Wet van 24 november 2011 tot vaststelling van overgangsrecht en wijziging van diverse wetten ten behoeve van de invoering van de wet van 24 november 2011 tot wijziging van de Wet milieubeheer in verband met de invoering van de geluidproductieplafonds en de overheveling van hoofdstuk IX van de Wet geluidhinder naar de Wet milieubeheer (modernisering instrumentarium geluidbeleid, geluidproductieplafonds) (Invoeringswet geluidproductieplafonds)

Type Wet
Publication 2012-07-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben dat het wenselijk is, met het oog op de invoering van een herzien hoofdstuk 11 in de Wet milieubeheer, de Wet geluidhinder en enige andere wetten te wijzigen en te voorzien in overgangsrecht;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel I

Wijzigt de Wet geluidhinder.

Artikel II

Wijzigt de Wijzigingswet Wet milieubeheer (modernisering instrumentarium geluidbeleid, geluidproductieplafonds) (Stb. 2012/266).

Artikel III

Wijzigt de Wet milieubeheer.

Artikel IV

Wijzigt de Spoedwet wegverbreding.

Artikel V

Wijzigt de Spoorwegwet.

Artikel VI

Wijzigt de Tracéwet.

Artikel VII

Wijzigt de Wet bereikbaarheid en mobiliteit.

Artikel VIII

Wijzigt de Wet luchtvaart.

Artikel IX

Wijzigt de Wet op de economische delicten.

Artikel X

Na inwerkingtreding van deze wet berusten algemene maatregelen van bestuur, voor zover zij vóór de inwerkingtreding van deze wet berustten op artikel 11.1, 11.2 of 11.3 van de Wet milieubeheer, op artikel 11A.1, 11A.2 onderscheidenlijk 11A.3 van de Wet milieubeheer.

Artikel XI
1.

De Wet geluidhinder en de daarop gebaseerde regelgeving zoals deze gold voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet blijft van toepassing op de onderstaande besluiten of handelingen, totdat deze onherroepelijk zijn geworden:

2.

De Wet geluidhinder en de daarop gebaseerde regelgeving zoals deze gold voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet kan tevens worden toegepast op de in het eerste lid genoemde besluiten, totdat deze onherroepelijk zijn geworden, indien de in de onderdelen a tot en met g genoemde handelingen met betrekking tot deze besluiten hebben plaatsgevonden vóór de eerste dag van:

3.

Voor de op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet aanwezige of geprojecteerde wegen en spoorwegen die op de geluidplafondkaart zijn geplaatst, worden na het onherroepelijk worden van een besluit als bedoeld in het eerste en tweede lid, dat betrekking heeft op de aanleg of wijziging van een zodanige weg of spoorweg, de eerder voor die weg of spoorweg met toepassing van 11.45 bepaalde geluidproductieplafonds vervangen door de geluidproductie berekend op basis van het bedoelde besluit. Deze plafonds worden aangemerkt als te zijn tot stand gekomen met toepassing van artikel 11.45, tweede lid.

4.

Op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet nog niet aanwezige of geprojecteerde wegen en spoorwegen, hebben na het onherroepelijk worden van een besluit als bedoeld in het eerste en tweede lid, dat betrekking heeft op de aanleg van een zodanige weg of spoorweg, indien de weg of spoorweg op de geluidplafondkaart is geplaatst, geluidproductieplafonds voorvloeiend uit de geluidproductie berekend op basis van het bedoelde besluit. Deze plafonds worden aangemerkt als te zijn tot stand gekomen met toepassing van artikel 11.45, tweede lid.

5.

Indien ten aanzien van wegen en spoorwegen waarvoor met toepassing van artikel 11.45, eerste lid, geluidproductieplafonds zijn vastgesteld, met toepassing van het eerste of het tweede lid maatregelen onherroepelijk zijn vastgesteld als bedoeld in het eerste lid, onder e, worden de met toepassing van 11.45, eerste lid, bepaalde geluidproductieplafonds verlaagd overeenkomstig het geluideffect van die maatregelen. Deze plafonds worden aangemerkt als te zijn tot stand gekomen met toepassing van artikel 11.45, tweede lid. Artikel 11.45, zesde lid, is van overeenkomstige toepassing.

6.

Indien op grond van de Wet geluidhinder zoals die luidde tot het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet een verplichting bestond tot het treffen van geluidwerende maatregelen krachtens een onherroepelijk besluit, of krachtens een besluit dat onder de werking van dit artikel valt, en die maatregelen op het moment van inwerkingtreding nog niet zijn gerealiseerd, blijft op die verplichting de Wet geluidhinder zoals deze luidde onmiddellijk voor de inwerkingtreding van deze wet van toepassing.

7.

Het zesde lid is van overeenkomstige toepassing op een verplichting tot het treffen van maatregelen, vastgesteld op grond van artikel 90, vijfde lid, van de Wet geluidhinder, of artikel 4.23, derde lid, van het Besluit geluidhinder, niet zijnde geluidwerende maatregelen.

8.

Bij toepassing van het eerste lid, onder d of g, of het tweede lid, voor zover het de hiervoor genoemde onderdelen betreft, geldt tot het tijdstip waarop de maatregelen zijn uitgevoerd, voor de betreffende referentiepunten een vrijstelling van artikel 11.20 van de Wet milieubeheer.

9.

Onze Minister kan regels stellen omtrent de wijze waarop de geluidproductie, bedoeld in het derde en vierde lid, onderscheidenlijk het geluideffect, bedoeld in het vijfde lid, wordt berekend.

10.

Voor de toepassing van dit artikel wordt onder een «bestemmingsplan» mede begrepen een inpassingsplan als bedoeld in artikel 3.26 of artikel 3.28 van de Wet ruimtelijke ordening, alsmede een wijzigings- of uitwerkingsplan als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onder a of b, van de Wet ruimtelijke ordening.

Artikel XII
1.

Een publicatie, verricht op grond van artikel 117 van de Wet geluidhinder, geldt als publicatie als bedoeld in artikel 11.4, tweede lid, van de Wet milieubeheer.

2.

Een aanwijzing, verricht op grond van artikel 117a, tweede lid, van de Wet geluidhinder, blijft in stand totdat een nieuwe aanwijzing is verricht op grond van artikel 11.5 van de Wet milieubeheer.

3.

Een geluidsbelastingkaart, vastgesteld op grond artikel 118 van de Wet geluidhinder, blijft van kracht totdat op grond van artikel 11.6 van de Wet milieubeheer een nieuwe geluidsbelastingkaart voor de desbetreffende wegen, spoorwegen of gemeente is vastgesteld.

4.

Een actieplan, vastgesteld op grond artikel 122 van de Wet geluidhinder, blijft van kracht totdat op grond van artikel 11.11 of 11.12 van de Wet milieubeheer een nieuw actieplan voor de desbetreffende wegen, spoorwegen of gemeente is vastgesteld.

Artikel XIII
1.

Tot het tijdstip waarop de beheerder zijn eerste verslag als bedoeld in artikel 11.22 van de Wet milieubeheer moet hebben gezonden aan Onze Minister, kan Onze Minister de locatie van een referentiepunt dat tot stand is gekomen met toepassing van artikel 11.45 en artikel 11.46 van de Wet milieubeheer, op verzoek van de beheerder wijzigen.

2.

In afwijking van afdeling 11.3.3 van de Wet milieubeheer komt het geluidproductieplafond op het gewijzigde referentiepunt tot stand met toepassing van artikel 11.45 en artikel 11.46 van de Wet milieubeheer.

3.

Het gewijzigde referentiepunt wordt in het geluidregister opgenomen. Artikel 11.46, tweede lid, onder b tot en met e, van de Wet milieubeheer is van overeenkomstige toepassing.

Artikel XIV

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

Artikel XV

Deze wet wordt aangehaald als: Invoeringswet geluidproductieplafonds.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.