Besluit van 27 september 2012, houdende regels ter uitvoering van de Wet op het notarisambt (Besluit op het notarisambt)

Type AMvB
Publication 2018-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van 16 maart 2012, nr. 5727408/12/6;

Gelet op artikelen 5, vijfde lid, 6, derde lid, 8, vierde lid, 29, vierde lid, 94, tiende lid, en 103a, vijfde lid, van de Wet op het notarisambt;

De Afdeling advisering van Raad van State gehoord (advies van 26 april 2012, nr. W03.12.0082/II);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van 21 september 2012, nr. 304018;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Hoofdstuk I. Algemene bepalingen

Artikel 1

In dit besluit en de daarop rustende bepalingen wordt verstaan onder:

Hoofdstuk II. Beroepsvereisten

Artikel 2

Het in artikel 6, tweede lid, onderdeel a, van de wet bedoelde afsluitend examen op het gebied van het recht, dat met goed gevolg afgelegd moet worden om in aanmerking te kunnen komen voor benoeming tot notaris of om het beroep van kandidaat-notaris te kunnen uitoefenen, omvat de volgende onderdelen:

Artikel 3
1.

Voor de toepassing van artikel 6, tweede lid, onderdeel a, onder 1°, van de wet, wordt met de in dat onderdeel bedoelde graad Bachelor op het gebied van het recht, gelijkgesteld de graad Bachelor, verleend op grond van het met goed gevolg afleggen van een afsluitend examen van de opleiding HBO-Rechten aan een hogeschool als bedoeld in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, indien blijkens hierop betrekking hebbende bewijsstukken tevens met goed gevolg zijn afgelegd de tentamens van de tot een schakelprogramma behorende onderwijseenheden.

2.

Het schakelprogramma, bedoeld in het eerste lid, omvat onderwijseenheden op het gebied van het recht die worden aangeboden door een universiteit of de Open Universiteit als bedoeld in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, met een totale studielast van ten minste 60 studiepunten als bedoeld in artikel 7.4, eerste lid, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek.

3.

Voor de toepassing van artikel 2 wordt onder afsluitend examen als bedoeld in dat artikel tevens begrepen het schakelprogramma, bedoeld in het eerste en tweede lid.

Hoofdstuk III. Benoeming, toevoeging en waarneming

Artikel 4
1.

De Commissie toegang notariaat bestaat uit vijf leden: een voor het leven benoemd lid van de rechterlijke macht die voorzitter, plaatsvervangend voorzitter of lid is van een kamer voor het notariaat, een op voordracht van het bestuur van de KNB benoemd lid, een op voordracht van het Bureau benoemd lid en twee overige leden. Er zijn twee of meer plaatsvervangende leden.

2.

De leden en plaatsvervangende leden worden door Onze Minister voor een termijn van ten hoogste vier jaar benoemd. Zij kunnen eenmaal herbenoemd worden.

3.

Onze Minister wijst uit de leden een voorzitter aan. De Commissie kiest uit haar midden één of meer plaatsvervangende voorzitters.

4.

De Commissie legt nadere regels omtrent haar eigen werkwijze neer in een reglement.

5.

De Commissie is gevestigd bij de KNB, die voorziet in het secretariaat en de bekostiging van de Commissie.

6.

De Commissie brengt jaarlijks voor 15 maart aan Onze Minister een jaarverslag uit over haar werkzaamheden.

7.

Bij regeling van Onze Minister worden regels gesteld omtrent de vergoeding van de reis- en verblijfkosten van de leden van de Commissie en andere vergoedingen.

Artikel 5
1.

Ten behoeve van haar advies, bedoeld in artikel 8, tweede lid, en artikel 30c, tweede lid, van de wet, kan de Commissie zowel een beperkt als een volledig onderzoek instellen.

2.

De Commissie kan de verzoeker of verzoekers tot het verstrekken van nadere inlichtingen verzoeken.

3.

Een volledig onderzoek omvat ten minste:

4.

De Commissie brengt zo spoedig mogelijk na het persoonlijk onderhoud met de kandidaat gemotiveerd advies uit aan Onze Minister, dat vergezeld gaat van de informatie waarop het advies berust. De KNB en het Bureau ontvangen afschriften.

5.

Bij regeling van Onze Minister kunnen nadere regels worden gesteld omtrent het door de Commissie in te stellen onderzoek.

Artikel 6

[gereserveerd]

Artikel 7

Het minimale aantal uren per week dat een notaris zijn ambt dient uit te oefenen bij waarneming in deeltijd, bedoeld in artikel 29, vierde lid, tweede volzin, van de wet, bedraagt achttien uur.

Hoofdstuk IV. Het register voor het notariaat

Artikel 8

In het register worden van iedere notaris opgenomen:

Artikel 9

In het register worden van iedere toegevoegd notaris opgenomen:

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.