← Geldende tekst · Geschiedenis

Aanwijzing van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 11 december 2012, MC-U-3146776, op grond van artikel 7 van de Wet marktordening gezondheidszorg, inzake beschikbaarheidbijdrage academische zorg

Geldende tekst a fecha 2013-02-01

Gelet op artikel 7 van de Wet marktordening gezondheidszorg;

Na op 25 mei 2012 schriftelijk mededeling te hebben gedaan aan de Eerste en Tweede Kamer der Staten-Generaal (Kamerstukken II 2011/12, 32 393, nr. 16) als bedoeld in artikel 8 van de Wet marktordening gezondheidszorg over de inzet van het instrument beschikbaarheidbijdrage bij de curatieve somatische zorg, waaronder academische zorg;

Gezien het verslag van 29 juni 2012 van een schriftelijk overleg met de Tweede Kamer der Staten–Generaal (Kamerstukken II 2011/2012, 32 393, nr. 21);

en

Na op 24 oktober 2012 schriftelijk mededeling te hebben gedaan aan de Eerste en Tweede Kamer der Staten-Generaal als bedoeld in artikel 8 van de Wet marktordening gezondheidszorg, over de inzet van het instrument beschikbaarheidbijdrage voor de bekostiging van kapitaallasten van academische zorg (Kamerstukken II 2012/13, 32 393, nr. 25);

Gezien de inbreng van de vaste Commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport voor het verslag van een schriftelijk overleg over de brief van 24 oktober 2012;

Besluit:

Artikel 1. definities

In deze aanwijzing wordt verstaan onder:

Artikel 2. werkingssfeer

Deze aanwijzing is van toepassing op academische zorg.

Artikel 3. opdracht

De zorgautoriteit stelt ter uitvoering van deze aanwijzing tijdig vóór 1 januari 2013 regels of beleidsregels vast.

Artikel 4. academische zorg
1.

De zorgautoriteit verleent een beschikbaarheidbijdrage en stelt deze vast ter compensatie voor het verlenen van een dienst van algemeen belang ter zake van academische zorg.

2.

De zorgautoriteit dient voor de hoogte van de beschikbaarheidbijdrage en met betrekking tot de zorgaanbieders die met de dienst van algemeen belang worden belast, uit te gaan van de situatie in 2012, met dien verstande dat zij bij de toekenning van de beschikbaarheidbijdrage rekening houdt met de korting van € 10 miljoen voor academische zorg, zoals opgenomen in de toelichting bij de begroting van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport voor 2012.

Artikel 5. kapitaallasten academische zorg
1.

De zorgautoriteit verleent een beschikbaarheidbijdrage en stelt deze vast voor kapitaallasten in verband met academische zorg op basis van het voorstel in het advies, met dien verstande dat zij de beschikbaarheidbijdrage ambtshalve vaststelt, een normatieve benadering hanteert, rekening houdt met de PBA-middelen en de mogelijkheid tot reservering voor het doel waarvoor een beschikbaarheidbijdrage voor kapitaallasten is verleend beperkt tot een periode van maximaal vier jaren.

2.

De zorgautoriteit dient met betrekking tot die zorgaanbieders die een beschikbaarheidbijdrage in verband met kapitaallasten kunnen krijgen, uit te gaan van de situatie in 2012.

3.

De zorgautoriteit dient met betrekking tot hoogte van de beschikbaarheidbijdrage uit te gaan van het aandeel in de kapitaallasten voor academische zorg dat aan de minister wordt toegerekend in het convenant en rekening te houden met de korting van € 10 miljoen voor academische zorg, zoals opgenomen in de toelichting bij de begroting van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport voor 2012.

Artikel 6. bijzondere kapitaallasten aanbieders academische zorg
1.

De zorgautoriteit verleent een beschikbaarheidbijdrage en stelt deze vast voor bijzondere kapitaallasten.

2.

De zorgautoriteit dient met betrekking tot aanbieders van academische zorg die in aanmerking kunnen komen voor een beschikbaarheidbijdrage als bedoeld in het eerste lid uit te gaan van besluiten van de minister inzake bijzondere kapitaallasten.

Van deze aanwijzing wordt mededeling gedaan door plaatsing met de toelichting in de Staatscourant.