Besluit van de Minister van Infrastructuur en Milieu, van 8 oktober 2014, IENM/BSK-2014/161234, houdende verlening van mandaat, volmacht en machtiging aan het hoofd van Bureau Sanering Verkeerslawaai en zijn plaatsvervanger voor de uitvoering van de Subsidieregeling sanering verkeerslawaai, de Stimuleringsregeling stille wegdekken en diverse taken in het kader van hoofdstuk 11 van de Wet milieubeheer (Mandaatbesluit Bureau Sanering Verkeerslawaai 2014)
Artikel 1
Aan het hoofd van Bureau Sanering Verkeerslawaai en zijn plaatsvervanger wordt mandaat en volmacht verleend tot:
- a. het nemen van besluiten en het sluiten van overeenkomsten in het kader van de uitvoering van de Subsidieregeling sanering verkeerslawaai en de Stimuleringsregeling stille wegdekken; en
- b. het beslissen op bezwaarschriften tegen besluiten als bedoeld in onderdeel a. voor zover het besluit waartegen het bezwaar zich richt, niet door hem in mandaat is genomen.
Artikel 2
Aan het hoofd van Bureau Sanering Verkeerslawaai en zijn plaatsvervanger wordt mandaat en volmacht verleend tot:
- a. het wijzigen van geluidproductieplafonds op grond van artikel 11.28 van de Wet milieubeheer, in het geval deze wijzigingen niet samenhangen met een tracébesluit, een wegaanpassingsbesluit als bedoeld in artikel 5 van de Spoedwet wegverbreding, of een geluidplan als bedoeld in artikel 6 van de Spoedwet wegverbreding;
- b. het doen van de mededeling als bedoeld in artikel 11.36 van de Wet milieubeheer;
- c. het vaststellen van een andere termijn, bedoeld in artikel 11.38 en artikel 11.64 van de Wet milieubeheer;
- d. het zenden van afschriften van besluiten en het doen van mededelingen in het kader van de artikelen 11.53 en 11.65 van de Wet milieubeheer aan de Dienst voor het kadaster en de openbare registers;
- e. het vaststellen van een saneringsplan op verzoek van een beheerder van een weg of spoorweg op grond van artikel 11.60 van de Wet milieubeheer en;
- f. het wijzigen van een saneringsplan of de termijn waarbinnen de saneringsmaatregelen uit het saneringsplan getroffen moeten zijn op grond van artikel 11.61 van de Wet milieubeheer.
Artikel 3
Aan het hoofd van Bureau Sanering Verkeerslawaai en zijn plaatsvervanger wordt machtiging verleend tot het verrichten van alle handelingen ter voorbereiding en ter uitvoering van het in artikel 1 en artikel 2 bepaalde.
Artikel 4
Het hoofd van Bureau Sanering Verkeerslawaai kan met betrekking tot zijn bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 1, 2 en 3 ondermandaat, volmacht en machtiging verlenen aan een of meer onder hem ressorterende functionarissen.
Artikel 5
‘DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU,
namens deze,’
gevolgd door de functieaanduiding, naam en handtekening van de gemandateerde gevolmachtigde of gemachtigde functionaris
‘DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU,
namens deze’,
gevolgd door de functieaanduiding, naam en handtekening van de gemandateerde, gevolmachtigde of gemachtigde functionaris.
Artikel 6
Het Mandaatbesluit Bureau Sanering Verkeerslawaai wordt ingetrokken.
Artikel 7
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt ten aanzien van artikel 2 en artikel 3 terug tot en met 1 januari 2014.
Artikel 8
Dit besluit wordt aangehaald als: Mandaatbesluit Bureau Sanering Verkeerslawaai 2014.
Gelet op de artikelen 10:3, 10:4, eerste lid, en 10:9, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 3:79 van het Burgerlijk wetboek;
Gezien de schriftelijke instemming van het hoofd van Bureau Sanering Verkeerslawaai van 15 januari 2014 en 18 maart 2014 met de opdrachtbrieven van 2 januari 2014 (kenmerk 31087619), 2 januari 2014 (kenmerk 31090600) en 26 februari 2014 (kenmerk 31091179);
Besluit:
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.