Inschrijvingsvoorwaarden advocatuur 2013 krachtens de Wet op de Rechtsbijstand
Inleiding
Uitgangspunt van de Wet op de rechtsbijstand is dat advocaten die rechtsbijstand in de zin van de wet willen verlenen zich daartoe inschrijven bij de Raad voor Rechtsbijstand.
Het bestuur van de Raad voor Rechtsbijstand (verder: de Raad) kan op grond van de artikelen 14 en 15 van de Wrb voorwaarden aan de inschrijving verbinden die betrekking hebben op de organisatie van het kantoor waar de rechtsbijstandverlener werkzaam is, de verslaglegging van de advocaat omtrent de door hem/haar verleende bijstand, het minimum en het maximum aantal zaken waarvoor een advocaat jaarlijks kan worden toegevoegd en de deskundigheid van de advocaat op bepaalde rechtsterreinen. Deze inschrijvingsvoorwaarden zijn algemeen verbindende voorschriften.
De Raad stelt als voorwaarde voor het toevoegen van (beginnende) advocaten op basis van de Wrb dat het verzoek om inschrijving door de Raad volledig is behandeld en is ingewilligd.
De Raad kan op grond van art. 16 Wrb uitsluitend in bijzondere gevallen een niet-ingeschreven advocaat toevoegen. Dit is het geval indien een rechtzoekende uitdrukkelijk en gemotiveerd om toevoeging van de niet-ingeschreven advocaat verzoekt of indien voor de verlening van rechtsbijstand op een bepaald rechtsterrein onvoldoende advocaten met de desbetreffende specialistische deskundigheid zijn ingeschreven. Het verstrekken van een toevoeging aan een niet-ingeschreven advocaat dient een uitzondering te blijven. Een advocaat die op grond van art. 16 Wrb vaker dan sporadisch een verzoek om toevoeging indient dient zich op grond van de Wrb te laten inschrijven.
In ieder geval zal aan een niet-ingeschreven advocaat geen toevoeging worden verleend indien hij toevoeging verzoekt op een terrein waarop in de door de Raad vastgestelde inschrijvingsvoorwaarden deskundigheidseisen worden gesteld.
Naast de algemene inschrijvingsvoorwaarden kent de Raad een afzonderlijke regeling en deskundigheidsvereisten voor Strafrecht, Psychiatrisch patiëntenrecht, Vreemdelingenrecht, Asiel- en Vluchtelingenrecht, Internationale kinderontvoering en Personen- en familierecht, alsmede voor de verlening van rechtsbijstand in het kader van het (kinder)straf-, vreemdelingen- en psychiatrische patiëntenpiket.
Per 1 juli 2013 treden deskundigheidseisen in werking op het terrein van jeugdzaken. Deze eisen zullen gelden voor jeugdstrafzaken en voor verzoeken voor een machtiging tot uithuisplaatsing in een accommodatie voor gesloten jeugdzorg.
Artikel 1. Kantoororganisatie, verhouding met de Raad (artikel 15 lid 1 sub c Wrb)
- a. De advocaat dient een regeling te hebben getroffen ten aanzien van de organisatie van zijn kantoor in overeenstemming met de eisen van een goede praktijkuitoefening, waarin naar het oordeel van de Raad voor Rechtsbijstand voldoende voorzien is in:
- –. telefonische bereikbaarheid tijdens kantooruren, inbegrepen het gebruik van een telefoonbeantwoorder en van een fax;
- –. alsmede de bereikbaarheid per e-mail. De advocaat geeft de Raad een persoonlijk e-mailadres op1Omdat de Raad voor Rechtsbijstand gebruik maakt van een webportaal voor het indienen van toevoegingsaanvragen en declaraties is een info@adres of een gezamenlijk kantooradres niet toegestaan.;
- –. de aanwezigheid tijdens kantooruren van de advocaat en/of van een secretariaat;
- –. vervanging van de advocaat bij ziekte en vakanties.
- b. Ten behoeve van de gegevens met betrekking tot het aanvragen en declareren van toevoegingen en piketten voorziet de advocaat in de naar het oordeel van de Raad noodzakelijke inrichting. De advocaat legt ten behoeve van het aanvragen van toevoegingen de persoonsgegevens van zijn cliënt en diens partner conform het identiteitsbewijs vast. Dit betreft de achternaam, voorletters, geboortedatum, GBA-adres, postadres en burgerservicenummer en het vreemdelingennummer. Dit voorschrift staat beredeneerbare uitzonderingen toe, waarin deze vastlegging onmogelijk is. Bijvoorbeeld daklozen en vreemdelingen die ongedocumenteerd zijn en gevallen van ruzie met de partner. Met het webportal Mijn RvR kunnen advocaten een aanvraag voor diverse toevoegingen en declaraties digitaal bij de Raad indienen. Per 1 januari 2014 wordt gebruikmaking van Mijn RvR voor alle advocaten verplicht. De advocaat richt zijn toevoegingsaanvragen en declaraties zorgvuldig en volledig in, met inachtneming van de regels die bij of krachtens de wet, of op basis van algemene voorschriften of specifieke aanwijzingen van de Raad zijn gesteld. De advocaat is open en duidelijk in de informatie die hij bij zijn aanvragen en declaraties verschaft. Hij vermeldt uit eigen beweging bijzonderheden die voor de beslissing van de Raad van belang zouden kunnen zijn. De advocaat vraagt geen toevoegingen aan voor zaken waarvoor geen toevoegingen kunnen worden verleend, bijvoorbeeld voor het treffen van betalingsregelingen, voor zaken waarvoor geen of volstrekt ontoereikende gronden bestaan of een wettelijke termijn is verstreken. Indien daar gezien het aantal zaken waarin dit toch is gebeurd een gerede aanleiding voor is, kan de Raad voor Rechtsbijstand de advocaat waarschuwen dat zijn inschrijving hiervoor kan worden doorgehaald.
- c. De Raad kan op grond van artikel 37 b, eerste lid, aanhef en onder b. van de Wet op de rechtsbijstand nadere regelingen vaststellen met betrekking tot de verlening van rechtsbijstand in piketzaken. Advocaten die deelnemen aan een piketregeling moeten bereid zijn om de daaruit voorvloeiende zaken op toevoegingsbasis af te wikkelen. Verwezen wordt tevens naar het bepaalde in lid o.
- d. Voor deelname aan een piketregeling dient de rechtsbijstandverlener tijdens kantooruren, tijdens weekend en feestdagen per (mobiele) telefoon, per telefax en per e-mail bereikbaar te zijn. De advocaat verstrekt zijn 06 nummer en het mailadres waaraan piketmededelingen kunnen worden verzonden door de Raad.
- e. De advocaat die deelneemt aan het strafpiket moet volgens het hem meegedeelde piketrooster beschikbaar zijn en behoort zich op de dagen dat hij dienst heeft tussen 7.00 uur en 20.00 goed bereikbaar en beschikbaar te houden voor het aannemen van meldingen. Kan hij daaraan niet voldoen dan regelt hij vooraf waarneming. In sporadische gevallen (voltooide levensdelicten, gijzelingen en ontvoeringen) kan ook buiten voornoemde tijdstippen op zijn 06 nummer een piketmelding aan de strafpiket-advocaat worden doorgegeven. Een advocaat die niet aan deze bereik- en beschikbaarheidsvoorwaarden heeft voldaan, kan nadat hem eerst een schriftelijke waarschuwing is gegeven van het strafpiket-rooster worden verwijderd. De eerste keer geschiedt deze verwijdering tijdelijk, voor de duur van een half jaar, vermeerderd met de nog resterende looptijd van het geldend rooster op het moment van verwijdering. De Raad doet van de waarschuwing en van het besluit tot verwijdering van het rooster schriftelijk mededeling aan de Deken in het arrondissement waarin de advocaat is gevestigd. Indien de advocaat werkzaam is in een piket-regio waarvoor de piketcentrale meldingen doorgeeft, moet hij beschikken over een mobiele telefoon met internettoegang ten behoeve van het bevestigen van meldingen vanuit de piketcentrale. In de loop van 2013 zal deze werkwijze voor het doorgeven van meldingen in alle regio’s in het land gaan gelden.
- f. Indien de politie aan een advocaat die deelneemt aan het strafpiket toestemming geeft om zijn mobiele telefoon in het bureau bij zich te dragen, mag de advocaat deze telefoon niet misbruiken en een verdachte daarvan geen gebruik laten maken. De Raad zal bij misbruik, indien tuchtrechtelijke maatregelen tegen de advocaat zijn genomen of de omstandigheden van het geval daartoe aanleiding geven, de inschrijving van de advocaat voor het strafpiket (al dan niet tijdelijk) doorhalen.
- g. Advocaten worden voor maximaal drie roostergebieden uit onderstaande lijst ingeschreven.
-
- rooster strafpiket/ rooster Wots-overleveringspiket Amsterdam
-
- rooster minderjarigenstrafpiket;
-
- rooster psychiatrisch patiëntenpiket;
-
- rooster vreemdelingenpiket;
- h. Advocaten die staan ingeschreven op het beschikbaarheidsrooster aanmeldcentrum asielzoekers (‘het AC-rooster’) worden naast die inschrijving op het AC-rooster ingeschreven voor maximaal 2 piketten.
- i. De advocaat dient de zaken waarin hij is toegevoegd persoonlijk te behandelen dan wel de aan hem toebedeelde piketdiensten persoonlijk te verrichten, behoudens gevallen waarin sprake is van overmacht, ziekte, op dezelfde dag geplande zittingen in andere zaken of andere zwaarwegende redenen. In dat geval zorgt de advocaat voor waarneming. Indien een andere advocaat voor hem waarneemt, blijft ook de toegevoegde advocaat aanspreekbaar op de kwaliteit van de verleende rechtsbijstand.
- j. Het is niet toegestaan om toevoegingen aan te vragen ten behoeve van een andere advocaat of rechtsbijstandverlener, bijvoorbeeld voor een niet ingeschreven advocaat of voor een advocaat die niet aan specifieke deskundigheidseisen voldoet of het maximum aantal toevoegingen heeft bereikt.
- k. De advocaat behandelt de zaken waarin hij gefinancierde rechtsbijstand verleent zorgvuldig en doelmatig.
- l. De advocaat laat medewerkers van het kantoor die geen advocaat zijn, in toegevoegde zaken geen andere dan ondersteunende werkzaamheden, zijnde geen rechtsbijstand, verrichten. Bij overdracht van een dossier aan een andere advocaat wordt om mutatie van de toevoeging verzocht. De advocaat draagt daarbij zorg voor een volledige en zorgvuldige overdracht van de bij de toevoeging(-saanvraag) behorende bescheiden.
- m. De advocaat die op grond van de Advocatenwet geschorst is, stelt het centraal kantoor van de Raad zelf onmiddellijk schriftelijk op de hoogte en draagt zorg voor overdracht van zijn toevoegingszaken. Hij meldt daarbij aan de Raad welke advocaat in zaken waarin nog geen toevoeging verleend is in zijn plaats moet worden toegevoegd.
- n. De advocaat voert in zaken waarin hij is toegevoegd een deugdelijke tijdregistratie. Daarin wordt de aan rechtsbijstand bestede tijd op juiste en verantwoorde wijze bijgehouden op datum en naar verrichting. Indien gebruik wordt gemaakt van vaste tijdseenheden, mogen deze niet groter zijn dan zes minuten. In een urenspecificatie moet minimaal onderscheid gemaakt worden tussen correspondentie, telefoon, conferentie, procedure, studie en een korte aanduiding worden gegeven met wie is gesproken of gecorrespondeerd.
- o. De advocaat bevordert dat voor een rechtzoekende die daarvoor in aanmerking komt een toevoeging wordt verleend. Indien een advocaat niettemin in een specifiek geval met een rechtzoekende, die voor een toevoeging in aanmerking komt en daarop door de advocaat is gewezen, schriftelijk overeen komt dat door de rechtzoekende vrijelijk geen gebruik wordt gemaakt van gesubsidieerde rechtsbijstand en dat in plaats daarvan de zaak op betalende basis zal worden behandeld, kan hij zijn werkzaamheden niet op toevoegingsbasis declareren. Indien een toevoeging is verleend, wordt deze aan de Raad ter intrekking toegezonden. Als voor een rechtzoekende een toevoeging is verleend, mag de advocaat naast de door de Raad opgelegde eigen bijdrage geen honorarium /uurtarief in rekening brengen.
- p. In wederzijds belang behoren (medewerkers van) de Raad en advocaten te streven naar een onderlinge verhouding die berust op welwillendheid en vertrouwen. Een advocaat die zich bij herhaling schuldig maakt aan onbehoorlijk of onheus optreden, zowel jegens medewerkers van de Raad of de piketcentrale als in bredere zin door zich in strijd met de algemeen geldende normen van fatsoen en redelijkheid in de beroepsuitoefening te gedragen, kan – nadat hij op dit gedrag is aangesproken door een leidinggevende van de Raad – van deelname aan het stelsel voor de verlening van gesubsidieerde rechtsbijstand worden uitgesloten.
- q. De advocaat onthoudt zich van gedragingen die met de doelstelling van deze voorwaarden in strijd komen.
Artikel 2. Entreetoets Nederlandse Orde van Advocaten en auditverklaring (artikel 15 lid 1 sub c Wrb)
- a. De advocaat die op of na 1 januari 2010 aan de Raad om inschrijving verzoekt of heeft verzocht of zijn advocatenkantoor of een samenwerkingsverband van meerdere advocaten verlaat om elders zelfstandig de praktijk voort te zetten moet, als de Nederlandse Orde van Advocaten aan hem een nieuw kantoornummer heeft toegekend en van hem vraagt een entreetoets af te leggen, bij zijn inschrijvingsverzoek de Raad voor Rechtsbijstand in het bezit stellen van een verklaring van de Raad van Toezicht in het arrondissement waarin hij kantoor houdt. Uit deze verklaring moet blijken dat de advocaat de entreetoets van de Nederlandse Orde van Advocaten met goed gevolg heeft afgelegd.
- b. Indien de advocaat zijn advocatenkantoor of een samenwerkingsverband van meerdere advocaten verlaat om bij een ander kantoor de praktijk voort te zetten en dat kantoor niet beschikt over een eerder afgegeven auditverklaring of een verklaring waaruit blijkt dat de entreetoets met goed gevolg is afgelegd, kan de Raad besluiten dat aan deze advocaat een verklaring kantoororganisatie wordt toegezonden. Deze wordt na invulling en ondertekening door de Raad getoetst. Indien de verstrekte gegevens akkoord worden bevonden, volgt registratie voor het gehele kantoor. De Raad kan inschrijving weigeren als de ingevulde verklaring kantoororganisatie daartoe reden geeft.
Artikel 3. Naleven overeengekomen kwaliteitssystemen (art. 15 lid 1 sub b Wrb)
- a. De advocaat dient bereid te zijn om de door de Nederlandse Orde van Advocaten en de Raad overeengekomen kwaliteitssystemen na te leven.
- b. De advocaat behoort de normen die door de Raad ten aanzien van bepaalde rechtsgebieden gesteld worden in best practice guides na te leven. Er zijn samen met de Orde best practice guides ontwikkeld op het terrein van asielrecht, vreemdelingenbewaring, arbeidsrecht, echtscheiding en gedwongen opname en behandeling van psychiatrische patiënten.
- c. De advocaat behoort op rechtsterreinen waarvoor de Raad dit met de Orde heeft afgesproken deel te nemen aan intercollegiale toetsing of peer review.
- d. Indien de advocaat niet meewerkt aan intercollegiale toetsing, peer review of aan door de Raad geëntameerd ambtshalve onderzoek naar de kwaliteit van de door hem verleende rechtsbijstand kan zijn inschrijving voor het rechtsgebied in kwestie worden doorgehaald. Dit laat de toetsing door de Orde van Advocaten op de naleving van haar gedragsregels en overige regelgeving van de Orde geheel onverlet.
Artikel 4. Verslaglegging (artikel 15 lid 1 sub d Wrb)
De advocaat dient desgevraagd informatie te verstrekken en verantwoording af te leggen over de afhandeling van zaken. Deze informatieplicht kan ook worden aangewend met betrekking tot de evaluatie van door de Raad gevoerd beleid. Desgevraagd dient de advocaat verslaglegging te doen over de wijze waarop aan de inschrijvingsvoorwaarden is voldaan.
Artikel 5. Minimum/maximum (artikel 15 lid 1 sub a Wrb)
- a. Om te voorkomen dat de kwaliteit van de rechtsbijstand in het gedrang komt, door onder meer het te snel en te veel aanvragen van toevoegingen of door het onvoldoende tijd en aandacht besteden aan zaken, worden aan een advocaat jaarlijks niet meer toevoegingen afgegeven dan het equivalent van 250 ‘eenheden’. Hieronder worden mede begrepen de ambtshalve toevoegingen. De Raad zal bij het beoordelen van het maximum-aantal toevoegingen op de volgende manier rekenen in ‘eenheden’ teneinde rekening te kunnen houden met de specifieke opbouw van de praktijk: Indien een lichte adviestoevoeging wordt omgezet in een reguliere toevoeging zal deze laatste bij de berekening van het maximum worden meegeteld op basis van het aantal punten waarmee de zaak volgens het Bvr 2000 wordt gewaardeerd. Indien een advocaat het maximum aantal toevoegingen heeft bereikt, zullen in het betreffende kalenderjaar geen toevoegingen meer aan hem worden afgegeven. De Deken van de Orde van Advocaten in het arrondissement waar de betreffende advocaat kantoor houdt, wordt geïnformeerd over het bereiken van de grens van het maximum aantal af te geven toevoegingen.
- –. een afgegeven toevoeging van 6 punten of meer telt voor 1 eenheid,
- –. een afgegeven toevoeging van 4 of 5 punten telt voor 0,67 eenheid
- –. een afgegeven toevoeging van 3 punten telt voor 0,50 eenheid
- –. een lichte adviestoevoeging telt voor 0,33 eenheid2Asieltoevoegingen tellen voor 1 eenheid..
- b. De advocaat kan in het volgend kalenderjaar opnieuw om inschrijving verzoeken. Als hij in het jaar daarop opnieuw toevoeging verzoekt in zaken waarin in het vorig jaar vanwege het bereiken van het maximum aan hem toevoegingen zijn geweigerd, zal – indien de toevoeging alsnog wordt verleend – de ingangsdatum in het jaar van de nieuwe aanvraag liggen.
- c. De Raad kan een advocaat die het maximum binnen een half jaar heeft bereikt – na hem voorafgaand te hebben gehoord – voor goed van de verlening van gesubsidieerde rechtsbijstand uitsluiten. De advocaat wordt tevens van de AC- en de piketroosters verwijderd. Het is niet toegestaan de gevolgen van uitschrijving te ontgaan door andere advocaten toevoegingen te laten aanvragen.
- d. Advocaten die het maximum aantal toevoegingen hebben bereikt en zijn ingeroosterd op een AC, zullen in opdracht van de Raad van het rooster verwijderd worden.
- e. In geval van schorsing van de advocaat wordt het maximum-aantal toevoegingen naar evenredigheid met de duur van de schorsing verminderd.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.