Besluit van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 21 juni 2013, 124046-105228-GMT houdende Beleidsregels aanwijzing examenorganisaties drogisterijbranche

Type Beleidsregel
Publication 2013-07-02
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 1, onderdeel qqq en 62 van de Geneesmiddelenwet;

Besluit:

Artikel 1

In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

Artikel 2

Bij een verzoek tot aanwijzing als examenorganisatie wordt het volgende beoordelingskader in acht genomen:

Artikel 3
1.

Over de kwaliteit van de overgelegde exameneisen van, alsmede over de wijze van examinering door de verzoekende organisatie wordt advies uitgebracht aan de minister door een Commissie, bestaande uit vertegenwoordigers van het Centraal Bureau Drogisterijbedrijven te Maarssen, het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel te Leidschendam, de Consumentenbond te Den Haag en de vereniging Neprofarm te Huizen. De minister beslist op de aanvraag, gehoord hebbende het advies van de Commissie.

2.

De Commissie, bedoeld in het eerste lid, stelt een intern reglement en een werkwijze vast.

3.

De Commissie, bedoeld in het eerste lid, stelt minimum eindtermen voor de vakbekwaamheid van het beroep drogist en assistent-drogist op, die zij als richtsnoer hanteert bij haar advisering ten aanzien van het in artikel 2, onder b bepaalde.

4.

De Commissie, bedoeld in het eerste lid, maakt inzichtelijk op welke wijze zij de wijze van examinering van de verzoekende organisatie beoordeelt. De Commissie kan aanbevelingen doen en richtlijnen formuleren over de kwaliteitswaarborging van de examinering.

Artikel 4
1.

Aanwijzing als examenorganisatie geschiedt voor de duur van ten hoogste vijf jaar.

2.

Indien hiertoe aanleiding is, kan de aanwijzing tussentijds worden ingetrokken.

3.

Op verzoek van de examenorganisatie kan de aanwijzing worden verlengd, telkens voor de duur van ten hoogste vijf jaar. Het verzoek tot verlenging wordt voorgelegd aan de in artikel 3, eerste lid, bedoelde Commissie.

Artikel 5
1.

Iedere examenorganisatie brengt jaarlijks een verslag uit aan de minister.

2.

Het verslag, bedoeld in het eerste lid, bevat ten minste een beschrijving van de wijze van examinering, alsmede kengetallen over de examinering en de financiële huishouding van de examenorganisatie.

3.

Het verslag, bedoeld in het eerste lid, wordt toegezonden aan de in artikel 3 bedoelde Commissie. De Commissie kan naar aanleiding van het verslag advies uitbrengen aan de minister.

Artikel 6

Deze beleidsregels treden in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij worden geplaatst.

Artikel 7

Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels aanwijzing examenorganisaties drogisterijbranche.

Deze beleidsregels worden met de toelichting in de Staatscourant geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.