Besluit van de Minister van Economische Zaken van 15 april 2016, nr. 7188783, inzake het besluit om de vergunning voor digitale omroep (digitale ethertelevisie) te veilen en de voorschriften en beperkingen vast te stellen die aan de vergunning zullen worden verbonden

Type Ministeriële regeling
Publication 2016-04-21
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;

Gelet op artikel 3.10, derde lid, van de Telecommunicatiewet;

Besluit:

§ 1. Inleiding

§ 2. Wijze van verdeling

§ 3. Vergunning

§ 4. Start aanvraag- en verdeelprocedure

§ 5. Uniforme openbare voorbereidingsprocedure

5.1. Periode na de veiling en tijdelijke verlenging

5.2. Looptijd van de vergunning

5.3. Verhouding met de Mediawet 2008

5.4. De te gebruiken technologie

5.5. Ingebruiknameverplichting

5.6. Internationale onderhandelingen

5.7. Aantal TV programma’s

5.8. Interferentie

5.9. Wijzigingen van frequentiegebruiksrechten

§ 6. Publicatie en inwerkingtreding

Bijlage. Vergunning voor het gebruik van frequentieruimte ten behoeve van digitale omroep

DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN

Gelezen de aanvraag van [naam] te [plaats] van [datum], geregistreerd onder nummer [dossiernummer];

Gelet op de artikelen 3.13 en 3.14 van de Telecommunicatiewet, artikel 17 van het Frequentiebesluit 2013 en de Regeling aanvraag- en veilingprocedure voor vergunning voor frequentieruimte ten behoeve van digitale omroep (digitale ethertelevisie).

Artikel 1

§ 2. Verlening

Artikel 2

§ 3. Voorschriften en beperkingen

Artikel 3. Gebruik van frequentieruimte

Artikel 4. Ingebruiknameverplichting

Artikel 5

Artikel 6

Artikel 7. Ingebruikneming

De vergunninghouder stelt de minister van elke ingebruikneming van (onderdelen van) de frequentieruimte ten minste vier weken van tevoren schriftelijk op de hoogte en overlegt daarbij de gegevens als bedoeld in bijlage II.

Artikel 8. Betaling veilingprijs

Artikel 9. Doorgeven wijzigingen

Artikel 10. Belemmeringen

Artikel 11. Correspondentie

Kennisgevingen en correspondentie die verband houden met deze vergunning, worden gericht aan Agentschap Telecom van het ministerie van Economische Zaken te Groningen, tenzij door of vanwege de minister anders wordt aangegeven.

Artikel 12. Wijzigingen als gevolg aanpassing definitie radiozendapparaat in Tw

Na inwerkingtreding van de Wet van 3 februari 2016 tot wijziging van de Telecommunicatiewet in verband met de implementatie van richtlijn 2014/30/EU en richtlijn 2014/53/EU (Stb. 2016, Nr. 58) wordt in de andere artikelen van dit besluit ‘radiozend’ telkens vervangen door: radioapparaat.

Artikel 13. Inwerkingtreding en looptijd van de vergunning

Deze vergunning treedt in werking op de dag na bekendmaking en eindigt na een periode van 13 jaar, die aanvangt op de eerste dag waarop de vergunninghouder krachtens artikel 2, tweede lid, gerechtigd is in elk geval de frequentieruimte, bedoeld in bijlage I, annex 1, te gebruiken.

Deze vergunning zal in de Staatscourant worden geplaatst.

Bijlage I. Behorende bij de vergunning voor het gebruik van frequentieruimte ten behoeve van digitale omroep

In deze bijlage wordt verstaan onder:

Spectrummasker, zoals bedoeld in artikel 3

De vergunninghouder neemt het onderstaande spectrummasker in acht, waarbij hetzelfde spectrummasker eerst grafisch en daarna cijfermatig is weergegeven.

Bron: GE06 pagina 171

Noot: Voor de kanaalgrenzen tussen kanaal 20 en 21; 37 en 38; 38 en 39; 48 en 49; 60 en 61 geldt het kritisch spectrummasker.

Annexen 1 en 2

In de onderstaande annexen 1 en 2 zijn de frequentiegebruiksrechten opgenomen. Annex 1 bevat de frequentiegebruiksrechten inclusief de te verlaten 700 MHz-band. Annex 2 bevat de frequentiegebruiksrechten exclusief de 700 MHz-band. De vergunninghouder dient naar de frequentierechten in annex 2 te migreren.

Aan de acht layers die zijn opgenomen in de annexen 1 en 2 ligt een theoretisch netwerk en planningsconfiguratie ten grondslag. Dit wordt in annex 4 nader beschreven.

Annex 1:. Overzicht allotment layers betreffende 470–790 MHz

Annex 1 wordt gevormd door de onderstaande vier layers, inclusief de te verlaten 700 MHz-band.

Overzicht allotment layer 1

Overzicht allotment layer 2

Overzicht allotment layer 3

Overzicht allotment layer 4

Voorwaarden waaronder de allotments door de ITU tijdens de RRC06 zijn goedgekeurd behorende bij 470–790 MHz figuren 2 t/m 5

De allotments in de layers 1 tot en met 4 (figuren 2 tot en met 5) dienen overeenkomstig de bovenstaande tabellen gebruikt te worden, tenzij de onderstaande voorwaarden van toepassing zijn. Voor deze laatste voorwaarden wordt verwezen naar onderstaande relevante afspraken met ITU-lidstaten. De vergunninghouder neemt deze afspraken in acht. De integrale teksten van de afspraken met deze landen staan op de bijgevoegde informatiedrager.

Overzicht van afspraken per land:

België

Duitsland

Frankrijk

Het Verenigd Koninkrijk

Denemarken, Noorwegen en Luxemburg

Annex 2:. Overzicht allotment layers betreffende 470–694 MHz

Annex 2 wordt gevormd door de onderstaande vier layers, exclusief de te verlaten 700 MHz-band. De internationale afspraken over deze layers en bijbehorende voorwaarden worden naar verwachting in de laatste week in april van 2016 te Biarritz vastgesteld en gesloten. In de te verlenen vergunning zal annex 2 in overeenstemming worden gebracht met de gesloten internationale overeenkomsten. In de hieronder beschreven layers kunnen als gevolg van de te maken internationale afspraken nog wijzigingen plaatsvinden.

Overzicht allotment layer 1

Overzicht allotment layer 2

Overzicht allotment layer 3

Overzicht allotment layer 4

Voorwaarden behorende bij 470–694 MHz figuren 6 t/m 9

De allotments in de layers 5 tot en met 8 (figuren 6 tot en met 9) dienen overeenkomstig de bovenstaande tabellen gebruikt te worden, tenzij de onderstaande voorwaarden van toepassing zijn. Voor deze laatste voorwaarden wordt verwezen naar onderstaande relevante afspraken met ITU-lidstaten. De vergunninghouder neemt deze afspraken in acht. De integrale teksten van de afspraken met deze landen staan op de bijgevoegde informatiedrager.

Overzicht van afspraken per land:

[invullen bij vergunningverlening. Achtergrond: de internationale afspraken die de vergunninghouder in acht dient te nemen worden naar alle waarschijnlijk vastgesteld en ondertekend in het internationale overleg van april 2016 in Biarritz. De gesloten overeenkomsten zullen zo spoedig mogelijk geplaatst worden op de website van Agentschap Telecom. De vergunninghouder dient deze overeenkomsten in acht te nemen.]

Annex 3. Overzicht van te wisselen allotments en kanalen tussen vergunninghouder en NPO

In deze annex worden de kanalen en allotments genoemd die de vergunninghouder dan wel de NPO dient te verlaten vanwege het vrijmaken van de 700 MHz-band. In de onderstaande tabellen is aangegeven welke allotments en kanalen het betreft. In de transitie-overeenkomst dienen afspraken te worden gemaakt over de te verlaten en in gebruik te nemen allotments en kanalen.

Wederzijdse interferentieniveaus bij de kanalen 21, 33 en 34

De kanalen 21, 33 en 34 kunnen door vergunninghouder en NPO gelijktijdig in gebruik zijn op verschillende plaatsen in Nederland. Het toegestane wederzijdse interferentieniveau is 45 dBµV/m bij 50% locatiewaarschijnlijkheid en 1% tijdswaarschijnlijkheid en een ontvangstantennehoogte van 10 meter. In onderstaande tabel staat een overzicht van de allotments die het betreft.

Annex 4. Beschrijving Reference network

Aan de 8 layers die zijn opgenomen in de annexen 1 en 2 ligt een theoretisch netwerk en planningsconfiguratie ten grondslag. Dit theoretische netwerk bepaalt, behoudens afwijkende (bilaterale) internationale afspraken, het maximale interferentieniveau.

Bij de annexen 1 en 2 zijn acht tabellen opgenomen. In de tabellen 2 tot en met 9 is de kolom ‘RPC/RN’ opgenomen. RPC staat voor Reference Planning Configuration. RN staat voor Reference Network, waarbij een onderscheid dient te worden gemaakt tussen RN1- of RN3-netwerken. Een RN1-netwerk bestaat uit zeven theoretische zenders. Een RN3-netwerk bestaat uit drie theoretische zenders. Beide theoretische netwerken zijn beschreven en grafisch weergegeven.

De vergunning veroorzaakt niet meer interferentie dan het van toepassing zijnde theoretisch netwerk en planningsconfiguratie, behoudens afwijkende internationale afspraken die hierboven zijn vermeld in de annexen 1 en 2.

Reference network RN 1

Reference network RN 3

Voor nadere detaillering wordt verwezen naar GE06.

Bijlage II. Behorende bij de vergunning voor het gebruik van frequentieruimte ten behoeve van digitale omroep

Item Inhoud Notificatie ITU
1 site name O
2 het ID van het allotment waar het assignmentbij hoort O
3 de identicatiecode voor het Single Frequency Network (SFN) die bij het allotment hoort, ingeval de vergunninghouder gebruikt maakt van een SFN. O
4 geografische locatie (longitude/latitude, WGS84) X
5 maximum zendvermogen ERP (in polarisatie H en V) X
6 type antenne (omni of gericht diagram) X
7 polarisatie van het signaal (H, V of M) X
8 de hoogte van de antenne boven het maaiveld X
9 de hoogte van het maaiveld ter plaatse van de antenne (ten opzichte van NAP) O
10 de effectieve hoogte van de antenne in alle richtingen (in stapjes van 10 graden) O invullen tabel B
11 Het antennediagram in alle richtingen (voor polarisatie H en/of V) X invullen tabel B
12 de toegewezen frequentie (in MHz of aanduiding frequentieblok) X
13 de datum waarop het station in dienst wordt gesteld X

Toelichting bij kolom notificatie ITU:

X een gegeven dat noodzakelijk is voor het doen van de notificatie of melding

O een gegeven dat door de houder als relevant gegeven kan worden aangemerkt

– voor de toepassing (zie kolom) is het gegeven niet relevant

Zendhoek AZM (graden) Verzwakking (dB) Hoogte Effectief (meter) Zendhoek AZM (graden) Verzwakking (dB) Hoogte Effectief (meter)
0.0 180.0
10.0 190.0
20.0 200.0
30.0 210.0
40.0 220.0
50.0 230.0
60.0 240.0
70.0 250.0
80.0 260.0
90.0 270.0
100.0 280.0
110.0 290.0
120.0 300.0
130.0 310.0
140.0 320.0
150.0 330.0
160.0 340.0
170.0 350.0

Ter bespoediging van de afhandeling van het notificatieverzoek, wordt verzocht het formulier in elektronische vorm (zogenaamde tvd formaat) aan te leveren. Het elektronische formulier is opgenomen op de verstrekte informatiedrager.

Bijlage III. Behorende bij de vergunning voor het gebruik van frequentieruimte ten behoeve van digitale omroep

Meetvoorschriften ter bepaling van interferentieniveau

Deze meetvoorschriften worden toegepast om het signaalniveau van DVB-T(2) zenders te bepalen op televisieontvangers, aanverwante apparatuur met een antenne-ingang en in coaxiale aansluitsnoeren. De meetvoorschriften gelden uitsluitend voor situaties zoals omschreven in artikel 10 van de vergunningsvoorwaarden.

De volgorde van de metingen is als volgt:

De meetmethoden zijn als volgt:

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.