Besluit van het college van afgevaardigden van 4 december 2014 tot vaststelling van de verordening op de advocatuur (Verordening op de advocatuur)

Type Pbo
Publication 2026-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Overwegende dat het uit een oogpunt van kenbaarheid en vermindering van regels wenselijk is de bestaande verordeningen te harmoniseren, te vereenvoudigen en in een verordening te integreren;

Gezien het voorstel van de algemene raad;

Gelet op de artikelen 4, vijfde lid, 9b, zesde lid, 9c, tweede lid, 9j, derde en vierde lid, 28, eerste en tweede lid, 32a, vijfde lid, 36a, vijfde lid, van de Advocatenwet;

Stelt de volgende verordening vast:

Hoofdstuk 1. Definities

Afdeling 1.1. Definities

Artikel 1.1. Definities

In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Hoofdstuk 2. Organisatie van de Nederlandse orde van advocaten

Afdeling 2.1. Raden en commissies

Paragraaf 2.1.1. Raad van advies

Artikel 2.1. Leden raad van advies
1.

De leden van de raad van advies hebben daarin zitting op persoonlijke titel en oefenen hun functie zonder last of ruggespraak uit.

2.

Benoeming vindt plaats op grond van deskundigheid en ervaring die nodig is voor een goede vervulling van de taak van de raad van advies.

Artikel 2.2. Taakomschrijving raad van advies
1.

Onverminderd het bepaalde in artikel 32a, tweede lid, van de Advocatenwet heeft de raad van advies tot taak de algemene raad te adviseren over de maatschappelijke positionering van de Nederlandse orde van advocaten en over hoofdpunten van beleid die de algemene raad daartoe aan de raad van advies voorlegt.

2.

Onverminderd het bepaalde in artikel 32a, derde lid, van de Advocatenwet voorziet de algemene raad in openbaarmaking van de adviesaanvraag, bedoeld in het eerste lid, en het aan het advies gegeven gevolg.

Artikel 2.3. Benoeming leden raad van advies
1.

Op voordracht van de algemene raad benoemt het college van afgevaardigden de leden van de raad van advies voor een periode van ten hoogste vier jaar.

2.

Een lid kan eenmaal worden herbenoemd.

Artikel 2.4. Werkwijze raad van advies
1.

De algemene raad wijst uit de leden een voorzitter aan.

2.

De raad van advies stelt zijn eigen werkwijze vast.

Paragraaf 2.1.2. Dekenberaad

Artikel 2.5. Leden dekenberaad
1.

Er is een dekenberaad dat uit de dekens van de orden in de arrondissementen bestaat.

2.

De deken en secretaris van de algemene raad nemen deel aan het overleg van het dekenberaad, tenzij het dekenberaad anders beslist.

Artikel 2.6. Werkzaamheden dekenberaad

De werkzaamheden van het dekenberaad zijn:

Artikel 2.7. Werkwijze dekenberaad
1.

Het dekenberaad kiest uit zijn leden een voorzitter.

2.

Het dekenberaad stelt zijn eigen werkwijze vast.

Paragraaf 2.1.3. Commissie cassatie

Artikel 2.8. Leden van de commissie cassatie
1.

Er is een commissie cassatie die bestaat uit ten minste vijf leden die deskundig zijn op het terrein van cassatie in burgerlijke zaken.

2.

Een lid van de commissie cassatie is geen lid van of niet werkzaam bij:

Artikel 2.9. Taakomschrijving commissie cassatie

Een door de algemene raad te bepalen aantal leden van de commissie cassatie heeft tot taak namens de algemene raad het mondeling examen, bedoeld in artikel 4.9, eerste lid, onderdeel b, af te nemen van advocaten die de aantekening ‘advocaat bij de Hoge Raad’ wensen te verkrijgen en de proeve van bekwaamheid, bedoeld in artikel 4.11, eerste lid, af te nemen van advocaten bij de Hoge Raad.

Artikel 2.10. Benoeming leden commissie cassatie
1.

De algemene raad benoemt de leden van de commissie cassatie voor een periode van ten hoogste vier jaar.

2.

Een lid kan eenmaal worden herbenoemd.

Artikel 2.11. Werkwijze commissie cassatie
1.

De algemene raad wijst uit de leden een voorzitter aan.

2.

De commissie cassatie stelt haar werkwijze vast in overleg met de algemene raad.

Paragraaf 2.1.4. Nederlandse delegatie, commissies en werkgroepen CCBE

Artikel 2.12. Leden delegatie, commissies en werkgroepen CCBE
1.

Er is een Nederlandse delegatie bij de CCBE die bestaat uit ten minste drie leden, waaronder de algemeen secretaris, een medewerker van het bureau van de Nederlandse orde van advocaten die als information officer optreedt en een lid van de algemene raad.

2.

Artikel 2.14, eerste tot en met het vierde lid, is niet van toepassing op de algemeen secretaris en de medewerker van het bureau van de Nederlandse orde van advocaten die als information officer optreedt.

3.

De algemene raad wijst uit zijn midden een hoofd van de delegatie aan.

4.

De algemene raad kan één of meer vertegenwoordigers namens de Nederlandse orde van advocaten laten deelnemen in door de CCBE ingestelde commissies of werkgroepen.

Artikel 2.13. Taakomschrijving delegatie, commissies en werkgroepen CCBE
1.

De delegatie bij de CCBE heeft tot taak het vertegenwoordigen van de Nederlandse orde van advocaten bij de standing committee en de plenary session van de CCBE.

2.

De Nederlandse vertegenwoordiging in commissies en werkgroepen van de CCBE heeft tot taak, na afstemming met de algemene raad:

Artikel 2.14. Benoeming delegatie, commissieleden en werkgroepleden CCBE
1.

De algemene raad benoemt de leden van de delegatie voor een periode van ten hoogste vier jaar.

2.

De algemene raad benoemt, op verzoek van de CCBE, de Nederlandse vertegenwoordigers in commissies en werkgroepen van de CCBE voor een periode van ten hoogste vier jaar.

3.

Een lid van de delegatie, commissie of werkgroep kan eenmaal worden herbenoemd.

4.

Het lidmaatschap van de delegatie, een commissie of werkgroep eindigt van rechtswege bij beëindiging van het lidmaatschap van de algemene raad.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.