Regeling van de Minister van Infrastructuur en Milieu, van 10 maart 2014, nr. IENM/BSK-2014/57174, houdende vaststelling van de Regeling subsidies hoogwaterbescherming 2014
Gelet op artikel 7.23, tweede lid, van de Waterwet en de artikelen 2, aanhef en onderdeel d, 3, eerste en tweede lid, en 4 van de Kaderwet subsidies Verkeer en Waterstaat;
Besluit:
§ 1. Algemene bepaling
Artikel 1. Begripsbepalingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
- beheerder: bevoegd bestuursorgaan van het overheidslichaam dat belast is met de zorg voor een primaire waterkering;
- hoogwaterbeschermingsprogramma: onderdeel van het deltaprogramma, bedoeld in artikel 4.9 van de Waterwet, bevattende de maatregelen die beheerders dienen te treffen om een van de redenen, bedoeld in artikel 7.24, eerste lid, onderdelen a, b of c, van de Waterwet;
- Minister: Minister van Infrastructuur en Waterstaat;
- planuitwerkingsfase: fase volgend op de verkenningsfase, waarin het voorkeursalternatief wordt uitgewerkt om te komen tot vaststelling en goedkeuring van een projectbesluit;
- primaire waterkering: primaire waterkering als bedoeld in de bijlage, onder A, bij de Omgevingswet;
- Project Planning Infrastructuur-methodiek: planningsmethodiek die wordt toegepast door het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat;
- projectbesluit: projectbesluit als bedoeld in afdeling 5.2 van de Omgevingswet voor de aanleg, verlegging of versterking van primaire waterkeringen;
- realisatiefase: fase volgend op de planuitwerkingsfase, waarin het werk wordt uitgevoerd;
- reguliere subsidie: subsidie als bedoeld in artikel 7.23, eerste lid, van de Waterwet;
- Standaardsystematiek Kostenramingen 2018: ramingssystematiek die is vastgelegd in CROW-publicatie nr. D3049;
- subsidieprogramma: programma als bedoeld in artikel 7.23, eerste lid, onderdeel b, van de Waterwet;
- verkenningsfase: fase volgend op het opnemen van een maatregel in het hoogwaterbeschermingsprogramma, waarin mogelijke ontwerpen van de maatregel worden afgewogen om te komen tot een voorkeursalternatief;
- voorfinancieringslijst: onderdeel van het MIRT Projectenboek, bevattende de maatregelen die in aanmerking komen voor subsidie bij voorfinanciering door de beheerder;
- vooronderzoek: facultatief nader onderzoek ter bepaling van de aard of de reikwijdte van een experiment of demonstratieproject;
- voorverkenning: facultatief onderdeel van de verkenningsfase waarin nader onderzoek plaatsvindt ter bepaling van de aard of de reikwijdte van een maatregel;
- werk: werk ter uitvoering van een maatregel als bedoeld in artikel 7.24, eerste of vijfde lid, onderdeel c, van de Waterwet.
§ 2. Reguliere subsidie
Artikel 2. Subsidiabele en niet-subsidiabele kosten verkenningsfase
Voor een maatregel die in een subsidieprogramma is vermeld als maatregel die zich in de verkenningsfase bevindt, komen in aanmerking voor reguliere subsidie de aan deze fase rechtstreeks toe te rekenen kosten:
- a. van voorbereiding, administratie en toezicht;
- b. van het verrichten van onderzoek;
- c. van het opstellen van mogelijke ontwerpen van de maatregel;
- d. van het verkrijgen van de voor deze fase benodigde vergunningen;
- e. voortvloeiend uit een voor het werk gesloten overeenkomst van aanneming van werk, mits de overeenkomst is voorzien van een bepaling om deze te wijzigen of te beëindigen indien de realisatie van het werk niet plaatsvindt;
- f. van een voor de verwerving van een onroerende zaak of van een beperkt recht op een onroerende zaak gesloten overeenkomst, mits deze overeenkomst is voorzien van een bepaling dat de overeenkomst wordt ontbonden indien de realisatie van het werk niet plaatsvindt;
- g. voortvloeiend uit een overeenkomst ten behoeve van de realisatie van het werk, anders dan bedoeld in onderdeel e of f, mits de overeenkomst is voorzien van een bepaling om deze te wijzigen of te beëindigen indien de realisatie van het werk niet plaatsvindt;
- h. ten gevolge van de voor het verleggen van kabels en leidingen verschuldigde nadeelcompensatie berekend volgens bijlage I van de Nadeelcompensatieregeling verleggen kabels en leidingen in en buiten rijkswaterstaatswerken en spoorwegwerken 1999 (NKL 1999);
- i. van een reservering voor voorziene risico’s en van een reservering voor onvoorziene risico’s.
Niet voor reguliere subsidie komen in aanmerking:
- a. kosten die door de subsidieontvanger worden gemaakt om de maatregel te laten opnemen in het hoogwaterbeschermingsprogramma;
- b. kosten waarvoor reeds subsidie is verstrekt op basis van artikel 14a;
- c. kosten die de subsidieontvanger op andere wijze vergoed kan krijgen.
Artikel 3. Subsidiabele en niet-subsidiabele kosten planuitwerkingsfase
Voor een maatregel die in een subsidieprogramma is vermeld als maatregel die zich in de planuitwerkingsfase bevindt, komen in aanmerking voor reguliere subsidie de in deze fase aan een sober en doelmatig ontwerp van de maatregel rechtstreeks toe te rekenen kosten:
- a. van voorbereiding, administratie en toezicht;
- b. van het verkrijgen van de voor deze fase benodigde vergunningen;
- c. van het verrichtten van nader onderzoek;
- d. voortvloeiend uit een voor het werk gesloten overeenkomst van aanneming van werk, mits de overeenkomst is voorzien van een bepaling om deze te wijzigen of te beëindigen indien de realisatie van het werk niet plaatsvindt;
- e. van een voor de verwerving van een onroerende zaak of een beperkt recht op een onroerende zaak gesloten overeenkomst, mits deze overeenkomst is voorzien van een bepaling dat de overeenkomst wordt ontbonden indien de realisatie van het werk niet plaatsvindt;
- f. voortvloeiend uit een overeenkomst ten behoeve van de realisatie van het werk, anders dan bedoeld in onderdeel d of e, mits de overeenkomst is voorzien van een bepaling om deze te wijzigen of te beëindigen indien de realisatie van het werk niet plaatsvindt;
- g. ten gevolge van de voor het verleggen van kabels en leidingen verschuldigde nadeelcompensatie berekend volgens bijlage I van de Nadeelcompensatieregeling verleggen kabels en leidingen in en buiten rijkswaterstaatswerken en spoorwegwerken 1999 (NKL 1999);
- h. van een reservering voor voorziene risico’s en van een reservering voor onvoorziene risico’s.
Niet voor reguliere subsidie komen in aanmerking:
- b. kosten die de subsidieontvanger op andere wijze vergoed kan krijgen.
Artikel 4. Subsidiabele en niet-subsidiabele kosten realisatiefase
Voor een maatregel die in een subsidieprogramma is vermeld als maatregel die zich in de realisatiefase bevindt, komen in aanmerking voor reguliere subsidie de in deze fase aan een sober en doelmatig ontwerp van de maatregel rechtstreeks toe te rekenen kosten:
- a. van voorbereiding, administratie en toezicht;
- b. van het verkrijgen van de voor deze fase benodigde vergunningen;
- c. voortvloeiend uit een voor de realisatie van het werk gesloten overeenkomst van aanneming van werk;
- d. van verwerving van een onroerende zaak of van een beperkt recht op een onroerende zaak of van het sluiten van een overeenkomst ter zake van het gebruik van een onroerende zaak;
- e. voortvloeiend uit een overeenkomst ten behoeve van de realisatie van het werk, anders dan bedoeld in onderdeel c of d;
- f. ten gevolge van de voor het verleggen van kabels en leidingen verschuldigde nadeelcompensatie berekend volgens bijlage I van de Nadeelcompensatieregeling verleggen kabels en leidingen in en buiten rijkswaterstaatswerken en spoorwegwerken 1999 (NKL 1999);
- g. ten gevolge van nadeelcompensatie aan derden, anders dan uit hoofde van het in onderdeel f bepaalde, voor zover de subsidieontvanger daartoe rechtens gehouden is;
- h. van bodemsanering, behoudens de kosten, bedoeld in het derde lid, onderdeel a;
- i. van de opruiming van explosieven, behoudens de kosten, bedoeld in het derde lid, onderdeel b;
- j. van een reservering voor voorziene risico’s en van een reservering voor onvoorziene risico’s;
- k. anders dan de kosten, bedoeld in de onderdelen a tot en met i, die in redelijkheid zijn aan te merken als realisatiekosten.
De subsidiabele kosten van de aanbesteding van het werk zijn de overeenkomstig artikel 5, tweede lid, geraamde kosten waarin na het sluiten van de overeenkomst die het resultaat is van de gunningsbeslissing, het aanbestedingsresultaat is verwerkt.
Niet voor reguliere subsidie komen in aanmerking:
- a. kosten van bodemsanering die voor vergoeding in aanmerking komen op grond van het bepaalde bij of krachtens de Kaderwet subsidies I en M;
- b. kosten van de opruiming van explosieven die door een gemeente worden vergoed;
- c. kosten die voortkomen uit achterstallig onderhoud;
- d. kosten waarvoor reeds subsidie is verstrekt op basis van de artikelen 2, 3 of 14a;
- e. kosten die de subsidieontvanger op andere wijze vergoed kan krijgen.
In afwijking van het tweede lid, eerste volzin, kan de Minister op verzoek van de subsidieontvanger gedeeltelijk afzien van de verwerking van het aanbestedingsresultaat in de raming van de kosten, indien de subsidieontvanger aannemelijk maakt dat de bieding van de aannemer niet kostendekkend is.
Artikel 5. Kostenraming
De raming van de kosten, bedoeld in de artikelen 2 en 3, vindt plaats conform de Standaardsystematiek Kostenramingen 2018, op basis van de meest waarschijnlijke waarde van een deterministische of de gemiddelde waarde van een probabilistische raming.
De raming van de kosten, bedoeld in artikel 4, vindt plaats conform de Standaardsystematiek Kostenramingen 2018 op basis van de meest waarschijnlijke waarde van een deterministische of de gemiddelde waarde van een probabilistische raming, indien het bedrag waarvoor de reguliere subsidie wordt aangevraagd niet meer dan € 40 miljoen bedraagt, en op basis van de gemiddelde waarde van een probabilistische raming, indien het bedrag waarvoor de reguliere subsidie wordt aangevraagd meer dan € 40 miljoen bedraagt.
Artikel 6. Aanvraag verlening reguliere subsidie
Per fase wordt door de beheerder een aanvraag tot verlening van een reguliere subsidie ingediend bij de Minister in het kalenderjaar waarin de maatregel is opgenomen in het subsidieprogramma.
De in het eerste lid bedoelde aanvraag wordt ingediend voordat de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd zijn afgerond.
Betreffende de verkenningsfase gaat de aanvraag vergezeld van:
- a. een eindverantwoording over de in de voorverkenning behaalde resultaten, indien een reguliere subsidie is verstrekt voor een voorverkenning;
- b. een plan van aanpak, waarin ten minste is opgenomen:
- –. informatie over de aard, omvang en urgentie van de te nemen maatregel en eventuele samenhang met initiatieven op andere beleidsterreinen;
- –. een beschrijving op hoofdlijnen van mogelijke ontwerpen van de maatregel en van de wijze waarop kansrijke ontwerpen worden geselecteerd;
- –. een omschrijving van de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd;
- –. een beschrijving van de betrokkenheid van de provincie waarin de maatregel dient te worden getroffen wanneer dit aan de orde is vanwege de ruimtelijke relevantie, en
- –. een omschrijving van de resultaten waartoe deze fase moet leiden;
- c. een raming van de subsidiabele kosten die zijn toe te rekenen aan de verkenningsfase, overeenkomstig artikel 5, eerste lid;
- d. een beschrijving van de wijze waarop het niet-subsidiabele deel van de kosten wordt gedekt;
- e. een raming van de subsidiabele kosten die aan de planuitwerkingsfase onderscheidenlijk de realisatiefase zijn toe te rekenen, waarbij de kosten per te behalen resultaat worden onderbouwd en inzichtelijk wordt gemaakt op welke wijze het niet-subsidiabele deel van de kosten wordt gedekt;
- f. een tijdschema en de geplande datum van voltooiing van de verkenningsfase, de planuitwerkingsfase en de realisatiefase conform de Project Planning Infrastructuur-methodiek, en
- g. het bedrag waarvoor de reguliere subsidie wordt aangevraagd.
Betreffende de planuitwerkingsfase gaat de aanvraag vergezeld van:
- a. een eindverantwoording over de in de verkenningsfase behaalde resultaten en tot welk voorkeursalternatief aan het einde van de verkenningsfase is gekomen;
- b. een plan van aanpak, waarin ten minste is opgenomen:
- –. hoe het voorkeursalternatief wordt uitgewerkt;
- –. een beschrijving van de marktbenadering;
- –. een omschrijving van de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd, en
- –. een omschrijving van de resultaten waartoe deze fase moet leiden;
- c. een raming van de subsidiabele kosten die zijn toe te rekenen aan de planuitwerkingsfase onderscheidenlijk de realisatiefase overeenkomstig artikel 5, eerste lid, onderscheidenlijk artikel 5, tweede lid;
- d. een beschrijving van de wijze waarop het niet-subsidiabele deel van de kosten wordt gedekt;
- e. een tijdschema en de geplande datum van voltooiing van de planuitwerkingsfase en de realisatiefase, conform de Project Planning Infrastructuur-methodiek, en
- f. het bedrag waarvoor de reguliere subsidie wordt aangevraagd.
Betreffende de realisatiefase gaat de aanvraag vergezeld van:
- a. een eindverantwoording over de in de planuitwerkingsfase behaalde resultaten;
- b. het door de beheerder vastgestelde en door Gedeputeerde Staten goedgekeurde projectbesluit dan wel het door Gedeputeerde Staten, of de Minister of in overeenstemming met de Minister, vastgestelde projectbesluit;
- c. een plan van aanpak, voorzien van ten minste:
- –. een ontwerp en een beschrijving van het werk;
- –. een omschrijving van de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd en
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.