Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 14 februari 2016, nr. MBO/794457, houdende de vaststelling van het model kwalificatiedossier mbo, het model keuzedeel mbo, inclusief de bij de modellen behorende instructie en het toetsingskader kwalificatiestructuur mbo (Regeling vaststelling modellen kwalificatiedossier en keuzedeel en toetsingskader kwalificatiestructuur mbo 2016)

Type Ministeriële regeling
Publication 2022-08-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Economische Zaken;

Gelet op artikel 7.2.4, zesde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs;

Besluit:

Artikel 1. Vaststelling van modellen, instructies en toetsingskader
1.

Het model voor een kwalificatiedossier wordt vastgesteld op de wijze bedoeld in bijlage 1 behorende bij deze regeling.

2.

Het model voor een keuzedeel wordt vastgesteld op de wijze bedoeld in bijlage 2 behorende bij deze regeling.

3.

Het model voor een certificaat wordt vastgesteld op de wijze bedoeld in bijlage 2a behorende bij deze regeling.

4.

De instructies behorende bij de modellen, bedoeld in het eerste tot en met derde lid, worden vastgesteld op de wijze bedoeld in bijlage 3 behorende bij deze regeling.

5.

Het toetsingskader voor de kwalificatiestructuur wordt vastgesteld op de wijze bedoeld in bijlage 4 behorende bij deze regeling.

Artikel 2. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 februari 2016.

Artikel 3. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling vaststelling modellen kwalificatiedossier en keuzedeel en toetsingskader kwalificatiestructuur mbo 2016.

Bijlage 1. behorende bij de Regeling vaststelling modellen kwalificatiedossier en keuzedeel en toetsingskader kwalificatiestructuur mbo 2016

Bijlage 2. behorende bij de Regeling vaststelling modellen kwalificatiedossier en keuzedeel en toetsingskader kwalificatiestructuur mbo 2016

Bijlage 3. behorende bij de Regeling vaststelling modellen kwalificatiedossier en keuzedeel en toetsingskader kwalificatiestructuur mbo 2016

Instructies bij de ontwikkeling van kwalificatiedossiers mbo, keuzedelen en de verantwoordingsinformatie

Dit kwalificatiedossier bevat de kwalificatie-eisen voor één of meerdere mbo-beroepen en bestaat uit:

1. Leeswijzer

Leeswijzer

De generieke kwalificatie-eisen voor taal en rekenen zijn benoemd in het basisdeel.

Aanvullende (verantwoordings-)informatie bij dit kwalificatiedossier is te vinden op www.mbo-kwalificatiestructuur.nl. Deze informatie is geen onderdeel van het kwalificatiedossier.

Instructies bij de ontwikkeling van de kwalificatiestructuur mbo

Basisdeel

1. Beroepsspecifieke onderdelen

2. Generieke onderdelen

Elke kwalificatie kent – naast (beroepsgerichte) specifieke kwalificatie-eisen – ook generieke kwalificatie-eisen.

2. Voorblad, colofon en overzicht dossier

2.1. Voorblad

Het generieke examenonderdeel loopbaan en burgerschap maakt deel uit van elke kwalificatie in dit kwalificatiedossier. De kwalificatie-eisen voor dit generieke onderdeel zijn opgenomen in bijlage 1 bij het Examen- en kwalificatiebesluit WEB. Die bijlage vormt integraal onderdeel van het kwalificatiedossier.

Het generieke examenonderdeel Engels maakt deel uit van elke kwalificatie op mbo-niveau 4 in dit kwalificatiedossier. De referentieniveaus en de kwalificatie-eisen voor dit generieke onderdeel zijn opgenomen in bijlage 2 bij het Examen- en kwalificatiebesluit WEB. Die bijlage vormt integraal onderdeel van het kwalificatiedossier.

Vul de naam van het opleidingsdomein in waartoe dit kwalificatiedossier behoort. Tot welk opleidingsdomein het kwalificatiedossier behoort bepaalt de sectorkamer.

De naamgeving is kort, weloverwogen en herkenbaar voor onderwijs, bedrijfsleven en student. De naam is ook uniek in de kwalificatiestructuur. Het kwalificatiedossier bevat de kwalificaties die op basis van verwantschap in de beroepengroep gebundeld zijn.

1. Algemene informatie

Vul de naam van het opleidingsdomein in waartoe dit kwalificatiedossier behoort. Tot welk opleidingsdomein het kwalificatiedossier behoort bepaalt de sectorkamer.

De Toetsingskamer vult de betreffende Crebonummers in, o.b.v. informatie van DUO. Ook versie, geldig vanaf en opleidingsdomein worden ingevuld door de Toetsingskamer.

Bij een nieuwe versie van een dossier wordt ingevuld ‘gewijzigd (jaartal vaststelling)’.

Vul de datum in waarop de sectorkamer(s) / de thema-adviescommissie het dossier heeft/hebben gevalideerd. Validering door meerdere Sectorkamers is aan de orde wanneer naast de penvoerder meer sectorkamers betrokken zijn bij de kwalificaties in een dossier.

Aangegeven wordt welke soorten onderwijsinstellingen de crebo’s in het dossier mogen aanbieden.

Overzicht van het kwalificatiedossier

Vul de naam in van de sectorkamer die het kwalificatiedossier heeft gevalideerd en de datum waarop dat is gedaan. De validering van een keuzedeel valt, indien er sprake is van een sectoroverstijgend keuzedeel, onder de verantwoordelijkheid van een Thema-adviescommissie.

Deze instructie bevat de richtlijnen voor de ontwikkeling van kwalificatiedossiers, verantwoordingsinformatie, keuzedelen en certificaten. De instructie behoort bij het model ‘kwalificatiedossier mbo’, het ‘model keuzedeel’ en het ‘model mbo-certificaat voor een beroepsgericht onderdeel’. In de instructie zijn de criteria uit het Toetsingskader voor de kwalificatiestructuur mbo gespecificeerd naar de eisen die aan de onderdelen van de kwalificatiestructuur gesteld worden en de invulling van de vastgestelde formats voor de kwalificatiestructuur. De producten van de kwalificatiestructuur worden hierop getoetst door de Toetsingskamer.

Dit document wordt daarmee vooral gebruikt door het team SBB Kwalificatiestructuur en geeft ook andere betrokkenen inzicht in waar de producten van de kwalificatiestructuur aan moeten voldoen.

Dit document bestaat uit vier delen:

Het kwalificatiedossier, het keuzedeel en de eisen aan mbo-certificaten worden vastgesteld door de Minister van OCW. Dat geldt niet voor de verantwoordingsinformatie.

Onderstaand volgt een nadere toelichting op de te leveren gegevens.

Een kwalificatiedossier bevat één of meer kwalificaties die gezamenlijk een beroepengroep vormen. Een beroepengroep is een groep beroepen die essentiële werkprocessen en competenties delen. Het kwalificatiedossier bevat de diploma-eisen die gelden voor de beginnend beroepsbeoefenaar in het middelbaar beroepsonderwijs. Het gaat daarbij om zowel de beroepsgerichte eisen als de generieke eisen voor taal, rekenen, loopbaan en burgerschap en Engels (alleen voor niveau-4 kwalificaties). Voor alle onderdelen van het kwalificatiedossier geldt dat deze consistent en transparant uitgewerkt worden. Dat betekent dat daarbij het uitgangspunt geldt, zoals beschreven in artikel 4.8 van het Toetsingskader dat ‘gelijke en vergelijkbare beroepsuitoefening is in de kwalificatiestructuur gelijk en vergelijkbaar beschreven’. Dit uitgangspunt geldt zowel binnen het kwalificatiedossier als tussen de kwalificatiedossiers onderling.

In dit hoofdstuk worden in de volgorde van het format van het kwalificatiedossier de normen en richtlijnen beschreven die gelden voor de onderdelen ervan.

Kruis aan indien er in het dossier sprake is van (wettelijke) beroepsvereisten. In het profieldeel en in de verantwoordingsinformatie worden die nader toegelicht.

1. Typering van de beroepengroep

2.1.2. Versie

De versie bevat het jaartal van het jaar waarin het kwalificatiedossier voor het onderwijs in werking treedt.

Naast de tabel genereert DigiK een overzicht van de kerntaken en werkprocessen van de basis en van de profielen.

2.3. Basisdeel algemeen

Leg nadruk op de verwantschap van de beroepen in het dossier. De typering van de beroepengroep moet een goed beeld geven van de beroepsuitoefening van de beginnende beroepsbeoefenaar in de beroepengroep.

Dit veld bevat het opleidingsdomein waartoe dit kwalificatiedossier behoort.

2.1.5. Opleidingscode

3.3.1. Typering van de beroepengroep

Typerende beroepshouding: Hier gaat het om de houdingselementen en specifieke (gedrags-) kenmerken van de beginnend beroepsbeoefenaar in de beroepengroep.

Dit veld bevat de naam van de sectorkamer die penvoerder is voor het kwalificatiedossier.

Leg nadruk op de verwantschap van de beroepen in het dossier. De typering van de beroepengroep moet een goed beeld geven van de beroepsuitoefening van de beginnende beroepsbeoefenaar in de beroepengroep.

Dit veld bevat de naam van de sectorkamer die het kwalificatiedossier heeft gevalideerd en de datum waarop het dossier gevalideerd is.

Aanvullende eisen kunnen er zijn op alle elementen van de kerntaak:

In een tabel is per profiel weergegeven:

3.3.2. Kerntaken

Wettelijke beroepsvereisten kunnen betrekking hebben op kerntaken van zowel het basisdeel als het profieldeel van een kwalificatie. De toelichting op de wettelijke beroepsvereisten wordt opgenomen in het profieldeel.

Beroepsvereisten is aangekruist indien van toepassing. Daarbij is toegelicht welk ministerie voor deze wettelijke beroepsvereisten verantwoordelijk is. In het Profieldeel en in de verantwoordingsinformatie worden de beroepsvereisten nader toegelicht.

3.3.3. Aanvullende eisen

In onderstaande overzicht staat welk type beroepsopleiding behoort bij het mbo-niveau van een kwalificatie:

In een kwalificatiedossier worden kwalificaties gebundeld die samen een beroepengroep vormen.

Elke kwalificatie in een kwalificatiedossier bestaat uit een Basis- en een Profieldeel. Het Basisdeel van het kwalificatiedossier bestaat uit het beroepsspecifieke deel van de basis en het generieke deel. Het Basisdeel bevat de gemeenschappelijke kern van de beroepengroep. Een beroepengroep is te identificeren doordat de kwalificaties in deze groep gemeenschappelijke kerntaken, werkprocessen, vakkennis en vaardigheden en beroepsidentiteit hebben.

Het generieke deel bestaat uit de generieke kwalificatie-eisen aan Nederlandse taal, rekenen, loopbaan en burgerschap en (voor mbo-niveau 4) Engels.

Het Basisdeel vormt een duurzaam fundament voor het kwalificatiedossier. Het beroepsspecifieke deel van het Basisdeel beschrijft de kerntaken en de vakkennis, vaardigheden en houdingsaspecten die alle beginnende beroepsbeoefenaren in het betreffende werkveld delen en waarin de beroepsidentiteit tot uitdrukking komt.

3.3.4. Complexiteit

Maak waar beschikbaar gebruik van referentiedocumenten voor vakkennis en vaardigheden, zoals de BOKS.

In het Basisdeel van een kwalificatiedossier wordt een typering beschreven van de beroepengroep: een beknopte beschrijving van de kern van de beroepengroep. De focus ligt daarbij op de gemeenschappelijke eigenschappen van de in het kwalificatiedossier geclusterde kwalificaties. De typering van de beroepengroep geeft een goed beeld van de beroepsuitoefening van de beginnende beroepsbeoefenaar in de beroepengroep.

3.3.5. Verantwoordelijkheid en zelfstandigheid

Een kerntaak is een belangrijk, afgebakend deel van de beroepsuitoefening en bestaat uit samenhangende werkprocessen die kenmerkend zijn voor de beroepsuitoefening. De vereisten voor de kerntaken, werkprocessen en andere onderdelen gelden voor zowel kerntaken in het Basisdeel als in het Profieldeel.

Voor het formuleren van een kerntaak gelden de volgende richtlijnen:

2.1.10. Aanvullende eisen in het Basisdeel

Bij de kerntaken van het Basisdeel kan het zijn dat er voor een of meer kwalificaties aanvullende eisen geformuleerd worden. In de aanvullende eisen wordt vastgelegd welke specifieke kwalificatie-eisen gelden voor een of meer kwalificaties uit een kwalificatiedossier.

Aanvullende eisen kunnen er zijn op alle elementen van de kerntaak:

Een omschrijving van een werkproces:

In het onderdeel ‘complexiteit’ is beknopt en in algemene termen de complexiteit van de kerntaak beschreven aan de hand van drie karakteristieken:

2.1.12. Verantwoordelijkheid en zelfstandigheid

In dit onderdeel wordt met behulp van de NLQF-descriptoren, zoals vastgelegd in de Regeling NLQF, aangegeven wat de mate van zelfstandigheid en de aard van verantwoordelijkheid is.

Controlevraag: Kan dit werkproces in de praktijk worden uitgevoerd door de beginnend beroepsbeoefenaar? (dus mag het ook tijdens de BPV worden geoefend?)

3.3.8. Resultaat

Voor de beschrijving van vakkennis en vaardigheden gelden de volgende richtlijnen:

Het uitgangspunt is dat kwalificatie-eisen zo transparant mogelijk beschreven worden. Dat betekent dat het onderdeel op de juiste plek en op het goede abstractieniveau beschreven wordt.

3.3.9. Gedrag

NB In paragraaf 4.8 wordt nader ingegaan op de beschrijving van beroepsgerichte taal- en rekeneisen in de basis en het profiel.

Een werkproces heeft een resultaat in termen van opbrengst of uitkomst waaraan de beginnend beroepsbeoefenaar bijdraagt. Het geformuleerde resultaat is een logisch gevolg van en sluit aan bij de beschreven handelingen. Het bevat geen resultaten die niet te herleiden zijn naar de handelingen.

2.1.16. Gedrag

Gedrag is altijd gekoppeld aan een competentie. Gedrag beschrijft hoe men kan ‘zien' dat een beginnend beroepsbeoefenaar de competentie succesvol inzet om bij te dragen aan het resultaat.

Gedragsomschrijvingen bevatten een norm die de gewenste houding van de beginnend beroepsbeoefenaar beschrijft passend bij het werkproces.

3.5. Interne consistentie

In het generieke deel van het Basisdeel zijn verwijzingen naar de generieke kwalificatie-eisen voor de onderdelen Nederlandse taal, rekenen, loopbaan en burgerschap en (voor mbo-niveau 4) Engels opgenomen. Deze kwalificatie-eisen worden bepaald door het Ministerie van OCW. Er staat een standaardverwijzing in het kwalificatiedossier naar de relevante wetstekst.

Houd als richtlijn aan:

Voor het Profieldeel gelden de volgende richtlijnen:

Als sprake is van één Profieldeel (in kwalificatiedossier met één kwalificatie) dan bevat het Profieldeel geen extra kerntaken ten opzichte van de basis. In deze kwalificatiedossiers wordt bij het Profieldeel alleen de algemene informatie ingevuld (niveau van de kwalificatie, beroepsvereisten).

Elk Profieldeel begint met de aanduiding van het mbo-niveau van de kwalificatie, een typering van het beroep en met een weergave van de eventuele beroepsvereisten.

2.1.18. Typering van het beroep

2. Clusteren van profielen in een dossier

Houd als richtlijn aan:

Beschrijft of er sprake is van wettelijke beroepsvereisten en zo ja, welke dit zijn.

Onder wettelijke beroepsvereisten verstaan wordt volgens artikel 7.2.6, eerste lid, van de WEB het volgende verstaan:

4. Typering van het beroep

De toelichting op de wettelijke beroepsvereisten wordt opgenomen in de Verantwoordingsinformatie (zie hoofdstuk 5.5 voor de punten die in de Verantwoordingsinformatie worden opgenomen):

5. Beroepsvereisten

Geef aan of er sprake is van (wettelijke) beroepsvereisten. En zo ja, licht die toe.

4.4. Typering van het beroep

Als de wettelijke beroepsvereisten voor een specifieke beroepscontext van voldoende studieomvang zijn en niet voorwaardelijk voor de diplomering is ook denkbaar dat deze beroepsvereisten worden verwerkt in een keuzedeel. Ook in dat geval wordt in het kwalificatiedossier vermeld dat er wettelijke beroepsvereisten van toepassing zijn voor een specifieke beroepscontext waarbij geldt dat studenten het diploma van de kwalificatie ook kunnen behalen zonder dat zij hebben voldaan aan deze specifieke wettelijke beroepsvereisten.

2.1.21. Profielspecifieke kerntaken en werkprocessen

In het Profieldeel worden per kwalificatie de kerntaken en werkprocessen uitgewerkt. Hiervoor geldt de instructie die in paragraaf 2.5 beschreven is, tenzij anders aangegeven. Als stelregel geldt: ‘gelijke en vergelijkbare beroepsuitoefening is in de kwalificatiestructuur gelijk en vergelijkbaar beschreven'. Deze richtlijn is ook van toepassing wanneer identieke werkprocessen c.q. kerntaken voorkomen in verschillende profieldelen.

Voor de toelichting op de (wettelijke) beroepsvereisten gelden de volgende instructies:

Wanneer het voor het beroep noodzakelijk is om bepaalde (Nederlands)talige of rekenkundige elementen te beheersen zijn deze eisen altijd direct gerelateerd aan het beroep. In dat geval wordt er niet verwezen naar de eisen van het referentiekader Nederlandse taal en rekenen, maar geëxpliciteerd wat de eisen zijn. Hiervoor geldt:

De WEB vereist bij wettelijke beroepsvereisten een goedkeurende verklaring van het betrokken vakdepartement. Zonder goedkeurende verklaring kan een dossier de eindtoets niet passeren. Zie hiervoor paragraaf 6.4 bij de verantwoordingsinformatie.

Wat geldt voor Nederlandse taal en rekenen geldt ook voor beroepsgerichte mvt-eisen. Deze worden opgenomen nadat bepaald is (op basis van beroepeninformatie) dat voor het beroep c.q. de beroepengroep waarvoor het kwalificatiedossier is geschreven een mvt van wezenlijk belang is voor diplomering.

Wanneer mvt-eisen tot de kern van de beroepsuitoefening horen, worden deze opgenomen in verschillende onderdelen van de kwalificatie zoals typering van de beroepengroep en complexiteit, naast vakkennis en vaardigheden.

Bij middenkaderopleidingen en specialisten is er sprake van generieke eisen Engels A2/B1. Wanneer er daarnaast, dat wil zeggen naast en los van de generieke eisen, ook nog beroepsgerichte eisen Engels gelden voor de kwalificatie dan zijn die verwerkt in het kwalificatiedossier alsof er geen generieke eisen zijn.

In deze paragraaf wordt ingegaan op de wijze waarop eventuele beroepsgerichte taal- en rekeneisen opgenomen worden in de beroepsgerichte taken van basis- én profieldeel.

3.1. Inleiding

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.