Regeling houdende nadere regels ter uitvoering van de Wet financiële markten BES en het Besluit financiële markten BES (Regeling financiële markten BES 2012)
Gelet op de artikelen 1:10, derde lid, 1:26, 4:19, tweede lid, en 6:1, eerste lid, van de Wet financiële markten BES en de artikelen 2:17, eerste lid, onderdeel a, en tweede lid, onderdeel a, 3:4, 3:18, eerste lid, 6:3, eerste lid, 7:17, zesde lid, en 8:1, eerste lid, van het Besluit financiële markten BES;
Besluit:
§ 1. Inleidende bepalingen
Artikel 1:1. (begripsbepalingen)
In deze regeling wordt, tenzij anders bepaald, verstaan onderbesluit : Besluit financiële markten BES.
Artikel 1:2. (tarieven eenmalige toezichthandelingen)
De toezichtautoriteit brengt het tarief, bedoeld in het eerste lid, voor zover mogelijk, direct na ontvangst van de aanvraag in rekening.
De toezichtautoriteit kan afwijken van de in het eerste lid bedoelde tarieven voor zover toepassing daarvan, gelet op het belang van een reële en rechtvaardige kostendoorberekening, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
Artikel 1:3. (tarieven doorlopende toezichtkosten)
Ter zake van de kosten, bedoeld in artikel 1:10, tweede lid, van de wet, is jaarlijks het ingevolge bijlage 2 toepasselijke tarief verschuldigd.
Artikel 1:4. (vrijstelling assurantiebemiddelaars)
Bemiddelaars in verzekeringen zijn vrijgesteld van artikel 2:3, eerste lid, onderdeel a, voor zover:
- a. hun werkzaamheden slechts betrekking hebben op schadebehandeling of de incasso van premies;
- b. zij reisbureau of reisorganisatie zijn en de verzekeringen waarin zij bemiddelen annuleringsverzekeringen zijn of verzekeringen die met het oog op een reis of vakantie worden afgesloten, indien op de desbetreffende vestiging van het reisbureau of de reisorganisatie ten minste een medewerker beschikt over voldoende door een financiële onderneming of derde verzorgde opleiding of daaraan gelijk te stellen ervaring.
Artikel 1:5. (vrijstelling kredietinstellingen en verzekeraars)
Kredietinstellingen met zetel in het buitenland zijn vrijgesteld van artikel 5:5, eerste lid, van het besluit.
Verzekeraars met zetel in het buitenland zijn vrijgesteld van artikel 5:6, eerste lid, van het besluit.
§ 2. Bepalingen betreffende specifieke categorieën financiële ondernemingen
Artikel 2:1. (bijkantorengrens kredietinstellingen en verzekeraars)
Het bedrag, bedoeld in artikel 2:17, eerste lid, onderdeel a, van het besluit wordt vastgesteld op USD 600 miljoen.
Het bedrag, bedoeld in artikel 2:17, tweede lid, onderdeel a, van het besluit wordt vastgesteld op USD 35 miljoen.
Artikel 2:2. (erkende assurantiediploma’s)
Erkende diploma’s als bedoeld in artikel 3:4 van het besluit ter zake van bemiddeling in levensverzekeringen onderscheidenlijk het optreden als gevolmachtigd agent met betrekking tot levensverzekeringen zijn:
- a. een diploma dat in Curaçao of Sint Maarten toegang geeft tot de bemiddeling in levensverzekeringen of het optreden als gevolmachtigd agent met betrekking tot levensverzekeringen;
- b. een diploma als bedoeld in artikel 4:9, derde lid, van de Wet op het financieel toezicht, voor zover dit diploma in Europees Nederland toegang geeft, of op het tijdstip van uitgifte toegang gaf, tot de bemiddeling in levensverzekeringen.
Erkende diploma’s als bedoeld in artikel 3:4 van het besluit ter zake van bemiddeling in schadeverzekeringen onderscheidenlijk het optreden als gevolmachtigd agent met betrekking tot schadeverzekeringen zijn:
- a. een diploma dat in Curaçao of Sint Maarten toegang geeft tot de bemiddeling in schadeverzekeringen of het optreden als gevolmachtigd agent met betrekking tot schadeverzekeringen;
- b. een diploma als bedoeld in artikel 4:9, derde lid, van de Wet op het financieel toezicht, voor zover dit diploma in Europees Nederland toegang geeft, of op het tijdstip van uitgifte toegang gaf, tot de bemiddeling in schadeverzekeringen.
Een diploma als bedoeld in het eerste of tweede lid dat meer dan tien jaar geleden is behaald, is slechts geldig indien de houder van het diploma in de laatste vijf jaar ten minste twee jaar relevante werkervaring heeft opgedaan.
Artikel 2:3. (gegevens en bescheiden trustkantoren)
De door een trustkantoor voor de toezichtautoriteit beschikbaar te houden bescheiden en gegevens bedoeld in artikel 3:18, onderdeel b, van het besluit, zijn:
- a. de op zijn boekhouding betrekking hebbende boeken, bescheiden en andere informatiedragers;
- b. een actueel uittreksel van zijn inschrijving in het handelsregister van de Kamer van Koophandel en Nijverheid, en een actueel overzicht van zijn bestuurders en beleidsbepalers met vermelding van ieders volledige naam, adres en woonplaats;
- c. een actueel overzicht van de inschrijving in het handelsregister van zijn bestuurders en beleidsbepalers die rechtspersoon zijn;
- d. een afschrift van zijn actuele statuten en van de statuten van de bestuurders en beleidsbepalers bedoeld in onderdeel c;
- e. een structuuroverzicht van de groep waartoe het trustkantoor behoort;
- f. een verzameling van het geheel aan actuele interne procedures en richtlijnen ten aanzien van zijn bedrijfsvoering en zijn organisatieschema;
- g. zijn gecertificeerde jaarrekeningen over de afgelopen drie boekjaren dan wel zijn niet gecertificeerde jaarcijfers indien de gecertificeerde jaarrekeningen over de afgelopen drie boekjaren (nog) niet bestaan;
- h. een actueel overzicht van de houders van een gekwalificeerde deelneming in het trustkantoor, waarbij onder gekwalificeerde deelneming wordt verstaan: een directe of indirecte deelneming gelijk of groter aan 5% van het ingebrachte kapitaal of de zeggenschapsrechten van de onderneming;
- i. een actueel overzicht van alle aandeelhouders van iedere in onderdeel h bedoelde houder van een gekwalificeerde deelneming die een rechtspersoon is;
- j. een actueel overzicht van de houders van een gekwalificeerde deelneming in iedere bestuurder en beleidsbepaler bedoeld in onderdeel c;
- k. de schriftelijke overeenkomsten tussen het trustkantoor en zijn cliënten en andere overeenkomsten die het trustkantoor heeft gesloten ter zake van de door het trustkantoor geleverde diensten;
- l. een actueel bestand met de naam, adres, telefoon, contactpersoon en zo mogelijk e-mail gegevens van iedere doelvennootschap waaraan trustdiensten worden verleend;
- m. een actueel bestand met de naam, adres, telefoon, contactpersoon en zo mogelijk e-mail gegevens van iedere doelvennootschap waaraan geen trustdiensten meer worden verleend;
- n. een actueel overzicht van de formele en feitelijke zeggenschapsstructuur en zeggenschapsverhoudingen van het trustkantoor en van de groep waartoe het trustkantoor behoort.
Artikel 2:4. (prospectus beleggingsinstellingen)
Het prospectus, bedoeld in artikel 6:3, eerste lid, van het besluit, bevat ten minste de gegevens die zijn opgenomen in bijlage 3.
Artikel 2:5. (normbedragen kredietwaardigheidstoets)
De normbedragen en de daarin begrepen woonlasten, bedoeld in artikel 7:17, zesde lid, van het besluit, worden, rekening houdend met de samenstelling van het huishouden van de aanvrager en het openbaar lichaam waar hij woonachtig is, vastgesteld overeenkomstig onderstaande tabel:
| Aantal personen afhankelijk van het inkomen van de aanvrager (incl. aanvrager) | Normbedrag (USD) | Normbedrag (USD) | Normbedrag (USD) | Standaard woonlasten (USD) | Standaard woonlasten (USD) | Standaard woonlasten (USD) |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Aantal personen afhankelijk van het inkomen van de aanvrager (incl. aanvrager) | Bonaire | Sint Eustatius | Saba | Bonaire | Sint Eustatius | Saba |
| 1 volwassene | 876 | 873 | 882 | 138 | 137 | 139 |
| 1 volwassene, 1 kind | 1.139 | 1.134 | 1.147 | 179 | 178 | 180 |
| 2 volwassenen | 1.315 | 1.308 | 1.324 | 205 | 205 | 207 |
| 1 volwassene, 2 kinderen | 1.401 | 1.395 | 1.411 | 220 | 219 | 221 |
| 2 volwassenen, 1 kind | 1.577 | 1.570 | 1.588 | 248 | 247 | 250 |
| 3 volwassenen | 1.752 | 1.744 | 1.763 | 275 | 274 | 277 |
| 2 volwassenen, 2 kinderen | 1.839 | 1.832 | 1.852 | 290 | 288 | 291 |
Artikel 2:6. (prospectus bij aanbieden effecten)
Het prospectus, bedoeld in artikel 8:1, eerste lid, van het besluit, bevat ten minste de gegevens die zijn opgenomen in bijlage 4.
Artikel 2:7. (erkende effectenbeurzen)
Erkende effectenbeurzen als bedoeld in artikel 6:1 van de wet, zijn de beurzen van:
- a. Amsterdam, New York en Parijs, gehouden door NYSE Euronext;
- b. Curaçao, gehouden door de Dutch Caribbean Securities Exchange;
- c. Frankfurt, gehouden door de Deutsche Börse;
- d. Londen, gehouden door de London Stock Exchange; en
- e. Tokio, gehouden door de Tokio Stock Exchange.
§ 3. Informatie over betaler bij geldovermakingen
Artikel 3:1. (begripsbepalingen)
Voor de toepassing van deze paragraaf wordt verstaan onder:
- betaler: een rekeninghouder, zijnde een natuurlijke persoon of rechtspersoon, die een geldelijke overmaking vanaf de door hem gehouden rekening toestaat, of bij ontbreken van een rekening, een natuurlijke persoon of rechtspersoon die de opdracht tot het overmaken van geld geeft;
- betalingsdienstaanbieder: kredietinstelling, geldtransactiekantoor of elektronischgeldinstelling;
- begunstigde: natuurlijke persoon of rechtspersoon die de beoogde uiteindelijke ontvanger van de overgemaakte gelden is;
- blokovermaking: meerdere afzonderlijke geldelijke overmakingen die zijn gebundeld met het oog op de transmissie ervan;
- geldelijke overmaking: transactie die door een betalingsdienstaanbieder langs elektronische weg wordt uitgevoerd voor rekening van een betaler met de bedoeling bij een betalingsdienstaanbieder gelden beschikbaar te stellen voor een begunstigde, ongeacht of de betaler en de begunstigde een en dezelfde persoon zijn;
- intermediaire betalingsdienstaanbieder: betalingsdienstaanbieder die noch in opdracht van de betaler, noch van de begunstigde handelt, en die betrokken is bij de uitvoering van geldelijke overmakingen;
- unieke identificatiecode: een combinatie van letters, cijfers of symbolen, door de betalingsdienstaanbieder bepaald, overeenkomstig de protocollen van het betalings- en afwikkelingssysteem of het berichtensysteem dat voor de geldelijke overmaking is gebruikt.
Artikel 3:2. (krediet- en debetkaarten)
Deze paragraaf is niet van toepassing op geldelijke overmakingen die met behulp van een krediet- of debetkaart worden verricht, mits:
- a. de begunstigde een overeenkomst met de betalingsdienstaanbieder heeft op grond waarvan de betaling voor de levering van goederen en de verrichting van diensten mogelijk is; en
- b. bij de geldelijke overmaking een unieke identificatiecode is gevoegd die het mogelijk maakt deze geldelijke overmaking te herleiden tot de betaler.
Artikel 3:3. (overmakingen met behulp van IT)
Deze paragraaf is niet van toepassing op geldelijke overmakingen die via een mobiele telefoon of een ander digitaal of Informatie Technologie (IT)-toestel werden verricht, indien dergelijke geldelijke overmakingen vooraf zijn betaald en het bedrag van USD 150 niet overschrijden.
Artikel 3:4. (overige uitgezonderde overmakingen)
De bepalingen van deze paragraaf zijn niet van toepassing op:
- a. geldelijke overmakingen waarbij de betaler geld van zijn eigen rekening afhaalt;
- b. geldelijke overmakingen waarbij er sprake is van een incassomachtiging tussen twee partijen op grond waarvan betalingen tussen deze partijen via rekeningen kunnen worden verricht, mits bij de geldelijke overmaking een unieke identificatiecode is gevoegd die het mogelijk maakt de transactie tot de betaler te herleiden;
- c. geldelijke overmakingen waarbij ingehouden cheques worden gebruikt;
- d. geldelijke overmakingen aan de overheid voor belastingen, boetes of andere heffingen binnen de openbare lichamen;
- e. geldelijke overmakingen waarbij zowel de betaler als de begunstigde betalingsdienstaanbieders zijn die voor eigen rekening handelen.
Artikel 3:5. (volledige informatie over de betaler)
De volledige informatie over de betaler bestaat uit zijn volledige naam of namen, adres en rekeningnummer.
Het adres mag worden vervangen door de geboorteplaats en -datum van de betaler of zijn cliëntidentificatienummer.
Bij gebreke van het rekeningnummer van de betaler vervangt de betalingsdienstaanbieder van de betaler dit door een unieke identificatiecode aan de hand waarvan de geldelijke overmaking kan worden herleid tot de betaler.
Artikel 3:6. (gegevens betaler bijvoegen)
Een betalingsdienstaanbieder zorgt ervoor dat de volledige informatie over de betaler bij de geldovermakingen wordt gevoegd.
De betalingsdienstaanbieder van de betaler bewaart gedurende vijf jaar de volledige informatie over de betaler welke bij geldovermakingen wordt gevoegd.
In afwijking van het eerste lid wordt bij geldelijke overmakingen waarbij zowel de betalingsdienstaanbieder van de betaler als de betalingsdienstaanbieder van de begunstigde in een openbaar lichaam is gevestigd, alleen het rekeningnummer van de betaler gevoegd of een unieke identificatiecode aan de hand waarvan de geldelijke overmaking kan worden herleid tot de betaler.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.