijnmond van 5 december 2011,
Besluit:
Artikel 1
Aan de directeur van de DCMR Milieudienst Rijnmond wordt mandaat verleend tot:
- a. het nemen van besluiten, bedoeld in artikel 1, onder f, en artikel 1, onder h, van het addendum;
- b. het nemen van besluiten op verzoeken om informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur, met uitzondering van verzoeken om informatie, die niet of niet geheel worden gehonoreerd of waarvan de inwilliging belangrijke maatschappelijke of politieke gevolgen kan hebben of waarbij de geldende voorschriften ruimte laten voor verschillende uitleg over de vraag of een verzoek om informatie al dan niet behoort te worden ingewilligd.
Artikel 2
De directeur van de DCMR Milieudienst Rijnmond kan met betrekking tot zijn bevoegdheden, bedoeld in artikel 1, ondermandaat, volmacht en machtiging verlenen aan een of meer onder hem ressorterende functionarissen.
Artikel 3
Indien uitvoering wordt gegeven aan artikel 1 luidt de ondertekening:
De Minister van Infrastructuur en Milieu,
voor deze:
de directeur van de DCMR Milieudienst Rijnmond,
(gevolgd door de handtekening en de naam).
Artikel 4
Indien uitvoering wordt gegeven aan artikel 2 luidt de ondertekening:
De Minister van Infrastructuur en Milieu,
voor deze:
de directeur van de DCMR Milieudienst Rijnmond,
op last:
(gevolgd door de functieaanduiding, de handtekening en de naam van de betrokken functionaris aan wie ondermandaat is verleend).
Artikel 5
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het, tezamen met de overeenkomst met addendum, wordt geplaatst.
Artikel 6
Dit besluit wordt aangehaald als: ‘Mandaatbesluit DCMR ter uitvoering van de Overeenkomst uitvoering VROM-taken door DCMR’.
Bijlage
Overeenkomst uitvoering VROM-taken door DCMR
Ondergetekenden:
Ondergetekenden, hierna gezamenlijk ook te noemen: Partijen;
In aanmerking nemende dat:
Komen het volgende overeen:
Artikel 1. Doel en strekking van de overeenkomst
Partijen stellen zich tot doel om in deze overeenkomst de wederzijdse rechten en verplichtingen vast te leggen, ter zake van de overdracht en uitvoering van de in artikel 2 benoemde VROM-taken aan respectievelijk door de DCMR.
Artikel 2. Overdracht van VROM-taken
Artikel 3. Looptijd/opzegging
Artikel 4. Evaluatie
Artikel 5. Sociale paragraaf
In geval van niet verlengen van de overeenkomst verplichten partijen zich om de betrokken medewerkers hetzij intern bij de DCMR te herplaatsen, hetzij over te plaatsen naar de organisatie waar de taken worden gecontinueerd.
Artikel 6. Inzet van personeel, tariefstelling en overige kosten
Artikel 7. Facturering
Artikel 8. Werkprocessen en kwaliteit
Artikel 9. Personeel
Artikel 10. Werkvoorraad/lopende procedures
Artikel 11. Organisatie
Artikel 12. Overleg en verantwoording
Artikel 13. Bevoegdheid tot het nemen van besluiten
De bevoegdheid tot het nemen van besluiten in de zin van artikel 1:3, lid 1 van de Algemene wet bestuursrecht blijft berusten bij de minister van VROM.
Artikel 14. Informatieplicht DCMR
De DCMR informeert VROM onverwijld en in voldoende mate over gebeurtenissen en ontwikkelingen met mogelijk politiek-bestuurlijke gevolgen. Het gaat hierbij mede, doch niet daartoe beperkt, om:
Artikel 15. Relatie met VROM-Inspectie (VI)
De DCMR draagt er zorg voor dat er een goede wederzijdse communicatie tot stand komt met de VROM-Inspectie, o.a. door het voeren van regelmatig overleg over het gehele vergunningenpakket van de Wabo, zoals:
VROM, in het bijzonder de directie Risicobeleid, is de opdrachtgever richting de VROM-Inspectie waar het gaat om het uitvoeren van toezichts- en handhavingswerkzaamheden en eventuele rapportages daarover.
Artikel 16. Geheimhouding en beveiliging
Artikel 17. Wijzigingen
Artikel 18. Onvoorziene omstandigheid of onmogelijkheid
Artikel 19. Aansprakelijkheid
Artikel 20. Wijze van kennisgeven
Artikel 21. Geschillen
Alle geschillen in verband met deze overeenkomst of met afspraken die daarmee samenhangen die niet in onderling overleg kunnen worden opgelost, zullen ter beslechting worden voorgelegd aan de bevoegde rechter.
Artikel 22. Bijlagen
Aldus overeengekomen en in tweevoud opgemaakt te Schiedam op 26 november 2009
Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,
voor deze:
de directeur-generaal Milieubeheer,
B. Ter Haar.
De directeur DCMR Milieudienst Rijnmond,
J.H. van den Heuvel.
Addendum op Overeenkomst uitvoering VROM-taken door DCMR
22 december 2011
Ondergetekenden:
Ondergetekenden, hierna gezamenlijk ook te noemen: Partijen,
Overwegende dat:
komen het volgende overeen:
Artikel 1
Artikel 2
Er wordt een nieuw lid 1a toegevoegd aan artikel 7 dat komt te luiden als volgt:
Het eerste lid is niet van toepassing op de facturering van advieskosten van gemeenten en/of andere adviseurs. De DCMR factureert de advieskosten van gemeenten en/of andere adviseurs, bedoeld in artikel 6 lid 8, per kwartaal achteraf bij IenM op basis van werkelijk door de DCMR betaalde vergoedingen. Hiertoe dient de DCMR een factuur in bij IenM. De DCMR zal deze factuur specificeren in een door IenM nader aangegeven vorm.
Artikel 3
Artikel 13 van de overeenkomst komt te luiden als volgt:
Artikel 4
Aan de overeenkomst wordt toegevoegd een nieuw artikel 13a, dat komt te luiden als volgt:
Artikel 5
Artikel 14 , aanhef, en onder f, van de overeenkomst, komt te luiden als volgt:
informatieverzoeken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur;
Artikel 6
Artikel 18 , derde lid, van de overeenkomst, komt te luiden als volgt:
In geval de uitkomst van het overleg, bedoeld in het tweede lid, is dat enige bepaling van deze overeenkomst ongeldig en/of onuitvoerbaar mocht worden geoordeeld, dan tast dit de geldigheid en uitvoerbaarheid van de overige bepalingen van de overeenkomst niet aan en zullen partijen de ongeldige respectievelijk onuitvoerbare bepaling vervangen door een geldige en/of uitvoerbare bepaling waarvan de aard en strekking zoveel mogelijk aansluiten bij de ongeldige en/of onuitvoerbare bepaling.
Artikel 7
Artikel 19 van de overeenkomst komt te luiden als volgt:
Artikel 8
Waar in de overeenkomst VROM staat, moet, indien van toepassing, Infrastructuur en Milieu (IenM) worden gelezen.
Aldus overeengekomen en in tweevoud opgemaakt op 22 december 2011.
Minister van Infrastructuur en Milieu,
voor deze:
de directeur-generaal Milieu,
B. Ter Haar.
De directeur DCMR Milieudienst Rijnmond,
J.H. van den Heuvel.
Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.