← Geldende tekst · Geschiedenis

Besluit van 15 mei 2015, houdende vaststelling van de zetel en de organisatie van de raad voor de kinderbescherming (Organisatiebesluit raad voor de kinderbescherming 2015)

Geldende tekst a fecha 2013-04-01

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van 3 april 2015, nr. 630828, Directie Wetgeving en Juridische Zaken;

Gelet op artikel 238, vijfde lid, van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek;

De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 15 april 2015, nr. W03.15.0101/II;

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van 1 mei 2015, nr. 640555, Directie Wetgeving en Juridische Zaken;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel 1
1.

De raad voor de kinderbescherming is gevestigd te Den Haag.

2.

De raad staat onder leiding van de algemeen directeur, die wordt bijgestaan door een directeur. De algemeen directeur en deze directeur vormen gezamenlijk de landelijke directie.

3.

De algemeen directeur wordt, waar nodig, vervangen door de in het tweede lid bedoelde directeur.

Artikel 2
1.

De raad heeft een landelijke staforganisatie en is werkzaam in tien regio’s, waarbinnen een of meer locaties de wettelijke taken van de raad uitvoeren.

De landelijke staforganisatie heeft tot taak de landelijke directie en de regio’s te ondersteunen in de uitvoering van hun werkzaamheden.

2.

De regio’s en de locaties, bedoeld in het eerste lid, zijn de volgende:

Artikel 3

Wijzigt dit besluit.

Artikel 4

Het Organisatiebesluit raad voor de kinderbescherming 2006 wordt ingetrokken.

Artikel 5

Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden

Artikel 6

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2013, met uitzondering van artikel 5 dat met ingang van 1 juli 2015 in werking treedt.

Artikel 7

Dit besluit wordt aangehaald als: Organisatiebesluit raad voor de kinderbescherming 2015.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.