Besluit van de directeur-generaal van Rijkswaterstaat van 11 maart 2013, met kenmerk RWS/SDG-2013/12895, houdende verlening van mandaat, volmacht en machtiging (Besluit mandaat, volmacht en machtiging Rijkswaterstaat 2013)

Type Ministeriële regeling
Publication 2025-05-17
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 23, tweede en derde lid, van het Organisatie- en mandaatbesluit Infrastructuur en Milieu 2012, respectievelijk artikel 3 van het Instellingsbesluit directoraat-generaal Rijkswaterstaat en artikel 3, eerste en tweede lid, van het Besluit mandaat en machtiging directeur-generaal Rijkswaterstaat inzake erkenningen bodemkwaliteit;

Besluit:

Artikel 1. Begripsbepaling

In dit besluit wordt onder Rijkswaterstaat Bestuursstaf, regionale en centrale organisatieonderdelen, programmadirecties en projectdirecties verstaan: organisatieonderdelen van het directoraat-generaal Rijkswaterstaat als bedoeld in artikel 2 van het Instellingsbesluit directoraat-generaal Rijkswaterstaat 2013.

Artikel 2. Mandatering plaatsvervangend directeur-generaal, chief financial officer en chief operations officer
1.

De aan de directeur-generaal Rijkswaterstaat verleende bevoegdheden worden gemandateerd aan de plaatsvervangend directeur-generaal, de chief financial officer en de chief operations officer.

2.

Aan de in het eerste lid genoemde chief operations officer worden geen bevoegdheden verleend in HRM-aangelegenheden.

Artikel 3. Bevoegdheden voorbehouden aan de directeur-generaal, de plaatsvervangend directeur-generaal en de chief financial officer

Aan de directeur-generaal Rijkswaterstaat, de plaatsvervangend directeur-generaal en de chief financial officer blijft voorbehouden de bevoegdheid tot het opstellen van circulaires die een verzoek, gericht tot een groep van personen of instanties buiten de rijksoverheid, om medewerking of inlichtingen bevatten.

Artikel 4. Mandatering Rijkswaterstaat Bestuursstaf

De aan de directeur-generaal Rijkswaterstaat verleende bevoegdheden worden, met inachtneming van de artikelen 3 en 12, eveneens gemandateerd aan de directeuren van de Rijkswaterstaat Bestuursstaf.

Artikel 5. Mandatering regionale en centrale organisatieonderdelen
1.

De aan de directeur-generaal Rijkswaterstaat verleende bevoegdheden worden, met inachtneming van de artikelen 3 en 12, eveneens gemandateerd aan de hoofdingenieur-directeuren van de regionale en centrale organisatieonderdelen.

2.

De hoofdingenieur-directeuren kunnen met inachtneming van artikel 12 binnen hun organisatieonderdeel ten aanzien van de aan hen verleende bevoegdheden mandaat verlenen aan:

3.

De in het tweede lid, onder c, genoemde functionarissen worden geen bevoegdheden verleend in HRM-aangelegenheden.

4.

De hoofingenieur-directeuren van de organisatieonderdelen Rijkswaterstaat Grote Projecten en Onderhoud en Rijkswaterstaat Programma’s, Projecten en Onderhoud kunnen met inachtneming van artikel 12 hun bevoegdheden ook mandateren aan project- of programmadirecteuren – Portfoliomanagement, project- of programmamanagers – Portfoliomanagement, project- of programmadirecteuren – Projectmanagement, project- of programmamanagers en projectleiders. De project- of programmadirecteuren – Projectmanagement, project- of programmamanagers en projectleiders worden geen bevoegdheden verleend in HRM-aangelegenheden.

5.

De hoofdingenieur-directeur van het organisatieonderdeel Rijkswaterstaat Centrale Informatievoorziening kan met inachtneming van artikel 12 binnen zijn organisatieonderdeel zijn bevoegdheden ook mandateren aan de programmadirecteuren.

6.

De hoofdingenieur-directeur van het organisatieonderdeel Rijkswaterstaat Zuid-Nederland kan met inachtneming van artikel 12 binnen zijn organisatieonderdeel zijn bevoegdheden ook mandateren aan de project- of programmadirecteur van Rijkswaterstaat Zuid-Nederland.

Artikel 6. Mandatering centrale organisatieonderdeel Rijkswaterstaat Corporate Dienst
1.

De aan de directeur-generaal Rijkswaterstaat verleende bevoegdheden worden, met inachtneming van de artikelen 3 en 12, eveneens gemandateerd aan de hoofdingenieur-directeur van de Rijkswaterstaat Corporate Dienst.

2.

De hoofdingenieur-directeur van de Rijkswaterstaat Corporate Dienst kan met inachtneming van artikel 12 binnen zijn organisatieonderdeel ten aanzien van de aan hem verleende bevoegdheden mandaat verlenen aan:

3.

De in het tweede lid, onder c en e, genoemde functionarissen worden geen bevoegdheden verleend in HRM-aangelegenheden.

Artikel 7. Mandatering Corporate Taken en overige mandatering
1.

Aan de hoofdingenieur-directeuren, bedoeld in artikel 5, eerste lid, en artikel 6, eerste lid, worden, met inachtneming van de artikelen 3 en 12, tevens de aan de directeur-generaal Rijkswaterstaat verleende bevoegdheden gemandateerd voor zover zij een door de directeur-generaal Rijkswaterstaat aangewezen corporate taak uitoefenen die het eigen organisatieonderdeel overstijgt.

2.

Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de verlening van bevoegdheden in mandaat aan directeuren of project- of programmadirecteuren als bedoeld in de artikelen 5 en 6, steeds tweede lid.

3.

De aan de directeur-generaal Rijkswaterstaat verleende bevoegdheden worden, met inachtneming van de artikelen 3 en 12, eveneens gemandateerd aan de volgende functionarissen:

Artikel 8. Mandatering centrale organisatieonderdeel Rijkswaterstaat Nova

Vervallen

Artikel 9. Verlening volmacht en machtiging
1.

De aan de directeur-generaal Rijkswaterstaat verleende volmacht en machtiging worden, met inachtneming van de artikelen 3 en 12, eveneens verleend aan de functionarissen genoemd in de artikelen 2, 4, 5, eerste lid, 6, eerste lid en 7.

2.

De in de artikelen 5 en 6 steeds eerste lid, genoemde functionarissen kunnen met inachtneming van artikel 12 de verleende volmacht en machtiging binnen hun organisatieonderdeel doorgeven aan de functionarissen genoemd in artikel 5, tweede en vierde tot en met zesde lid en artikel 6, tweede lid.

3.

De aan de directeur-generaal Rijkswaterstaat verleende machtiging wordt, met inachtneming van de artikelen 3 en 12, voor zover het de vertegenwoordiging bij geschillen betreft, eveneens verleend aan de juridisch adviseurs van de afdelingen Bestuurlijk Juridische Zaken en de afdeling Corporate HRM en Organisatieontwikkeling binnen de Rijkswaterstaat Corporate Dienst, de juridisch adviseurs van de afdelingen Werkenpakket van de regionale organisatieonderdelen en aan de juridisch adviseur van het project Gevelisolatie binnen Rijkswaterstaat Programma’s, Projecten en Onderhoud. Desgewenst kan de gemachtigde zich doen bijstaan door een door hem of haar aan te wijzen persoon.

Artikel 10. Bevoegdheid bij afwezigheid
1.

Bij afwezigheid van een bevoegde functionaris is bevoegd een in dit besluit genoemde functionaris op hetzelfde of een hoger niveau.

2.

Bij gelijktijdige afwezigheid van de directeur-generaal Rijkswaterstaat, de plaatsvervangend directeur-generaal en de chief financial officer kan een van hen bij besluit een in dit besluit genoemde functionaris als waarnemer aanwijzen voor die periode.

3.

Bij afwezigheid van de functionaris bedoeld in de artikelen 5 tot en met 7, steeds eerste lid, kan de directeur-generaal Rijkswaterstaat, de plaatsvervangend directeur-generaal of de chief financial officer bij besluit een in dit besluit genoemde functionaris als waarnemer aanwijzen voor die periode.

Artikel 11. Grensbedragen
1.

Het mandaat, de volmacht en de machtiging, door de directeur-generaal Rijkswaterstaat verleend, zijn voor verplichtingen welke financiële gevolgen hebben of kunnen hebben beperkt tot de grensbedragen exclusief btw van maximaal:

Functionarissen Grensbedragen in € excl. btw
Chief operations officer: 250.000.000
De hoofdingenieur-directeur van een regionaal of een centraal organisatieonderdeel: 25.000.000
De hoofdingenieur-directeuren in de uitoefening van een corporate taak: 25.000.000
De hoofdingenieur-directeur RWS-programma Duurzaamheid en Leefomgeving: 25.000.000
Directeuren in de uitoefening van een corporate taak: 5.000.000
Project- of programmadirecteuren in de uitoefening van een corporate taak: 5.000.000
Project- of programmamanager portefeuillehouder bedrijfsvoering project Schiphol – Amsterdam – Almere: 5.000.000
Programmamanager Veranderopgave Omgevingswet RWS: 1.000.000
Het hoofd secretariaat Vlaams Nederlands Schelde Commissie (VNSC): 500.000
De directeur Rijkswaterstaat Bestuursstaf: 50.000
2.

Het mandaat, de volmacht en de machtiging, welke door de in de artikelen 5 en 6, steeds eerste lid, genoemde functionarissen kunnen worden verleend zijn voor verplichtingen welke financiële gevolgen hebben of kunnen hebben beperkt tot de grensbedragen exclusief btw van maximaal:

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.