Besluit van 22 mei 2012 houdende nadere regels met betrekking tot de financiële markten in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba en de financiële ondernemingen die op die markten werkzaam zijn (Besluit financiële markten BES)

Type Amvb Bes
Publication 2025-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Op de voordracht van Onze Minister van Financiën van 2 november 2011, nr. FM/2011/9925 M;

Gelet op de artikelen 1:1, 1:3, vierde lid, 1:10, tweede lid, 1:27, eerste lid, onderdeel b en derde lid, 2:6, derde lid, 2:18, tweede en derde lid, 2:19, derde lid, 2:20, derde lid, 2:23, vijfde lid, 3:2, tweede lid, 3:4, derde lid, 3:5, tweede lid, 3:6, eerste en tweede lid, 3:8, tweede lid, 3:9, tweede lid, 3:11, tweede lid, 3:12, derde lid, 3:13, derde lid, 3:16, derde lid, 3:17, derde en vijfde lid, 3:18, eerste en tweede lid, 3:19, vierde lid, 3:21, eerste lid, 3:23, vijfde lid, 3:24, 3:34, eerste en tweede lid, 3:35, eerste tot en met derde, 3:36, eerste en vierde lid, 3:45, vijfde lid, 3:46, derde en vijfde lid, 4:3, tweede lid, 4:4, eerste lid, 4:5, tweede lid, 4:10, derde lid, 4:11, vierde lid, 4:23, derde lid, 4:26, derde lid, 4:33, eerste en tweede lid, 4:42, tweede lid, 4:48, 5:4, derde lid, 5:5, derde lid, 5:10, tweede en derde lid, 5:12, 5:14, tweede en derde lid, 5:15, tweede lid, 5:21, derde lid, 5:22, derde lid, 5:25, derde lid, 5:26, derde lid, 5:27, derde lid, 6:17, eerste lid, 7:30, tweede lid, 7:31, eerste lid, 8:3, tweede lid en 8:5, derde lid, van de Wet financiële markten BES;

De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 3 februari 2012, nr. W06.11.0468/III;

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Financiën van 14 mei 2012, nr. FM 2012-0204 U;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1:1. (begripsbepalingen)

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt, tenzij anders bepaald, verstaan onder:

Artikel 1:2. (professionele marktpartijen)

Bij regeling van Onze Minister kunnen personen die voldoen aan in die regeling vast te stellen criteria met betrekking tot aard en omvang van hun activiteiten, worden aangewezen als professionele marktpartij.

Artikel 1:3. (uitgezonderde adviseurs)

De wet is met betrekking tot het optreden als adviseur niet van toepassing op adviseurs die een andere hoofdberoepswerkzaamheid hebben dan het verlenen van financiële diensten of het aanbieden van financiële producten en uit hoofde van die hoofdberoepswerkzaamheid inzicht hebben in de financiële situatie van een consument of cliënt, voor zover zij, zonder daarvoor van de aanbieder provisie te ontvangen, het aanbevolen product aan te bieden of andere financiële diensten te verlenen met betrekking tot het aanbevolen product, die consument of cliënt adviseren en de door hen verstrekte adviezen in het verlengde liggen van hun hoofdberoepswerkzaamheid.

Artikel 1:4. (uitgezonderde beleggingsinstellingen)
1.

De hoofdstukken 2 tot en met 5 van de wet, met uitzondering van de artikelen 2:21 en 2:22 en de paragrafen 4 en 5 van hoofdstuk 5, zijn niet van toepassing op:

2.

Een beleggingsinstelling als bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, die een prospectus verkrijgbaar stelt, vermeldt daarin dat zij niet onder toezicht staat van de Autoriteit Financiële Markten.

Artikel 1:5. (uitgezonderde bemiddelaars in goederenkrediet)

De hoofdstukken 2 tot en met 5 van de wet, met uitzondering van de artikelen 2:21, 2:22, 4:40, derde lid, 5:2, 5:3 en 5:4 en de paragrafen 4 en 5 van hoofdstuk 5, zijn niet van toepassing op bemiddelaars in goederenkrediet dat dient ter verschaffing van het genot van een roerende zaak dan wel het verlenen van een dienst, indien de looptijd van het goederenkrediet niet langer is dan de verwachte economische levensduur van de verschafte roerende zaak of dan de periode van dienstverlening, en de bemiddelaar in goederenkrediet:

Artikel 1:6. (uitgezonderde elektronischgeldinstellingen)

De wet is niet van toepassing op de uitgifte van elektronisch geld dat uitsluitend kan worden gebruikt:

Artikel 1:7. (uitgezonderde financiële diensten ten behoeve van eigen werknemers)
1.

De wet is met betrekking tot het optreden als adviseur niet van toepassing op adviseurs, voor zover zij adviseren over andere financiële producten dan krediet aan consumenten die bij hen werkzaam zijn of anderszins onder hun verantwoordelijkheid vallen.

2.

De wet is met betrekking tot het optreden als bemiddelaar niet van toepassing op bemiddelaars, voor zover zij bemiddelen over andere financiële producten dan krediet ten behoeve van consumenten die bij hen werkzaam zijn of anderszins onder hun verantwoordelijkheid vallen.

3.

De wet is met betrekking tot het optreden als gevolmachtigd of ondergevolmachtigd agent niet van toepassing op gevolmachtigd of ondergevolmachtigd agenten, voor zover zij verzekeringen sluiten met consumenten die bij hen in dienst zijn of anderszins onder hun verantwoordelijkheid vallen.

Artikel 1:8. (uitgezonderde financiële diensten door of ten behoeve van pensioenfondsen)

De wet, met uitzondering van hoofdstuk 1, hoofdstuk 5, paragrafen 4 en 5, en de hoofdstukken 6 en 7, is niet van toepassing op:

Artikel 1:9. (uitgezonderde kredietaanbieders)
1.

De wet is niet van toepassing op:

2.

De wet, met uitzondering van de artikelen 5:3, 5:4 en 5:15, is niet van toepassing op het aanbieden van, of het verlenen van financiële diensten met betrekking tot, een geoorloofde debetstand waarbij de consument is gehouden binnen een maand af te lossen.

Artikel 1:10. (uitgezonderde natura-uitvaartverzekeraars)

De hoofdstukken 2 tot en met 5 van de wet, met uitzondering van de artikelen 2:21 en 2:22 en de paragrafen 4 en 5 van hoofdstuk 5, zijn niet van toepassing op natura-uitvaartverzekeraars met minder dan 200 verzekerden.

Artikel 1:11. (doorberekening toezichtkosten)

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.