Besluit van het college van afgevaardigden van 4 december 2014 tot vaststelling van de verordening op de advocatuur (Verordening op de advocatuur)

Type Pbo
Publication 2026-01-01
State In force
Source BWB
artikelen 182
Wijzigingsgeschiedenis JSON API
2.

Artikel 5.7 is van toepassing op statuten van praktijk- en houdster-rechtspersonen die bestaan op het moment van inwerkingtreding van dat artikel indien deze na dat moment worden aangepast of nadat vijf jaar zijn verstreken na inwerkingtreding van dat artikel.

Afdeling 9.3. Samenwerking

Artikel 9.4. Overgangsrecht bestuurders en statuten

1.

Op een samenwerkingsverband dat of praktijkrechtspersoon die voor het moment van inwerkingtreding van artikel 5.6 een bestuurder heeft die niet voldoet aan artikel 5.6, tweede lid, aanhef en onderdeel b, is artikel 5.6, tweede lid, van toepassing een jaar na inwerkingtreding van dat artikel.

2.

Artikel 5.7 is van toepassing op statuten van praktijk- en houdster-rechtspersonen die bestaan op het moment van inwerkingtreding van dat artikel indien deze na dat moment worden aangepast of nadat vijf jaar zijn verstreken na inwerkingtreding van dat artikel.

Hoofdstuk 10. Slotbepalingen

Artikel 10.1. Intrekken van bestaande verordeningen

De volgende verordeningen worden ingetrokken:

Artikel 10.2. Intrekken van bestaande regelingen

De volgende regelingen worden ingetrokken:

Artikel 10.3. Einde experiment letsel- en overlijdensschadezaken

Vervallen

Artikel 10.4. Einde experiment rechtsbijstandsverzekeraars

De volgende wijzigingen treden in werking met ingang van 1 januari 2028:

Artikel 10.5. Inwerkingtreding

De artikelen in deze verordening treden in werking op een door de algemene raad te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen en onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

Artikel 10.6. Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening op de advocatuur.

Artikel 2.23a. Leden commissie disciplinaire rechtspraak

1.

Er is een commissie disciplinaire rechtspraak die uit drie tot zes personen bestaat, waarvan de meerderheid advocaat is.

2.

Een lid van de commissie disciplinaire rechtspraak is geen lid of niet werkzaam bij:

Artikel 2.23b. Taakomschrijving commissie disciplinaire rechtspraak

De commissie disciplinaire rechtspraak heeft tot taak tuchtrechtelijke beslissingen te selecteren en te annoteren voor publicatie.

Artikel 2.23c. Benoeming leden commissie disciplinaire rechtspraak

1.

De algemene raad benoemt de leden van de commissie disciplinaire rechtspraak voor een periode van ten hoogste vier jaar.

2.

Een lid kan tweemaal worden herbenoemd.

Artikel 2.23d. Werkwijze commissie disciplinaire rechtspraak

1.

De algemene raad wijst uit de leden een voorzitter aan.

2.

De commissie disciplinaire rechtspraak stelt haar werkwijze vast in overleg met de algemene raad.

Paragraaf 2.1.6a. Commissie disciplinaire rechtspraak

Afdeling 2.2. Inkomsten en uitgaven

Paragraaf 2.2.1. Bijdragen aan de Nederlandse orde van advocaten

Paragraaf 2.2.2. Cursus- en examengelden

Paragraaf 2.2.3. Vacatiegelden en kostenvergoedingen

Paragraaf 2.2.4. Subsidie ondersteuning tuchtcolleges

Artikel 2.36a. Reikwijdte

Deze paragraaf is van toepassing op het verlenen van subsidie voor activiteiten die door de stichting ondersteuning tuchtcolleges advocatuur worden uitgevoerd en welke passen binnen de statutaire doelstellingen van de stichting.

Artikel 2.36b. Overeenkomstige toepassing

1.

Afdeling 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing op alle per boekjaar verstrekte subsidies.

2.

Artikel 4:76 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing, indien de subsidie-ontvanger zijn inkomsten in overwegende mate ontleent aan de subsidie.

Artikel 2.36c. Subsidieplafond en begrotingsvoorbehoud

1.

De algemene raad kan jaarlijks bij de vaststelling van de begroting besluiten tot het instellen van een subsidieplafond.

2.

De algemene raad wijst bij de bekendmaking van een subsidieplafond op de mogelijkheid dat dit subsidieplafond kan worden verlaagd en betrekt daarbij de gevolgen voor de reeds ingediende aanvragen.

3.

Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld, wordt uitsluitend verleend onder de voorwaarde dat voldoende middelen op de begroting beschikbaar worden gesteld.

Artikel 2.36d. Subsidieaanvraag

1.

De aanvraag tot subsidieverlening wordt schriftelijk ingediend bij de algemene raad.

2.

Een aanvraag wordt ingediend uiterlijk 1 oktober van het kalenderjaar voorafgaand aan het kalenderjaar waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft.

Artikel 2.36e. Egalisatiereserve

De stichting ondersteuning tuchtcolleges advocatuur vormt een egalisatiereserve met inachtneming van artikel 4:72 van de Algemene wet bestuursrecht.

Artikel 2.36f. Subsidieverlening

1.

De algemene raad kan besluiten tot het verstrekken van subsidie met inachtneming van de in de begroting van de Nederlandse orde van advocaten opgenomen financiële middelen en het subsidieplafond.

2.

De algemene raad besluit op een volledige aanvraag tot subsidieverlening uiterlijk vóór 31 december van het kalenderjaar waarin de aanvraag is ingediend.

3.

De algemene raad kan voorwaarden verbinden aan de subsidieverlening.

4.

De algemene raad geeft in het besluit tot subsidieverlening aan op welke wijze de verantwoording van de subsidie door de verkrijger plaatsvindt.

5.

Indien een subsidie wordt verstrekt vindt eenmalige betaling plaats door overmaking van de gehele subsidie.

Artikel 2.36g. Verplichtingen en toestemming

1.

De algemene raad kan de subsidie-ontvanger de verplichtingen genoemd in artikel 4:37 van de Algemene wet bestuursrecht opleggen.

2.

De algemene raad kan de subsidie-ontvanger de verplichting opleggen van voorafgaande toestemming voor handelingen als genoemd in artikel 4:71, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

3.

Onverminderd het eerste en tweede lid kan de algemene raad verplichtingen opleggen met betrekking tot:

Artikel 2.36h. Verantwoording en subsidievaststelling

1.

De aanvraag tot subsidievaststelling wordt schriftelijk ingediend bij de algemene raad uiterlijk dertien weken na het verrichten van de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend.

2.

De aanvraag wordt in ieder geval vergezeld van:

3.

De algemene raad kan afwijken van het bepaalde in het tweede lid of andere gegevens opvragen die voor de subsidievaststelling van belang zijn.

4.

De algemene raad besluit op een aanvraag tot subsidievaststelling binnen dertien weken na ontvangst van de volledige aanvraag.

Afdeling 2.3. Arbeidsvoorwaarden medewerkers college van toezicht

Hoofdstuk 3. Stage

Afdeling 3.1. Stage

Paragraaf 3.1.1. Algemeen

Paragraaf 3.1.1. Algemeen

Paragraaf 3.1.3. Verplichtingen stagiaire

Paragraaf 3.1.3. Verplichtingen stagiaire

Afdeling 3.2. Beroepsopleiding advocaten

Afdeling 3.3. Organisatie beroepsopleiding advocaten

Afdeling 3.2a. Kwaliteits- en accreditatiekader beroepsopleiding advocaten

Hoofdstuk 4. Vakbekwaamheid van de advocaat

Afdeling 4.1. Vakbekwaamheid

Paragraaf 4.1.1. Algemeen

Paragraaf 4.1.2. Professionele kennis en kunde

Artikel 4.3a. Kwaliteitstoetsen

1.

Een advocaat is verplicht ieder kalenderjaar, en voor het eerst het kalenderjaar volgend op de onvoorwaardelijke inschrijving op het tableau, deel te nemen aan kwaliteitstoetsen door:

2.

De algemene raad stelt nadere regels over:

Artikel 4.3b. Gestructureerd intercollegiaal overleg

1.

In plaats van de in artikel 4.3a, eerste lid, bedoelde verplichting kan een advocaat deelnemen aan gestructureerd intercollegiaal overleg onder begeleiding van een begeleider, gedurende ten minste acht uur per jaar, met ten minste twee uur en ten hoogste vier uur aaneengesloten per dag.

2.

De algemene raad stelt nadere regels over:

Afdeling 4.2. Vakbekwaamheidseisen cassatie

Paragraaf 4.2.1. Verkrijgen hoedanigheid ‘advocaat bij de Hoge Raad’ in burgerlijke zaken

Artikel 4.7a. Bekwaamheid cassatie

Vervallen

Paragraaf 4.2.1. Verkrijgen hoedanigheid ‘advocaat bij de Hoge Raad’ in burgerlijke zaken

Hoofdstuk 5. Praktijkstructuren

Afdeling 5.1. Algemeen

Afdeling 5.1. Algemeen

Afdeling 5.1. Algemeen

Afdeling 5.1. Algemeen

Hoofdstuk 6. Kantoororganisatie

Afdeling 5.4. Rechtspersonen

Afdeling 6.2. Administratie

Paragraaf 6.3.2. Verstrekking geheimhoudernummers

Paragraaf 6.3.3. Opgave geheimhoudernummers

Afdeling 6.4. Advocatenpas en authenticatiemiddel

Afdeling 6.5. Derdengelden

Paragraaf 6.5.1. Derdengelden

Paragraaf 6.5.1. Derdengelden

Afdeling 6.6. Beroepsaansprakelijkheid

Afdeling 6.5. Derdengelden

Afdeling 6.8. Klachten en geschillen

Hoofdstuk 7. Relatie advocaat – cliënt

Afdeling 6.9. Registratie rechtsgebieden

Afdeling 7.2. Communicatie algemeen

Afdeling 6.9. Registratie rechtsgebieden

Paragraaf 7.4.1. Verbod op resultaatgerelateerd honorarium

Paragraaf 7.4.2. Incassotarief

Paragraaf 7.4.3. Experiment letsel- en overlijdensschadezaken

Hoofdstuk 8. Besluitvorming en rechtsbescherming

Hoofdstuk 9. Overgangsrecht

Afdeling 7.2. Communicatie algemeen

Afdeling 7.3. Cassatieadvies civiel

Afdeling 7.4. Resultaatgerelateerd honorarium

Hoofdstuk 8. Besluitvorming en rechtsbescherming

Afdeling 6.8. Klachten en geschillen

Hoofdstuk 7. Relatie advocaat – cliënt

Afdeling 6.7. Betalingen aan en door advocaat

Afdeling 7.2. Communicatie algemeen

Afdeling 6.8. Klachten en geschillen

Afdeling 6.7. Betalingen aan en door advocaat

Paragraaf 7.4.1. Verbod op resultaatgerelateerd honorarium

Paragraaf 7.4.1. Verbod op resultaatgerelateerd honorarium

Paragraaf 7.4.2. Incassotarief

Hoofdstuk 7. Relatie advocaat – cliënt

Hoofdstuk 8. Besluitvorming en rechtsbescherming

Afdeling 7.4. Resultaatgerelateerd honorarium

Afdeling 9.2. Vakbekwaamheid

Afdeling 9.1. Stage

Hoofdstuk 9. Overgangsrecht

Artikel 6.31. Reikwijdte

1.

Deze afdeling is van toepassing op de advocaat die onvoorwaardelijk op het tableau is ingeschreven.

2.

In afwijking van het eerste lid is deze afdeling van toepassing op een advocaat die is ingeschreven op basis van een ten aanzien van het beroep van advocaat afgegeven erkenning van beroepskwalificaties als bedoeld in artikel 5 van de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties of op grond van artikel 16h van de Advocatenwet.

Artikel 6.32. Registratie rechtsgebiedenregister

1.

Een advocaat registreert zich op het tableau op ten minste één en ten hoogste vier rechtsgebieden waarop hij tien opleidingspunten als bedoeld in artikel 4.4, tweede lid, heeft behaald, aan de hand van een lijst van rechtsgebieden, bedoeld in het vijfde lid.

2.

Een advocaat die in het voorafgaande kalenderjaar op een desbetreffend geregistreerd rechtsgebied tien opleidingspunten als bedoeld in artikel 4.4, tweede lid, heeft behaald, maakt gemakkelijk fysiek of elektronisch toegankelijk bekend dat hij staat geregistreerd op een wijze overeenkomstig een model, bedoeld in het vierde lid.

3.

Een advocaat actualiseert zijn registratie op het tableau en zijn openbare bekendmaking als bedoeld in het tweede lid onverwijld bij wijzigingen.

4.

De algemene raad stelt modellen vast voor het gemakkelijk fysiek of elektronisch toegankelijk bekend maken van de registratie.

5.

De algemene raad stelt een lijst van rechtsgebieden vast, waarop in ieder geval staat ‘algemene praktijk’.

6.

De algemene raad stelt nadere regels over de wijze waarop de registratie op het tableau plaatsvindt en het gemakkelijk fysiek of elektronisch toegankelijk maken van de registratie.

7.

Met ingang van het moment waarop deze afdeling op een advocaat van toepassing is, kan hij zich registreren als bedoeld in het eerste lid op basis van opleidingspunten als bedoeld in artikel 4.4, tweede lid, die voorafgaand aan dat moment zijn behaald, maar nadat hij in het bezit is gesteld van het certificaat beroepsopleiding advocaten.

Hoofdstuk 7. Relatie advocaat – cliënt

Afdeling 6.8. Klachten en geschillen

Paragraaf 7.4.3. Experiment letsel- en overlijdensschadezaken

Hoofdstuk 8. Besluitvorming en rechtsbescherming

Hoofdstuk 9. Overgangsrecht

Afdeling 9.3. Samenwerking

Hoofdstuk 10. Slotbepalingen

Artikel 6.17a. In bewaring geven advocatenpas

Een advocaat aan wie de maatregel tot schorsing in de uitoefening van de praktijk is opgelegd, geeft op de datum waarop de maatregel ten uitvoer wordt gelegd de advocatenpas in fysieke vorm in bewaring bij de deken.

Afdeling 6.4. Advocatenpas en authenticatiemiddel

Paragraaf 6.3.2. Verstrekking geheimhoudernummers

Paragraaf 6.3.3. Opgave geheimhoudernummers

Afdeling 6.7. Betalingen aan en door advocaat

Afdeling 6.8. Klachten en geschillen

Artikel 6.32a. Controle gegevens tableau

1.

Een advocaat controleert elk kalenderjaar uiterlijk op 1 februari of de op hem betrekking hebbende gegevens, bedoeld in artikel 8, eerste lid, aanhef en onderdelen a tot en met g, van de Advocatenwet, juist, actueel en volledig zijn.

2.

Indien de gegevens, bedoeld in het eerste lid, niet of niet langer juist, actueel of volledig zijn, stelt een advocaat de secretaris van de algemene raad hiervan onverwijld in kennis.

Hoofdstuk 7. Relatie advocaat – cliënt

Afdeling 6.6. Beroepsaansprakelijkheid

Afdeling 7.1. Controle door advocaat

Afdeling 6.10. Tableau

Paragraaf 7.4.1. Verbod op resultaatgerelateerd honorarium

Paragraaf 7.4.2. Incassotarief

Paragraaf 7.4.3. Experiment letsel- en overlijdensschadezaken

Hoofdstuk 9. Overgangsrecht

Afdeling 9.1. Stage

Hoofdstuk 10. Slotbepalingen

Paragraaf 4.2.2. Behouden hoedanigheid ‘advocaat bij de Hoge Raad’ in burgerlijke zaken

Paragraaf 4.2.2. Behouden hoedanigheid ‘advocaat bij de Hoge Raad’ in burgerlijke zaken

Artikel 4.15. Doorhaling voorwaardelijke aantekening

1.

De secretaris van de algemene raad haalt de aantekening ‘advocaat bij de Hoge Raad’ in burgerlijke zaken door, indien een advocaat gedurende een onafgebroken tijdvak van drie jaar met een voorwaardelijke aantekening ‘advocaat bij de Hoge Raad’ in burgerlijke zaken op het tableau ingeschreven heeft gestaan zonder dat het bewijsstuk kan worden overgelegd dat de proeve van bekwaamheid, bedoeld in artikel 4.11, eerste lid, met goed gevolg is afgelegd.

2.

Indien de algemene raad toepassing geeft aan artikel 4.11, tweede lid, eerste volzin, wordt de termijn, bedoeld in het eerste lid, verlengd met de in de beslissing, bedoeld in artikel 4.11, tweede lid, eerste volzin, opgenomen termijn.

3.

De doorhaling, bedoeld in het eerste lid, geschiedt door middel van een beschikking van de algemene raad met ingang van een tijdstip dat, gelet op het belang van de rechtzoekende, ten minste één maand en ten hoogste drie maanden na de datum van de beschikking gelegen is. De algemene raad geeft van de beschikking kennis aan de raad van de orde.

4.

De secretaris van de algemene raad geeft van de doorhaling binnen acht dagen kennis aan de algemene raad en de raad van de orde, onverminderd artikel 9j, tweede lid, tweede volzin, van de Advocatenwet.

Artikel 4.16. Gevolg doorhaling aantekening

Indien de aantekening ‘advocaat bij de Hoge Raad’ in burgerlijke zaken door de secretaris van de algemene raad al dan niet op verzoek van de advocaat is doorgehaald, vervalt van rechtswege de verklaring, bedoeld in artikel 9j, tweede lid, van de Advocatenwet, en, indien van toepassing, het bewijsstuk, bedoeld in artikel 4.11, achtste lid.

Hoofdstuk 5. Praktijkstructuren

Afdeling 5.2. Samenwerking

Afdeling 5.2. Samenwerking

Afdeling 5.2. Samenwerking

Hoofdstuk 6. Kantoororganisatie

Afdeling 5.5. Praktijkuitoefening in dienst

Afdeling 6.2. Administratie

Afdeling 6.3. Geheimhoudernummers

Paragraaf 6.3.1. Doel registreren geheimhoudernummers

Paragraaf 6.3.2. Verstrekking geheimhoudernummers

Paragraaf 6.3.2. Verstrekking geheimhoudernummers

Afdeling 6.2. Administratie

Afdeling 6.5. Derdengelden

Paragraaf 6.5.1. Derdengelden

Afdeling 6.5. Derdengelden

Afdeling 6.9. Registratie rechtsgebieden

Afdeling 7.1. Controle door advocaat

Paragraaf 7.4.1. Verbod op resultaatgerelateerd honorarium

Paragraaf 7.4.2. Incassotarief

Paragraaf 7.4.1. Verbod op resultaatgerelateerd honorarium

Hoofdstuk 8. Besluitvorming en rechtsbescherming

Afdeling 9.2. Samenwerking

Afdeling 9.2a. Cassatie in burgerlijke zaken

Artikel 9.3a. Overgangsrecht cassatie in burgerlijke zaken

1.

Van een voor 1 februari 2020 afgegeven verklaring als bedoeld in artikel 9j, tweede lid, van de Advocatenwet wordt door de algemene raad binnen twee weken na deze datum kennisgegeven aan de secretaris van de algemene raad. Met deze kennisgeving wordt de advocaat geacht een verzoek aan de secretaris van de algemene raad te hebben gedaan ter verkrijging van de aantekening ‘advocaat bij de Hoge Raad’ in burgerlijke zaken.

2.

Van een voor 1 februari 2020 plaatsgevonden voorwaardelijke aantekening ‘advocaat bij de Hoge Raad’ in burgerlijke zaken vervalt de beperkte geldigheidsduur van drie jaar als bedoeld in artikel 4.11, tweede en vierde lid, zoals dat luidde op 31 januari 2020.

Hoofdstuk 8. Besluitvorming en rechtsbescherming

Paragraaf 2.1.6. Overige adviescommissies

Paragraaf 2.1.6a. Commissie disciplinaire rechtspraak

Paragraaf 2.1.7. Verslag en ondersteuning

Afdeling 2.2. Inkomsten en uitgaven

Paragraaf 2.2.2. Cursus- en examengelden

Paragraaf 2.2.3. Vacatiegelden en kostenvergoedingen

Paragraaf 2.2.4. Subsidie ondersteuning tuchtcolleges

Afdeling 2.3. Arbeidsvoorwaarden medewerkers college van toezicht

Hoofdstuk 3. Stage

Afdeling 3.1. Stage

Paragraaf 3.1.2. Goedkeuring stage en patroon

Artikel 3.5a. Cursus voor patroons

1.

Een beoogd patroon heeft in de drie jaar voorafgaand aan het verzoek om goedkeuring, bedoeld in artikel 3.5, tweede lid, een cursus voor patroons gevolgd.

2.

Een cursus als bedoeld in het eerste lid is gevolgd, indien de beoogd patroon ten minste zes uur onderwijs heeft gevolgd dat het patroonschap voor een stagiaire ten goede komt en:

3.

In afwijking van het tweede lid, aanhef, geldt voor de duur van een cursus ten minste drie uur onderwijs, indien de beoogd patroon in de drie jaar voorafgaand aan de cursus reeds een in het tweede lid bedoelde cursus heeft gevolgd.

4.

De algemene raad kan nadere regels stellen over de inhoud van de cursus, bedoeld in het tweede en derde lid.

Paragraaf 3.1.3. Verplichtingen stagiaire

Paragraaf 3.1.4. Verplichtingen patroon

Artikel 3.15a. Examenreglement

1.

De algemene raad stelt een examenreglement vast over:

2.

De examencommissie heeft in ieder geval tot taak op objectieve en deskundige wijze vast te stellen of een stagiaire voldoet aan de eindtermen en de uit het opleidingsreglement voortvloeiende opleidingsverplichtingen die nodig zijn voor het verkrijgen van het certificaat, bedoeld in artikel 3.21, eerste lid.

3.

De algemene raad kan in het examenreglement bevoegdheden betreffende het examen delegeren of toekennen aan de examencommissie.

Afdeling 3.3. Organisatie beroepsopleiding advocaten

Afdeling 3.2a. Kwaliteits- en accreditatiekader beroepsopleiding advocaten

Hoofdstuk 4. Vakbekwaamheid van de advocaat

Afdeling 4.1. Vakbekwaamheid

Paragraaf 4.1.1. Algemeen

Paragraaf 4.1.2. Professionele kennis en kunde

Paragraaf 4.2.3. Verliezen hoedanigheid ‘advocaat bij de Hoge Raad’ in burgerlijke zaken

Hoofdstuk 5. Praktijkstructuren

Afdeling 5.3. Bestuurders

Afdeling 5.4. Rechtspersonen

Afdeling 5.3. Bestuurders

Hoofdstuk 6. Kantoororganisatie

Afdeling 6.1. Interne organisatie en beschrijving werkwijze

Afdeling 6.3. Geheimhoudernummers

Paragraaf 6.3.1. Doel registreren geheimhoudernummers

Paragraaf 6.3.3. Opgave geheimhoudernummers

Afdeling 6.5. Derdengelden

Hoofdstuk 7. Relatie advocaat – cliënt

Afdeling 7.2. Communicatie algemeen

Afdeling 7.3. Cassatieadvies civiel

Afdeling 7.1. Controle door advocaat

Paragraaf 7.4.2. Incassotarief

Paragraaf 7.4.3. Experiment letsel- en overlijdensschadezaken

Hoofdstuk 8. Besluitvorming en rechtsbescherming

Afdeling 9.1. Stage

Artikel 9.2a. Overgangsrecht beroepsopleiding advocaten 2020

1.

Op een stagiaire die uiterlijk in september 2020 de beroepsopleiding advocaten aanvangt en met ingang van 1 oktober 2020 zonder onderbreking op het tableau staat ingeschreven, en op zijn patroon blijft het bepaalde bij of krachtens de artikelen 2.28, 3.8 en 3.9 en afdeling 3.2, zoals deze artikelen luidden op 30 september 2020, van toepassing totdat hij aan de daaruit voortvloeiende verplichtingen heeft voldaan.

2.

In afwijking van het eerste lid kan de algemene raad de stagiaire, bedoeld in het eerste lid, die op 1 september 2023 niet in het bezit is van het certificaat beroepsopleiding advocaten, alternatieve maatregelen aanbieden ter afronding van de beroepsopleiding.

3.

Onverminderd artikel 9.1, vierde en vijfde lid, kan de algemene raad een stagiaire op zijn verzoek toelaten tot de beroepsopleiding op grond van de regelgeving, zoals deze gold op 30 september 2020, indien hij:

4.

Onverminderd artikel 9.1, eerste lid, blijft op een stagiaire die in het bezit is van het certificaat beroepsopleiding advocaten op grond van de beroepsopleiding advocaten, zoals deze gold tot 1 oktober 2020, het bepaalde bij of krachtens de artikelen 3.2, 3.8 en 3.9, zoals deze artikelen luidden op 30 september 2020, van toepassing totdat hij aan de daaruit voortvloeiende verplichtingen heeft voldaan.

Artikel 9.2b. Overgangsrecht geaccrediteerde opleidingsinstelling

Op een geaccrediteerde opleidingsinstelling die vóór 1 oktober 2020 de onderdelen van de beroepsopleiding advocaten, bedoeld in artikel 3.15, eerste lid, onderdelen b en c, zoals dit artikel luidde op 30 september 2020, mag aanbieden, blijft het bepaalde bij of krachtens artikel 3.25, zoals dit artikel luidde op 30 september 2020, van toepassing voor de resterende duur van de accreditatie.

Afdeling 9.1. Stage

Afdeling 9.2a. Cassatie in burgerlijke zaken

Hoofdstuk 10. Slotbepalingen

Artikel 2.19a. Leden adviescommissie beroepsopleiding advocaten

1.

Er is een adviescommissie beroepsopleiding advocaten.

2.

Een lid van de adviescommissie beroepsopleiding advocaten is geen lid van of werkzaam bij een orgaan van de Nederlandse orde van advocaten of een orgaan van de orde van advocaten.

Artikel 2.19b. Taakomschrijving adviescommissie beroepsopleiding advocaten

De adviescommissie beroepsopleiding advocaten heeft tot taak de algemene raad gevraagd en ongevraagd te adviseren over:

Artikel 2.19c. Benoeming leden adviescommissie beroepsopleiding advocaten

1.

De algemene raad benoemt de leden van de adviescommissie beroepsopleiding advocaten voor een periode van ten hoogste vier jaar.

2.

Bij de benoeming draagt de algemene raad er zorg voor dat in ieder geval:

3.

Een lid kan eenmaal worden herbenoemd.

Artikel 2.19d. Werkwijze adviescommissie beroepsopleiding advocaten

1.

De algemene raad wijst uit de leden een voorzitter aan.

2.

De adviescommissie beroepsopleiding advocaten stelt haar werkwijze vast in overleg met de algemene raad.

Afdeling 2.2. Inkomsten en uitgaven

Paragraaf 2.2.1. Bijdragen aan de Nederlandse orde van advocaten

Paragraaf 2.2.2. Opleidings- en examengelden

Paragraaf 2.2.3. Vacatiegelden en kostenvergoedingen

Paragraaf 2.2.4. Subsidie ondersteuning tuchtcolleges

Afdeling 2.3. Arbeidsvoorwaarden medewerkers college van toezicht

Hoofdstuk 3. Stage

Afdeling 3.1. Stage

Paragraaf 3.1.2. Goedkeuring stage en patroon

Paragraaf 3.1.4. Verplichtingen patroon

Afdeling 3.2. Beroepsopleiding advocaten

Artikel 3.22a

De algemene raad stelt een kwaliteits- en accreditatiekader vast voor de onderwijsaanbieders die de beroepsopleiding advocaten of onderdelen daarvan verzorgen. Het kwaliteits- en accreditatiekader omvat regels over:

Afdeling 3.3. Organisatie beroepsopleiding advocaten

Afdeling 3.4. Accreditatie beroepsopleiding advocaten

Hoofdstuk 4. Vakbekwaamheid van de advocaat

Afdeling 4.1. Vakbekwaamheid

Paragraaf 4.1.1. Algemeen

Paragraaf 4.1.2. Professionele kennis en kunde

Afdeling 4.2. Vakbekwaamheidseisen cassatie

Paragraaf 4.2.1. Verkrijgen hoedanigheid ‘advocaat bij de Hoge Raad’ in burgerlijke zaken

Paragraaf 4.2.2. Behouden hoedanigheid ‘advocaat bij de Hoge Raad’ in burgerlijke zaken

Paragraaf 4.2.3. Verliezen hoedanigheid ‘advocaat bij de Hoge Raad’ in burgerlijke zaken

Hoofdstuk 5. Praktijkstructuren

Hoofdstuk 6. Kantoororganisatie

Afdeling 6.2. Administratie

Afdeling 6.3. Geheimhoudernummers

Paragraaf 6.3.1. Doel registreren geheimhoudernummers

Paragraaf 6.3.2. Verstrekking geheimhoudernummers

Afdeling 6.4. Advocatenpas en authenticatiemiddel

Paragraaf 6.5.1. Derdengelden

Paragraaf 6.5.1. Derdengelden

Afdeling 6.6. Beroepsaansprakelijkheid

Hoofdstuk 7. Relatie advocaat – cliënt

Afdeling 7.3. Cassatieadvies civiel

Paragraaf 7.4.1. Verbod op resultaatgerelateerd honorarium

Paragraaf 7.4.2. Incassotarief

Paragraaf 7.4.1. Verbod op resultaatgerelateerd honorarium

Hoofdstuk 9. Overgangsrecht

Afdeling 9.2. Samenwerking

Afdeling 9.2a. Cassatie in burgerlijke zaken

Hoofdstuk 10. Slotbepalingen

Paragraaf 5.5.1. Bescherming kernwaarden bij dienstverbanden

Artikel 5.16. Experiment en voorwaarden deelname

1.

In afwijking van artikel 5.11, eerste lid, kan de advocaat in dienst van een werkgever als bedoeld in artikel 5.9, aanhef en onderdeel e, in die hoedanigheid ook optreden voor niet bij die werkgever verzekerden, indien:

2.

Als lid van het bestuur heeft tevens te gelden een rechtspersoon waarvan de meerderheid van de leden en de voorzitter daarvan, advocaat is.

Artikel 5.17. Informeren ten behoeve van de evaluatie

De advocaat in dienst van een aan het experiment deelnemende werkgever verstrekt ten behoeve van de evaluatie jaarlijks aan de algemene raad geaggregeerde en geanonimiseerde gegevens over:

Hoofdstuk 6. Kantoororganisatie

Afdeling 6.3. Geheimhoudernummers

Paragraaf 6.3.1. Doel registreren geheimhoudernummers

Paragraaf 6.5.2. Stichting derdengelden

Afdeling 6.10. Tableau

Paragraaf 7.4.2. Incassotarief

Paragraaf 7.4.3. Letsel- en overlijdensschadezaken

Hoofdstuk 9. Overgangsrecht

Afdeling 9.1. Stage

Afdeling 9.2. Samenwerking

Afdeling 9.2a. Cassatie in burgerlijke zaken

Hoofdstuk 10. Slotbepalingen

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)