Regeling van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van 12 december 2014, kenmerk 694624-130150-WJZ, houdende nadere regels op grond van de Jeugdwet (Regeling Jeugdwet)

Type Ministeriële regeling
Publication 2026-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op de artikelen 1.1, 2.10, 4.3.1, derde lid, 5.3, tweede lid, 7.2.5, 7.4.5, 8.1.2, 8.3.1, van de Jeugdwet en de artikelen 7.5.4, 8.3, 8.1.2, 8.2.2 en 8.2.4 van het Besluit Jeugdwet;

Besluiten:

§ 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

§ 1a. Betaal-, onderzoeks- en informatieplicht gemeente

Artikel 2

Als categorieën van gekwalificeerde gedragswetenschappers worden aangewezen:

§ 2. Gekwalificeerde gedragswetenschapper

Artikel 3
1.

Een onderzoek dat wordt ingesteld op grond van artikel 2.10 van de wet juncto artikel 2.5.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 bestaat mede uit een ervaringsonderzoek onder ten minste een representatief te achten aantal personen:

2.

Voor het onderzoek, bedoeld in het eerste lid, wordt gebruik gemaakt van een vragenlijst die ten minste ingaat op hoe personen als bedoeld in het eerste lid:

§ 2a. Jeugdhulpverantwoordelijke

Artikel 4.1
1.

Artikel 4.3.1, eerste lid, van de wet alsmede de artikelen 4.2, 4.3 en 4.4 van deze regeling zijn niet van toepassing op jeugdhulpaanbieders als bedoeld in artikel 1.1, onderdeel 2°, van de wet.

2.

In afwijking van de artikelen 4.2 tot en met 4.4 is op de jaarverslaggeving van een jeugdhulpaanbieder als bedoeld in artikel 1.1, onderdeel 1°, van de Jeugdwet of gecertificeerde instelling, die tevens een zorgaanbieder is waarop artikel 40b van de Wet marktordening gezondheidszorg van toepassing is, het bepaalde in de Regeling openbare jaarverantwoording WMG van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:

3.

In afwijking van de artikelen 4.2 tot en met 4.4 is op de jaarverslaglegging van een jeugdhulpaanbieder als bedoeld in artikel 1.1, onderdeel 1°, van de Jeugdwet, die niet tevens een zorgaanbieder is waarop artikel 40b van de Wet marktordening gezondheidszorg van toepassing is, het bepaalde in de Regeling jaarverslaggeving onderwijs van overeenkomstige toepassing, indien:

4.

Het derde lid is van overeenkomstige toepassing op het eerste en tweede boekjaar voor een jeugdhulpaanbieder waarvan op de balansdatum van het eerste boekjaar een groter aandeel van de netto-omzet bestaat uit onderwijs dan uit jeugdhulp.

Artikel 4.2
1.

De jeugdhulpaanbieder en de gecertificeerde instelling stellen een jaarrekening als bedoeld in artikel 361 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek op waarin de eigen financiële gegevens zijn opgenomen en waaraan de gegevens, bedoeld in artikel 392 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, zijn bijgevoegd.

2.

Op de jaarverslaggeving van de jeugdhulpaanbieder en de gecertificeerde instelling is Titel 9 Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek van overeenkomstige toepassing met uitzondering van de afdelingen 1, 11 en 12 voor zover in deze paragraaf niet anders is bepaald.

3.

In afwijking van of in aanvulling op Boek 2, titel 9, van het Burgerlijk Wetboek:

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.