Regeling van de Minister van Infrastructuur en Milieu, van 6 december 2013, nr. IENM/BSK-2013/283192, houdende vaststelling nadere regels met betrekking tot de opleiding en bevoegdheden van nautische beroepsbeoefenaren (Regeling opleidingen en bevoegdheden nautische beroepsbeoefenaren)

Type Ministeriële regeling
Publication 2018-10-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op Richtlijn nr. 2005/36/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 7 september 2005 betreffende de erkenning van beroepskwalificaties (PbEU L 255), de artikelen 10:3 en 10:4 van de Algemene wet bestuursrecht, 27, eerste lid, 33, eerste en tweede lid, en 36 van de Algemene wet erkenning EG-beroepskwalificaties, 29 van de Wet havenstaatcontrole, 1.1, 2.7, eerste lid, onderdeel a, en 3.1, vierde lid, van het Besluit opleidingen en bevoegdheden nautische beroepsbeoefenaren, 1, eerste lid, van het Loodsplichtbesluit 1995 en 16 van het Reisbesluit binnenland;

BESLUIT:

Treedt in werking op 1 april 2014 Stb 2013/553.

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1. Definities

In deze regeling wordt verstaan onder:

Hoofdstuk 2. Registerloodsen

Artikel 2. Aangewezen gebieden

Het gebied, bedoeld in artikel 2.7, eerste lid, onder a, van het BOBNB omvat:

Hoofdstuk 3. Noodzeeloodsen

Artikel 3. Mandaat aan Redwise-DCP

Alle taken en bevoegdheden op grond van artikel 3.1, eerste en derde lid, 3.5, en 3.7, tweede lid, van het BOBNB worden gemandateerd aan de directeur van Redwise-DCP.

Artikel 4. Certificaat noordzeeloods

Het certificaat noordzeeloods bevat, naast de naam en geboortedatum van de noordzeeloods, in elk geval het type schepen waarvoor de betreffende noordzeeloods bevoegd is en de expiratiedatum van het certificaat.

Hoofdstuk 4. Bevoegdheid tot het geven van verkeersinformatie en verkeersaanwijzingen

Artikel 5. Bevoegd gezag

Voor de toepassing van hoofdstuk 5 van het BOBNB worden, in afwijking van het bevoegd gezag, bedoeld in artikel 2, eerste lid van de Scheepvaartverkeerswet, voor de hieronder aangeduide gebieden als bevoegd gezag aangewezen:

Hoofdstuk 5. Erkenning EU-beroepskwalificaties registerloods, noordzeeloods en VTS-operator

Artikel 6. Delegatie en mandaat van bevoegdheden
1.

Alle taken en bevoegdheden tot het nemen van besluiten met betrekking tot het afgeven van een erkenning van EU-beroepskwalificaties als bedoeld in de wet en de daarop berustende bepalingen, worden voor de uitoefening van het beroep van:

2.

Ten behoeve van de uitvoering van artikel 31b van de wet, informeert een in het eerste lid genoemde organisatie de Minister van Infrastructuur en Milieu onmiddellijk nadat een migrerende beroepsbeoefenaar door een rechterlijke instantie of een andere bij of krachtens de wet bevoegde instantie in Nederland schuldig is bevonden aan het gebruik van valse beroepskwalificaties in verband met een procedure als bedoeld in de hoofdstukken 2, 3 en 3a van de wet of de daarop gebaseerde bepalingen van deze regeling.

3.

Onverminderd het tweede lid, verstrekt een in het eerste lid genoemde organisatie de Minister van Infrastructuur en Milieu op diens verzoek alle informatie die hij nodig heeft ten behoeve van de uitvoering van de wet.

Artikel 7. Aanvraag
1.

Een aanvraag wordt ingediend bij de voor de betreffende erkenning van beroepskwalificaties in artikel 6 genoemde organisatie.

2.

Indien de aanvraag betrekking heeft op erkenning van beroepskwalificaties voor het beroep van registerloods of noordzeeloods, overlegt de aanvrager de documenten, bedoeld in artikel 13, eerste lid, juncto artikel 15 tot en met 17 van de wet.

3.

Indien de aanvraag betrekking heeft op de erkenning van beroepskwalificaties voor de functie van VTS-operator overlegt de aanvrager de documenten, bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdelen a, b, c, van de wet.

4.

Indien de aanvraag betrekking heeft op de erkenning van beroepskwalificaties voor het beroep van registerloods of VTS-operator, geeft de aanvrager daarbij tevens aan voor welke regio de aanvraag wordt ingediend.

5.

Desgevraagd verschaft de aanvrager tevens de informatie, bedoeld in artikel 13, tweede lid, van de wet.

Artikel 8. Aanpassingsstage of proeve van bekwaamheid
1.

Indien bij de toepassing van artikel 11, eerste, tweede en derde lid, van de wet is gebleken dat de kennis en ervaring van de aanvrager wezenlijk verschilt van de inhoudsgebieden of onderdelen van inhoudsgebieden die deel uitmaken van de opleiding tot registerloods, noordzeeloods of VTS-operator, bedoeld in respectievelijk hoofdstuk 2, 3 of 5 van het BOBNB en dat het daardoor noodzakelijk is dat een aanpassingsstage wordt doorlopen of proeve van bekwaamheid wordt afgelegd, maakt de aanvrager zijn keuze tussen de aanpassingsstage of de proeve van bekwaamheid kenbaar, tenzij artikel 11, vijfde lid, van de wet van toepassing is.

2.

In afwijking van het eerste lid, kan, in geval artikel 11, zesde lid, van de wet van toepassing is, worden bepaald dat zowel een aanpassingsstage wordt doorlopen als een proeve van bekwaamheid wordt afgelegd.

3.

Bij de toepassing van dit artikel wordt artikel 11, zevende en achtste lid, van de wet in acht genomen.

Artikel 9. De aanpassingsstage

Indien de aanvrager voor een aanpassingsstage in aanmerking wenst te komen, stelt de betreffende in artikel 6 genoemde organisatie vast:

Artikel 10. De proeve van bekwaamheid

Indien de aanvrager voor een proeve van bekwaamheid in aanmerking wenst te komen, stelt de betreffende in artikel 6 genoemde organisatie vast:

Artikel 11. Afwijzen aanvraag

De aanvraag wordt afgewezen, indien de aanvrager de aanpassingsstage of de proeve van bekwaamheid niet met goed gevolg heeft volbracht of de daaraan verbonden kosten niet heeft voldaan.

Artikel 12. Intrekken afgegeven erkenning EU-beroepskwalificaties

Indien na afgifte van de erkenning van de EU-beroepskwalificaties is gebleken, dat de bij de aanvraag overgelegde documenten niet geldig, vals of vervalst waren, wordt de erkenning ingetrokken en vervangen door een afwijzing van de aanvraag.

Artikel 13. Tijdelijke en incidentele dienstverrichting
1.

Voorafgaand aan de eerste dienstverrichting in Nederland in een functie die gewoonlijk wordt uitgeoefend door een registerloods, noordzeeloods of VTS-operator, door een dienstverrichter als bedoeld in artikel 21 van de wet, legt deze dienstverrichter aan de betreffende in artikel 6 genoemde organisatie over:

2.

Onverminderd het eerste lid, overlegt de dienstverrichter die een functie wil gaan verrichten die gewoonlijk door een registerloods of noordzeeloods wordt uitgeoefend, voorafgaande aan de eerste dienstverrichting in Nederland aan de afnemer van zijn dienst, de gegevens, genoemd in artikel 29 van de wet.

Hoofdstuk 6. Slotbepalingen

Artikel 14. Aanpassing Besluit mandaat en machtiging Kiwa N.V.

Wijzigt het Besluit mandaat en machtiging Kiwa N.V..

Artikel 15. Aanpassing Regeling bevoegde en regionale autoriteiten Loodsplichtbesluit 1995

Wijzigt de Regeling bevoegde en regionale autoriteiten Loodsplichtbesluit 1995.

Artikel 16. Aanpassing Regeling havenstaatcontrole 2011

Wijzigt de Regeling havenstaatcontrole 2011.

Artikel 17. Aanpassing Regeling tarieven scheepvaart 2005

Wijzigt de Regeling tarieven scheepvaart 2005.

Artikel 18. Aanpassing Regeling vaststelling lijst gereglementeerde beroepen

Wijzigt de Regeling vaststelling gereglementeerde beroepen.

Artikel 19. Intrekken regelingen en beschikkingen

De volgende regelingen worden ingetrokken:

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.